Gezag
Beschikking op het op 8 mei 2025 ingekomen verzoek van:
[de moeder] ,
de moeder,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. T. de Jong te Utrecht.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
[de vader] ,
de vader,
zonder bekende woon- of verblijfplaats in Nederland.
Procedure
Bij beschikking van 3 april 2026 van deze rechtbank is voor recht verklaard dat de vader geschorst is in het gezag over de kinderen en is bepaald dat de vader voor een nieuwe mondelinge behandeling moet worden opgeroepen door verzending van een oproep, zowel per reguliere post als per aangetekende post, op de volgende adressen:
alsmede middels plaatsing van een oproep in de Staatscourant. Iedere verdere beslissing ten aanzien van het gezag is aangehouden tot 1 augustus 2026 pro forma.
De rechtbank heeft wederom kennis genomen van de stukken.
De vader is opgeroepen voor een zogenaamde oproepzitting op 29 juni 2026, zowel per reguliere post als per aangetekende post, op de bovengenoemde adressen in [plaats 1] en [plaats 2] en door middel van een advertentie in de op 9 april 2026 verschenen editie van de Staatscourant. De vader is niet ter zitting verschenen en heeft niet binnen de daarvoor gestelde termijn een verweerschrift ingediend. De zaak zal daarom op de stukken worden afgedaan.
Beoordeling
De rechtbank handhaaft al hetgeen bij genoemde beschikking is overwogen en beslist, voor zover in deze beschikking niet anders wordt overwogen of beslist.
De moeder stelt dat zij de vader niet kan bereiken, omdat hij haar op alle eerder gebruikte communicatiekanalen (onder meer e-mail, WhatsApp, social media en telefoon) heeft geblokkeerd. De kinderen hebben hun vader sinds 2021 slechts eenmalig kort gezien en hebben slechts af en toe telefonisch contact met hem. De kinderen kunnen de vader niet bellen, maar heel af en toe belt hij hen.
De rechtbank stelt vast dat de vader al geruime tijd onbereikbaar is voor de moeder. Er is
wel sporadisch contact tussen de vader en de kinderen. De kinderen hebben de vader recent
gevraagd om toestemming om met hun moeder op vakantie te mogen en de vader heeft die
toestemming verleend. De rechtbank acht het echter in strijd met de belangen van de
kinderen dat zij voor alle gezagsbeslissingen namens hun moeder toestemming moeten
vragen aan hun vader. Bovendien kunnen de kinderen zelf geen contact opnemen met hun
vader, maar zijn zij volledig afhankelijk van het initiatief van hun vader om contact op te
nemen met hen. Dit doet de vader gemiddeld eens in de 2 à 3 maanden. Nu deze situatie al enkele jaren voortduurt, is niet te verwachten dat daarin binnen afzienbare termijn voldoende verandering komt. De rechtbank is daarom van oordeel dat dat beëindiging van het gezag van de vader noodzakelijk is in het belang van de kinderen. De rechtbank zal het verzoek van de moeder dan ook toewijzen.
Beslissing
De rechtbank
bepaalt dat voortaan alleen aan de moeder, [de moeder] , geboren op [geboortedatum 1] 1985 te [geboorteplaats 1] , het gezag zal toekomen over de minderjarigen:
- [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 2] 2013 te [geboorteplaats 2] , Marokko;
- [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 3] 2009 te [geboorteplaats 1] ;
- [de minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum 4] 2011 te [geboorteplaats 1] ;
en verklaart deze gezagsvoorziening uitvoerbaar bij voorraad.