[naam] , verzoekster,
geboren op [geboortedatum]
V-nummers: [v-nummer:] ,
[naam], verzoeker,
geboren op [geboortedatum] ,
V-nummer: [v-nummer:] ,
mede namens hun minderjarige kinderen,
[naam] ,
geboren op [geboortedatum]
V-nummer: [v-nummer:] ,
[naam] ,
geboren op [geboortedatum]
V-nummer: [v-nummer:] ,
allen van Nigeriaanse nationaliteit en hierna gezamenlijk te noemen: verzoekers,
(gemachtigde: mr. M. Pater),
en
de minister van Asiel en Migratie, de minister,
(gemachtigde: mr. B.W. Zagers).
Inleiding
1. De minister heeft op 29 oktober 2025 de aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen, omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoekers hebben tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening.
De rechtbank heeft de beroepen, tegelijk met de verzoeken om voorlopige voorzieningen, op 3 februari 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van verzoekers en de gemachtigde van de minister. De rechtbank heeft het onderzoek op de zitting gesloten.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
2. Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
3. Gelet op de uitkomst van de beroepsprocedure veroordeelt de voorzieningenrechter de minister in de door verzoekers gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 934,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift met een waarde per punt van € 934,- en een wegingsfactor 1). Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is sprake van samenhangende zaken.
Beslissing
De voorzieningenrechter:
Deze uitspraak is gedaan door mr. R. Tesfai, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S. Strating, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.