RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres], eiseres,
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.21034
V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. E. Sahin),
en
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van gezinshereniging voor haar echtgenoot [persoon].
Verweerder heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om een verweerschrift in te dienen.
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.
Overwegingen
1. De rechtbank is van oordeel dat eiseres geen belang meer heeft bij de inhoudelijke behandeling van haar beroep. Uit het procesdossier stelt de rechtbank vast dat de echtgenoot van eiseres op 6 mei 2025 een asielaanvraag heeft ingediend in Nederland. Daarmee is het afgeven van een machtiging tot voorlopig verblijf voor het inreizen van Nederland niet langer noodzakelijk. De echtgenoot van eiseres kan door het indienen van deze aanvraag niet in een gunstigere positie komen dan bij zijn asielprocedure. Bovendien heeft de echtgenoot van eiseres in zijn asielprocedure de gelegenheid om voor een afgeleide asielvergunning in aanmerking te komen door verweerder te verzoeken om zijn aanvraag te toetsen aan de criteria van het nareisbeleid. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk.
2. Voor een proceskostenvergoeding bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan op 27 augustus 2026 door mr. M.L. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van mr. A.S.J.I. Hendrickx, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
Deze uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.