ECLI:NL:RBDHA:2026:11519

ECLI:NL:RBDHA:2026:11519

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 11-05-2026
Datum publicatie 12-05-2026
Zaaknummer NL26.14730 en AWB 26-4221
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Groningen

Samenvatting

HTL + Artikel 56 VW. Ontkenning incident en kwalificatie. Incident met zeer grote impact. Ongegrond.

Uitspraak

[vreemdeling], eiser,

V-nummer: [v-nummer]

(gemachtigde: mr. R.J. Schenkman),

en

het bestuur van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers, het COa,

alsmede

de minister van Asiel en Migratie, de minister,

(gemachtigde: drs. B.H. Wezeman).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank twee beroepen. Het eerste beroep van eiser is gericht tegen het besluit van het COa van 1 maart 2026. In dat besluit heeft het COa besloten om eiser vanaf 1 maart 2026 in de HTL in Hoogeveen te plaatsen (hierna: het plaatsingsbesluit). Het tweede beroep van eiser richt zich tegen het besluit van de minister van 1 maart 2026 om hem een vrijheidsbeperkende maatregel als bedoeld in artikel 56 van de Vw op te leggen (hierna: de vrijheidsbeperkende maatregel). De rechtbank merkt het beroep ook aan als een verzoek om schadevergoeding.

Eiser heeft op 17 maart 2026 beroepsgronden ingediend, waarop het COa op 15 april 2026 een verweerschrift heeft ingediend.

De rechtbank heeft de beroepen op 30 april 2026 op zitting behandeld. Gemachtigde is zonder eiser verschenen. De minister en het COa hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigde. De rechtbank heeft het onderzoek in beide zaken op de zitting gesloten.

Beoordeling door de rechtbank

2. De beroepen zijn ongegrond. Dit betekent dat eiser geen gelijk krijgt, dat het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen en dat eiser ook geen vergoeding krijgt in de proceskosten. Hierna legt de rechtbank hoe zij tot dit oordeel komt.

Het beroep gericht tegen het plaatsingsbesluit

De feitelijke verslagging van het incident

3. In de verslaglegging van het COa staat het volgende. Op 28 februari 2025 werd er rond 05:00 uur gebeld naar de COa telefoon door een bewoner die zei dat hij geluidsoverlast ervaarde uit een kamer. Aangekomen bij de kamer hoorde beveiliger 1 harde muziek uit de kamer komen, waarna beveiliger 1 de kamer is ingegaan en hier bewoner A (hierna: eiser), B en C aantrof. Beveiliger 1 zag veel lege bierflesjes in de kamer staan en een grote geluidsbox waar harde muziek uit kwam. Toen beveiliger 1 de bewoners vroeg om de muziek zachter te zetten, gaven de bewoners hier gehoor aan, maar ze bleven luid tegen elkaar spreken. Om 05:14 uur hoorden beveiliger 1 en 2 wederom luide muziek uit de kamer komen, waarna ze samen de kamer ingingen om de bewoners wederom aan te spreken. Alle drie de bewoners gaven op dit moment geen gehoor aan het verzoek om de muziek zachter te zetten, waarop beveiliger 1 ervoor koos om de geluidsbox in te nemen. Hierop sprong eiser op en liep hij op beveiliger 1 af. Eiser pakte beveiliger 1 vast en probeerde hem te slaan met zijn vuist, maar beveiliger 1 kon de klap ontwijken. Toen beveiliger 2 tussen hen in kwam, sloeg eiser beveiliger 2 drie keer met zijn vuist (twee klappen tegen de schouder, 1 klap tegen de arm), waardoor beveiliger 2 uit balans raakte en tegen de betonnen muur van de keuken viel. Het lukte beveiliger 1 en 2 niet om eiser te kalmeren. Eiser bleef proberen uit te halen naar de beveiligers en bewoners B, C en D hebben eiser uiteindelijk terug de kamer ingeduwd. Om 05:23 uur heeft de ploegleider 112 gebeld en om 05:45 uur werd eiser door vier politieagenten naar de politiewagen begeleidt. Eiser werkte niet mee met de politie en stribbelde veel tegen. Eiser werd uiteindelijk geboeid aan handen en voeten de wagen ingedragen. Beveiliger 1 en 2 hebben allebei aangifte gedaan bij de politie en op advies van de politie zijn ze naar de HAP gegaan. Beveiliger 2 had pijnklachten naar aanleiding van het incident en beveiliger 1 had een wondje op zijn hand.

De rechtbank ziet in wat eiser naar voren heeft gebracht geen aanleiding om te twijfelen aan de verslaglegging van het COa. De enkele stelling van eiser dat er niet veel aan de hand was, hij enkel de geluidsbox wilde terugpakken en hij geen geweld heeft gebruikt richting de beveiligers, acht de rechtbank onvoldoende om te twijfelen aan de door het COa geschetste gang van zaken. Uit de verslaglegging volgt duidelijk hoe het incident heeft plaatsgevonden en dat de feiten door meerdere getuigen, namelijk de twee beveiligers, de politie en de kamergenoten van eiser, zijn waargenomen. Het is dan ook voldoende aannemelijk dat de gedragingen zoals door het COa beschreven, zich hebben voorgedaan.

De impact van het incident

4. De rechtbank is verder van oordeel dat het COa het incident terecht heeft gekwalificeerd als een incident met een zeer grote impact, nu het gaat om agressie of geweld met als doel de ander ernstig te bedreigen en de ander ernstige fysieke schade toe te brengen. Uit de verslaglegging van het COa volgt immers dat eiser beveiliger 1 vastpakte en hem probeerde te slaan met zijn vuist en dat hij beveiliger 2 twee keer met zijn vuist tegen de schouder sloeg en één keer tegen de arm, waardoor deze uit balans raakte en tegen een betonnen muur aanviel. Dit heeft ertoe geleid dat beveiliger 2 naar de HAP is gegaan omdat hij pijnklachten had. De rechtbank is van oordeel dat gelet op vorenstaande niet gesproken kan worden van een kleine ruzie van middelgrote impact. De rechtbank is met het COa van oordeel dat het agressieve en fysieke geweld van eiser in een gemeenschappelijke ruimte de veiligheid van de betrokkenen ernstig heeft aangetast en dat dit ook heeft bijgedragen aan een verstoorde sfeer en het gevoel van de veiligheid op de locatie. Eiser stopte niet uit zichzelf met het gewelddadige gedrag en andere medebewoners hebben moeten ingrijpen om verdere mishandeling te voorkomen. Eisers stelling dat ten onrechte door het COa wordt gesteld dat eiser geboeid aan handen en voeten de politiewagen werd ingedragen, treft naar het oordeel van de rechtbank geen doel. Hiertoe overweegt de rechtbank dat het optreden van de politie in deze procedure niet wordt beoordeeld en dit niet van betekenis is voor de kwalificatie van het incident.

Belangenafweging

5. De rechtbank is van oordeel dat het COa, in overeenstemming met het Maatregelenbeleid en voldoende deugdelijk gemotiveerd, heeft besloten tot de oplegging van het plaatsingsbesluit. De rechtbank overweegt dat de door eiser aangevoerde omstandigheden geen contra-indicatie vormen voor het opleggen van het plaatsingsbesluit. Verder heeft eiser ook geen bijzondere omstandigheden naar voren gebracht die aanleiding hadden moeten geven om van het beleid van het COa af te wijken.

6. Het beroep gericht tegen het plaatsingsbesluit is ongegrond.

Het beroep tegen de vrijheidsbeperkende maatregel

7. Eiser heeft in dit kader geen zelfstandige beroepsgronden aangevoerd.

Omdat het beroep tegen het plaatsingsbesluit ongegrond is, de vrijheidsbeperkende maatregel volledig steunt op dat besluit en de rechtbank ambtshalve toetsend geen onrechtmatigheden vaststelt, zal de rechtbank het beroep tegen de vrijheidsbeperkende maatregel ook ongegrond verklaren.

Conclusie en gevolgen

8. De beroepen zijn ongegrond. Dat betekent dat eiser geen gelijk krijgt en dat het COa het besluit tot plaatsing in de HTL en de minister de vrijheidsbeperkende maatregel mochten nemen.

Eisers verzoek om schadevergoeding wordt gezien het voorgaande afgewezen. Ook ziet de rechtbank geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

Beslissing

De rechtbank:

Deze uitspraak is gedaan door mr. N.M. van Waterschoot, rechter, in aanwezigheid van R. de Hoop, griffier, op 11 mei 2026 en gepseudonimiseerd gepubliceerd op rechtspraak.nl.

de griffier de rechter

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Tegen deze uitspraak, voor zover het betreft het beroep tegen het plaatsingsbesluit, kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na de dag van bekendmaking. Tegen deze uitspraak, voor zover het betreft het beroep tegen de vrijheidsbeperkende maatregel, staat geen rechtsmiddel open.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. N.M. van Waterschoot

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand