ECLI:NL:RBDHA:2026:13562

ECLI:NL:RBDHA:2026:13562

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 20-05-2026
Datum publicatie 26-05-2026
Zaaknummer NL25.4232 en NL25.4233
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Amsterdam

Samenvatting

.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Amsterdam Bestuursrecht

zaaknummers: NL25.4232 (beroep) en NL25.4233 (voorlopige voorziening)

V-nummer: [v-nummer]

uitspraak van de enkelvoudige kamer en de voorzieningenrechter op het beroep en het verzoek om een voorlopige voorziening in de zaken tussen

[eiser],

Geboren op [geboortedag] 1962, van Marokkaanse nationaliteit, eiser/verzoeker, hierna: eiser (gemachtigde: mr. M.A.M. Karsten),

en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder (gemachtigde: mr. L. den Hollander).

Inleiding

In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank/voorzieningenrechter (hierna: rechtbank) het beroep van eiser tegen het terugkeerbesluit van 24 januari 2025 (het bestreden besluit). Daarnaast heeft eiser een verzoek om een voorlopige voorziening gedaan dat ertoe strekt dat hij het beroep in Nederland mag afwachten.

De zaak is met partijen besproken op een zitting op 30 april 2026. Hierbij waren aanwezig: eiser, de gemachtigde van eiser, I.M. Majdoub (tolk Arabisch) en de gemachtigde van verweerder.

Overwegingen

2. Met het bestreden besluit heeft verweerder een terugkeerbesluit aan eiser opgelegd op grond van artikel 62 van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw). Eiser dient het grondgebied van de EU, EER en Zwitserland binnen een termijn van vier weken te verlaten. Verweerder heeft aan het terugkeerbesluit ten grondslag gelegd dat eiser niet (langer) rechtmatig in Nederland verblijft, omdat eiser:

3. bij binnenkomst niet heeft voldaan aan de verplichtingen die gelden bij grensoverschrijding aangezien eiser niet beschikt over een geldig reisdocument;

4. zich niet heeft gehouden aan het bepaalde in de Vw aangezien eiser geen melding heeft gemaakt van zijn onrechtmatige verblijf, geen geldig (reis)document heeft en al vele jaren illegaal in Nederland verblijft;

5. niet beschikt over voldoende middelen van bestaan.

3. Eiser voert aan dat zijn medische situatie zeer kwetsbaar is en dat hij niet gehoord had mogen worden zonder advocaat. Verder stelt eiser dat verweerder onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar eisers medische situatie. Eisers medische situatie had aanleiding moeten zijn om af te zien van het bestreden besluit. Ook heeft verweerder onvoldoende eisers persoonlijke omstandigheden meegewogen. Eiser verblijft al ruim dertig jaar in Nederland, doet vrijwilligerswerk en heeft geen sociaal vangnet of familie in Marokko. Tot slot voert eiser aan dat verweerder had moeten toetsen of eiser in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning op grond van artikel 8 van het EVRM.1

4. De rechtbank overweegt als volgt. De rechtbank stelt vast dat tussen partijen niet in geschil is dat eiser niet over een geldig verblijfsdocument beschikt. Verweerder is dan gelet op het bepaalde in de Terugkeerrichtlijn verplicht om een terugkeerbesluit op te leggen.2

5. De rechtbank stelt vast dat bij het voorbereiden van het terugkeerbesluit alle procedurele waarborgen in acht zijn genomen. In het gehoor is gevraagd aan eiser naar zijn medische problematiek, zijn houding ten aanzien van de terugkeer naar Marokko, zijn persoonlijke omstandigheden en naar eventuele (medische) belemmeringen om te reizen. Verweerder heeft hierbij voldoende doorgevraagd en eiser is daarmee voldoende zorgvuldig in de gelegenheid gesteld zijn bezwaren en zienswijze kenbaar te maken. Relevant is verder dat eiser zelf heeft aangegeven gezond te zijn om te reizen en weg te willen gaan uit Nederland. Eisers stelling dat hij niet gehoord had mogen worden zonder advocaat volgt de rechtbank niet nu eiser gewezen is op de mogelijkheid tot rechtshulp en hiervan heeft afgezien. De rechtbank ziet geen aanknopingspunten in het dossier voor het oordeel dat verweerder desondanks het gehoor had moeten stoppen vanwege eisers gestelde kwetsbaarheid. Dat betekent dat verweerder het gehoor ten grondslag mocht leggen aan het opleggen van het terugkeerbesluit.

6. De rechtbank stelt vervolgens vast dat verweerder voldoende rekening heeft gehouden met alle tijdens het gehoor door eiser naar voren gebrachte feiten en omstandigheden in het kader van artikel 5 van de Terugkeerrichtlijn. De stelling van eiser dat verweerder gelet op zijn medische situatie had moeten afzien van het opleggen van het terugkeerbesluit volgt de rechtbank niet gelet op eisers eigen verklaringen met betrekking tot zijn gezondheid tijdens het gehoor. Met de in beroep aangevoerde medische omstandigheden heeft verweerder geen rekening meer mee kunnen houden gelet op de ex tunc toetsing.

7. Verweerder is verder in deze procedure niet gehouden tot het maken van een belangenafweging op grond van artikel 8 van het EVRM. Indien eiser meent dat hij een verblijfsrecht ontleent aan dit artikel, kan hij een daartoe strekkende aanvraag indienen.

8. De rechtbank komt tot de conclusie dat verweerder het terugkeerbesluit aan eiser heeft kunnen opleggen. Het beroep is daarom ongegrond. Bij deze uitkomst is er geen reden om een voorlopige voorziening te treffen. Het verzoek daartoe wordt daarom afgewezen.

9. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

1. Verdrag voor de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden.

2 Zie artikel 3 en artikel 6 van de Terugkeerrichtlijn 2008/115/EG.

Beslissing

De rechtbank:

In de zaak met nummer NL25.4232:

- verklaart het beroep ongegrond;

In de zaak met nummer NL25.4233:

- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R. Hirzalla, (voorzieningen)rechter, in aanwezigheid van mr. J.L. van Egmond, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

13 mei 2026

Informatie over hoger beroep

Tegen deze uitspraak kan, voor zover deze gaat over het beroep, hoger beroep worden ingediend bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Tegen de uitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening staat geen rechtsmiddel open.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. J.L. van Egmond

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand