ECLI:NL:RBDHA:2026:21734

ECLI:NL:RBDHA:2026:21734

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 04-08-2026
Datum publicatie 04-08-2026
Zaaknummer NL26.14242
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Groningen

Samenvatting

Somalië. Eiseres kan door haar handicap niet worden gehoord. De minister mag in dit geval de gehoren van haar grootouders gebruiken om informatie te vergaren om de asielmotieven van eiseres te beoordelen. De grootouders moeten dan wel over die asielmotieven worden gehoord. Beroep gegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiseres], eiseres

de minister van Asiel en Migratie, de minister

Samenvatting

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.14242

V-nummer: [nummer],

(gemachtigde: mr. R. Balkenende),

en

(gemachtigde: mr. G.J. Westendorp).

1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van eiseres haar asielaanvraag. Eiseres is het niet eens met deze afwijzing. Zij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Mede de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de asielaanvraag.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag niet in stand kan blijven. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Eiseres in minderjarig en meervoudig gehandicapt en heeft, samen met haar grootouders en broertje, een asielaanvraag ingediend. De minister heeft met het bestreden besluit van 9 maart 2026 deze aanvraag afgewezen als ongegrond.

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.

De rechtbank heeft het beroep op 9 juni 2026, samen met het beroep van haar grootouders en broertje, op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, een voogd van Nidos, haar grootouders en broertje, de gemachtigde van eiseres, een tolk en de gemachtigde van de minister.

Het asielrelaas

3. Namens eiseres is aan haar asielaanvraag het volgende ten grondslag gelegd. Eiseres is een minderjarig meisje en zij heeft een meervoudige handicap. Ze heeft spastische cerebrale parese en is ernstig verstandelijk gehandicapt. In Somalië rust hier een groot taboe op, ze wordt ernstig gemarginaliseerd, gediscrimineerd en ze heeft beperkte toekomstperspectieven. Omdat haar handicap onderdeel uitmaakt van haar identiteit en ze dit niet kan veranderen, behoort eiseres tot een sociale groep. Eiseres heeft altijd zorg van haar grootouders nodig en kan het huis niet verlaten. Als de zorg van haar grootouders wegvalt heeft ze niemand meer, er is niemand in de familie die de zorg over kan nemen. Eiseres loopt in Somalië dan ook het risico om alsnog te worden besneden. In Nederland heeft eiseres betere hulp, daardoor is zij blijer en gaat haar ontwikkeling vooruit.

Het bestreden besluit

4. Het asielrelaas van eiseres is vastgesteld aan de hand van de verklaringen van haar grootouders en hetgeen de gemachtigde schriftelijk naar voren heeft gebracht. Het asielrelaas van eiseres bevat volgens de minister de volgende asielmotieven:

1. Identiteit, nationaliteit en herkomst;

2. Handicap (cerebrale parese) en

3. Het niet besneden zijn.

De minister stelt zich hierover op het standpunt dat de identiteit, nationaliteit en eiseres haar handicap geloofwaardig zijn geacht. De herkomst van eiseres en dat eiseres niet besneden is acht de minister niet geloofwaardig. De identiteit, nationaliteit en haar handicap maken niet dat eiseres een gegronde vrees voor vervolging heeft of een reëel risico loopt op ernstige schade bij terugkeer. De minister concludeert daarom dat de asielaanvraag wordt afgewezen als ongegrond.

Eiseres en haar familieleden hebben uitstel van vertrek gekregen tot 9 maart 2026 op grond van artikel 64 van de Vw.

