ECLI:NL:RBDHA:2026:12077

ECLI:NL:RBDHA:2026:12077

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 16-04-2026
Datum publicatie 17-05-2026
Zaaknummer C/09/698972 / FA RK 26-1119
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Verzoek vervangende toestemming verhuizing naar [land 1] toegewezen

Uitspraak

Gezagsuitoefening

Beschikking op het op 4 februari 2026 ingekomen verzoek van:

[naam 1] ,

de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. S.V. de Jong te Amsterdam .

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[naam 2] ,

de vader,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. J.A.E. van Raak-Kuiper te Udenhout.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:

[minderjarige 1] heeft zich schriftelijk uitgelaten over het verzoek.

[minderjarige 2] is in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over het verzoek, maar heeft hier geen gebruik van gemaakt.

Op 19 maart 2026 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen:

Van zowel de zijde van de moeder als de vader zijn pleitnotities overgelegd.

Verzoek en verweer

De moeder heeft in het kader van artikel 1:253a van het Burgerlijk Wetboek (BW) verzocht:

dan wel een beslissing te nemen die de rechtbank juist acht,

met uitvoerbaarverklaring bij voorraad en kosten rechtens.

De vader heeft verweer gevoerd, welk verweer hierna – voor zover nodig – zal worden besproken.

Ook heeft de vader zelfstandig verzocht, voor zover de moeder toch naar [land 1] zou verhuizen:

de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij de vader te bepalen en te bepalen dat zij op zijn adres in het bevolkingsregister worden ingeschreven, waarbij tussen de moeder en de kinderen de volgende contactregeling kan worden vastgesteld:

voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad en kosten rechtens.

Feiten

- Partijen zijn gehuwd op [datum] 2006 te [plaats 2] , [land 1] .

- Zij zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:

- [minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2011 te [geboorteplaats 1] , [geboorteland 1] ;

- [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2014 te [geboorteplaats 2] , [geboorteland 2] .

- De kinderen staan in de BRP ingeschreven bij de moeder.

- Partijen oefenen het gezamenlijk gezag over de kinderen uit.

- De vader heeft de Bulgaarse en Franse nationaliteit en de moeder heeft de Franse nationaliteit.

- Partijen hebben in 2022 in [plaats 2] een echtscheidingsconvenant opgesteld, dat nadien door de rechtbank aldaar is bekrachtigd. In het convenant is – voor zover hier relevant – het volgende opgenomen:

‘It is added that [naam 1] , is resuming MASTER’s level studies for a period of two years as from September 2021, with a view to employment in a capital city or major European city as a school teacher, (…).’

- De kinderen verblijven om het weekend bij de vader in [plaats 3] .

Beoordeling

Rechtsmacht en toepasselijk recht

Nu de gewone verblijfplaats van de kinderen in Nederland is, is de Nederlandse rechter bevoegd om naar Nederlands recht te beslissen op de voorliggende verzoeken.

Vervangende toestemming verhuizing

Wettelijk kader

Op grond van artikel 1:253a BW kunnen geschillen omtrent de gezamenlijke uitoefening van het gezag aan de rechtbank worden voorgelegd. De rechtbank kan op verzoek van de ouders of één van hen onder meer een beslissing nemen ten aanzien van een verhuizing van een van de ouders met de kinderen.

De Hoge Raad heeft criteria bepaald aan de hand waarvan een verzoek tot vervangende toestemming voor verhuizing, zoals in deze zaak voorligt, door de rechter moet worden beoordeeld (Hoge Raad 25 april 2008, ECLI:NL:HR:2008:BC:5901). Uit deze uitspraak volgt dat de rechter bij de beslissing over vervangende toestemming voor verhuizing alle omstandigheden van het geval in acht dient te nemen en alle betrokken belangen moet afwegen. Hoewel het belang van het kind daarbij een overweging van de eerste orde moet zijn, neemt dat niet weg dat afhankelijk van de omstandigheden van het geval, andere belangen zwaarder kunnen wegen. Bij de beoordeling van het verzoek moeten volgens de vaste rechtspraak onder meer de volgende omstandigheden en belangen worden meegewogen:

Beoordeling

De moeder verzoekt om vervangende toestemming te verlenen om met de kinderen te verhuizen naar [plaats 1] , [land 1] . De vader verzet zich tegen deze verhuizing. Bij de beoordeling neemt de rechtbank de hiervoor beschreven criteria in ogenschouw. De rechtbank benadrukt hierbij dat niet aan ieder criterium afzonderlijk moet worden voldaan, maar dat voor de beoordeling een belangenafweging moet worden gemaakt met inachtneming van alle omstandigheden.

Standpunt moeder

Ter onderbouwing van haar verzoek voert de moeder primair aan dat haar verblijf met de kinderen in Nederland nooit als definitief verblijf bedoeld is geweest. Een terugkeer naar [land 1] is volgens de moeder in lijn met de afspraak in het echtscheidingsconvenant dat partijen hebben opgesteld en waarin volgens de moeder is opgenomen dat de hoofdverblijfplaats van de kinderen zal zijn: “a European capital or major European city, depending on Madame’s professional opportunities”. Deze afspraak vormt volgens de moeder reden voor de rechtbank om haar – in het belang van de kinderen – toestemming te geven om met hen naar [land 1] te verhuizen.

Subsidiair stelt de moeder dat is voldaan aan de criteria van de Hoge Raad zodat haar verzoek om vervangende toestemming om die reden dient te worden toegewezen.

Volgens de moeder is er zowel een sociaal-emotionele noodzaak als een financiële noodzaak om naar [plaats 1] te verhuizen. Zij is in juli 2022, nadat de vader en zij uit elkaar zijn gegaan, met de kinderen vanuit [land 2] naar Nederland gekomen. De kinderen zijn in [plaats 4] naar de internationale school gegaan, wat aansloot op de scholing die de kinderen in [land 2] kregen. Het blijkt voor de kinderen ingewikkeld om te integreren in Nederland. De kinderen leven vooral in een “expat-bubbel” en kunnen, omdat zij geen Nederlands spreken, bijvoorbeeld geen teamsport doen. De moeder verwacht dat de kinderen in [land 1] beter kunnen aarden en wortelen dan zij tot nu toe in Nederland hebben gedaan. De Franse cultuur is voor de kinderen altijd de basis geweest. Een terugkeer naar hun ‘roots’ is om die reden in hun belang. Daarnaast heeft de moeder naar voren gebracht dat zij de hoofdverzorger van de kinderen was ten tijde van de samenleving met de vader en dat dit sinds het uiteengaan zo is gebleven. In Nederland heeft zij geprobeerd haar carrière op de rit te krijgen. Dit is niet gelukt. Ook heeft zij behoefte aan de steun van haar netwerk aan familie en vrienden in [land 1] .

De moeder stelt verder dat er een economische noodzaak is om naar [land 1] te verhuizen. Haar dienstverband als docent Frans bij de [schoolnaam 3] in Nederland is beëindigd omdat zij niet over de juiste onderwijskwalificaties beschikt. Zij heeft al vaak gesolliciteerd maar het lukt haar niet een vaste aanstelling te krijgen. In tegenstelling tot in Nederland heeft zij in [land 1] wel gunstige carrièreperspectieven. Zij heeft recent haar Master Pedagogiek afgerond aan een Franse universiteit. In [land 1] zal zij, na het afronden van nog enkele examens, aan de slag kunnen gaan als docent, om op die manier financieel onafhankelijk te worden. Dit staat tegenover haar huidige situatie in Nederland waarin zij volledig afhankelijk is van de kinder- en partneralimentatie die zij van de vader ontvangt.

De moeder stelt dat zij de verhuizing goed heeft doordacht en voorbereid. Zij heeft onderzoek gedaan naar betaalbare woningen in [plaats 1] en zij heeft geschikte scholen voor de kinderen gevonden. Deze scholen staan goed aangeschreven, bieden meertalig onderwijs en passen bij de ambities van de kinderen.

De moeder heeft in haar verzoekschrift een voorstel gedaan voor compensatie van de tijd die de kinderen, in het geval van een verhuizing naar [land 1] , minder met hun vader kunnen doorbrengen. Ter verduidelijking en correctie van randnummers 107 tot en met 109 van haar verzoekschrift heeft de moeder op de zitting toegelicht dat haar voorstel inhoudt dat de vader eens per acht weken naar [land 1] afreist voor één weekend met de kinderen. Drie weken vóór en drie weken na dit weekend hebben de kinderen steeds schoolvakantie van twee weken. De moeder stelt voor dat de kinderen tijdens deze schoolvakanties grotendeels tijd spenderen met de vader in [plaats 3] .

Standpunt vader

De vader betwist dat in het echtscheidingsconvenant bedoeld is af te spreken dat de moeder meerdere keren van de ene Europese stad naar de andere kan verhuizen. Volgens de vader vormt de door de moeder aangehaalde bepaling daarom geen reden om haar vervangende toestemming voor de verhuizing te verlenen.

Ten aanzien van het subsidiair door de moeder gestelde, voert de vader aan dat een verhuizing naar [plaats 1] in strijd is met de belangen van de kinderen. De kinderen wonen nu vier jaar in [plaats 4] en zijn hier gesetteld en geïntegreerd. Zij hebben hier hun vrienden en (sport)activiteiten. Toen de kinderen naar Nederland kwamen, is heel bewust gekozen voor de school in [plaats 4] omdat deze school deel uitmaakt van het IB (International Baccalaureaat) systeem, dat aansluit op de scholing die de kinderen in [geboorteland 2] kregen. De door de moeder beoogde scholen in [plaats 1] bieden niet wat de huidige school hen kan bieden. De kinderen hebben bovendien liever les in het Engels dan in het Frans en [minderjarige 1] zal haar IB-opleiding niet kunnen voortzetten en in een heel ander schoolsysteem terechtkomen. De vader vindt het daarom belangrijk dat de kinderen hun school in Nederland kunnen afmaken. De verhuizing van [geboorteland 2] naar Nederland heeft destijds een behoorlijke impact op de kinderen gehad. Nu weer verhuizen naar een ander land is niet in hun belang. Daarbij speelt ook een rol dat de kinderen een verhoogde kwetsbaarheid hebben. [minderjarige 1] kampt met epilepsie en [minderjarige 2] is gediagnosticeerd met ADHD. [minderjarige 2] zal last hebben van een verandering van school, omdat hij behoefte heeft aan structuur en vastigheid.

Verder zal een verhuizing tot gevolg hebben dat het contact tussen de vader en de kinderen aanzienlijk minder zal worden. Juist omdat hij graag bij zijn kinderen in de buurt wil zijn en om geregeld contact met hen te hebben, is de vader de moeder destijds vanuit [geboorteland 2] nagereisd naar Nederland. De kinderen zijn nu om de week een weekend bij hem in [plaats 3] , waar hij woont met zijn nieuwe partner en hun nog heel jonge zoon [naam 3] . Door een verhuizing naar [land 1] zal de band van de kinderen met [naam 3] minder worden, wat niet in hun belang is.

Overwegingen rechtbank

De rechtbank overweegt als volgt. Voor zover de moeder heeft bedoeld te stellen dat de vader en zij al in het echtscheidingsconvenant zijn overeengekomen dat de moeder met de kinderen zal verhuizen naar [plaats 1] , [land 1] , volgt de rechtbank haar niet. Uit het convenant volgt namelijk slechts dat partijen zijn overeengekomen dat de moeder een masterstudie zal volgen, dat de kinderen en zij naar Nederland zullen verhuizen en dat de vader hieraan zal meewerken. Uit het convenant volgt niet dat de vader ook toestemming heeft verleend om vervolgens door te verhuizen naar [plaats 1] of naar welke andere plaats dan ook. Het primaire betoog van de moeder slaagt dus niet. De rechtbank zal daarom hierna, aan de hand van de verhuiscriteria van de Hoge Raad, beoordelen wat de moeder subsidiair heeft aangevoerd.

De rechtbank stelt voorop dat de moeder in beginsel het recht heeft om in vrijheid haar leven opnieuw in te richten en samen met de kinderen een leven op te bouwen in [plaats 1] . Dit recht van de moeder wordt echter begrensd door de belangen van de kinderen en het belang van de vader om contact te hebben met de kinderen op vergelijkbare wijze als momenteel het geval is. Dit brengt met zich dat de rechtbank dient te beoordelen of het belang van de kinderen zich tegen een verhuizing naar [land 1] verzet en dat de rechtbank vervolgens een afweging dient te maken tussen de belangen van de ouders en de kinderen.

De rechtbank overweegt dat uit het dossier en hetgeen op de zitting is besproken een beeld naar voren komt van een sterk internationaal georiënteerd gezin. De ouders hebben elkaar leren kennen in [plaats 2] en hebben daar samengewoond. Ook hebben zij samen met de kinderen in [geboorteland 2] gewoond, waar de vader ook is opgegroeid. Inmiddels wonen de moeder en de kinderen vier jaar in Nederland. De vader is drie jaar geleden naar Nederland verhuisd. Zij spreken geen van beiden de Nederlandse taal. De vader heeft een onderneming met vestigingen in meerdere landen in Europa en reist voor zijn werk veelvuldig naar deze vestigingen.

De rechtbank is van oordeel dat de moeder de noodzaak om te verhuizen voldoende heeft onderbouwd. De moeder heeft namelijk aannemelijk gemaakt dat zij veel heeft gesolliciteerd op verschillende momenten en op meerdere functies, maar dat het haar niet lukt om in Nederland een vaste baan te vinden en hier een bestaan op te bouwen. De vader heeft dat ook niet betwist. De moeder heeft verder onderbouwd dat zij wél mogelijkheden heeft om in [plaats 1] werk te vinden. Verder weegt de rechtbank mee dat de vader in [land 1] een procedure aanhangig heeft gemaakt om de hoogte van de alimentatie te wijzigen. Dit maakt naar het oordeel van de rechtbank dat de moeder er nog meer belang bij heeft dat zij zelf in haar onderhoud kan voorzien. De rechtbank is van oordeel dat de noodzaak tot verhuizing in dit geval duidelijk aanwezig is. De moeder heeft pogingen ondernomen om een zelfstandig bestaan in Nederland op te bouwen, maar dit is haar de afgelopen jaren niet gelukt.

Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat de moeder de verhuizing voldoende heeft doordacht en voorbereid. Zij heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar voor haar betaalbare woningen in [plaats 1] en passende scholen voor de kinderen. Als productie 44 heeft de moeder een overzicht overgelegd waarin zij heeft gemotiveerd waarom beide scholen volgens haar geschikt zijn voor de kinderen. Gebleken is dat de moeder deze scholen samen met de kinderen heeft bezocht en dat er plek is voor de kinderen in het schooljaar 2026/2027. Eén van de bezwaren van de vader is dat de kinderen door de verhuizing op een ander schoolsysteem moeten overgaan, waarbij voor [minderjarige 1] geldt dat zij haar IB-traject in dat geval niet kan voortzetten. De rechtbank heeft oog voor het belang van de kinderen om het huidige schoolleven te kunnen voortzetten en realiseert zich dat een schoolwisseling uitdagingen met zich brengt voor de kinderen. Tegelijkertijd ziet de rechtbank dat de kinderen zowel de Franse als de Engelse taal goed beheersen en dat het zwaartepunt van het huidige (school)leven van de kinderen rond de moeder is. Bovendien is [minderjarige 2] al op een eerder moment overgestapt naar een school buiten het IB-systeem omdat dit beter bij hem paste.

Verder overweegt de rechtbank dat de worteling van de kinderen in Nederland beperkt is. Hoewel de kinderen in Nederland op school zitten en hier aangesloten zijn bij sportverenigingen, spreken zij de Nederlandse taal niet en verkeren zij met name in een internationale omgeving. Een verhuizing naar [plaats 1] zou voor hen betekenen dat zij moeten wennen aan een nieuwe omgeving. Omdat de kinderen bekend zijn met de Franse gebruiken en goed Frans spreken, acht de rechtbank het waarschijnlijk dat zij goed zullen aarden in [land 1] en daar betrekkelijk snel kunnen integreren. Bovendien wonen er familieleden en vrienden van de moeder in [land 1] , die haar en de kinderen kunnen ondersteunen. Dat deze personen niet in [plaats 1] of directe omgeving wonen, zoals de vader heeft aangevoerd, legt onvoldoende gewicht in de schaal.

De vader heeft ook als bezwaar naar voren gebracht dat de verhuizing het contact tussen hem en de kinderen negatief zal beïnvloeden. Bij de beantwoording van de vraag of de verhuizing een verslechtering betekent voor het contact tussen de vader en de kinderen kijkt de rechtbank naar de huidige zorgregeling en het voorstel dat de moeder heeft gedaan voor een zorgregeling als de kinderen in [land 1] wonen. De kinderen zijn nu om de week gedurende het weekend bij de vader in [plaats 3] . Onweersproken is dat de kinderen in [land 1] telkens na zes weken school twee weken vrij zijn en dat zij dan grotendeels naar de vader in Nederland kunnen gaan. Verder heeft de moeder voorgesteld dat de vader een weekend midden in de zes weken school, dus één keer in de acht weken, naar [plaats 1] kan komen om de kinderen te zien. De rechtbank is van oordeel dat deze door de moeder voorgestelde regeling voldoende compensatie biedt. Daarbij vindt de rechtbank het van belang dat de vader in de door de moeder voorgestelde zorgregeling een vergelijkbare rol blijft spelen in het leven van de kinderen als dat hij nu doet. De kinderen zijn namelijk ook nu alleen om het weekend bij de vader. In de voorgestelde zorgregeling zal de vader bovendien het overgrote deel van de vakanties met de kinderen kunnen doorbrengen. In het verlengde daarvan weegt de rechtbank mee dat de communicatie tussen de ouders over het algemeen goed is en dat de moeder op de zitting nadrukkelijk heeft verklaard dat zij er alles aan zal doen om de band tussen kinderen en de vader en zijn familieleden goed te houden.

Alle belangen tegen elkaar afgewogen en alle omstandigheden in ogenschouw genomen, is de rechtbank van oordeel dat het verzoek tot vervangende toestemming voor de verhuizing met [minderjarige 1] en [minderjarige 2] naar [plaats 1] , [land 1] , moet worden toegewezen. De toestemming zal ingaan met ingang van de start van de zomervakantie 2026, zodat de kinderen in Den Haag het schooljaar kunnen afmaken. Om ervoor te zorgen dat er voor partijen duidelijkheid komt voordat de zomervakantie van 2026 van start gaat, zal de rechtbank deze beslissing uitvoerbaar bij voorraad verklaren.

Sterke arm

Gezien de houding van partijen op de zitting en de omstandigheid dat zij onderling goed contact hebben en omdat het verzoek ook overigens iedere onderbouwing mist, ziet de rechtbank geen aanleiding voor tenuitvoerlegging van deze uitspraak met de sterke arm. De rechtbank zal dit verzoek van de moeder dan ook afwijzen.

Vervangende toestemming inschrijving school

Omdat de rechtbank de moeder vervangende toestemming verleent om naar [plaats 1] , [land 1] , te verhuizen, is het in het belang van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] dat zij daar worden ingeschreven op een school. De moeder heeft in haar verzoek daartoe een voorstel gedaan voor twee scholen. De vader heeft er bezwaar tegen dat deze scholen geen onderdeel uitmaken van het IB-systeem. Zoals de rechtbank hiervoor heeft overwogen, gaat zij aan dat bezwaar voorbij. De vader heeft geen verdere argumenten aangevoerd waarom deze scholen ongeschikt zijn voor de kinderen. De moeder heeft op de zitting aangegeven dat zij ervoor openstaat om in overleg te treden met de vader wat betreft de schoolkeuze. De rechtbank acht het belangrijk dat de moeder de vader daarbij betrekt en dat zij spoedig met elkaar een keuze zullen maken voor een school van de kinderen. De rechtbank zal, voor het geval dit overleg tussen de ouders niet tot overeenstemming leidt, het verzoek van de moeder om met ingang van het schooljaar 2026-2027 [minderjarige 1] in te schrijven op het [schoolnaam 1] te [plaats 1] en [minderjarige 2] op het [schoolnaam 2] te [plaats 1] , toewijzen. De rechtbank zal ook deze beslissing uitvoerbaar bij voorraad verklaren.

Vervangende toestemming reizen naar [land 1]

De rechtbank zal het verzoek van de moeder om haar vervangende toestemming te verlenen om met de kinderen vanuit Nederland naar [land 1] te reizen, op een nader door haar te bepalen dag en tijdstip, wegens gebrek aan belang afwijzen. De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat de vader nooit eerder zijn toestemming voor het reizen naar [land 1] heeft geweigerd. Verder gaat de rechtbank ervan uit dat de vader begrijpt dat de moeder met enige regelmaat met de kinderen naar [land 1] zal reizen ter voorbereiding op de verhuizing en dat hij daar ook toestemming voor zal geven.

Wijziging zorgregeling

De rechtbank zal als gevolg van de verhuizing van beide kinderen naar [plaats 1] de zorgregeling wijzigen. De rechtbank begrijpt uit de door de moeder op de zitting gegeven toelichting dat zij een zorgregeling verzoekt conform het vakantieschema dat is bijgevoegd achter productie 49, eerste pagina, en in aanvulling daarop dat de vader eens per acht weken – in het midden van het zesweekse lesprogramma van de kinderen – naar [land 1] afreist voor één weekend omgang met de kinderen. De rechtbank zal dit verzoek van de moeder toewijzen. Deze zorgregeling waarborgt namelijk dat de kinderen voldoende contact onderhouden met de vader. De rechtbank zal bepalen dat de kinderen gedurende de hieronder specifiek genoemde vakanties bij de vader in [plaats 3] zullen doorbrengen om op die manier tot uitdrukking te brengen dat het aan de vader is om te bepalen hoe en waar hij de tijd met de kinderen doorbrengt.

Proceskosten

Gelet op het feit dat het hier een procedure van familierechtelijke aard betreft, zal de rechtbank de proceskosten compenseren als hierna vermeld.

Beslissing

De rechtbank:

*

verleent de moeder toestemming, die de toestemming van de vader vervangt, om met de minderjarige kinderen:

- [minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2011 te [geboorteplaats 1] , [land 1] ;

- [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2014 te [geboorteplaats 2] , [geboorteland 2] ;

met ingang van de zomervakantie 2026 te verhuizen naar [plaats 1] , [land 1] ;

*

verleent toestemming aan de moeder, die de toestemming van de vader vervangt, om met ingang van het schooljaar 2026-2027 [minderjarige 1] in te schrijven op het [schoolnaam 1] te [plaats 1] en [minderjarige 2] op het [schoolnaam 2] te [plaats 1] ;

*

bepaalt een zorgregeling waarbij [minderjarige 1] en [minderjarige 2] bij de vader in [plaats 3] zullen zijn:

*

bepaalt dat de kinderen eens per acht weken – in het midden van het zesweekse lesprogramma van de kinderen – in het weekend met hun vader zijn in [plaats 1] , [land 1] ,

*

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

*

bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt;

*

wijst af het meer of anders verzochte.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. I.E. Moerkerk-van Kersbergen

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand