Adoptie en Vaststelling geboortegegevens
Beschikking op het op 28 oktober 2025 ingekomen verzoek van:
[verzoeker] en [verzoekster],
verzoekers,
wonende te [woonplaats] ([land]),
advocaat: mr. J.L.M. Martens te Heerlen,
waarin als belanghebbende ten aanzien van de vaststelling geboortegegevens wordt aangemerkt:
de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Den Haag,
zetelend te Den Haag,
hierna te noemen: de ambtenaar.
Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van het verzoekschrift, waarin wordt verzocht:
1. de adoptie naar Nederlands recht uit te spreken van
[minderjarige 1], geboren te [geboorteplaats], [geboorteland], op [geboortedatum 1] 2014, en
[minderjarige 2], geboren te [geboorteplaats], [geboorteland], op [geboortedatum 2] 2015,
en te bepalen dat de pupillen de voornamen [minderjarige 1] respectievelijk [minderjarige 2] en de
achternaam [geslachtsnaam] zullen dragen;
2. voorzoveel nodig de geboortegegevens van de kinderen voornoemd vast te stellen;
3. af te geven het certificate of conformity conform het Haags adoptieverdrag;
4. de grosse van de beschikking in tweevoud in origineel af te geven.
De ambtenaar heeft zich op 9 juli 2026 uitgelaten over de verzoeken.
Verzoekers hebben daarop op 15 juli 2026 gereageerd.
Beoordeling
De rechtbank is van oordeel dat zij geen rechtsmacht heeft ten aanzien van de voorgelegde verzoeken. Dit betekent dat de rechtbank niet bevoegd is om in deze zaak te oordelen. De verzoeken moeten worden voorgelegd aan een rechter in een ander land. De rechtbank legt dat als volgt uit.
De wet bepaalt dat de Nederlandse rechter dit soort zaken mag behandelen als verzoekers hier wonen of als de rechter van oordeel is dat de zaak verbonden is met ‘de Nederlandse rechtssfeer’ (artikel 3 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering). Ook zou de Nederlandse rechter de zaak mogen behandelen als een belanghebbende hier woont.
Verzoekers wonen op dit moment in [woonplaats], [land]. Zij wonen dus niet in Nederland.
De ambtenaar is alleen belanghebbende ten aanzien van het verzoek om geboortegegevens vast te stellen. Dat verzoek kan pas worden beoordeeld, als eerst het verzoek tot adoptie is beoordeeld. Bij het verzoek tot adoptie is de ambtenaar geen belanghebbende.
Ook is de zaak niet verbonden met ‘de Nederlandse rechtssfeer’.
Verzoekers hebben niet de Nederlandse, maar de Italiaanse nationaliteit. De kinderen hebben evenmin de Nederlandse nationaliteit; zij zijn Tsjechisch.
In het verzoekschrift staat dat op 2 augustus 2023 in [geboorteland] de voogdij van verzoekers over [minderjarige 1] en [minderjarige 2] zou zijn uitgesproken. In het verzoekschrift staat echter ook dat verzoekers sinds die datum met [minderjarige 1] en [minderjarige 2] op hun adres in [woonplaats], [land], wonen en dat verzoekers na de adoptie [de rechtbank begrijpt: nadat zij de voogdij over de kinderen hebben gekregen] met de kinderen zijn teruggekeerd naar [land].
Deze zaak heeft daarom betrekking op de Tsjechische en Italiaanse rechtssfeer, en dus niet op de Nederlandse. Dat verzoekers zelf, zonder de kinderen, in Nederland hebben gewoond en hier in 2020 beginseltoestemming hebben gekregen voor adoptie van één of twee buitenlandse kinderen, maakt dat niet anders.
In het verzoekschrift staat dat voor adoptie naar Italiaans recht, de Italiaanse rechter vereist dat eerst de adoptie in Nederland wordt uitgesproken. De rechtbank laat in het midden of dat juist is en of dat ertoe zou leiden dat wel internationale bevoegdheid moet worden aangenomen. Dit betoog wordt namelijk niet verder toegelicht. De rechtbank kan er daarom geen rechtsgevolg aan verbinden.
Beslissing
De rechtbank:
verklaart zich (internationaal) onbevoegd van het verzoekschrift kennis te nemen.