ECLI:NL:RBDHA:2026:15403

ECLI:NL:RBDHA:2026:15403

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 04-06-2026
Datum publicatie 08-06-2026
Zaaknummer NL24.48388
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Voorlopige voorziening
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Verzoek om voorlopige voorziening, beroep is ongegrond verklaard bij uitspraak van heden, verzoek is afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker

de minister van Asiel en Migratie,

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: NL24.48388

(gemachtigde: mr. P.L.M. Stieger),

en

(gemachtigde: mr. A. Maas).

Procesverloop

1. Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor verlening van uitstel van vertrek vanwege medische redenen op grond van artikel 64 van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) De minister heeft deze aanvraag afgewezen met het besluit van 18 augustus 2022.

2. Verzoeker heeft tegen het besluit bezwaar gemaakt. Met het bestreden besluit van 19 november 2024 op het bezwaar van verzoeker is de minister bij de afwijzing gebleven. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld. Dit beroep is geregistreerd onder zaaknummer NL24.48385.

3. Verzoeker heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

4. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening hangende het beroep op 3 maart 2026 samen met het beroep op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser, mr. M. Grigorjan als waarnemer van de gemachtigde van eiser, A. Avakyan-Goloyan als tolk en de gemachtigde van de minister. Op de zitting was tevens de echtgenote van eiser aanwezig.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

5. Verzoeker is wegens betalingsonmacht vrijgesteld van de verplichting om griffierecht te betalen.

6. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.48385, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Conclusie en gevolgen

8. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af. Voor vergoeding een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.H. Lange, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.M. van Luijk - Salomons, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op 4 juni 2026.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. M.M. van Luijk - Salomons

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand