ECLI:NL:RBDHA:2026:14153

ECLI:NL:RBDHA:2026:14153

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 26-05-2026
Datum publicatie 29-05-2026
Zaaknummer NL25.61659
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Middelburg

Samenvatting

Asiel – inwilligende beschikking – leeftijd in geschil – schouw AVIM voldoende inzichtelijk en concludent – tegenstrijdige verklaringen – beroep ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiseres] , eiseres,

de minister [bedrijf] , verweerder,

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.61659

V-nummer: [V-nummer] ,

(gemachtigde: mr. K.S. Kort),

en

(gemachtigde: mr. J.M. Sanchez Rhemrev).

Procesverloop

Bij besluit van 18 november 2025 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiseres ingewilligd.

Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

De rechtbank heeft het beroep op 20 mei 2026 op zitting behandeld in Breda. Partijen hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigden.

Overwegingen

1. Eiseres stelt te zijn geboren op [geboortedag 1] 2007. Zij heeft de Eritrese nationaliteit. Op 6 oktober 2023 heeft eiseres een asielaanvraag ingediend in Nederland.

2. Bij het bestreden besluit heeft verweerder aan eiseres een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd verleend, waarbij verweerder heeft aangenomen dat eiseres op [geboortedag 2] 2005 is geboren. Eiseres heeft slechts een originele doopakte overgelegd, waar verweerder beperkte waarde aan hecht. Haar identiteit is daarom onvoldoende onderbouwd met objectieve documenten. De AVIM en IND hebben afzonderlijk leeftijdsschouwen uitgevoerd. De AVIM heeft geconcludeerd dat eiseres evident meerderjarig is, terwijl de IND tot de conclusie is gekomen dat zij evident minderjarig is. Omdat zij niet tot dezelfde conclusie zijn gekomen, is twijfel ontstaan over de leeftijd van eiseres.

Verweerder heeft hierna een onderzoek opgestart in Italië, waaruit is gebleken dat eiseres in Italië geregistreerd staat als meerderjarig met twee verschillende geboortedata, [geboortedag 2] 2005 en [geboortedag 3] 2000. De verklaringen van eiser over de leeftijdsregistratie in Italië acht verweerder niet verschoonbaar. Gelet op het feit dat eiseres ook tegenstrijdige verklaringen heeft afgelegd bij de AVIM, is de geboortedatum van eiseres conform de WI 2025/1 Leeftijdsbepaling aangepast van [geboortedag 1] 2007 naar [geboortedag 2] 2005.

3. Eiseres is het niet er niet mee eens dat haar gestelde geboortedatum niet wordt gevolgd. Zij voert in beroep aan dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom wordt uitgegaan van de geboortedatum [geboortedag 2] 2005, in plaats van de door eiseres opgegeven geboortedatum van [geboortedag 1] 2007. Verweerder heeft ten onrechte beperkte waarde gehecht aan de doopakte. Dit betreft immers een origineel, verifieerbaar en objectief document. Daarnaast stelt eiseres dat met name de leeftijdsschouw uitgevoerd door de AVIM niet zorgvuldig, inzichtelijk en concludent is. Deze schouw is dan ook geen bruikbaar middel. De verklaring dat zij binnenkort 16 jaar zou worden wordt aan haar tegengeworpen, maar verweerder houdt er onvoldoende rekening mee dat er alleen een telefonische tolk aanwezig was en geen ondersteunende vertrouwenspersoon. Het verslag is niet aangeboden aan de advocaat ter correctie en aanvulling. Tijdens de IND-gehoren heeft zij consistent verklaard over haar leeftijd in relatie tot haar schoolgang en reis. Omdat volgens eiseres de uitkomst van de schouw niet bij de beoordeling betrokken mag worden, is er geen twijfel over de opgegeven leeftijd. Verweerder komt dan ook niet toe aan het onderzoek in een andere lidstaat. Daarnaast heeft zij amper de gelegenheid gehad om te verklaren over de omstandigheden van haar registratie in Italië, en dat is in strijd met WI 2025/1. In Italië zijn geen documenten overhandigd en heeft geen medisch leeftijdsonderzoek plaatsgevonden. Ook is er geen informatie verstrekt over waarom er sprake is van twee geboortedata aldaar. Ook worden de twee namen tegengeworpen, terwijl sprake is van kleine verschillen. Eiseres verwijst naar de uitspraak van de Afdeling van 9 oktober 2024. Nu er in Italië geen documenten zijn overgelegd en zij in Nederland wel een originele doopakte heeft overgelegd en omdat de registratie in Nederland plaatsvond in het bijzijn van een tolk, lag het in de rede om de in Nederland geregistreerde geboortedatum aan te houden. Verweerder had dan ook een medisch leeftijdsonderzoek moeten aanbieden.

De rechtbank oordeelt als volgt.

Doopakte

4. De rechtbank volgt verweerder in het standpunt dat aan de overgelegde doopakte slechts beperkte waarde kan worden toegekend voor de door eiseres gestelde minderjarigheid. Het betreft geen officieel identificerend document, omdat het niet door de Eritrese autoriteiten is afgegeven. Dit is ook in lijn met vaste jurisprudentie van de Afdeling. Daarnaast heeft Bureau Documenten ook geen uitspraak kunnen doen over de echtheid, opmaak en afgifte van het document. Daarom kan niet worden vastgesteld of het document inhoudelijk juist is. Dit maakt dat eiseres haar gestelde minderjarigheid niet heeft aangetoond met objectieve documenten.

Leeftijdsschouw

5. Uit jurisprudentie van de Afdeling volgt dat in het algemeen de leeftijdsschouw zorgvuldig is en het beleid daarover redelijk is. Om in een individuele zaak tot een zorgvuldige schouw te komen, is het van belang dat de verslaglegging zorgvuldig gebeurt en alle observaties tijdens het gehoor, bestaande uit uiterlijke kenmerken, verklaringen en gedragingen, in het verslag worden beschreven. De conclusies van de schouw moeten worden verbonden aan deze observaties. Alleen dan is een schouw voldoende zorgvuldig, inzichtelijk en concludent.

6. Eiser is zowel geschouwd door medewerkers van AVIM als de IND. Eiseres heeft de schouw van AVIM ter discussie gesteld.

7. In het verslag van de leeftijdsschouw door AVIM is het gedrag van eiseres omschreven en zijn de lichamelijke kenmerken van eiseres opgesomd, waarna geconcludeerd is dat eiseres evident meerderjarig is. Daarbij is niet uitgelegd welke signalen tot die conclusie hebben geleid en waarom die signalen daartoe hebben geleid. Er wordt geen verbinding gelegd tussen de observaties en de conclusie. Zo wordt niet uitgelegd waarom de observatie dat zij ‘bijdehand doet’ over de vragen over haar leeftijd typerend is voor een meerderjarige. De rechtbank is van oordeel dat deze schouw niet inzichtelijk en concludent is en daarom niet betrokken kan worden bij het standpunt van verweerder over de geboortedatum van eiseres. De rechtbank wijst daarbij wel op het onderscheid tussen de verklaringen die eiseres heeft afgelegd en de door de AVIM uitgevoerde schouw. Hoewel de schouw in zoverre gebrekkig is, neemt dat niet weg dat eiseres tijdens het gehoor van AVIM tegenstrijdige verklaringen heeft afgelegd omtrent haar leeftijd. De rechtbank zal hier later nader op ingaan.

8. Nu een van de leeftijdsschouwen niet inzichtelijk en concludent is, is de leeftijdsschouw in dit geval geen bruikbaar middel om uitspraken te doen over de vraag of al dan niet twijfel bestaat over de door eiseres gestelde leeftijd. Dit neemt niet weg dat verweerder met het oog op zorgvuldige besluitvorming nader onderzoek mocht doen naar de leeftijd van eiseres. Verweerder moet daarbij blijven uitgaan van de presumptie van minderjarigheid en het is aan hem om de stelling van eiseres over haar leeftijd te ontzenuwen.

Registratie in Italië

9. Uit jurisprudentie van de Afdeling volgt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet onverkort van toepassing is bij de beoordeling van de leeftijd van een vreemdeling. Verweerder mag niet zonder meer uitgaan van de juistheid van de geregistreerde leeftijd in een andere lidstaat, maar moet met inachtneming van nationaal bewijsrecht onderzoeken en deugdelijk motiveren welk gewicht aan een bepaalde registratie toekomt en waarom. Als aan een leeftijdsregistratie alleen een eigen verklaring van een vreemdeling ten grondslag ligt, dan zal verweerder zich moeten laten informeren over de omstandigheden waaronder deze verklaring is afgelegd. De vreemdeling zal een plausibele verklaring moeten geven voor de afwijkende verklaring, omdat deze in beginsel afbreuk doet aan de geloofwaardigheid van andere verklaringen.

10. Verweerder heeft onderzoek gedaan naar de leeftijd van eiseres door navraag te doen bij de Italiaanse autoriteiten. Uit de reactie van Italië blijkt dat eiseres in Italië is geregistreerd met zowel geboortedatum [geboortedag 2] 2005 als [geboortedag 3] 2000. Daarnaast is gebleken dat zij aliassen heeft opgegeven voor haar naam. In Italië heeft eiseres dan ook tegenstrijdig en niet-samenhangend verklaard. Zoals onder 7 is vermeld, heeft eiseres ook tijdens het gehoor bij de AVIM op 6 oktober 2023 tegenstrijdig verklaard. Zo heeft zij verklaard te zijn geboren op [geboortedag 1] 2007, maar in januari 16 jaar te worden. Dat haar ouders haar hebben verteld dat zij 15 jaar oud was, is geen verschoonbare reden voor deze tegenstrijdigheid. Daarnaast heeft eiseres niet concreet kunnen verklaren over welke geboortedatum zij heeft opgegeven in Italië. Eiseres heeft in eerste instantie verklaard zich niet te herinneren welke leeftijd zij heeft opgegeven in Italië, omdat zij ziek was van de zee. Ook dit is geen verschoonbare reden voor het opgeven van afwijkende personalia. Vervolgens heeft zij verklaard wel te weten dat zij 2007 als geboortejaar heeft opgegeven, maar zij weet niet meer welke dag en maand. Tijdens het aanmeldgehoor op 21 juli 2024 heeft eiseres weer verklaard niet te weten welke geboortedatum zij in Italië heeft opgegeven. Gelet op de registratie in Italië, de verklaringen tijdens de gehoren en het gebrek aan een verschoonbare reden voor de geconstateerde tegenstrijdigheden, heeft verweerder de presumptie van minderjarigheid voldoende weten te ontzenuwen.

Conclusie

11. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat verweerder, ondanks dat de schouw door de AVIM niet gebruikt kan worden als middel voor vaststelling van de leeftijd, voldoende heeft gemotiveerd waarom hij uitgaat van de geboortedatum [geboortedag 2] 2005.

Verweerder heeft in het bestreden besluit dan ook terecht deze geboortedatum opgenomen. Het beroep is ongegrond.

12. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan op 27 mei 2026 door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van mr. J. de Winter, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. B.F.Th. de Roos

Griffier

  • mr. J. de Winter

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand