ECLI:NL:RBDHA:2026:24578

ECLI:NL:RBDHA:2026:24578

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 16-04-2026
Datum publicatie 28-08-2026
Zaaknummer NL26.7672
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Asiel, ongegrond.

Uitspraak

[eiseres], V-nummer: [V-nummer], eiseres

(gemachtigde: mr. K. Mohasselzadeh),

en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder

(gemachtigde: mr. N.F. van der Gouw).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar asielaanvraag.

Eiseres heeft op 6 september 2023 een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Verweerder heeft met het bestreden besluit van 15 januari 2026 deze aanvraag afgewezen als ongegrond.

Verweerder heeft op 31 maart 2026 een verweerschrift ingediend.

De rechtbank heeft het beroep op 2 april 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres, A. Abdirahman als tolk en de gemachtigde van verweerder.

Waar gaat deze zaak over?

Het asielrelaas 2. Eiseres heeft de Somalische nationaliteit, behoort tot de Reer Hamar bevolkingsgroep en is geboren op [geboortedatum] 2007. Zij heeft verklaard driemaal door Al-Shabaab te zijn ontvoerd en mishandeld omdat zij haar wilde uithuwelijken. Om deze reden heeft zij Somalië verlaten.

Het bestreden besluit 3. Het asielrelaas bevat volgens verweerder de volgende asielmotieven:- identiteit, nationaliteit en herkomst;- de problemen met Al-Shabaab.

Verweerder acht de identiteit, nationaliteit en herkomst van eiseres geloofwaardig.Verweerder acht de problemen met Al-Shabaab niet geloofwaardig. Daarbij is van belang dat eiseres onvoldoende documenten heeft overgelegd en haar verklaringen geen samenhangend en aannemelijk geheel vormen. Zo heeft eiseres niet samenhangend verklaard over de tijdlijn van de gebeurtenissen, heeft zij niet samenhangend en tegenstrijdig verklaard over de gebeurtenissen en heeft zij onaannemelijk verklaard over de vrijlating door Al-Shabaab, over haar eerste ontsnapping en over de periode tussen de tweede en derde ontvoering. Ook heeft eiseres summier en onaannemelijk verklaard over haar laatste ontsnapping en heeft zij onduidelijk verklaard over waarom zij specifiek is gekozen door Al-Shabaab. Verweerder vindt dat eiseres gelet op de wel geloofwaardig geachte delen bij terugkeer naar Somalië geen gegronde vrees voor vervolging heeft en geen reëel risico loopt op ernstige schade. Het enkele feit dat eiseres uit Somalië komt is hiervoor onvoldoende. Wat vindt eiseres in beroep?

4. Eiseres is het niet eens met het bestreden besluit en voert – kort samengevat – aan dat er in [plaats] wel een risico is voor Al-Shabaab. Zo is de dreiging en invloed van Al-Shabaab niet strikt beperkt tot gebieden die zij controleren en zijn er in de regio [regio] het meeste aantal geweldsincidenten. Het is hier volgens eiseres, zeker voor een jonge vrouw die behoort tot een minderheidsclan, niet veilig. Meisjes uit minderheidsclans worden volgens eiseres systematisch geconfronteerd met discriminatie, dwanghuwelijken en ander gender gerelateerd geweld. Deze omstandigheden maken dat eiseres een objectief en specifiek risico loopt. Verder heeft verweerder onvoldoende rekening gehouden met de traumatische ervaringen van eiseres. Dit heeft invloed gehad op haar (inconsistente) verklaringen.

Wat is het oordeel van de rechtbank?

Referentiekader 5. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder voldoende rekening gehouden met het referentiekader van eiseres en heeft hij voldoende doorgevraagd naar haar asielmotieven. Verweerder heeft in het voornemen en het bestreden besluit uiteengezet wat volgens hem het referentiekader van eiseres is en op welke wijze hij daarmee rekening heeft gehouden. Daarbij is van belang dat verweerder korte en gerichte vragen heeft gesteld en deze, indien nodig, heeft herhaald en verduidelijkt. Aan het begin van het gehoor is haar medegedeeld dat het belangrijk is dat zij volledig antwoord geeft op de gestelde vragen. Ook heeft zij de gelegenheid gekregen om eventuele onduidelijkheden in het aanvullend gehoor te corrigeren. Hierin is eiseres niet geslaagd. Desgevraagd heeft eiseres aangegeven geen op- of aanmerkingen te hebben over de werkwijze van de hoormedewerker of de werkwijze van de tolk. In de correcties en aanvullingen op het nader- en aanvullend gehoor heeft eiseres ook niet aangegeven dat zij niet alles heeft kunnen vertellen wat zij wilde vertellen of dat eventuele trauma’s hier invloed op hebben gehad. Verweerder heeft er bovendien op kunnen wijzen dat uit het medisch advies niet blijkt dat sprake is van medische omstandigheden – waaronder eventuele trauma’s – die van invloed zouden zijn op de verklaringen van eiseres tijdens de gehoren of dat eiseres hiervoor onder behandeling staat.

Gelet op het voorgaande heeft verweerder zich niet ten onrechte op het standpunt gesteld dat eiseres met haar verklaringen de problemen met Al-Shabaab niet aannemelijk heeft gemaakt. Verweerder heeft mogen vinden dat haar verklaringen hierover – ook gelet op het referentiekader – geen samenhangend en aannemelijk geheel vormen. De rechtbank ziet geen grond voor het oordeel dat verweerder niet vast mocht houden aan de tegenwerpingen zoals verweerder die in dit verband heeft opgenomen in het voornemen en het bestreden besluit. Daarbij is van belang dat eiseres hiertegen in beroep geen gronden heeft aangevoerd.

Algemene veiligheidssituatie 6. Naar het oordeel van de rechtbank mocht verweerder concluderen dat de algemene veiligheidssituatie in Somalië geen reëel risico op ernstige schade voor eiseres oplevert. De beoordeling is gebaseerd op de actuele feitelijke situatie in het land van herkomst. Eiseres komt uit [plaats] en uit de landeninformatie evenals uit de vreemdelingencirculaire blijkt niet dat [plaats] in handen is van Al-Shabaab. In het ambtsbericht staat weliswaar vermeld dat Al-Shabaab sinds eind februari 2025 bezig is met een nieuw offensief, maar hieruit blijkt niet dat [plaats] in handen is van Al-Shabaab. Het gebied is pas formeel gezien in handen van Al-Shabaab wanneer Al-Shabaab het gebied daadwerkelijk heeft veroverd of structurele controle uitvoert. Uit de landeninformatie blijkt naar het oordeel van de rechtbank niet dat iedere persoon die terugkeert naar [plaats] een reëel risico loopt op ernstige schade en eiseres heeft onvoldoende onderbouwd dat zij op basis van haar individuele omstandigheden dit risico wel zou lopen. Wat betreft het risico van meisjes op uithuwelijking met Al-Shabaab, geldt dit voor gebieden die onder controle staan van Al-Shabaab. [plaats] staat, zoals hiervoor aangegeven, niet onder controle van Al-Shabaab. Dit risico is in de situatie van eiseres daarom niet aannemelijk. Ook heeft verweerder er op kunnen wijzen dat het voor eiseres mogelijk is om vanuit Mogadishu over de weg naar [plaats] te reizen, zonder door rood gebied (waar Al-Shabaab de macht heeft) te moeten reizen.

7. Dat eiseres behoort tot een minderheidsclan maakt het voorgaande ook niet anders. Verweerder heeft er op kunnen wijzen dat het enkel behoren tot een minderheidsclan onvoldoende is om uit te gaan van een gegronde vrees voor vervolging. Bovendien heeft eiseres niet verklaard dat het behoren tot een minderheidsclan voor haar reden was om uit Somalië te vertrekken. Ook blijkt uit het ambtsbericht dat personen die behoren tor de Reer Hamar clan niet systematisch slachtoffer zijn van gericht geweld op basis van hun etniciteit. Hun maatschappelijke positie wordt nog altijd als relatief sterker ingeschat dan die van andere minderheidsgroepen.

8. Gelet op al het voorgaande heeft verweerder zich op goede gronden op het standpunt gesteld dat het niet aannemelijk is dat eiseres bij terugkeer naar Somalië te maken zal krijgen met een behandeling die strijdig is met artikel 3 van het EVRM.

Conclusie en gevolgen

9. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiseres geen gelijk krijgt en dat de afwijzing van de asielaanvraag in stand blijft.

10. Eiseres krijgt geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.J.P. Bosman, rechter, in aanwezigheid van N. Đukić, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. J.J.P. Bosman

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand