Verbetering van een beschikking
Bijlage bij de beschikking van 17 maart 2026 , gegeven op 7 mei 2026
in de zaak waarin op 17 maart 2026 een beschikking is gegeven en uitgesproken, op verzoek van:
[de vrouw] ,
volgens de huwelijksakte: [de vrouw] ,
de vrouw,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. M.M. van Maanen te Amsterdam.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
[de man] ,
de man,
blijkens de Registratie Niet-Ingezetenen sinds 19 september 2024 geregistreerd in een onbekend land, feitelijk verblijvende op een bij de rechtbank bekend adres in Nederland,
advocaat: mr. F. Borger van der Burg-Holstege te Den Haag.
Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
- de brief van 1 april 2026 van de zijde van de vrouw.
Verzoek en verweer
In de brief van 1 april 2026 verzoekt de vrouw de beschikking van 17 maart 2026 te herstellen op drie punten. De vrouw stelt ten eerste dat de geboortedatum van [minderjarige 2] [geboortedatum 1] 2016 moet zijn, in plaats van [geboortedatum 2] 2026. Daarnaast stelt de vrouw dat bij de berekening van de bijdrage aan kinderalimentatie over de periode van 1 april 2025 tot 1 januari 2026 een kennelijke rekenfout is gemaakt, omdat de rekensom van € 987,- minus € 92,- resulteert in het bedrag van € 895,- en niet in een bedrag van € 805,-. Deze kennelijke rekenfout resulteert in een doorrekenfout in de indexering van de bijdrage aan kinderalimentatie vanaf 1 januari 2026. Niet het bedrag van € 805,- moet worden geïndexeerd, maar het bedrag van € 895,-. Dit resulteert in een bedrag van € 936,- per maand in plaats van € 842,- per maand. De vrouw verzoekt deze fouten te herstellen.
De man is in de gelegenheid gesteld te reageren op voormeld verzoek. Hij heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt.
Beoordeling
De rechtbank kan op grond van artikel 31 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) alsmede op grond van artikel 32 Rv een beschikking verbeteren dan wel aanvullen. Op
grond van artikel 31 Rv verbetert de rechter te allen tijde op verzoek van een partij of ambtshalve in zijn beschikking een kennelijke rekenfout, schrijffout of andere kennelijke fout die zich voor eenvoudig herstel leent.
Onder de feiten van de beschikking staat de geboortedatum van [minderjarige 2] vermeld als [geboortedatum 2] 2026. Uit de Basisregistratie Personen volgt dat de geboortedatum van [minderjarige 2] [geboortedatum 1] 2016 is. De rechtbank is van oordeel dat er sprake is van een kennelijke schrijffout, die zich voor eenvoudig herstel leent. De rechtbank zal deze kennelijke schrijffout zowel in het lichaam als in het dictum van de beschikking in deze herstelbeschikking verbeteren zoals hierna weergegeven.
Daarnaast is op pagina 12 van de beschikking de bijdrage van de man aan de vrouw in de periode 1 april 2025 tot 1 januari 2026 berekend op een bedrag van € 805,- per maand, als resultaat uit de rekensom van € 987,- minus € 92,-. Zoals de vrouw terecht stelt, is hier sprake van een kennelijke rekenfout en moet dit een bedrag van € 895,- per maand zijn. Het foutieve bedrag van € 805,- is door de rechtbank vervolgens geïndexeerd naar een bijdrage van € 842,- per maand per 1 januari 2026. Dit moet echter een bedrag van € 936,- per maand zijn voor drie kinderen. Per kind bedraagt dit € 312,- per maand. De rechtbank is van oordeel dat er sprake is van kennelijke rekenfouten die zich voor eenvoudig herstel lenen. De rechtbank zal deze kennelijke rekenfouten in het lichaam en in het dictum van de beschikking in deze herstelbeschikking verbeteren zoals hierna weergegeven.
Beslissing
De rechtbank:
verbetert voormelde beschikking van 17 maart 2026 in die zin dat de geboortedatum van [minderjarige 2] onder Feiten en in het dictum komt te luiden:
[minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 1] 2016 te [geboorteplaats];
verbetert voormelde beschikking van 17 maart 2026 in die zin dat de berekening van de bijdrage aan kinderalimentatie van 1 april 2025 tot 1 januari 2026 op pagina 12 in de beschikking komt te luiden:
De door de man te betalen bijdrage bedraagt dan € 895,- per maand voor drie kinderen (€ 987,- -/- € 92,-).
verbetert voormelde beschikking van 17 maart 2026 in die zin dat het dictum komt te luiden:
bepaalt dat de man aan de vrouw, over de periode van 1 april 2025 tot 1 januari 2026 een kinderalimentatie ten behoeve van de minderjarigen van € 895,- per maand zal betalen;
verbetert voormelde beschikking van 17 maart 2026 in die zin dat de overweging op pagina 12 onder Vanaf 1 januari 2026 komt te luiden:
De bijdrage van € 895,- in 2025 bedraagt geïndexeerd naar 2026 € 936,- per maand voor drie kinderen. De rechtbank zal dit vanaf deze datum vastleggen.
verbetert voormelde beschikking van 17 maart 2026 in die zin dat het dictum komt te luiden:
bepaalt dat de man aan de vrouw, met ingang van 1 januari 2026 een kinderalimentatie ten behoeve van de minderjarigen van € 936,- per maand (€ 312,- per kind per maand) zal betalen, telkens bij vooruitbetaling te voldoen;
handhaaft de beschikking van 17 maart 2026 voor het overige.
[bijlagen verwijderd i.v.m. privacygevoelige informatie]