ECLI:NL:RBDHA:2026:1603

ECLI:NL:RBDHA:2026:1603

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 30-01-2026
Datum publicatie 30-01-2026
Zaaknummer NL26.3378
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Arnhem

Samenvatting

Bewaring, vervolgberoep, zicht op uitzetting, ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 januari 2026 in de zaak tussen

[eiser], v-nummer: [nummer], eiser

de minister van Asiel en Migratie.

Zittingsplaats Arnhem

Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.3378

(gemachtigde: mr. S. Faber),

en

Procesverloop

De minister heeft op 20 november 2025 aan eiser de maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000) opgelegd. Deze maatregel duurt nog voort.

Eiser heeft tegen het voortduren van de maatregel van bewaring beroep ingesteld. Daarbij heeft hij verzocht om schadevergoeding.

De minister heeft een voortgangsrapportage overgelegd.

De rechtbank heeft deze maatregel al eerder getoetst. Op het eerste beroep is beslist bij uitspraak van 5 januari 2026.

De rechtbank heeft het vooronderzoek op 27 januari 2026 gesloten en bepaald dat een onderzoek ter zitting achterwege blijft.

Overwegingen

1. Indien de rechtbank van oordeel is dat de toepassing of tenuitvoerlegging van de maatregel van bewaring in strijd is met de Vw 2000 dan wel bij afweging van alle daarbij betrokken belangen in redelijkheid niet gerechtvaardigd is, verklaart zij op grond van artikel 96, derde lid, van de Vw 2000 het beroep gegrond en beveelt zij de opheffing van de maatregel of een wijziging van de wijze van tenuitvoerlegging daarvan.

2. De rechtbank stelt voorop dat zij deze maatregel van bewaring al eerder heeft getoetst. Uit de uitspraak van 5 januari 2026 volgt dat de maatregel van bewaring tot het moment van het sluiten van het onderzoek dat aan die uitspraak ten grondslag ligt, rechtmatig was. Daarom beoordeelt de rechtbank nu alleen of de maatregel van bewaring sinds het moment van het sluiten van dat onderzoek (op 30 december 2025) rechtmatig was.

Ontbreekt het zicht op uitzetting?

3. Eiser betoogt dat er geen zicht op uitzetting bestaat binnen een redelijke termijn. De Marokkaanse autoriteiten hebben nog niet gereageerd op de aanvraag voor een laissez-passer (lp). Hierdoor kan worden vastgesteld dat de Marokkaanse autoriteiten nog geen actie hebben ondernomen. Ook is er geen reden om aan te nemen dat de intentie bestaat om het onderhavige dossier op te pakken. Omdat geen zicht op uitzetting bestaat binnen een redelijke termijn moet de bewaring van eiser worden opgeheven.

Deze beroepsgrond slaagt niet. De rechtbank stelt voorop dat in zijn algemeenheid uit kan worden gegaan van zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn naar Marokko. Er is geen aanleiding om aan te nemen dat dit inmiddels niet meer zo is. Uit de voortgangsrapportage van 20 januari 2026 blijkt dat de minister op 27 november 2025 een lp heeft aangevraagd bij de Marokkaanse autoriteiten. Op 17 december 2025 en op 8 januari 2026 heeft de minister schriftelijk gerappelleerd. Niet is gebleken dat de Marokkaanse autoriteiten te kennen hebben gegeven dat voor eiser geen lp kan worden afgegeven. Daarom is er, mede gelet op de periode die is verstreken sinds het indienen van de lp-aanvraag, op dit moment geen reden om aan te nemen dat voor eiser geen lp wordt verstrekt.

Leidt ambtshalve toetsing tot een ander oordeel?

4. Los van de door eiser aangevoerde beroepsgronden, ziet de rechtbank in de door de minister en eiser verstrekte gegevens geen grond om te komen tot het oordeel dat aan de rechtmatigheidsvoorwaarden voor deze maatregel niet (langer) is voldaan.

Conclusie en gevolgen

5. Het beroep is ongegrond. Daarom wordt ook het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Voor een proceskostenvergoeding bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart het beroep ongegrond;

- wijst het verzoek om schadevergoeding af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.S. Gaastra, rechter, in aanwezigheid van mr. F.E. Brokke, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. A.S. Gaastra

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?