ECLI:NL:RBDHA:2026:22443

ECLI:NL:RBDHA:2026:22443

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 30-07-2026
Datum publicatie 11-08-2026
Zaaknummer C/09/704269
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Beschikking van de rechtbank over de gezagsbeëindiging

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Jeugd- en Zorgrecht

Zaaknummer: C/09/704269 / FA RK 26-4285

Datum uitspraak: 30 juli 2026

Beschikking van de rechtbank over de gezagsbeëindiging

in de zaak van

Raad voor de Kinderbescherming te Den Haag,

hierna te noemen: de Raad,

over

[de minderjarige] , geboren op [geboortedatum 1] 2009 in [geboorteplaats 1] ,

hierna te noemen: [de minderjarige] .

De rechtbank merkt als belanghebbenden aan:

[de moeder] ,

hierna te noemen: de moeder,

wonende in Katwijk,

[de vader] ,

hierna te noemen: de vader,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat mr. M.S. Polat uit Rijswijk,

Stichting Jeugdbescherming west Zuid-Holland, gevestigd te Leiden,

hierna te noemen: de gecertificeerde instelling.

1. Het verloop van de procedure

De rechtbank neemt het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 23 april 2026 mee in de beoordeling.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 30 juli 2026. De zaak met zaaknummer C/09/707573 / JE RK 26-1093 is gelijktijdig behandeld. De beslissing in deze laatstgenoemde zaak is separaat op schrift gesteld. Daarbij waren aanwezig:

- de advocaat van de vader;

- [naam 1] , namens de Raad;

- [naam 2] , namens de gecertificeerde instelling.

De vader en de moeder zijn niet verschenen. De rechtbank stelt vast dat de vader en de moeder wel juist zijn opgeroepen.

De rechtbank heeft [de minderjarige] naar haar mening gevraagd. [de minderjarige] heeft geen mening gegeven.

2. De feiten

Het huwelijk van de ouders is door echtscheiding ontbonden.

De vader en de moeder zijn belast met het ouderlijk gezag over [de minderjarige] .

[de minderjarige] verblijft op een woongroep van Cardea.

De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 9 juli 2026 de ondertoezichtstelling van [de minderjarige] verlengd tot 17 augustus 2026 en voor dezelfde duur de machtiging verlengd [de minderjarige] gedurende dag en nacht uit huis te plaatsen in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder. De kinderrechter heeft het verzoek voor het overige deel aangehouden.

3. Het verzoek

De Raad verzoekt het gezag van de vader te beëindigen en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. De Raad heeft het verzoek, samengevat en zakelijk weergegeven, als volgt gemotiveerd.

Het gezin bestaat uit de vader, de moeder, [de minderjarige] en haar [zus] . De ouders zijn in 2015 gescheiden en ze hebben sinds juli 2023 geen contact meer met elkaar. [de minderjarige] heeft van 2014 tot juli 2023 bij de vader gewoond, samen met haar [zus] . Vanaf juli 2023 heeft zij een periode op vrijwillige basis in een pleeggezin verbleven. Sinds dat moment in juli 2023 is er onregelmatig contact geweest tussen [de minderjarige] en de vader en is uiteindelijk sinds twee jaar het contact vanuit beide kanten helemaal verbroken. Zowel de vader als [de minderjarige] willen dit contact op dit moment niet herstellen. De vader heeft hierbij zorgelijke uitspraken gedaan, zoals dat zijn dochters dood voor hem zouden zijn en dat hij al heel lang van het gezag af wil.

De moeder heeft de ziekte van Huntington. Dit is een progressieve neurologische aandoening waarbij in de loop van de tijd sprake is van toenemende lichamelijke en cognitieve beperkingen. Vanwege haar gezondheidssituatie woont moeder al ongeveer tien jaar in een expertisecentrum voor Huntington, wat maakt dat zij niet de zorg voor [de minderjarige] kan dragen. De moeder zal naar alle waarschijnlijkheid binnen afzienbare tijd komen te overlijden. Omdat [de minderjarige] niet bij de ouders kan wonen en mede omdat het ouders onvoldoende lukte om gezamenlijk en in het belang van [de minderjarige] samen te werken en beslissingen te nemen, is [de minderjarige] vanaf 17 juli 2024 onder toezicht geplaatst en is een machtiging tot uithuisplaatsing uitgesproken. [de minderjarige] woont sinds [geboortedatum 1] 2026 in een trainingshuis van Cardea. Het gaat hier naar omstandigheden goed met [de minderjarige] . Er is als doel gesteld het toewerken naar zelfstandigheid. [de minderjarige] wordt in januari 2027 meerderjarig. Tussen de moeder, [de minderjarige] en haar [zus] is regelmatig contact. De zorgen omtrent het gezag van de vader en rondom de gezondheidssituatie van de moeder brengen veel onrust voor [de minderjarige] met zich mee. Zij heeft last van de huidige situatie doordat er veel spanningen zijn rondom haar gezinssituatie wanneer de moeder zal komen te overlijden en dat vader dan alleen het gezag over haar zou hebben. De Raad acht een gezagsbeëindiging van de vader noodzakelijk om de zorgen weg te kunnen nemen. Dit zal bijdragen aan duidelijkheid voor alle partijen en rust brengen. Alle partijen zijn het erover eens dat het niet in [de minderjarige] haar belang is om nog bij de vader te wonen en de vader heeft duidelijk aangegeven het gezag over [de minderjarige] niet meer te willen dragen. Er is geen contact tussen [de minderjarige] en de vader en dit lijkt op korte termijn niet te veranderen. De aanvaardbare termijn waarin [de minderjarige] hierover in onduidelijkheid kan verkeren is verlopen.

4. De standpunten

De advocaat van de vader heeft namens de vader ingestemd met het verzoek. De advocaat heeft de vader meerdere keren gesproken, waaronder op de dag van de zitting, en hij heeft bij haar aangegeven achter de gezagsbeëindiging te staan. Er is veel gebeurd tussen hem en zijn dochters. In het rapport van de Raad mist bij sommige gebeurtenissen een beschrijving van de context. Zo hebben de kinderen wel eens vernielingen aangericht in het huis van de vader. De vader wil verder nog meegeven dat wanneer het gezag van de vader wordt beëindigd en de moeder komt te overlijden, dat het in [de minderjarige] haar belang is dat een neutrale partij wordt belast met het gezag en dat dit niet bij de zus van [de minderjarige] moet komen te liggen. [zus] heeft namelijk geen goede invloed op [de minderjarige] .

De gecertificeerde instelling heeft zich achter het verzoek van de Raad geschaard.

5. De beoordeling

Op grond van artikel 1:266, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan de rechter het gezag van een ouder beëindigen, indien:

a. een minderjarige zodanig opgroeit dat hij in zijn ontwikkeling ernstig wordt bedreigd, en de ouder niet in staat is de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding, bedoeld in artikel 1:247, tweede lid, BW te dragen binnen een voor de persoon en de ontwikkeling van de minderjarige aanvaardbaar te achten termijn, of

b. de ouder het gezag misbruikt.

Het beëindigen van het ouderlijk gezag is een maatregel die diep ingrijpt in het gezinsleven van zowel de ouder van wie het gezag wordt beëindigd als de minderjarige over wie het gezag wordt uitgeoefend. Daarbij is van belang dat artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) onder meer eist dat de belangen van het kind en die van de ouder tegen elkaar worden afgewogen. Ten aanzien van het belang van het kind volgt uit het bepaalde in de artikelen 3 en 20 van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK) dat de belangen van het kind voorop dienen te staan bij het nemen van een beslissing tot het beëindigen van ouderlijk gezag. Op grond van artikel 8 EVRM geldt ten slotte dat, indien het doel van een gezagsbeëindiging met een lichtere maatregel kan worden bereikt, deze verkozen dient te worden boven de zwaardere maatregel. Daarnaast dient de inmenging in het gezinsleven die het gevolg is van deze maatregel, in een redelijke verhouding te staan tot het doel dat met de maatregel wordt nagestreefd (subsidiariteit en proportionaliteit).

De kinderrechter is van oordeel dat aan het criterium van artikel 1:266, eerste lid, onder a BW is voldaan en dat beëindiging van het gezag van de vader een gerechtvaardigde en proportionele inmenging vormt in het gezinsleven, zoals bedoeld in artikel 8 EVRM. Daartoe overweegt de kinderrechter als volgt.

[de minderjarige] heeft een belast verleden waarbij sprake is geweest van veel instabiliteit. Dit heeft ertoe geleid dat er ernstige zorgen zijn ontstaan over de ontwikkeling en opvoedsituatie van [de minderjarige] . Deze zorgen zijn onverminderd aanwezig. [de minderjarige] heeft al op veel verschillende plekken verbleven. De moeder heeft de ziekte van Huntington, een progressieve neurologische aandoening. Als een resultaat hiervan woont de moeder al ongeveer tien jaar in een expertisecentrum voor Huntington, wat maakt dat zij niet de zorg voor [de minderjarige] kan dragen. [de minderjarige] heeft na de scheiding tussen de vader en de moeder geruime tijd bij de vader gewoond, maar is hier juli 2023 weggelopen. Het contact tussen de vader en [de minderjarige] is geheel verbroken en zowel [de minderjarige] als de vader willen dit contact niet herstellen. Alle partijen zijn het erover eens dat [de minderjarige] niet meer bij de vader zal kunnen wonen. [de minderjarige] verblijft op dit moment op een woongroep bij Cardea, waar het goed met haar gaat. Er wordt met haar toegewerkt naar zelfstandigheid, zodat zij zo goed mogelijk kan worden voorbereid op haar leven nadat zij meerderjarig wordt. De rechtbank overweegt dat er sprake is van een bijzonder verdrietige situatie, waarin de moeder als een gevolg van haar gezondheidssituatie naar alle waarschijnlijkheid binnen afzienbare tijd, en mogelijk voordat [de minderjarige] meerderjarig wordt, zal komen te overlijden. Uit de stukken en hetgeen de advocaat van de vader naar voren heeft gebracht blijkt duidelijk dat de vader de wens heeft niet langer het gezag over [de minderjarige] te dragen. Wanneer het gezag van de vader niet wordt beëindigd, zou hij door het overlijden van de moeder belast kunnen worden met het eenhoofdig gezag over [de minderjarige] . [de minderjarige] wordt ernstig belast door spanningen, onzekerheid en onduidelijkheid rondom dit mogelijke scenario. De rechtbank is van oordeel dat dit niet in het belang is van [de minderjarige] en van haar ontwikkeling. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat aan het criterium van artikel 1:266, eerste lid, onder a BW is voldaan en dat beëindiging van het gezag van de vader een gerechtvaardigde en proportionele inmenging vormt in het gezinsleven, zoals bedoeld in artikel 8 EVRM. De kinderrechter zal het verzoek tot beëindiging van het gezag van de vader dan ook toewijzen.

Door de beëindiging van het gezag van de vader heeft voortaan alleen de moeder het gezag over [de minderjarige] .

De beslissing wordt van rechtswege aangetekend in het gezagsregister.

De rechtbank verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.

6. De beslissing

De rechtbank:

beëindigt het ouderlijk gezag van [de vader], geboren op [geboortedatum 2] 1978 in [geboorteplaats 2] , over [de minderjarige], geboren op [geboortedatum 1] 2009 in [geboorteplaats 1] , waardoor voortaan alleen de moeder het ouderlijk gezag over deze minderjarige uitoefent;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 30 juli 2026 door mr. J.C. van den Dries, rechter, in aanwezigheid van mr. M. van Leeuwen als griffier, en op schrift gesteld op 11 augustus 2026.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. J.C. van den Dries

Griffier

  • mr. M. van Leeuwen als

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand