ECLI:NL:RBDHA:2026:22206

ECLI:NL:RBDHA:2026:22206

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 09-07-2026
Datum publicatie 09-08-2026
Zaaknummer C/09/696416 / FA RK 25-9624
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Kinderalimentatie

Uitspraak

Alimentatie

Beschikking op het op 15 december 2025 ingekomen verzoek van:

[de vrouw] ,

de vrouw,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. T. Ertekin in Den Haag.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de man] ,

de man,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. K. Spaargaren in Maarsbergen.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:

De minderjarige [minderjarige 1] heeft in een gesprek met de rechter haar mening gegeven over het verzoek.

Op 4 juni 2026 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de vrouw met haar advocaat en de tolk M. Fayes en de man met zijn advocaat. Van de zijde van de man zijn pleitnotities overgelegd.

Feiten

- De man en de vrouw zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:

- [minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2010 te [geboorteplaats] ;

- [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2012 te [geboorteplaats] ;

- [minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum 3] 2015 te [geboorteplaats] .

- De kinderen hebben hun gewone verblijfplaats bij de vrouw.

Verzoek en verweer

De vrouw verzoekt de rechtbank de man te veroordelen met ingang van 24 augustus 2023, dan wel 22 maart 2024, dan wel 1 augustus 2025, dan wel 9 september 2025 een bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarigen te betalen van € 267,- per maand per kind, bij vooruitbetaling te voldoen en jaarlijks te indexeren of zoveel als de rechtbank redelijk en billijk acht, voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.

De man voert verweer dat hierna – voor zover nodig – zal worden besproken.

Beoordeling

Bij de vaststelling van de kinderalimentatie en de berekening neemt de rechtbank de aanbevelingen van de Expertgroep Alimentatie opgenomen in het Rapport alimentatienormen (hierna: het rapport) als uitgangspunt. De rechtbank rondt hierna in haar berekening de bedragen telkens af op hele euro’s.

Ingangsdatum

Om proceseconomische redenen zal de rechtbank eerst de ingangsdatum vaststellen. De rechtbank stelt voorop dat zij op grond van artikel 1:402 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) een grote mate van vrijheid heeft bij het vaststellen van de ingangsdatum. De vrouw heeft verzocht de kinderalimentatie met terugwerkende kracht vast te stellen, omdat zij de man in het verleden meerdere verzoeken zou hebben gedaan om kinderalimentatie te betalen. De man betwist dit. De rechtbank oordeelt dat de man in ieder geval vanaf 1 augustus 2025 rekening heeft kunnen houden met een door hem aan de vrouw te betalen bedrag aan kinderalimentatie. Bij e-mail van 1 augustus 2025 heeft de advocaat van de vrouw, na herhaalde vergeefse verzoeken om toezending van financiële gegevens, ondubbelzinnig aan de advocaat van de man laten weten dat zij opdracht had om een alimentatieprocedure te starten. Voor het hanteren van een eerdere ingangsdatum, zoals de vrouw verzoekt, ziet de rechtbank geen aanleiding. Gezien de lange termijn waarop partijen uit elkaar zijn en het feit dat partijen ten tijde van de scheiding overeen zijn gekomen dat er door de man geen kinderalimentatie aan de vrouw betaald zou worden, had het op de weg van de vrouw gelegen om, toen zij meende dat de financiële situatie van partijen was gewijzigd, met enige voortvarendheid een verzoek tot het vaststellen van kinderalimentatie in te dienen en daarmee niet twee jaar te wachten.

Gelet op de het voorgaande zal de rechtbank 1 augustus 2025 als ingangsdatum voor de kinderalimentatie hanteren.

Behoefte

Voor het bepalen van de behoefte van de kinderen moet allereerst het netto besteedbaar gezinsinkomen (NBGI) van partijen ten tijde van hun uiteengaan worden bepaald. Het NBGI bestaat uit het netto besteedbaar inkomen (NBI) van partijen samen, eventueel inclusief kindgebondenbudget.

Partijen zijn het er op de zitting over eens geworden dat de behoefte van de kinderen bij het uiteengaan van partijen € 435,- per maand bedroeg, zoals vastgesteld in de beschikking van 26 januari 2017 van de rechtbank Amsterdam in de voorlopige voorzieningen procedure.

Geïndexeerd naar 2025 bedraagt de behoefte van de kinderen dan € 567,- per maand, te weten € 189,- per maand per kind.

Draagkracht

De behoefte van de kinderen moet door de ouders worden opgebracht naar rato van hun beider draagkracht. De financiële draagkracht van de ouders dient conform de aanbevelingen uit het tremarapport 2025 in beginsel te worden vastgesteld aan de hand van de formule 70% x [NBI – (0,3 x NBI + 1.310)]. Voor de lagere inkomens (beneden een NBI van € 2.125,-) zijn vaste bedragen per categorie van toepassing.

Draagkracht vrouw

Bij de berekening van de financiële draagkracht van de vrouw gaat de rechtbank uit van een inkomen van € 27.723,- per jaar in 2025, zoals blijkt uit het jaarloon BT te kennen uit de salarisstrook van januari 2026. Rekening houdend met de algemene heffingskorting, de arbeidskorting, de inkomensafhankelijke combinatiekorting en het kindgebondenbudget berekent de rechtbank het NBI van de moeder op € 3.338,- per maand. Voor de berekening van dit bedrag verwijst de rechtbank naar de berekening die aan deze beschikking is gehecht.

De draagkracht van de moeder bedraagt volgens de formule € 719,- per maand, te weten 70% x [3.338 – (0,3 x 3.338 + 1.310)].

Draagkracht man

Bij de berekening van de financiële draagkracht van de man gaat de rechtbank uit van een inkomen van € 54.424,- per jaar, zoals blijkt uit de jaaropgave 2025. De rechtbank gaat voorbij aan de stelling van de man dat hij met ingang van januari 2026 geen overuren meer maakt in verband met gezondheidsredenen, nu dit door de vrouw is betwist en de stelling door de man onvoldoende is onderbouwd met medische verklaringen. Rekening houdend met de algemene heffingskorting en de arbeidskorting berekent de rechtbank het NBI van de vader op € 3.412,- per maand. Voor de berekening van dit bedrag verwijst de rechtbank naar de berekening die aan deze beschikking is gehecht.

De man voert een draagkrachtverweer en stelt dat hij op [dag 3] 2023 in Soedan opnieuw gehuwd is en met zijn huidige echtgenoot op [dag 4] 2024 een kind heeft gekregen, voor wie hij beiden ook onderhoudsplichtig is. De rechtbank oordeelt dat, voor zover de man bijdraagt aan het levensonderhoud van zijn echtgenote, dit niet aan de vaststelling van kinderalimentatie in de weg staat, omdat kinderalimentatie op grond van rangorde voorrang heeft op de onderhoudsverplichting ten aanzien van een nieuwe partner (artikel 1:400 BW). De stelling van de man dat hij in Soedan ook nog een kind heeft voor wie hij onderhoudsplichtig is, heeft de vrouw gemotiveerd weersproken. De vrouw voert daartoe onder meer aan dat de man op 1 februari 2023 vanuit Soedan is teruggekeerd naar Nederland en dat hij daarom geen kind kán hebben verwekt dat is geboren in het begin van 2024. De rechtbank kan niet vaststellen dat de man een kind in Soedan heeft waar hij onderhoudsplichtig voor is. De man heeft geen geboorteakte van het kind overgelegd of een ander document waaruit blijkt dat de man opnieuw vader is geworden. De man heeft enkel een foto overgelegd van een man met een kind op schoot. Alhoewel het ontbreken van een geboorteakte op zichzelf begrijpelijk is, gezien de oorlogssituatie in Soedan, kan de rechtbank aan de hand van alleen deze foto niet vaststellen dat de man een vierde kind heeft waar hij onderhoudsplichtig voor is. De rechtbank zal in de berekening van de draagkracht van de man daarom geen rekening houden met een vierde kind.

Daarnaast is tussen partijen in geschil of voor de bepaling van de draagkracht van de man de aflossing op een schuld moet worden meegenomen. De man voert aan dat hij € 100,- per maand aflost op een schuld bij Hoist Finance AB, voor een lening die hij is aangegaan om de bruidsschat voor de vrouw te kunnen betalen. De rechtbank ziet aanleiding om rekening te houden met de door de man opgevoerde schuld. Anders dan de vrouw op zitting heeft betoogd zijn deze maandelijkse betalingen door de man wel te koppelen aan deze schuld. Bij de afschrijvingen wordt namelijk verwezen naar het dossiernummer van deze schuld. Voor de berekening van de draagkracht van de man zal de rechtbank daarom rekening houden met € 100,- per maand aan aflossing op de schuld aan Hoist Finance AB.

Het bovenstaande brengt met zich mee dat de draagkracht van de vader zal worden bepaald op 70% x [3.412 – (0,3 x 3.412 + 1.310 + 100)], te weten € 685,- per maand. Voor de berekening van dit bedrag verwijst de rechtbank naar de berekening die aan deze beschikking is gehecht.

Zorgkorting

Op de door de man te betalen bijdrage dient in beginsel een zorgkorting in mindering te worden gebracht. De zorgkorting bedraagt een percentage van de behoefte, welk percentage afhankelijk is van de hoeveelheid omgang of zorg. Partijen zijn het erover eens dat er geen omgang is tussen de man en de kinderen en een zorgkorting dus niet aan de orde is.

Conclusie

Gelet op de gezamenlijke draagkracht van partijen van (€ 719,- + € 685,- =) € 1.404,- per maand bedraagt het eigen aandeel van de man in de kosten van de kinderen naar rato van zijn draagkracht € 277,- per maand, zijnde € 92,- per maand per kind. Voor de berekening van dit bedrag verwijst de rechtbank naar de berekening die aan deze beschikking is gehecht. De rechtbank zal dit bedrag aan kinderalimentatie vaststellen met ingang van 1 augustus 2025.

Gelet op de uitspraak van de Hoge Raad 18 juli 2025, ECLI:NL:HR:2025:1165, zal de rechtbank de kinderalimentatie verhogen met de jaarlijkse indexering als bedoeld in artikel 1:402a BW met ingang van 1 januari 2026 tot een bedrag van € 96,- per maand per kind. Met ingang van 1 januari 2027 wordt het laatstgenoemde bedrag van rechtswege verhoogd met de jaarlijkse indexering.

Kindbrief voor [minderjarige 1]

De kinderrechter heeft [minderjarige 1] , op haar uitdrukkelijk verzoek, per brief geïnformeerd over de uitkomst van deze procedure. De inhoud van die brief luidt als volgt:

Beste [minderjarige 1] ,

Wij hebben elkaar voor de zomervakantie gesproken over de rechtszaak tussen je ouders. Zoals je weet gaat die zaak over kinderalimentatie. Je moeder heeft de rechtbank gevraagd vast te stellen welke bijdrage je vader moet betalen in de kosten van verzorging en opvoeding van jou, je zusje en je broertje. Je ouders zijn het niet eens over de hoogte van de door je vader te betalen bijdrage (kinderalimentatie).

Jij wilde graag van mij zelf horen wat de uitkomst van die rechtszaak is. Daarom stuur ik je deze brief.

We hebben een berekening gemaakt aan de hand van het inkomen van je vader en het inkomen je moeder, waarbij dan ook rekening wordt gehouden met allerlei kosten die je vader en je moeder maken. De conclusie is dat je vader met ingang van 1 augustus 2025 een bedrag van € 92,- per maand en met ingang van 1 januari 2026 een bedrag van € 96,- per maand als kinderalimentatie voor jou aan je moeder zal moeten betalen. Je vader zal ook voor je zusje en je broertje een kinderalimentatie aan je moeder moeten betalen.

De beslissing en de toelichting daarop wordt vastgelegd in een officieel stuk voor je ouders, dat heet een beschikking. In die beschikking zal ik ook de tekst van deze brief opnemen, zodat je ouders weten wat ik jou heb geschreven.

Ik hoop dat dit zo duidelijk voor je is. Ik wens je een mooie zomer!

Beslissing

De rechtbank:

*

bepaalt dat de man aan de vrouw, met ingang van 1 augustus 2025, een kinderalimentatie voor:

van € 92,- per maand per kind, en met ingang van 1 januari 2026 € 96,- per maand per kind, zal betalen, vanaf heden telkens bij vooruitbetaling te voldoen;

*

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

*

wijst af het meer of anders verzochte.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. A.M. van Vliet

Griffier

  • mr. C.A.E. de Koning

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand