ECLI:NL:RBDHA:2026:13266

ECLI:NL:RBDHA:2026:13266

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 22-04-2026
Datum publicatie 23-05-2026
Zaaknummer C/09/699639 / FA RK 26-1521
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Vervangende toestemming vakantie en paspoortwet.

Uitspraak

Vervangende toestemming vakantie en paspoortwet

Beschikking op het op 13 februari 2026 ingekomen verzoek van:

[de moeder] ,

de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. S. Karami te Amsterdam.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de vader] ,

de vader,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder het verzoekschrift.

De minderjarigen [de minderjarige 1] , [de minderjarige 2] en [de minderjarige 3] hebben zich in raadkamer uitgelaten over het verzoek.

Op 25 maart 2026 is de zaak ter zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen:

Verzoek en verweer

De moeder verzoekt de rechtbank:

een en ander voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad.

De vader voert verweer tegen het verzoek, welk verweer hierna – voor zover nodig – zal worden besproken.

Feiten

- Partijen zijn gehuwd geweest van [datum 1] 2007 tot [datum 2] 2025.

- Zij zijn de ouders van de volgende thans minderjarige kinderen:

- [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2009 te [geboorteplaats 1] ;

- [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2011 te [geboorteplaats 2] ;

- [de minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum 3] 2015 te [geboorteplaats 2] .

- De minderjarigen hebben de hoofdverblijfplaats bij de moeder.

- Partijen oefenen het gezamenlijk gezag over de minderjarigen uit.

Beoordeling

Vervangende toestemming vakantie

Wettelijk kader

Artikel 1: 253a, eerste en tweede lid, van het Burgerlijk Wetboek (BW) bepaalt dat in geval van gezamenlijke gezagsuitoefening geschillen tussen de ouders, waaronder ten aanzien van een vakantie, op verzoek van beide of van een van hen aan de rechtbank kunnen worden voorgelegd en dat de rechtbank een regeling kan vaststellen inzake de uitoefening van het ouderlijk gezag.

Inhoudelijke beoordeling

De moeder wil in de zomervakantie gedurende zes weken met de kinderen naar [land] reizen om haar familie te bezoeken. De vader weigert echter zijn toestemming hiervoor te geven. Er moet volgens de moeder een uitzondering worden gemaakt op de afspraak uit het ouderschapsplan dat de kinderen in de zomervakantie drie weken bij elke ouder verblijven. Er is immers al geruime tijd geen contact tussen de kinderen en de vader, omdat de kinderen hem niet willen zien.

De vader voert verweer tegen het verzoek van de moeder. Hij wil geen toestemming geven voor de vakantie, omdat hij vindt dat hij de kinderen door toedoen van de moeder al heel lang niet heeft gezien. Er was hulpverlening betrokken om het contact te herstellen, maar daarvoor geeft de moeder geen toestemming. Volgens het ouderschapsplan verblijven de kinderen in de zomervakantie drie weken bij hem. Hij geeft daarom geen toestemming voor de vakantie van zes weken.

De rechtbank overweegt dat tussen de ouders niet in geschil is dat er al geruime tijd geen contact is tussen de vader en de kinderen. Zolang de moeder geen wijziging heeft verzocht van de afspraak zoals is neergelegd in het ouderschapsplan, blijft deze afspraak gelden. De vader heeft dan ook terecht aangegeven dat de moeder op grond van die afspraak slechts drie weken met de kinderen op vakantie kan. Gelet op de feitelijke situatie en hetgeen de kinderen in het gesprek met de kinderrechter hebben verteld, ziet de rechtbank echter aanleiding om de moeder toch vervangende toestemming te geven voor een reis van zes weken naar Marokko. Zij zal het verzoek van de moeder daarom toewijzen.

Dat neemt niet weg dat op de zitting met de ouders is besproken dat de huidige situatie zeer onwenselijk en niet in het belang van de kinderen is. De rechtbank acht het in principe in het belang van de kinderen om met beide ouders contact te hebben. De ouders hebben op de zitting ook aangegeven dat zij bereid zijn zich daarvoor te wenden tot hulpverlening om het contact tussen de vader en de kinderen te herstellen en hun onderlinge communicatie te verbeteren. De rechtbank gaat ervan uit dat beide ouders zich hiervoor zullen inzetten.

Paspoort

Wettelijk kader

Ingevolge artikel 34, eerste lid, van de Paspoortwet wordt bij een aanvraag door of ten behoeve van een minderjarige een verklaring van toestemming overgelegd van iedere persoon die het gezag uitoefent. Blijkens het tweede lid van voormeld artikel kan, indien bij de gezamenlijke gezagsuitoefening één van de personen die het gezag uitoefent weigert een verklaring van toestemming als bedoeld in het eerste lid af te geven, deze op verzoek van de andere persoon die het gezag uitoefent, worden vervangen door een verklaring van de bevoegde rechter, die alvorens te beslissen een vergelijk tussen beide personen beproeft. Ingevolge het vijfde lid van artikel 34 van de Paspoortwet geeft de rechter onder meer in de in het tweede lid bedoelde gevallen een zodanige beslissing als hem in het belang van het kind wenselijk voorkomt.

Inhoudelijke beoordeling

De moeder heeft om vervangende toestemming voor de aanvraag van paspoorten van de kinderen verzocht, omdat deze op 5 juli 2026 verlopen. De vader heeft op de zitting aangegeven dat hij het belangrijk vindt dat de kinderen een geldig identiteitsbewijs hebben. De rechtbank zal dit verzoek van de moeder daarom toewijzen.

Beslissing

De rechtbank:

verleent toestemming aan de moeder – welke toestemming die van de vader vervangt – ten behoeve van haar vakantie in de periode van 18 juli 2026 tot en met 27 augustus 2026 met de minderjarigen:

- [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2009 te [geboorteplaats 1] ;

- [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2011 te [geboorteplaats 2] ;

- [de minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum 3] 2015 te [geboorteplaats 2] ;

verleent toestemming aan de moeder – welke toestemming die van de vader vervangt – ten behoeve van de aanvraag door de moeder van een reisdocument voor de minderjarigen:

- [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2009 te [geboorteplaats 1] ;

- [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2011 te [geboorteplaats 2] ;

- [de minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum 3] 2015 te [geboorteplaats 2] ;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. M.J.W. Straatsma

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand