RECHTBANK DEN HAAG
[verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker (gemachtigde: mr. S.N. Ali),
de minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. N. Schoonbrood).
uitspraak
Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL26.30672
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
en
Procesverloop
Bij besluit van 27 mei 2026 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Letland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de zaak NL26.30671, op 7 juli 2026 op zitting behandeld. Namens verzoeker is de gemachtigde verschenen. De minister heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.30671, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. G.P. Loman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. K.L.H. Thomas, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
16 juli 2026