Het beroep van eiseres

5. Eiseres is minderjarig en meervoudig gehandicapt. Door haar handicap kan zij niet praten. Eiseres is dan ook niet gehoord, haar relaas is tot stand gekomen door hetgeen in de gehoren van haar grootouders naar voren is gekomen. De grootouders van eiseres zijn echter niet gehoord over de asielmotieven van eiseres, enkel over hun eigen motieven. Eiseres is wel in de gelegenheid gesteld om schriftelijk aanvullende asielmotieven naar voren te brengen, maar de grootouders van eiseres zijn daarna niet over deze motieven gehoord. De grootouders zijn dus niet bevraagd over de stigmatisering, discriminatie en dreiging van seksueel geweld van eiseres door haar handicap. Dit is onzorgvuldig en het besluit is nu onvoldoende gemotiveerd. De gemachtigde van eiseres stelt dat hij wel met een medische verklaring wil aantonen dat eiseres nog niet besneden is en daardoor het risico loopt alsnog besneden te worden bij terugkeer naar Somalië, maar dat het tot dusverre echter niet mogelijk is gebleken om op een verantwoorde, niet traumatiserende wijze medisch onderzoek te doen. Verder wordt aangevoerd dat aan eiseres ambtshalve een reguliere verblijfsvergunning had moeten worden verleend op grond van haar bijzondere, persoonlijke omstandigheden, waarbij haar belang als kind zwaar weegt. Eiseres is al lang in Nederland en krijgt intensieve begeleiding waardoor haar lichamelijke en psychische ontwikkeling erg vooruit is gegaan. Ze zal haar hele leven afhankelijk zijn van mantelzorg. In Somalië is die zorg niet aanwezig. Volgens de gemachtigde van eiseres zal bij terugkeer naar Somalië de zorg van de grootouders, die op leeftijd zijn, niet toereikend zijn. Van adequate opvang is dan ook geen sprake. Tot slot is in de beschikking niet gereageerd op het verzoek om gebruik te maken van de discretionaire bevoegdheid om eiseres een verblijfsvergunning te verlenen. Ook dit maakt dat het besluit volgens eiseres een motiveringsgebrek bevat.

Beoordeling door de rechtbank

Voorbereiding van het bestreden besluit

6. Vast staat en niet in geschil is dat eiseres niet kan worden gehoord. In de Werkinstructie (WI) ‘Medische problematiek en horen en beslissen in de asielprocedure’ staat hoe de minister omgaat met de situatie dat een vreemdeling niet gehoord kan worden. Niet kunnen horen betekent dus niet dat er geen besluit genomen kan worden. Er kan in dat geval gebruik gemaakt worden van alternatieve vormen van informatievergaring. Wel is van belang dat, voordat wordt beslist, de minister kenbaar alle redelijke inspanningen moet hebben verricht die in het gegeven geval gevraagd kunnen worden om de asielmotieven van de vreemdeling en de voor de beoordeling daarvan relevante gegevens op een alternatieve wijze te achterhalen. Pas nadat andere vormen van passende informatievergaring zijn verricht of uitgeput, kan worden beslist.

De rechtbank is van oordeel dat bij de beoordeling van de asielaanvraag van eiseres de minister gebruik mag maken van gehoren met de grootouders van eiseres. Dit is in dit geval, nu eiseres niet kan praten en vanaf haar tweede levensjaar continu in aanwezigheid van haar grootouders is geweest, een passende vorm van informatievergaring.

De minister heeft op 2 december 2025 eiseres verzocht schriftelijk zelfstandige asielmotieven aan te dragen. Op 9 december 2025 is dit namens eiseres gedaan. De minister heeft eiseres tegengeworpen dat onvoldoende is verklaard over haar asielmotieven. Daarbij wordt verwezen naar de verklaringen van (voornamelijk) grootmoeder. De grootouders van eiseres zijn echter in februari 2025 gehoord. Tijdens deze gehoren zijn de grootouders bevraagd over hun herkomst en de eigen asielmotieven. De rechtbank is van oordeel dat niet kan worden tegengeworpen dat de grootouders onvoldoende toelichting hebben gegeven op de motieven van eiseres tijdens de gehoren in februari 2025. De grootouders hadden in het kader van de asielmotieven van hun kleindochter afzonderlijk moeten worden gehoord. Pas in december 2025 was immers duidelijk wat de asielmotieven van eiseres zijn. De minister had de grootouders in de gelegenheid moeten stellen concreet over de asielmotieven van eiseres te verklaren. Daarbij had de minister inspanningen moeten verrichten om benodigde informatie te vergaren. Het is onvoldoende om alleen de verklaringen van de grootouders te gebruiken over hun eigen asielmotieven, zeker nu de asielmotieven van de grootouders en eiseres niet dezelfde zijn.

Gelet op het voorgaande heeft de minister niet kenbaar alle redelijke inspanningen verricht die gevraagd kunnen worden om de relevante gegevens voor de beoordeling van de asielmotieven op de alternatieve wijze te achterhalen. Met de aanwezige informatie heeft de minister de asielmotieven van eiseres niet goed kunnen beoordelen. Ook heeft de minister nu niet deugdelijk kunnen toetsen of eiseres in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning regulier op grond van artikel 8 van het EVRM. De minister moet de grootouders alsnog horen. Het beroep is dan ook gegrond.

Herkomst

7. De rechtbank constateert daarnaast dat de herkomst van eiseres niet geloofwaardig is geacht. Volgens de minister zijn de verklaringen van eiseres’ familieleden wisselend en wijken die onderling van elkaar af. Verder wijst de minister op de taalanalyse van eiseres’ familieleden, waarvan de uitslag afwijkt van de door de familieleden gestelde herkomst en levensloop. De beroepen van eiseres haar broertje en haar grootouders hierover zijn door de rechtbank gegrond verklaard. Om die reden en onder verwijzing naar de betreffende uitspraken is ook in het geval van eiseres onvoldoende gemotiveerd waarom haar herkomst niet geloofwaardig is geacht. Ook op dit punt is het beroep gegrond.

Problemen met Al Shabaab

8. Ter zitting is door de minister desgevraagd aangevuld dat het asielmotief “problemen met Al Shabaab” zoals dat in de situatie van eiseres haar grootouders en haar broertje is opgenomen, ook een afgeleid asielmotief voor eiseres is. Dit had eveneens moeten worden toegevoegd in het besluit. De minister heeft dit asielmotief ten onrechte niet beoordeeld en zal dat alsnog moeten doen.

Discretionaire bevoegdheid

9. Ten slotte is door de minister toegelicht dat in de beschikking ten onrechte niet is ingegaan op het verzoek om gebruik te maken van de discretionaire bevoegdheid. Nu het beroep gegrond is en de minister een nieuw besluit moet nemen zal hij daarin ook in moeten gaan op dit verzoek.

Overige beroepsgronden

10. Omdat het beroep gegrond is, bespreekt de rechtbank de overige beroepsgronden van eiseres niet.

Conclusie en gevolgen

11. De minister heeft de aanvraag ten onrechte afgewezen als ongegrond. Het beroep is gegrond omdat het bestreden besluit in strijd is met de artikelen 3:2 en 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank vernietigt daarom het bestreden besluit.

De rechtbank bepaalt met toepassing van artikel 8:72, vierde lid, van de Awb dat de minister een nieuw besluit moet nemen en daarbij rekening houdt met deze uitspraak.

Omdat het beroep gegrond is krijgt eiseres een vergoeding van haar proceskosten.

De minister moet deze vergoeding betalen. Deze vergoeding bedraagt € 934,- omdat de gemachtigde van eiseres een beroepschrift heeft ingediend. Er heeft in de zaken van eiseres, haar broertje en haar grootouders slechts één zitting plaatsgevonden. De kosten voor het deelnemen aan de zitting zijn al vergoed in de uitspraak in de zaak van de grootouders van eiseres. Verder zijn er geen kosten gemaakt die vergoed kunnen worden.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart het beroep gegrond;

- vernietigt het bestreden besluit van 9 maart 2026;

- draagt de minister op een nieuw besluit te nemen op de aanvraag, waarbij rekening wordt gehouden met deze uitspraak;

- veroordeelt de minister tot betaling van € 934,- aan proceskosten aan eiseres.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A. Sibma, rechter, in aanwezigheid van N. Walstra, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand