ECLI:NL:RBDHA:2026:23161

ECLI:NL:RBDHA:2026:23161

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 17-08-2026
Datum publicatie 18-08-2026
Zaaknummer 09/117214-26
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Veroordeling wegens diefstal. De rechtbank legt aan de verdachte de voorwaardelijke ISD-maatregel op, met een proeftijd voor de duur van twee jaren.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Strafrecht

Meervoudige kamer

Parketnummer: 09/117214-26

Datum uitspraak: 17 augustus 2026

Tegenspraak

De rechtbank Den Haag heeft op de grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:

[verdachte]

geboren op [geboortedatum] 1989 te [geboorteplaats] , Polen,

op dit moment zonder vaste woon of verblijfplaats hier te lande.

1. Het onderzoek ter terechtzitting

Het onderzoek is gehouden op de terechtzitting van 3 augustus 2026.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. R. Hoogstraaten en van hetgeen door de verdachte en zijn raadsman mr. J. Looman naar voren is gebracht.

2. De tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 20 april 2026 te ’s-Gravenhage één of meerdere blikken bier, vleeswaren en/of brood, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan Hoogvliet (vestiging: Leyweg), in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen.

3. De bewijsbeslissing

Opgave van bewijsmiddelen

De rechtbank zal voor het feit met een opgave van bewijsmiddelen, als genoemd in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering volstaan. De verdachte heeft dit feit namelijk bekend en daarna niet anders verklaard. Daarnaast heeft de raadsman geen vrijspraak bepleit.

De officier van justitie heeft met betrekking tot dit feit eveneens gerekwireerd tot bewezenverklaring.

Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door (een) daartoe bevoegde opsporingsambtena(a)r(en). Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, betreft dit de pagina’s van het proces-verbaal met het nummer PL 1500-2026138099, van de politie eenheid Den Haag, met bijlagen (doorgenummerd pagina 1 t/m 25).

De rechtbank gebruikt de volgende bewijsmiddelen:

1. De bekennende verklaring van de verdachte, afgelegd op de terechtzitting van 3 augustus 2026;

2. Het proces-verbaal van aangifte, opgemaakt op 20 april 2026 (p. 5);

De bewezenverklaring

De rechtbank is met betrekking tot het ten laste gelegde feit van oordeel dat dit feit wettig en overtuigend is bewezen.

De rechtbank verklaart ten laste van de verdachte bewezen dat:

hij op 20 april 2026 te ’s-Gravenhage meerdere blikken bier, vleeswaren en brood, die aan Hoogvliet (vestiging: Leyweg) toebehoorden heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen.

4. De strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het bewezen verklaarde is volgens de wet strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.

5. De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is eveneens strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

6. De oplegging van de straf en maatregel

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat aan de verdachte de onvoorwaardelijke maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders (hierna: ISD-maatregel) voor de duur van twee jaren wordt opgelegd.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman stelt zich op het standpunt dat de ISD-maatregel voorwaardelijk dient te worden opgelegd omdat er niet is voldaan aan de ‘zachte’ ISD-criteria. De verdachte heeft namelijk niet eerder begeleiding gehad via de reclassering of andere hulpverleningsinstantie. Er moet hem hiertoe eerst een kans geboden worden middels een voorwaardelijke ISD-maatregel. Via Stichting Barka, waar medewerkers ook de Poolse taal spreken, kan de verdachte worden geholpen om toegang te krijgen tot de sociale voorzieningen en betaald werk.

Het oordeel van de rechtbank

Na te melden straf en maatregel zijn in overeenstemming met de ernst van het gepleegde feit, de omstandigheden waaronder dit is begaan en gegrond op de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan tijdens het onderzoek op de terechtzitting is gebleken.

De rechtbank neemt hierbij in het bijzonder het volgende in aanmerking.

Ernst van het feit

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan winkeldiefstal. Winkeldiefstallen zijn hinderlijke feiten die financiële schade en overlast veroorzaken. Bovendien dragen dergelijke feiten bij aan de versterking van gevoelens van onrust en onveiligheid in de samenleving. De verdachte heeft onvoldoende rekening gehouden met deze gevolgen.

Strafblad

De rechtbank heeft kennisgenomen van het strafblad van de verdachte van 22 april 2026. De verdachte is in het afgelopen jaar vele malen voor soortgelijke strafbare feiten veroordeeld. Klaarblijkelijk hebben de eerdere veroordelingen de verdachte er niet van weerhouden om opnieuw strafbare feiten te plegen.

Persoon van de verdachte

De rechtbank heeft kennisgenomen van een reclasseringsadvies over de verdachte van 16 juli 2026, waaruit volgt dat het leven van verdachte wordt beheerst door instabiliteit; er is geen huisvesting en geen werk of inkomen waardoor verdachte zich in een negatief netwerk begeeft en delicten pleegt om in zijn levensonderhoud te voorzien. Ook ziet de reclassering een verband tussen het alcoholgebruik van verdachte en zijn delictgedrag. Uit het huidig onderzoek komt naar voren dat er meerdere risicofactoren aanwezig zijn die van invloed zijn op de hoge kans op recidive. Binnen de ISD-maatregel kan worden gewerkt aan het toewerken naar betaald werk, het vinden van huisvesting en abstinentie van middelen, hetgeen kan bijdragen aan een succesvolle terugkeer in de maatschappij.

De ‘harde’ ISD-criteria

De rechtbank stelt vast dat de verdachte voldoet aan alle voorwaarden voor het opleggen van de ISD-maatregel, zoals bepaald in artikel 38m van het Wetboek van Strafrecht. Er is een vordering van het Openbaar Ministerie tot oplegging van de ISD-maatregel. Tevens is het feit waarvoor de verdachte wordt veroordeeld een misdrijf waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten.

Ook is hij in de vijf jaar voorafgaand aan het door hem begane feit ten minste driemaal onherroepelijk tot een vrijheidsbenemende straf veroordeeld, terwijl het in dit vonnis bewezen verklaarde feit is begaan na tenuitvoerlegging van deze straffen. Daarnaast moet er, gelet op het reclasseringsadvies en het strafblad van de verdachte, ernstig rekening mee gehouden worden dat de verdachte wederom een misdrijf zal begaan, zodat de veiligheid van goederen het opleggen van de ISD-maatregel eist.

De verdachte voldoet naast deze wettelijke vereisten ook aan de definitie van ‘zeer actieve veelpleger’ uit de Richtlijn voor strafvordering bij meerderjarige veelplegers. Tegen de verdachte zijn in de afgelopen vijf jaar processen-verbaal voor meer dan tien misdrijffeiten opgemaakt, waarvan ten minste één in de laatste twaalf maanden, terug te rekenen vanaf de datum van het laatst gepleegde feit.

De ‘zachte’ ISD-criteria

Uit het rapport van de reclassering blijkt dat, door het ontbreken van huisvesting en dagbesteding, de verdachte niet in aanmerking komt voor sociale voorzieningen in Nederland. Daarnaast vormt ook de taalbarrière een belemmering voor de oplegging van een toereikend hulpaanbod middels bijzondere voorwaarden. In beginsel kan de verdachte wel aanspraak maken op forensische zorg. Dit betekent feitelijk dat verdachte wel zorg kan ontvangen vanuit justitie, bijvoorbeeld gericht op verslavingszorg, maar dat hij geen bestaan op kan bouwen en niet kan resocialiseren. Forensische zorgaanbieders weigeren derhalve doorgaans personen omdat zij vanwege de taalbarrière, het niet ingeschreven staan in de basisregistratie personen, en het marginale (en uitzichtloze) bestaan niet zullen profiteren van een dergelijke behandeling. Met andere woorden: een minder ingrijpend middel vormt geen haalbaar alternatief. Aangezien de oplegging van een minder verstrekkend middel geen reëel alternatief is, is er voldaan aan de ‘zachte’ ISD-criteria.

Conclusie: voorwaardelijke ISD

Hoewel formeel is voldaan aan de vereisten voor de oplegging van de ISD-maatregel, is de rechtbank van oordeel dat de stap naar het onvoorwaardelijk opleggen van de ISD-maatregel thans nog te groot is. De rechtbank overweegt dat als de verdachte (meer) in Nederland gegrondvest was geweest, dus een vaste woon- of verblijfplaats had gehad en dagbesteding, hij naar alle waarschijnlijkheid een eerdere waarschuwing en/of hulpaanbod had gekregen voordat was overgegaan tot het vorderen van de ISD-maatregel als uiterste redmiddel. De rechtbank ziet daarom aanleiding om de ISD-maatregel in voorwaardelijke zin op te leggen, bij wijze van laatste kans voor de verdachte om zijn leven zelfstandig op orde te krijgen. De rechtbank verbindt hieraan de algemene voorwaarde dat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig zal maken aan een strafbaar feit. Hiermee krijgt de verdachte een laatste kans zich te onthouden van het plegen van strafbare feiten en zelfstandig een bestaan op te bouwen.

Als de verdachte zich toch weer schuldig maakt aan een strafbaar feit, zal de tenuitvoerlegging van de ISD-maatregel nodig zijn om de maatschappij tegen de verdachte te beschermen en kan er binnen de ISD-maatregel worden toegewerkt naar het vinden van betaald werk, het vinden van huisvesting en abstinentie van middelen, hetgeen kan bijdragen aan een succesvolle terugkeer in de maatschappij. Om die redenen zal de rechtbank de voorwaardelijke ISD-maatregel opleggen voor de maximale duur van twee jaren en daarbij bepalen dat de tijd die de verdachte vóór tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest heeft gezeten, niet wordt afgetrokken van de duur van die maatregel.

Alles afwegende legt de rechtbank aan de verdachte de voorwaardelijke ISD-maatregel voor de duur van 2 jaren op met een proeftijd van 2 jaren.

Gelet op deze beslissing zal aan de verdachte geen vrijheidsbenemende straf van langere duur dan de duur van het reeds ondergane voorarrest opgelegd worden. Daarom heeft de rechtbank de voorlopige hechtenis van de verdachte (bij apart geminuteerde beslissing) opgeheven met ingang van 4 augustus 2026.

7. De toepasselijke wetsartikelen

De op te leggen straf en maatregel zijn gegrond op de artikelen:

- 38m, 38n, 38p en 310 van het Wetboek van Strafrecht;

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak rechtens gelden.

8. De beslissing

De rechtbank:

verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, zoals hierboven onder 3.2 bewezen is verklaard

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en dat het bewezen verklaarde uitmaakt:

ten aanzien van feit 1:

diefstal;

verklaart de verdachte daarvoor strafbaar;

legt aan de verdachte op:

de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders voor de duur van 2 (TWEE) JAREN;

bepaalt dat die maatregel niet ten uitvoer zal worden gelegd, onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op twee jaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit.

Dit vonnis is gewezen door

mr. G. Kuijper, voorzitter,

mr. M. Rootring, rechter,

mr. J.Y. van Gameren, rechter,

in tegenwoordigheid van mrs. E.D. Six & I. Verhagen, griffiers,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 17 augustus 2026.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. G. Kuijper
  • mr. M. Rootring
  • mr. J.Y. van Gameren

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand