ECLI:NL:RBDHA:2026:2475

ECLI:NL:RBDHA:2026:2475

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 11-02-2026
Datum publicatie 11-02-2026
Zaaknummer 09/234732-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Veroordeling voor diefstal met braak in vereniging en witwassen tot een gevangenisstraf voor de duur van 14 maanden waarvan 4 maanden voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden en een proeftijd van 2 jaar.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Strafrecht

Meervoudige kamer

Parketnummer: 09/234732-25

Datum uitspraak: 11 februari 2026

Tegenspraak

De rechtbank Den Haag heeft op de grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:

[de verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1995 te [geboorteplaats] ,

op dit moment gedetineerd in de penitentiaire inrichting [plaats 1] .

1. Het onderzoek ter terechtzitting

Het onderzoek is gehouden op de terechtzittingen van 10 december 2025 (pro forma) en 28 januari 2026 (inhoudelijke behandeling).

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. L. de Graaf en van hetgeen door de verdachte en zijn raadsvrouw mr. I.A.C. van Mulbregt naar voren is gebracht.

2. De tenlastelegging

Aan de verdachte is – na wijziging van de tenlastelegging op de terechtzitting van 10 december 2025 – ten laste gelegd dat:

1hij, in of omstreeks de periode van 7 juli 2025 tot en met 8 september 2025, te Wateringen en/of 's-Gravenhage, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (van) een collectie Panini voetbalplaatjes, albums en stickers (met een totale waarde van ongeveer €500.000,-), en/of een of meer geldbedrag(en), althans een of meer voorwerpen,- de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de verplaatsing heeft verborgen en/of heeft verhuld, dan wel- heeft verborgen en/of heeft verhuld wie de rechthebbende(n) op dat /die voorwerp(en) was/waren, en/of- heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen, heeft omgezet, en/of gebruik heeft gemaaktterwijl hij, verdachte, wist, althans redelijkerwijs moest vermoeden dat dat/die voorwerp(en) - onmiddellijk of middellijk – afkomstig was/waren uit enig misdrijf;

2hij op of omstreeks 7 juli 2025 te [plaats 2] tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een collectie Panini voetbalplaatjes, albums en stickers (met een totale waarde van ongeveer €500.000,-), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [aangever] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak.

3. De bewijsbeslissing

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het onder 1 en 2 tenlastegelegde.

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft primair vrijspraak van het onder 1 en 2 ten laste gelegde bepleit. Subsidiair heeft de raadsvrouw zich ten aanzien van feit 1 op het standpunt gesteld dat partiële vrijspraak moet volgen voor de in de in de tenlastelegging opgenomen waarde van € 500.000,-. Ten aanzien van feit 2 heeft de raadsvrouw zich subsidiair op het standpunt gesteld dat de verdachte partieel moet worden vrijgesproken de in de in de tenlastelegging opgenomen waarde van € 500.000,- en het bestanddeel “braak.”.

Gebruikte bewijsmiddelen

De rechtbank heeft hierna opgenomen de wettige bewijsmiddelen met de voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden.

Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door (een) daartoe bevoegde opsporingsambtena(a)r(en). Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, betreft dit de pagina’s van het proces-verbaal met het nummer PL1500-2025298616, van de politie Eenheid Den Haag, met bijlagen, niet doorgenummerd en bestaande uit de volgende dossiers:

PV VGL [de verdachte] & [naam 1] – pagina 1 t/m 314 (hierna: dossier I);

PV RK – pagina 1 t/m 166 (hierna: dossier II);

PV VGL [medeverdachte 1] & [medeverdachte 2] – pagina 1 t/m 209 (hierna: dossier III);

Einddossier 1 – pagina 1 t/m 79 (hierna: dossier IV).

T.a.v. feit 1 en 2

1. Het proces-verbaal van aangifte van [aangever] , met bijlage, opgemaakt op 10 juli 2025, voor zover inhoudende (p. 20-23) (dossier I):

Ik doe aangifte van diefstal van alle goederen, die ik had opgeslagen in een opslagbox van Shurgard in [plaats 2] . Ik heb niemand toestemming gegeven tot het wegnemen van mijn goederen. Het betreft een complete Panini voetbalcollectie, bestaande uit dichte dozen met voetbalplaatjes, albums en stickers. In totaal gaat het hier om een paar honderd rechthoekige dozen met het merk Panini erop. In elke rechthoekige doos van het merk Panini zaten twaalf gesealde kleinere doosjes. Ook stonden er in de opslagbox meerdere grijze kratjes met zwarte deksels. In deze kratjes zaten complete losse stickersets met een album, gesealed, af fabriek. Vandaag, donderdag 10 juli 2025, werd ik door Shurgard gebeld en hoorde ik dat mijn opslagbox was opgebroken. De opslagbox was volledig leeg en de gehele collectie, zoals hierboven beschreven, bleek weggenomen. Van de dozen zoals deze in de opslagbox stonden, heb ik eerder foto's gemaakt. Deze foto's voeg ik toe aan mijn aangifte.

2. Het proces-verbaal van bevindingen, met bijlage, opgemaakt op 6 september 2025, voor zover inhoudende (p. 48-50) (dossier I):

Op 10 juli 2025 werd er aangifte gedaan van diefstal, gepleegd bij Shurgard aan de [adres 1] te [plaats 2] . Waarbij er een collectie voetbalplaatjes uit een van de opslagboxen werd weggenomen. Op 28 juli 2025 werden de beschikbaar gestelde beelden door mij bekeken en uitgewerkt. In de titel van de aangeleverde fragmenten zag ik dat fragment 1 en 2 dateerden van 6 juli 2025 tussen 19:06 en 19:45. De overige fragmenten dateerden van 7 juli 2025 tussen 17:09 uur en 20:05 uur.

Fragment 1 NL69 CH21 MAIN 20250706190602-20250706190651.Er staat een grijze personenauto. Achter de personenauto staat een man met een platte kar. Op de platte kar ligt een soort matras in de kleur wit of er zit iets wits omheen. Hierop worden drie spullen neergelegd. Een gele zak, iets dat lijkt op een grijze tas en een zwart voorwerp. De chauffeurszijde wordt gesloten en een tweede persoon stapt aan de bijrijderszijde uit.

Fragment 2 NL69 CH21 MAIN 20250706194433-20250706194503.Beide mannen komen weer terug met een platte kar. 1 persoon drukt op de

afstandsbediening zodat de achterklap van de personenauto opengaat, en dezelfde

spullen als hierboven genoemd liggen op de kar. De goederen worden in de personenauto gelegd.

Fragment 6 NL69 CH20 MAIN 20250707173157-20250707173509.NN1 komt de hal in rijden met een platte kar. Het zijn een aantal gestapelde dozen. NN1 plaatst de platte kar in de lift. Vanuit onder uit het beeld komt NN2 met een platte kar aanlopen. Bovenop staat een door met de tekst. "World cup France 98 12x100". Ook deze wordt voorruit in de lift geplaatst. Vanuit boven komt NN3 met een platte kar aanlopen. Deze kar wordt in de hal geplaatst. Op deze dozen staat de tekst "Panini". De liftdeuren worden gesloten en er wordt op het liftknopje gedrukt. NN2 en NN3 lopen weg. NN1 blijft wachten. Na een aantal minuten komt de lift terug en de kar 3 wordt in de lift geplaatst. NN1 loopt nadat hij de kar in de lift had gezet uit het beeld.

Fragment 10 NL69 CH20 MAIN 20250707200210-202507007200523. Er komt van onder uit het beeld een platte kar met hierop een aantal bruinkleurige dozen. De NN4 loopt naar voren het beeld uit. Op - 0.54 lopen NN4 en NN3 met een platte kar. Op deze kar liggen een aantal EURO verpakkingen van verschillende jaren. De kleuren die erop liggen zijn onder andere blauw, oranje en paars. De kar wordt de lift ingeduwd. De liftdeuren gaan dicht en de twee mannen lopen het beeld weer uit.

3. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 20 augustus 2025, voor zover inhoudende (p. 37-38) (dossier III):

Op donderdag 10 juli 2025 omstreeks 15:00 uur kregen wij, verbalisanten, melding van een inbraak in een afgesloten opslagbox aan de [adres 1] , te [plaats 2] . Hier bevinden zich opslagboxen van de firma Shurgard.

Ter plaatse spraken wij de meldster, werknemer van de firma Shurgard. De meldster

bleek te zijn: [naam 4] .

Zij had, kort voordat ze de politie belde, geconstateerd dat het slot van de roldeur

geforceerd was. De opslagbox bleek volledig leeg. [naam 4] vertelde ons dat de

huurder van de opslagbox op de hoogte was gebracht en hij was inmiddels onderweg naar het pand van Shurgard.

[naam 4] leidde ons naar opslagbox met nummer [nummer] . Wij, verbalisanten zagen dat de roldeur dicht was maar dat het slotwerk verbogen was. Wij trokken de roldeur omhoog en zagen dat de opslagbox leeg was. Wij zagen dat de opslagbox van boven open was en voorzien was van een metalen raster. Wij hoorden [naam 4] zeggen dat alle opslagboxen aan de bovenkant open zijn, om te kunnen controleren of een box vol of leeg is.

4. Het proces-verbaal van bevindingen, met bijlagen, opgemaakt op 1 september 2025, voor zover inhoudende (p. 78-117) (dossier I):

Op 26 juli 2025 ontving ik, verbalisant, een e-mail van de aangever en zijn advocaat, waarin aan mij kenbaar werd gemaakt dat de weggenomen voetbalplaatjes op veilingsite eBay werden aangeboden. Ik zag dat er aan de mail een link naar eBay, evenals twee accountnamen waar vandaan de voetbalplaatjes aangeboden werden, toegevoegd waren. Ik zag dat dit de volgende accountnamen betrof: [accountnaam 1] en [accountnaam 2] .

Ik bekeek het account [accountnaam 1] en zag dat er 45 advertenties online stonden.

5. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 31 juli 2025, voor zover inhoudende (p. 41) (dossier I):

Mij werd gevraagd om contact op te nemen met aangever de heer [aangever] .

Hoe weet u dat de plaatjes op eBay uw plaatjes zijn die aangeboden worden?

Ik hoorde de heer [aangever] zeggen dat de plaatjes in die combinatie verkocht worden onmogelijk ook verkocht worden door anderen. De heer [aangever] weet heel zeker dat het om zijn kaartjes gaat. Hij heeft de kaartjes een aantal jaar geleden van een man in Canada gekocht. Een aantal kaartjes hadden toen waterschade. Dit waren kaartjes van 2002 ook deze worden op eBay aangeboden. De heer [aangever] geeft ook aan dat er een doos panini ds 1998 aangeboden wordt. Daar is er maar 1 van. Dit is objectnr. [objectnummer] , verkoper [accountnaam 1] . De heer [aangever] ziet ook dat er 6 objecten zijn verkocht op 22 juli, 23 juli en op 26 juli, er is inmiddels voor 10.000 euro verkocht. De heer [aangever] geeft aan dat hij plaatjes in een verhuisdoos heeft gedaan van Allsave. Op een van de foto's op eBay ziet de heer [aangever] een verhuisdoos van Allsave. In deze doos zouden de plaatjes moeten zitten van het EK 2004. De heer [aangever] weet heel zeker dat de voetbalplaatjes die aangebonden worden op eBay zijn voetbalplaatjes zijn.

6. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 5 september 2025, voor zover inhoudende (p. 134-140) (dossier I):

Uit de eerder gevorderde identificerende gegevens kwam naar voren dat het account [accountnaam 1] toebehoorde aan de persoon [de verdachte] .

Ik zag dat er door eBay twee lijsten aangeleverd waren: een lijst met alle aangeboden items op het account, gevolgd door een lijst met alle aangeboden items, inclusief kopers. Ik zag dat er door [accountnaam 1] in de periode van 19 juli tot en met 13 augustus 2025 48 items aangeboden zijn, waarvan er 22 items verkocht zijn. In de periode tussen 22 juli 2025 en 12 augustus 2025 zijn de hierboven genoemde voetbalplaatjes verzonden naar verschillende locaties binnen en buiten Europa. Het totaalbedrag van de tot dusver verkochte voetbalplaatjes betreft 46.405,50 euro.

7. Het proces-verbaal van bevindingen, met bijlagen , opgemaakt op 18 september 2025, voor zover inhoudende (p. 144-153) (dossier III):

Op vrijdag 12 september 2025 deed ik onderzoek naar een van de in dit onderzoek inbeslaggenomen telefoons, betreffende een iPhone 13 Pro Max. De iPhone 13 Pro Max werd op maandag 8 september 2025, ten tijde van de aanhouding van verdachte [de verdachte] aangetroffen.

Ik zag in de fotogalerij meerdere afbeeldingen van voetbalplaatjes. Ik zag in de metadata van deze foto's dat de foto's daadwerkelijk gemaakt zijn met de iPhone 13 Pro Max en zag tevens dat er aan de hand van GPS coördinaten een locatie zichtbaar was. Ik zag dat de locatie behorend bij de foto's van de voetbalplaatjes uitstraalde op een bedrijventerrein in Rijswijk. Ik deed via Google Maps onderzoek naar dit bedrijventerrein, en zag dat er verschillende bedrijven gevestigd waaronder het bedrijf [bedrijfsnaam] . Ik zag dat dit pand gevestigd was op de [adres 2] .

8. Het proces-verbaal van bevindingen, met bijlagen, opgemaakt op 8 september 2025, voor zover inhoudende (p. 250-252) (dossier I):

Op 8 september 2025 werd door het onderzoeksteam de woning om 06.50 uur betreden ter aanhouding van de verdachte: [de verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1995. Tijdens de doorzoeking zijn de volgende goederen in beslag:

3x Doosje met voetbalstickers1x Doosje met voetbalstickers

9. Het proces-verbaal van bevindingen, met bijlagen, opgemaakt op 24 september 2025, voor zover inhoudende (p. 53-90) (dossier II):

Op 7 juli 2025 vond er een diefstal plaats uit een opslagbox van Shurgard, aan de

[adres 1] in [plaats 2] . Tijdens de aanhouding van verdachte [de verdachte] , werd een iPhone 13 Pro Max inbeslaggenomen. Uit onderzoek naar de data (foto's- en videobestanden, chatgesprekken, contactenlijst) van deze smartphone bleek deze in gebruik te zijn bij [de verdachte] .

2. Map Contacts/contacten. Ik deed onderzoek naar de data in deze map.

Medeverdachte [medeverdachte 2] : uit de politiesystemen bleek dat het meest recente telefoonnummer van [medeverdachte 2] [telefoonnummer 1] betreft. Dit telefoonnummer staat in de telefoon als contact ' [bijnaam 1] '.

ChatGPT

Ik zag dat er in de periode tussen 7 juli en 17 augustus 2025 meerdere gesprekken

plaatsvonden met ChatGPT. Ik zag dat er aan er meerdere gesprekken plaatsvonden met ChatGPT. Ik zag dat er meermaals aan ChatGPT gevraagd werd wat bepaalde 'kaarten' waard waren, dat er foto's gestuurd werden met de vraag 'wat is dit waard'.

Ik zag dat er tussen 11 augustus 2025 en 7 september 2025 144 notificaties binnen

kwamen van contact [bijnaam 1] . Ik zag de volgende relevante notificaties:

- 21 augustus 2025 om 11:27 uur: Heb net ook geld gestuurd, naar jou, is binnen.

- 22 augustus 2025 om 17:34 uur: 12 foto's gestuurd

- 23 augustus 2025 om 20:02 uur: Spraakbericht + foto, deze toch?

- 24 augustus 2025 om 20:07 uur: 4 foto's gestuurd, 2 dozen, Denmark

- 25 augustus 2025 om 15:07 uur: Inkomende spraakoproep, locatie, foto, 'nog niet

betalen', 'betaald', 'dus nog niet sturen'.

- 25 augustus 2025 om 19:15 uur: ' [naam 5] , [adres 3] DENMARK'

- 4 september 2025 om 20:58 uur: 'We gaan die 2008 van [bijnaam 2] kopen poep prijs, 30 euro'

- 4 september 2025 om 21:03 uur: 'Je hebt 2 object verkocht al daar welke zijn dat ?'

Ik zag in de map 'locaties' de volgende data:

- Op 6 juli 2025 om 19:03 uur is er genavigeerd naar het adres waar de Shurgard locatie in [plaats 2] gevestigd is.

- Op 6 juli 2025 om 19:26 uur straalt de locatie van de telefoon uit op coördinaten

[coördinaten 1] . Op deze locatie is de Shurgard locatie in [plaats 2] gevestigd. Ik zag dat er aan deze locatie een video gekoppeld zat. Op deze video is een opslagbox van bovenaf gefilmd, waardoor de inhoud van de box zichtbaar op. In de box zag ik een groot aantal dozen. Ik zag dat er werd ingezoomd op een van de dozen, waarop ik de letters 'Panini' zag staan.

- Op 7 juli 2025 om 22:57 uur straalt de locatie van de telefoon uit op coördinaten

[coördinaten 2] . Dit betreft een locatie in Rijswijk, op 727 meter afstand van

[bedrijfsnaam] . Aan deze locatie is wederom een video gekoppeld. Op deze

video is wederom een opslagbox te zien. Ik zag dat deze opslagbox vol stond met

dozen, met daarop de letters 'Panini'. Ik zag dat deze opslagbox verschilde van de

opslagbox uit de video van 6 juli, omdat de bovenkant van deze opslagbox dicht is.

10. Het proces-verbaal van bevindingen, met bijlagen, opgemaakt op 25 september 2025, voor zover inhoudende (p. 91-116) (dossier II):

Op dinsdag 23 september deed ik, verbalisant [verbalisant] , onderzoek in de bij [de verdachte] inbeslaggenomen telefoon, een iPhone 13 Pro Max. In de veiliggestelde data is een grote hoeveelheid foto's aangetroffen, welke betrekking hebben op het wegnemen en de verkoop van de voetbalplaatjes.6 JULI- Ik zag dat de linker foto dateerde van 6 juli 2025 om 19:32 uur. Ik zag dat de coördinaten ( [coördinaten 3] ) behorend bij de foto, uitstraalde bij Shurgard Self-Storage op de [adres 1] in [plaats 2] . Het tijdstip, 19:32 uur, komt overeen met het tijdstip waarop de voorverkenning op 6 juli 2025 heeft plaatsgevonden. Ik zag dat er op de foto een opslagbox zichtbaar was. Ik zag dat er een raster zichtbaar was, waardoor de opslagbox van bovenaf zichtbaar was. Ik zag in de opslagbox meerdere dozen, en 6 stapels met albums, welke ik herkende als Panini voetbalalbums.- Ik zag dat de rechter foto dateerde van 6 juli 2025 om 22:35 uur. Ik zag dat dit een foto van een slot betrof. Ik herkende deze foto als zijnde het slot van de opslagbox van Shurgard. De op 10 juli ter plaatse gekomen collega's hebben een fotogemaakt van het opgebroken slot. Ik zag dat dit slot overeen kwam met het slot op de foto.

- De in dit proces-verbaal omschreven foto's van de voetbalplaatjes, zijn afkomstig van de telefoon van [de verdachte] . Via het eBay-account [accountnaam 1] , wat tevens beheert werd door [de verdachte] , werden de weggenomen voetbalplaatjes te koop aangeboden. Een groot gedeelte van de foto's van de voetbalplaatjes, behorend bij de eBay-advertenties, komen overeen met de foto's omschreven in dit proces-verbaal.- In dit proces-verbaal van bevindingen wordt meermaals gerefereerd naar de locatie Steenplaetstraat in Rijswijk. Op dit adres is een vestiging van [bedrijfsnaam] gevestigd. Uit een proces-verbaal kwam naar voren dat [medeverdachte 2] in de periode tussen 7 juni 2025 en 11 september 2025 een opslagbox huurde bij de [bedrijfsnaam] vestiging in Rijswijk.

11. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 19 oktober 2025, voor zover inhoudende (p. 17-18) (dossier IV):

Aan het eBay-account [accountnaam 1] bleek het telefoonnummer [telefoonnummer 2] te zijn gekoppeld. Onderzoek in de politiesystemen wees uit dat het telefoonnummer [telefoonnummer 2] het laatst bekende telefoonnummer van [de verdachte] is. Uit de analyse van de gevorderde historische verkeersgegevens bleek het volgende.Voorverkenning

Op 6 juli 2025 tussen 19:06 en 19:45 uur vond er een voorverkenning plaats bij

Shurgard aan de [adres 1] in [plaats 2] . Het telefoonnummer [telefoonnummer 2] is op 6 juli 2025 vanaf 18:50 uur, gedurende 3574 seconden (59 minuten) verbonden geweest met een zendmast aan de [adres 4] in [plaats 2] . Deze zendmast bevindt zich op 107 meter afstand van de Shurgard locatie in [plaats 2] . Vanaf 20:09 uur was het telefoonnummer gedurende 6250 seconden (104 minuten) verbonden met een zendmast aan de Elandstraat 92 in ’s-Gravenhage. Ten tijde van de voorverkenning zijn er geen relevante gesprekken zichtbaar.

Diefstal Shurgard

Op 7 juli 2025 tussen 17:09 en 20:05 uur vond bij Shurgard in [plaats 2] de diefstal van de voetbalplaatjes plaats. Het telefoonnummer [telefoonnummer 2] is op 7 juli 2025 vanaf 16:05 uur gedurende 4645 seconden (77 minuten) verbonden geweest met een zendmast aan de [adres 4] in [plaats 2] . Deze zendmast bevindt zich op 107 meter afstand van de Shurgard locatie in [plaats 2] . Diezelfde dag, om 17:23, 17:42 en 17:55 uur is het telefoonnummer ook verbonden met de zendmast aan de [adres 4] in [plaats 2] . Tussen 20:39 en 22:05 uur is het telefoonnummer verbonden geweest met een zendmast aan de [adres 5] in Rijswijk. Deze zendmast bevindt zich op 885 meter van [bedrijfsnaam] aan de [adres 2] .

12. Het proces-verbaal van bevindingen , opgemaakt op 1 september 2025, voor zover inhoudende (p. 183-185) (dossier I):

Uit onderzoek bleek dat [de verdachte] voetbalplaatjes heeft aangeboden op het platform E-Bay met account [accountnaam 1] . Vervolgens zijn de identificerende financiële gegevens van het BSN-nummer van verdachte [de verdachte] gevorderd, waaruit onder andere het bankrekeningnummer [bankrekening 1] kwam.

Uit de analyse van de gevorderde historische financiële gegevens blijkt dat er in de periode van 1 juni 2025 tot en met 15 augustus 2025 63 transacties hebben plaatsgevonden van het bankrekeningnummer [bankrekening 1] , met rekeninghouder [de verdachte] . In totaal is er in de gevorderde periode van 1 juni 2025 tot en met 15 augustus op het bankrekeningnummer [bankrekening 1] 18.654,35 euro binnengekomen en 13.569,42 euro afgeschreven.

13. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 4 september 2025, voor zover inhoudende (p. 187-189) (dossier I):

Uit onderzoek bleek dat [de verdachte] voetbalplaatjes heeft aangeboden op het platform e-Bay met account [accountnaam 1] . Vervolgens zijn de identificerende financiële gegevens van het BSN nummer van verdachte [de verdachte] gevorderd, waaruit onder andere het bankrekeningnummer [bankrekening 2] kwam.

Uit de analyse van de historische financiële gegevens blijkt dat er in de periode van 1 juni 2025 tot en met 15 augustus 2025 233 transacties plaats hebben gevonden van het bankrekeningnummer [bankrekening 2] , met rekeninghouder [de verdachte] . In totaal is er in de periode van 1 juni 2025 tot en met 15 augustus 2025 op het bankrekeningnummer [bankrekening 2] 25.827,93 euro binnengekomen en 25.895,76 euro afgeschreven.

14. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 25 september 2025, voor zover inhoudende (p. 25-28) (dossier III):

Tijdens het verhoor van [de verdachte] . heeft hij tevens verklaard dat hij de helft van het ontvangen geld over heeft gemaakt naar [medeverdachte 2] en dat [medeverdachte 2] ook op de camerabeelden van de Shurgard te zien is. Daarnaast heeft [medeverdachte 2]

vanaf 7 juli 2025 tot en met 11 september 2025 een box gehuurd bij de [bedrijfsnaam] in Rijswijk.

In de gevorderde periode hebben er meerdere transacties plaatsgevonden met medeverdachte [de verdachte] , met bankrekeningnummer [bankrekening 2] . Dit was op de volgende momenten:

- Op 9 juni om 15:30 uur is er 30,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] ;

- Op 25 juni om 19:05 uur is er 60,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] ;

- Op 9 juli om 15:54 uur is er 50,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] ;

- Op 10 juli om 18:56 uur is er 50,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] ;

- Op 25 juli om 20:41 uur is er 940,00 euro afgeschreven naar [de verdachte] ;

- Op 6 augustus om 03:10 uur is er 225,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] ;

- Op 9 augustus om 01:10 uur is er 3.910,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] ;

- Op 9 augustus om 22:15 uur is er 775,00 euro afgeschreven naar [de verdachte] ;

- Op 13 augustus om 22:50 uur is er 1.487,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] ;

- Op 16 augustus om 03:13 uur is er 2.000,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] ;

- Op 16 augustus om 13:53 uur is er 250,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] ;

- Op 18 augustus om 14:49 uur is er 400,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] ;

- Op 20 augustus om 15:22 uur is er 130,00 euro afgeschreven naar [de verdachte] met als omschrijving 'Pakketj';

- Op 21 augustus om 12:38 uur is er 273,00 euro afgeschreven naar [de verdachte] ;

- Op 21 augustus om 13:28 uur is er 1.567,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] ;

- Op 22 augustus om 19:31 uur is er 6.823,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] met als omschrijving 'Verdeling winst';

- Op 25 augustus om 17:09 uur is er 1.650,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] ;

- Op 1 september om 12:36 uur is er 230,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] ;

- Op 2 september om 19:57 uur is er 50,00 euro afgeschreven naar [de verdachte] ;

- Op 3 september om 12:51 uur is er 1.500,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] ;

- Op 5 september om 14:29 uur is er 310,00 euro bijgeschreven van [de verdachte] ;

- Op 7 september om 18:08 uur is er 45,00 euro afgeschreven naar [de verdachte] .

Sinds de diefstal op 7 juli 2025, is er in totaal 2.213,00 euro overgemaakt naar [de verdachte] en is er 20.452,00 euro bijgeschreven door [de verdachte] .

Bewijsoverwegingen

Inleiding

Op grond van het procesdossier en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting stelt de rechtbank het volgende vast. Op 7 juli 2025 is uit een opslagbox van Shurgard in [plaats 2] (hierna: de opslagbox) een grote collectie Panini voetbalplaatjes, albums en stickers (hierna: de collectie) weggenomen. Hiertoe is het slot van de opslagbox opengebroken. Uit de beschikbare camerabeelden blijkt dat de collectie op 7 juli 2025 door vier personen, waaronder de verdachte, is ingeladen in busjes en dat de verdachte en een ander persoon de avond daarvoor ook al ongeveer 45 minuten in het pand van Shurgard aanwezig zijn geweest.

Feit 2: diefstal met braak in vereniging

De rechtbank moet beoordelen of de verdachte het oogmerk had om de collectie zich wederrechtelijk toe te eigenen en opzet had op het medeplegen van de diefstal met braak.

Uit de bewijsmiddelen en het verhandelde ter terechtzitting blijkt dat de verdachte op 6 juli 2025 bij Shurgard in [plaats 2] aanwezig is geweest en met een gele tas, een grijze zak en een zwart voorwerp en naar de opslagbox is gegaan. Voorts heeft de verdachte samen met drie andere personen de collectie op 7 juli 2025 vanuit de opslagbox in [plaats 2] naar een andere opslagbox bij [bedrijfsnaam] in Rijswijk verplaatst waarna hij de collectie gefotografeerd heeft en deze is gaan verkopen. Op de telefoon van de verdachte is een foto aantroffen waarop het slot van een opslagbox van Shurgard te zien is. Deze foto is op 6 juli 2025 gemaakt met de telefoon van de verdachte op het moment dat hij zich in het pand van Shurgard in [plaats 2] bevond. Het slot was op dat moment intact. Ook worden foto’s en video’s aangetroffen waarop de opslagbox met daarin de collectie van bovenaf zichtbaar is. Ook deze foto’s en video’s zijn op 6 juli 2025 gemaakt met de telefoon van de verdachte toen hij in het pand van Shurgard in [plaats 2] was. Gedurende de tijd dat de verdachte zich op 6 juli 2025 bij Shurgard in [plaats 2] bevond was zijn telefoon verbonden met een zendmast in de buurt van het pand van Shurgard.

De collectie is op 7 juli 2025 van 17:09 uur tot en met 20:05 uur uit de opslagbox gehaald en in twee busjes geladen. De telefoon van de verdachte was op deze dag vanaf 16:05 uur 77 minuten verbonden met een zendmast in de buurt van het pand van Shurgard. Zijn telefoon was die dag ook om 17:23, 17:42 en 17:55 uur verbonden met de laatstgenoemde zendmast.

Nadat de verdachte en de drie andere personen de collectie in de opslagbox bij [bedrijfsnaam] in Rijswijk hadden opgeslagen, is er met de telefoon van de verdachte een video gemaakt van de collectie in die opslagbox. Ook heeft de verdachte een foto van zichzelf gemaakt op het moment dat hij zich voor de gevel van [bedrijfsnaam] bevond.

Alternatief scenario

De verdachte heeft verklaard dat hij op 6 juli 2025 benaderd is door een persoon met de bijnaam ‘ [bijnaam 2] ’. [bijnaam 2] heeft de verdachte gevraagd om te helpen verhuizen, maar toen zij 6 juli 2025 aankwamen bij de opslagbox bleek [bijnaam 2] de sleutel van de box niet mee te hebben. Omdat [bijnaam 2] zijn telefoon in het café zou hebben laten liggen, zou de verdachte zijn telefoon aan [bijnaam 2] hebben uitgeleend terwijl de verdachte zelf even naar het toilet ging. De op 6 juli 2025 gemaakte foto’s en video’s zag de verdachte naar eigen zeggen pas achteraf.

De volgende dag zou de verdachte bij [bijnaam 2] hebben geïnformeerd hoe het stond met de verhuizing van de spullen bij Shurgard in [plaats 2] . Met [bijnaam 2] kwam hij overeen dat hij mee zou helpen verhuizen tegen een vergoeding van € 250,--.

Tijdens zijn eerste verhoor heeft de verdachte verklaard dat hij dacht dat de collectie van medeverdachte [medeverdachte 1] was. Met [medeverdachte 1] zou de verdachte uiteindelijk overeengekomen zijn dat hij uitbetaald zou worden in voetbalplaatjes in plaats van in geld. Hoeveel de voetbalplaatjes waard waren, wist de verdachte op het moment dat hij hiermee instemde naar eigen zeggen niet. De verdachte zou verder de voetbalplaatjes verkopen en de winst delen met [medeverdachte 1] . [medeverdachte 1] zou 90% krijgen en de verdachte de rest. De verdachte is vervolgens begonnen met het verkopen van de voetbalplaatjes en kreeg steeds nieuwe plaatjes van [medeverdachte 1] . De verdachte zou [medeverdachte 1] echter hebben belazerd en [medeverdachte 1] niets van de winst hebben gegeven en daarom zou [medeverdachte 1] gestopt zijn met het geven van voetbalplaatjes aan de verdachte.

Tijdens de terechtzitting heeft de verdachte verklaard dat hij dacht dat de collectie van [bijnaam 2] was en dat hij steeds nieuwe voetbalplaatjes van [bijnaam 2] kreeg om te verkopen.

De rechtbank acht het niet aannemelijk dat het door de verdachte geschetste alternatieve scenario zich heeft voorgedaan.

De verdachte heeft – ook na bevraging – geen nadere informatie en contactgegevens over [bijnaam 2] kunnen verstrekken en heeft weinig concreet verklaard wat er zich op 6 juli 2025 heeft voorgedaan toen de verdachte samen met een ander persoon bij Shurgard in [plaats 2] was. Zijn verklaring is hierdoor op dit punt oncontroleerbaar gebleken, terwijl het dossier ook anderszins geen aanknopingspunt biedt voor de juistheid van zijn verklaring. Dat hij zijn telefoon op 6 juli tijdens hun bezoek aan Shurgard aan [bijnaam 2] zou hebben uitgeleend en pas veel later de foto’s en filmpjes van de opslagbox zou hebben gezien, acht de rechtbank ongeloofwaardig.

Verder is er door de verdachte geen logische verklaring gegeven waarom hij uiteindelijk zou hebben ingestemd met uitbetaling in voetbalplaatjes terwijl hij niet wist hoeveel deze voetbalplaatjes waard zijn. In dit verband is opvallend dat de verdachte tijdens de terechtzitting heeft verklaard dat hij niets voor niets doet.

Verder heeft de verdachte op verschillende punten tegenstrijdig verklaard over wie de eigenaar zou zijn van de spullen die hij zou verhuizen en van wie hij de voetbalplaatjes ontving om te verkopen. Dit maakt het het door de verdachte geschetste scenario ook ongeloofwaardig.

Gelet op het voorgaande heeft de verdachte als heer en meester beschikt over de collectie en handelde hij, door eerst op voorverkenning te gaan en daarna de collectie weg te nemen, dus met het oogmerk van wederechtelijke toe-eigening.

Medeplegen

Door op voorverkenning te gaan, foto’s van de opslagbox en het slot te maken, één dag later de collectie in te laden en die vervolgens naar een andere locatie te brengen, heeft verdachte een wezenlijke bijdrage aan de inbraak geleverd en is er sprake van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en zijn medeverdachten gericht op het voltooien van de diefstal.

Braak

De verdachte heeft de dag voor de diefstal van de collectie een foto gemaakt van het slot van de opslagbox waar de collectie in was opgeslagen. Op die foto was het slot intact. Het slot is voorafgaand aan het inladen van de collectie in de busjes opengebroken. De rechtbank komt dan ook tot het oordeel dat er wel degelijk sprake is van braak. Dat de verdachte mogelijk niet zelf het slot heeft opengebroken doet niet ter zake nu er sprake is van medeplegen. De verdachte wist bovendien dat het slot verbroken moest worden om de collectie te kunnen bemachtigen.

Partiële vrijspraak van de waarde van de Panini collectie

De aangever verklaart in de aangifte dat zijn Panini collectie een waarde had van ongeveer € 500.000,--. De rechtbank kan thans op basis van het dossier, onder meer omdat geen inventaris beschikbaar is die dateerde van vóór de diefstal en gelet op latere waardebepalingen, niet tot een bewezenverklaring van dat onderdeel van de tenlastelegging komen. De rechtbank zal de verdachte van dit punt partieel vrijspreken.

Conclusie

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte zich op 7 juli 2025 schuldig heeft gemaakt aan diefstal met braak in vereniging.

Feit 1: medeplegen van witwassen

De rechtbank heeft, gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, geoordeeld dat de onder feit 1 ten laste gelegde voorwerpen onmiddellijk afkomstig zijn uit een door de verdachte zelf begaan misdrijf. Uit de wetsgeschiedenis volgt dat ook in het geval het witwassen de opbrengsten van eigen misdrijf betreft, van de witwasser in beginsel een handeling wordt gevergd die erop is gericht "om zijn criminele opbrengsten veilig te stellen". Er moet dus sprake zijn van een gedraging die meer omvat dan alleen het verwerven of voorhanden hebben van een door eigen misdrijf verkregen voorwerp.

Wanneer het gaat om het verwerven of voorhanden hebben van een voorwerp dat afkomstig is uit een door de verdachte zelf begaan misdrijf, moeten daarom bepaaldelijk eisen worden gesteld aan de motivering van het oordeel dat sprake is van (schuld)witwassen. Uit die motivering moet kunnen worden afgeleid dat de verdachte het voorwerp niet slechts heeft verworven of voorhanden heeft gehad, maar dat zijn gedragingen ook (kennelijk) gericht zijn geweest op het daadwerkelijk verbergen of verhullen van de criminele herkomst van het voorwerp.

De rechtbank leidt uit het dossier en het onderzoek ter terechtzitting de volgende feiten en omstandigheden af. De verdachte heeft de collectie verplaatst naar een opslagbox in een andere plaats bij een andere partij, gefotografeerd en onderdelen van de collectie te koop aangeboden via de veilingsite Ebay. De verdachte kreeg de opbrengst van die verkoop op zijn bankrekening uitbetaald , waarna hij die winst meteen overboekte naar andere rekeningnummers. Op grond van de hiervoor opgesomde feiten en omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat de verdachte de collectie heeft verworven, voorhanden heeft gehad, handelingen heeft verricht die er naar hun uiterlijke verschijningsvorm (kennelijk) op gericht zijn geweest de collectie om te zetten en van de opbrengsten van de verkoop van de collectie gebruik te maken. De rechtbank is ook van oordeel dat de verdachte met deze gedragingen en in het bijzonder het onderbrengen van de collectie in de opslagbox van medeverdachte [medeverdachte 2] en het verkopen van de collectie in kleine onderdelen (waardoor deze onderdelen niet zonder meer waren te herkennen als afkomstig van de collectie) de herkomst heeft verborgen of verhuld dan wel heeft verborgen of heeft verhuld wie de rechthebbende op de collectie was.

Dat hierbij sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking met de medeverdachte blijkt uit het feit dat de collectie eerst is overgebracht naar een andere opslagbox die gehuurd werd door medeverdachte [medeverdachte 2] . Medeverdachte [medeverdachte 2] stuurde ook weleens berichten met adressen waar de verkochte goederen naartoe gestuurd moesten worden. Daarnaast werd de winst tussen beiden verdeeld. Op grond van het voorgaande oordeelt de rechtbank dat sprake is geweest van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en zijn medeverdachte die in de kern bestaat uit een gezamenlijke uitvoering. Daarmee acht de rechtbank ook het tenlastegelegde medeplegen bewezen.

Partiële vrijspraak van de waarde van de Panini collectie

Ook ten aanzien van het witwasfeit komt de rechtbank tot een partiële vrijspraak van de waarde van de Panini collectie van € 500.000,--, gelet de redenen zoals die hiervoor onder feit 2 zijn genoemd.

Conclusie

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte zich in de ten laste gelegde periode schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van witwassen.

De bewezenverklaring

De rechtbank is met betrekking tot de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten van oordeel dat deze feiten wettig en overtuigend zijn bewezen.

De rechtbank verklaart ten laste van de verdachte bewezen dat:

1hij in de periode van 7 juli 2025 tot en met 8 september 2025 in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen, een collectie Panini voetbalplaatjes, albums en stickers, en geldbedragen,

- de herkomst daarvan heeft verborgen en/of heeft verhuld,

- heeft verborgen of heeft verhuld wie de rechthebbende op die voorwerpen was, en

- heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen, heeft omgezet, en gebruik van heeft gemaaktterwijl hij, verdachte, wist dat die voorwerpen onmiddellijk afkomstig waren uit enig misdrijf;

2hij op 7 juli 2025 te [plaats 2] tezamen en in vereniging anderen, een collectie Panini voetbalplaatjes, albums en stickers die aan [aangever] toebehoorde heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en die weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van braak.

Voor zover in de tenlastelegging type- en taalfouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd en gecursiveerd weergegeven, zonder dat de verdachte daardoor in de verdediging is geschaad.

4. De strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het bewezen verklaarde is volgens de wet strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

5. De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is eveneens strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

6. De strafoplegging

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van achttien maanden, met aftrek van de tijd in voorarrest doorgebracht, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren en als bijzondere voorwaarden een meldplicht bij de reclassering, het vinden en behouden van dagbesteding en ambulante begeleiding.

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft de rechtbank verzocht om aan de verdachte geen langere onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen dan hij reeds in voorarrest heeft gezeten.

Het oordeel van de rechtbank

Na te melden straf is in overeenstemming met de ernst van det gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en gegrond op de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan tijdens het onderzoek op de terechtzitting is gebleken.

De rechtbank neemt hierbij in het bijzonder het volgende in aanmerking.

Ernst van het feit

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan diefstal met braak in vereniging en het medeplegen van witwassen van een grote collectie voetbalplaatjes, albums en stickers. Deze collectie vertegenwoordigde een grote waarde, hetgeen onder meer blijkt uit de bedragen waarvoor de verdachte voetbalplaatjes heeft verkocht, en vormde de pensioenvoorziening van de aangever. De verdachte heeft een deel van de collectie verkocht en tot op heden is onbekend gebleven waar de rest van de collectie is. Het lijkt er op dat het slachtoffer zijn verzameling definitief kwijt is en uit de slachtofferverklaring blijkt dat het slachtoffer diep getroffen is door het verlies van zijn collectie. Het slachtoffer heeft veel tijd, geld en energie in zijn verzameling gestoken en dit had hem financiële zekerheid voor de toekomst moeten geven. Het verlies van de collectie heeft het slachtoffer zodanig geraakt dat hij is doorverwezen naar een psycholoog. De met de verkoop verdiende geldbedragen zijn terecht gekomen bij de verdachte en zijn medeverdachte. Door het witwassen is geprobeerd aan de geldbedragen een schijnbaar legale herkomst te geven. De verdachte heeft zich hierbij niet bekommerd om de belangen van het slachtoffer en de schade die hierdoor is veroorzaakt, maar heeft enkel oog gehad voor het financiële gewin van zichzelf en zijn medeverdachte. Witwassen vormt een bedreiging van de legale economie en tast de integriteit van het financiële en economische verkeer aan, mede vanwege de corrumperende invloed ervan op het reguliere handelsverkeer, en is daarmee een bedreiging voor de samenleving. De rechtbank vindt dit dan ook ernstige feiten.

Strafblad

De rechtbank heeft kennisgenomen van het strafblad van de verdachte van 21 november 2025. Daaruit blijkt dat de verdachte reeds eerder onherroepelijk voor soortgelijke feiten is veroordeeld. De rechtbank weegt dit mee als een strafverzwarende omstandigheid.

Persoon van de verdachte

De rechtbank heeft kennisgenomen van een reclasseringsadvies over de verdachte van 19 januari 2026, waaruit volgt dat de verdachte financiële en meerdere praktische problemen heeft. De verdachte heeft geen stabiele huisvesting, geen inkomen en zinvolle dagbesteding en onvoldoende vaardigheden om zijn problemen op te lossen. De reclassering schat het recidiverisico in op gemiddeld. De reclassering adviseert bij veroordeling van de verdachte hem op te leggen een (deels) voorwaardelijke straf met als bijzondere voorwaarden een meldplicht bij de reclassering, het vinden en behouden van dagbesteding en ambulante begeleiding.

Straf

De rechtbank heeft bij de bepaling van de strafmodaliteit en strafmaat aansluiting gezocht bij wat doorgaans voor soortgelijke gevallen wordt opgelegd. In het voorgaande en in de omstandigheid dat de rechtbank niet alle onderdelen van de tenlastelegging bewezen acht, ziet de rechtbank reden af te wijken van de eis van de officier van justitie.

Gelet op wat hiervoor is overwogen, is de rechtbank van oordeel dat niet kan worden volstaan met een lichtere of andere sanctie dan een straf die deels onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming van na te melden duur met zich brengt. De rechtbank zal aan verdachte een gevangenisstraf opleggen van veertien maanden, waarvan vier voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren en de bijzondere voorwaarden, zoals geadviseerd door de reclassering.

De rechtbank acht een voorwaardelijke gevangenisstraf passend, enerzijds om de ernst van het gepleegde feit tot uitdrukking te brengen en anderzijds om de verdachte ervan te weerhouden zich in de toekomst opnieuw aan strafbare feiten schuldig te maken.

7. De vordering van de benadeelde partij/de schadevergoedingsmaatregel

[aangever] heeft zich als benadeelde partij gevoegd in het strafproces en vordert een schadevergoeding van € 997.501,-, te vermeerderen met de wettelijke rente. Dit bedrag bestaat uit € 995.001,- aan materiële schade en € 2.500,- aan immateriële schade. De benadeelde partij vordert voorts een proceskostenvergoeding van € 7.431,-.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie concludeert tot hoofdelijke toewijzing van de vordering van de benadeelde partij tot een bedrag van € 500.000,-. Dit bedrag bestaat uit materiële schade. De officier van justitie concludeert de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk in zijn vordering. De proceskostenvergoeding van € 7.431,- komt volledig voor toewijzing in aanmerking.

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft zich primair op het standpunt gesteld dat de benadeelde partij, gelet op de bepleite vrijspraak, niet-ontvankelijk moet worden verklaard. Subsidiair verzoekt de raadsvrouw de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren omdat behandeling van de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding met zich brengt. Ten aanzien van de proceskosten refereert de raadsvrouw zich aan het oordeel van de rechtbank.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in de vordering. Ter terechtzitting is de vordering door de verdachte betwist en namens de benadeelde partij onvoldoende onderbouwd. De vordering tot schadevergoeding is drie werkdagen voor de zitting zonder, althans beperkte, toelichting daarop aan de procespartijen overgelegd. Een toelichting volgde 28 januari 2026 tijdens de behandeling ter terechtzitting. De rechtbank acht zich niet verzekerd dat de beide partijen in voldoende mate in de gelegenheid zijn geweest om naar voren te brengen hetgeen zij ter staving van de vordering, onderscheidenlijk tot verweer tegen de vordering, kunnen en willen aanvoeren en, voor zover nodig en mogelijk, daarvan bewijs kunnen leveren. De partijen daartoe de gelegenheid geven zou aanhouding van de behandeling van de zaak tot gevolg hebben, hetgeen een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert.

De benadeelde partij kan de vordering daarom slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

Dit brengt mee dat de benadeelde partij moet worden veroordeeld in de kosten die de verdachte tot aan deze uitspraak in verband met zijn verdediging tegen die vordering heeft moeten maken. De rechtbank begroot deze kosten op nihil.

8. De inbeslaggenomen voorwerpen

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft voorts gevorderd dat de op de lijst van inbeslaggenomen voorwerpen (beslaglijst, die als bijlage A aan dit vonnis is gehecht) onder 5 genoemde voorwerpen zullen worden onttrokken aan het verkeer. De officier van justitie heeft omtrent het onder 9 genoemde voorwerp geen standpunt ingenomen.

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank zal de op de beslaglijst onder 5 genoemde voorwerpen onttrekken aan het verkeer. Deze voorwerpen zijn voor onttrekking aan het verkeer vatbaar, aangezien deze voorwerpen van zodanige aard zijn dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of met het algemeen belang.

Nu het belang van strafvordering zich daartegen niet verzet, zal de rechtbank de teruggave aan [de verdachte] gelasten van het op de beslaglijst onder 9 genoemde voorwerp.

9. De toepasselijke wetsartikelen

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen:

- 14a, 14b, 14c, 36b, 36d, 47, 57, 311, 420bis van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak rechtens gelden.

10. De beslissing

De rechtbank:

verklaart wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten heeft begaan, zoals hierboven onder 3.5 bewezen is verklaard;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en dat het bewezen verklaarde uitmaakt:

ten aanzien van feit 1:

witwassen;

ten aanzien van feit 2:

diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak;

verklaart de verdachte daarvoor strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot:

een gevangenisstraf voor de duur van 14 (VEERTIEN) MAANDEN;

bepaalt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijk gedeelte van de hem opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;

bepaalt dat een gedeelte van die straf, groot 4 (VIER) MAANDEN, niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op twee jaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

en onder de bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde:

- zich gedurende de proeftijd meldt op afspraken bij Reclassering Nederland op door de reclassering te bepalen tijdstippen, zo frequent en zolang de reclassering dat noodzakelijk acht;

- zich gedurende de proeftijd inspant voor het vinden en behouden van betaald werk, onbetaald werk en/of vrijetijdsbesteding met een vaste structuur;

- zich gedurende de proeftijd onder behandeling stelt van Humanitas Homerun of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De begeleiding zal zich richten op het op orde brengen en houden van zijn praktische zaken en huisvesting. De behandeling duurt de gehele proefperiode of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. De veroordeelde houdt zich aan de huisregels en aanwijzingen die de zorgverlener heeft voor de begeleiding;

geeft opdracht aan Reclassering Nederland tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;

voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd:

- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

- medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht daaronder begrepen;

de vordering van de benadeelde partij;

bepaalt dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk is in de vordering tot schadevergoeding en dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

veroordeelt de benadeelde partij in de kosten door de verdachte ter verdediging tegen die vordering gemaakt, tot op heden begroot op nihil;

de inbeslaggenomen goederen;

verklaart onttrokken aan het verkeer de op de beslaglijst onder 5 genoemde voorwerpen, te weten: 2 STK Pas (politiebadge met goednummer PL1500-2025298757-G3383591);

gelast de teruggave aan [de verdachte] van het op de beslaglijst onder 9 genoemde voorwerp, te weten: 1 DS Doos (opdruk 'Cartier' met goednummer PL1500-2025298757-G3383596).

Dit vonnis is gewezen door

mr. G.A. van Essen, voorzitter,

mr. Y.J. Wijnnobel-van Erp, rechter,

mr. R. Wieringa, rechter,

in tegenwoordigheid van mr. F.A.M Schuijt en mr. E.M van Ginkel, griffiers,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 11 februari 2026.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. G.A. van Essen
  • mr. Y.J. Wijnnobel-van Erp
  • mr. R. Wieringa

Griffier

  • mr. F.A.M Schuijt en mr. E.M van Ginkel

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?