Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken en kinderalimentatie
Beschikking op het op 3 april 2026 ingekomen verzoek van:
[de vader] ,
de vader,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. R. van Venetiën te Alphen aan den Rijn.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
[de moeder] ,
de moeder,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. A. Schellekens te Alphen aan den Rijn.
Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
Op 16 juni 2026 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen:
Feiten
- [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2020 te [geboorteplaats 1] ,
- [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2023 te [geboorteplaats 2] .
Verzoek en verweer
De vader verzoekt de volgende verdeling van de zorg en opvoedingstaken vast te leggen:
- een reguliere co-ouderschapsregeling/week-op-week-af-regeling, waarbij de kinderen zullen worden gewisseld op maandag op school, inhoudende:
- de vader heeft de zorg voor de kinderen in de oneven weken van maandag 16:30
uur tot maandag 08:30 uur;
- de moeder heeft de zorg voor de kinderen in de even weken van maandag 08:30
uur tot maandag 16:30 uur;
- de overdracht op schooldagen vindt plaats bij school;
- indien het geen schooldag is, vindt de overdracht plaats bij de ontvangende ouder;
- de brengende ouder verzorgt het vervoer, tenzij anders overeengekomen;
- een vakantie- en feestdagenregeling, waarbij geldt dat de vakantieregeling vóór de feestdagenregeling gaat en de feestdagenregeling vóór het reguliere zorgschema, inhoudende:
- algemeen
overdrachtstijdstippen:
overdracht en vervoer:
- Pasen
- Pinksteren
- Moederdag en Vaderdag
- kerstdagen
Kerstavond + Eerste Kerstdag: even jaren bij de moeder en oneven jaren bij de
vader;
- Oud & Nieuw
even jaren bij de vader en oneven jaren bij de moeder, van 31 december 10:00 uur
tot 1 januari 10:00 uur;
- voorjaarsvakantie
even jaren bij de moeder en oneven jaren bij de vader;
- meivakantie
even jaren de eerste helft van de vakantie bij de moeder en de andere helft bij de
vader en in de oneven jaren andersom, waarbij een wisseldag geldt in het midden van de vakantie om 08:30 uur conform de schoolkalander;
- zomervakantie
de zomervakantie wordt verdeeld in een vast blokpatroon van: 1 week – 2 weken –
2 weken – 1 week, waarbij de moeder in de even jaren de startende ouder is en de vader in oneven jaren;
overdracht om 08:30 uur op wisseldagen;
- herfstvakantie
even jaren bij de vader en oneven jaren bij de moeder;
- kerstvakantie
volgens het reguliere zorgschema, waarbij een uitzondering geldt voor de
kerstdagen en Oud & Nieuw;
een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.
De moeder heeft verweer gevoerd, welk verweer hierna – voor zover nodig – zal worden besproken. Daarnaast heeft de moeder zelfstandig verzocht:
- een zorgregeling vast te stellen waarbij de kinderen bij de vader verblijven:
- in de oneven weken van donderdagmiddag 16:30 uur tot zondagmiddag 16:30 uur;
- in de even weken van dinsdagmiddag 16:30 uur tot donderdagochtend 8:30 uur;
- de volgende vakantie- en feestdagenregeling te bepalen:
- algemeen
vakantieperiodes lopen van maandag 08:30 uur (eerste vakantiedag) tot zondag
16:30 uur (laatste vakantiedag), zodat de kinderen vóór de nieuwe schoolweek kunnen landen bij de ouder waar ze dan verblijven;
indien de kinderen op maandag 08:30 uur op grond van de reguliere zorgregeling
al bij de ouder zijn aan wie de vakantieperiode toekomt, vindt geen extra wisselmoment plaats en loopt het verblijf door;
- herfstvakantie
2026 bij de moeder en 2027 bij de vader, daarna om en om;
- voorjaarsvakantie
2027 bij de vader en 2028 bij de moeder, daarna om en om;
- meivakantie
indien de meivakantie twee weken duurt: in 2027 week 1 bij de vader en week
twee bij de moeder en in 2028 andersom;
indien de meivakantie 1 week duurt: de reguliere zorgregeling is leidend;
- zomervakantie
heeft (indien tijdens de evaluatie ouders dit passend bij de kinderen achten;
- kerstvakantie
conform de reguliere zorgregeling, met dien verstande dat de kinderen in 2026
kerstavond en eerste kerstdag bij de moeder zijn en tweede kerstdag, Oudjaarsavond en Nieuwjaarsdag bij de vader, waarbij wissels rond Kerst om 08:30 uur plaatsvinden en de wissel op Nieuwjaarsdag om 16:30 uur. In 2027 wordt dat ritme dan omgekeerd;
- feestdagen buiten schoolvakanties
tijdens Pasen, Koningsdag, Hemelvaart en Pinksteren volgen partijen het reguliere
zorgritme, tenzij de feestdag in een schoolvakantie valt, dan is de vakantieregeling leidend;
- Moederdag/Vaderdag/verjaardagen kinderen
Moederdag: bij de moeder van 10:00 uur – 16:30 uur, daarna is de reguliere
zorgregeling leidend;
Vaderdag: bij de vader van 10:00 uur – 16:30 uur, daarna is de reguliere
zorgregeling leidend;
verjaardag kinderen: volgens zorgschema, waarbij geldt dat de andere ouder kort
mag bellen/ videobellen op een moment dat wordt afgestemd op de plannen van de zorgende ouder;
- studiedagen en overige vrije schooldagen
conform de reguliere zorgregeling, tenzij zo’n vrije dag binnen een schoolvakantie
valt, dan is de vakantieregeling leidend;
een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.
Beoordeling
Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken
Wettelijk kader
Op grond van artikel 1:253a BW kunnen in geval van gezamenlijke uitoefening van het
gezag geschillen daaromtrent op verzoek van de ouders of van één van hen aan de rechtbank
worden voorgelegd. Omdat tijdens de mondelinge behandeling een schikking op de voet van
het vijfde lid van dat wetsartikel tussen de ouders onmogelijk is gebleken, zal de rechtbank
een beslissing nemen die haar in het belang van de kinderen wenselijk voorkomt.
Inhoudelijke beoordeling
- reguliere zorgregeling
De vader verzoekt een week-op-week-af-regeling vast te stellen met een wisselmoment op maandag. Hij voert daartoe – kort samengevat – het volgende aan. De vader is vanaf de geboorte actief betrokken bij de verzorging en opvoeding van de kinderen. In de huidige (voorlopige) zorgregeling verblijven de kinderen gedurende vijf dagen bij de vader en vervolgens gedurende negen dagen bij de moeder. Conform deze regeling hebben de vader en de kinderen te weinig qualitytime met elkaar. Daarbij is er sprake van te veel wisselingen. De kinderen ervaren hier stress van. Door een langere aaneengesloten periode met elkaar door te brengen, krijgen de vader en de kinderen de kans om elkaar op een dieper niveau te leren kennen. Daarnaast zorgt een dergelijke regeling voor meer stabiliteit en voorspelbaarheid, hetgeen de kinderen behoefte aan hebben.
De moeder voert verweer. Volgens de moeder lag en ligt het zwaartepunt van de zorg voor de kinderen bij haar. Dit komt (onder meer) doordat de moeder minder werkt dan de vader en de vader structureel piketdiensten draait in de weekenden en in de avonden. De kinderen zijn gewend geraakt aan de huidige verdeling van de zorgtaken. Daarbij is de moeder van mening dat een gelijkwaardig ouderschap geen gelijk aandeel in de zorg voor de kinderen vereist. Er dient niet alleen te worden gekeken naar wat haalbaar is voor de ouders, maar ook bij welke zorgverdeling de kinderen belang hebben. De vader wordt in zijn zorgdagen op dit moment al ondersteund door zijn moeder en zus. Hierdoor wordt de feitelijke zorg voor de kinderen gedeeltelijk uitgevoerd door derden. Gelet op het voorgaande is de vader niet in staat om een gelijk aandeel te hebben in de (feitelijke) zorg voor de kinderen.
Uit de stukken en hetgeen op de zitting is besproken, is de rechtbank het volgende duidelijk geworden. De ouders hebben tijdens hun relatie grotendeels gelijkwaardig bijgedragen aan de zorg en opvoeding van de kinderen. Daarbij geldt dat de vader meer heeft gewerkt dan de moeder en de moeder (hierdoor) meer zorg heeft gedragen voor de kinderen dan de vader, maar dat is geen ongebruikelijke keus. Gelijkwaardigheid in de zorg en opvoeding hoeft ook niet te betekenen dat beide ouders precies evenveel tijd met de kinderen besteden. Gelet op de gelijkwaardigheid in het ouderschap tijdens de relatie van de ouders, geldt een 50/50-regeling na het beëindigen van de relatie als uitgangspunt voor de rechtbank. De ouders hebben over en weer allerlei argumenten aangevoerd om hun standpunt te onderbouwen. De rechtbank is van oordeel dat geen van deze argumenten haar ervan heeft overtuigd dat de ene ouder geschikter is om de meeste tijd voor de kinderen te zorgen dan de andere ouder. Daarbij neemt de rechtbank in overweging hoeveel tijd beide ouders daadwerkelijk met de kinderen doorbrengen in ‘hun week’. De vader heeft aangevoerd dat hij het met zijn werk zo kan regelen dat een week-op-week-af-regeling er niet toe zal lijden dat de kinderen meer moeten worden opgevangen door zijn zus en moeder, dan in de huidige (voorlopige) zorgregeling het geval is. Verder neemt de rechtbank in overweging dat de moeder op de zitting heeft toegelicht dat een wisseling van haar werkrooster niet gemakkelijk, maar wel mogelijk is, althans zo heeft de rechtbank dat begrepen. Gelet op het voorgaande ziet de rechtbank geen aanleiding om af te wijken van haar uitgangspunt dat de zorg in beginsel 50/50 tussen de ouders wordt verdeeld. De rechtbank zal het verzoek van de vader, te weten dat de kinderen in de even weken bij de moeder zijn en in de oneven weken bij de vader, met een wisselmoment op maandagochtend om 08:30 uur bij school dan wel bij de andere ouder, waarbij geldt dat de brengende ouder zorgt voor het vervoer, toewijzen. De rechtbank benadrukt daarbij wel dat voor haar van doorslaggevend belang is dat de kinderen niet méér zullen worden opgevangen door derden dan op dit moment het geval is. De rechtbank gaat er dus vanuit dat de vader zijn werkrooster zal aanpassen, zoals hij heeft toegezegd.
Verder merkt de rechtbank op dat de ouders op de zitting afspraken hebben gemaakt over de zomervakantie van 2026, zoals hierna zal blijken. Gelet daarop, en omdat beide ouders een en ander met hun werkgever zullen moeten regelen, zal de rechtbank bepalen dat de zorgregeling na de zomervakantie van de kinderen in gaat.
- vakantie- en feestdagenregeling
Beide ouders hebben een verzoek gedaan met de betrekking tot het verdelen van de vakanties en feestdagen. De rechtbank constateert dat de ouders het op de meeste punten met elkaar eens zijn, zodat de rechtbank die punten zal vastleggen in deze beschikking. De punten waar de ouders het niet over eens zijn, zal de rechtbank een beslissing over nemen.
De rechtbank bepaalt de volgende vakantie- en feestdagenregeling:
Met betrekking tot de vakantie- en feestdagenregeling geldt dat de ouders in onderling overleg zullen bepalen hoe laat de overdracht plaatsvindt, tenzij anders is aangegeven, waarbij in beginsel geldt dat de brengende ouder zorgt voor het vervoer.
Ouderschapsbemiddeling
Beide ouders hebben op de zitting de bereidheid uitgesproken om deel te nemen aan het traject Ouderschapsbemiddeling. Het doel hiervan is om de onderlinge communicatie te verbeteren. De rechtbank zal de ouders in de gelegenheid stellen deel te nemen aan dit traject, zoals blijkt uit het proces-verbaal van doorverwijzing dat aan deze beschikking is gehecht. Dit proces-verbaal is al per e-mail verzonden naar Jeugdteams Leidse regio voor deelname aan voornoemd traject en aanmelding bij de betreffende uitvoerende hulpverleningsinstantie. De rechtbank zal deze beschikking per post zenden aan Jeugdteams Leidse regio.
De rechtbank overweegt daarbij dat de uitvoerende hulpverleningsinstantie geen eindrapportage behoeft in te dienen bij de rechtbank en ook geen eindrapportage aan de Raad behoeft toe te zenden, maar alleen aan de ouders dient te rapporteren. De rechtbank zal de zaak namelijk niet aanhouden, maar zal op alle verzoeken van de ouders een eindbeslissing geven.
Kinderalimentatie
De ouders zijn het erover eens dat de vader een kinderalimentatie zal betalen aan de moeder ter hoogte van € 224,36 per maand per kind. Conform deze overeenstemming tussen de ouders zal de rechtbank een kinderalimentatie vaststellen.
Beslissing
De rechtbank:
*
bepaalt een zorgregeling, welke ingaat na de zomervakantie van 2026, inhoudende dat de kinderen in de even weken bij de moeder zijn en in de oneven weken bij de vader, met een wisselmoment op maandagochtend om 08:30 uur bij school dan wel bij de andere ouder, waarbij geldt dat de brengende ouder zorgt voor het vervoer;
*
bepaalt de volgende vakantie- en feestdagenregeling:
waarbij geldt dat de ouders in onderling overleg zullen bepalen hoe laat de overdracht plaatsvindt, tenzij anders is aangegeven, waarbij in beginsel geldt dat de brengende ouder zorgt voor het vervoer;
*
stelt vast dat partijen, te weten:
[de vader] , (de vader)
wonende te [adres 1] ,
en
[de moeder] , (de moeder)
wonende te [adres 2] ,
bij (aangehecht) proces-verbaal van doorverwijzing zijn verwezen naar(De Rotterdamse omgangsbegeleiding voorziet blijkens haar folder in omgangsbegeleiding voor de duur van in beginsel maximaal zes maanden, overeenkomend met acht à negen contacten.) Jeugdteams Leidse regio voor deelname aan het traject Ouderschapsbemiddeling en voor aanmelding bij de uitvoerende hulpverleningsinstantie;
beveelt de griffier binnen twee dagen na heden een afschrift van deze beschikking te zenden naar: Jeugdteams Leidse regio, Haarlemmerstraatweg 31 – 8519 - 2343 LA Oegstgeest;
*
bepaalt dat de vader aan de moeder, met ingang van heden, een kinderalimentatie ten behoeve van de kinderen van € 224,36,- per maand per kind zal betalen, telkens bij vooruitbetaling te voldoen;
*
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
*
wijst af het meer of anders verzochte.