Gezag, vervangende toestemming vakantie en paspoortwet
Beschikking op het in zaak- en rekestnummer C/09/698336 / FA RK 26-733 op 26 januari 2026 ingekomen verzoek en het in zaak- en rekestnummer C/09/698564 / FA RK 26-874 op 28 januari 2026 ingekomen verzoek van:
[de moeder],
de moeder,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. K. Moene te Den Haag.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
[de vader],
de vader,
in de Basisregistratie Personen ingeschreven als geëmigreerd (RNI).
Procedure
In de procedure met zaak- en rekestnummer C/09/698336 / FA RK 26-733:
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
In de procedure met zaak- en rekestnummer C/09/698564 / FA RK 26-874:
[minderjarige] is in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over het verzoek, maar heeft hier geen gebruik van gemaakt.
Op 8 april 2026 zijn de zaken gevoegd op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen:
De moeder en de vader zijn, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen op de zitting.
Feiten
In beide procedures:
- Partijen hebben een affectieve relatie met elkaar gehad.
- Zij zijn de ouders van het volgende minderjarige kind:
- [minderjarige], geboren op [geboortedatum 1] 2012 te [geboorteplaats 1].
- De ouders oefenen het gezamenlijk gezag over [minderjarige] uit.
- [minderjarige] staat ingeschreven op het adres van de moeder.
- De vader en [minderjarige] hebben de Nederlandse nationaliteit. De moeder heeft de Marokkaanse nationaliteit.
- Bij beschikking van 12 juli 2023 van deze rechtbank is de moeder toestemming verleend – welke de toestemming van de vader vervangt – om met [minderjarige] op vakantie/familiebezoek te gaan naar [plaats], [land].
Verzoek en verweer
In de procedure met zaak- en rekestnummer C/09/698336 / FA RK 26-733:
De moeder verzoekt:
- primair: het gezag over [minderjarige] bij uitsluiting van de vader aan de moeder toe te wijzen;
- subsidiair: te bepalen dat de verklaring van toestemming van de vader tot afgifte van een paspoort ten behoeve van [minderjarige] wordt vervangen door een verklaring van toestemming van de rechtbank;
- subsidiair: de moeder toestemming te verlenen – welke de toestemming die van de vader vervangt – om met [minderjarige] op vakantie/familiebezoek te gaan naar [plaats], [land], zulks voor de duur van maximaal vier weken in de periode van 18 juli 2026 t/m 30 augustus 2026 (schoolzomervakantie regio Midden);
een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.
De vader heeft geen verweer gevoerd.
In de procedure met zaak- en rekestnummer C/09/698564 / FA RK 26-874:
De moeder verzoekt:
- te bepalen dat de verklaring van toestemming van de vader tot afgifte van een paspoort ten behoeve van [minderjarige] wordt vervangen door een verklaring van toestemming van de rechtbank;
- de moeder toestemming te verlenen – welke de toestemming die van de vader vervangt – om met [minderjarige] op vakantie/familiebezoek te gaan naar [plaats], [land], zulks voor de duur van maximaal vier weken in de periode van 18 juli 2026 t/m 30 augustus 2026 (schoolzomervakantie regio Midden);
een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.
De vader heeft geen verweer gevoerd.
Beoordeling
In de procedure met zaak- en rekestnummer C/09/698336 / FA RK 26-733:
Gezag
- rechtsmacht en toepasselijk recht
Omdat de gewone verblijfplaats van [minderjarige] in Nederland is, is de Nederlandse rechter bevoegd om naar Nederlands recht te beslissen op het verzoek van de moeder ten aanzien van het gezag.
-inhoudelijke beoordeling
De moeder verzoekt het gezamenlijk gezag van de ouders te beëindigen en heeft ter onderbouwing hiervan – kort samengevat – het volgende aangevoerd. De moeder en [minderjarige] hebben al ruim vijf jaar geen contact meer met de vader. Hij is op geen enkele manier betrokken in het leven van [minderjarige]. Zowel de moeder als de familie van de vader weten niet waar hij op dit moment verblijft. Daarbij is hij op geen enkele manier bereikbaar voor de moeder. Hierdoor is uitoefening van het gezamenlijk gezag over [minderjarige] onmogelijk.
De vader heeft geen verweer gevoerd en is niet verschenen op de zitting.
De rechtbank overweegt dat het wettelijk uitgangspunt is dat de ouders na uiteengaan gezamenlijk het gezag over het kind blijven uitoefenen. Voor gezamenlijk gezag is wel vereist dat de ouders in staat zijn tot een behoorlijke gezamenlijke gezagsuitoefening en dat zij beslissingen van enig belang over de kinderen in gezamenlijk overleg kunnen nemen. Op grond van artikel 1:253n van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan de rechtbank het gezamenlijk gezag op verzoek van de niet met elkaar gehuwde ouders of één van hen beëindigen, als later de omstandigheden zijn gewijzigd of bij het nemen van de beslissing van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan. Het gezamenlijk gezag kan worden beëindigd als er een onaanvaardbaar risico is dat het kind klem of verloren zou raken tussen de ouders en niet te verwachten is dat hier binnen afzienbare tijd voldoende verbetering in zou komen, of als wijziging van het gezag anderszins in het belang van het kind noodzakelijk is.
Uit de stukken en hetgeen op de zitting is besproken, is de rechtbank duidelijk geworden dat de vader al enige tijd niet meer in het leven van [minderjarige] aanwezig is. De moeder weet niet waar hij op dit moment verblijft en ieder contact tussen de ouders ontbreekt. Hierdoor loopt de moeder tegen praktische belemmeringen aan als er toestemming van de vader nodig is. Zo moet het paspoort van [minderjarige] worden verlengd en wil zij met [minderjarige] op vakantie naar [land]. Gelet op het voorgaande bestaat er naar het oordeel van de rechtbank een onaanvaardbaar risico dat [minderjarige] klem of verloren zal raken tussen de ouders als het gezamenlijk gezag in stand blijft. De verwachting is niet dat er binnen afzienbare tijd verbetering in deze situatie zal komen. Daarom zal de rechtbank het verzoek van de moeder toewijzen.
Vervangende toestemming paspoort en vakantie
De rechtbank zal de moeder met het eenhoofdig gezag over [minderjarige] belasten. Bespreking de subsidiaire verzoeken is daarom niet meer nodig.
In de procedure met zaak- en rekestnummer C/09/698564 / FA RK 26-874:
De moeder wordt voortaan belast met het eenhoofdig gezag over [minderjarige]. De rechtbank zal de verzoeken van de moeder ten aanzien van het paspoort en de vakantie dan ook, wegens gebrek aan belang, afwijzen.
Beslissing
De rechtbank:
In de procedure met zaak- en rekestnummer C/09/698336 / FA RK 26-733:
*
bepaalt dat voortaan alleen aan de moeder, [de moeder], geboren op [geboortedatum 2] 1984 te [geboorteplaats 2] ([land]), het gezag toekomt over [minderjarige], geboren op [geboortedatum 1] 2012 te [geboorteplaats 1];
*
wijst af het verzoek van de moeder ten aanzien van het paspoort en de vakantie naar [land];
*
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;
In de procedure met zaak- en rekestnummer C/09/698564 / FA RK 26-874:
*
wijst af het verzoek van de moeder ten aanzien van het paspoort en de vakantie naar [land].