ECLI:NL:RBDHA:2026:25352

ECLI:NL:RBDHA:2026:25352

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 13-07-2026
Datum publicatie 03-09-2026
Zaaknummer NL25.31270
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Asiel, Venezuela, problemen van eiseres met colectivos en een andere aan de staat gelieerde factie ten onrechte ongeloofwaardig geacht, standpunt zwaarwegendheid onvoldoende gemotiveerd, beroep gegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

de minister van Asiel en Migratie, de minister

Samenvatting

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.31270

[eiseres] en haar minderjarige dochter [minderjarige] ,

respectievelijk V-nummer: [V-nummer] en [V-nummer] , eiseres

(gemachtigde: mr. S.J. Koolen),

en

(gemachtigde: mr. H.J. Metselaar).

1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de asielaanvraag van eiseres als bedoeld in artikel 28 van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw). Eiseres is het hier niet mee eens. Zij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de asielaanvraag.

2. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag niet in stand kan blijven. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

3. Eiseres heeft voor zichzelf en haar minderjarige dochter een aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Zij stelt van Venezolaanse nationaliteit te zijn en te zijn geboren op [geboortedatum] 1984. De minister heeft met het bestreden besluit van 17 juni 2025 deze aanvraag in de verlengde procedure afgewezen als ongegrond.

4. Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. De minister heeft een verweerschrift ingediend.

5. De rechtbank heeft het beroep op 16 april 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres, A. Koster als tolk en de gemachtigde van de minister.

Beoordeling door de rechtbank

Het asielrelaas

6. Eiseres legt aan haar asielaanvraag het volgende ten grondslag. Eiseres heeft tussen 2017 en 2021 deelgenomen aan protesten tegen de regering. Ook deelde zij water en brood uit aan demonstranten. In 2021 werd eiseres bij haar werk meermaals opgewacht en achtervolgd door mannen in zwarte pakken die deel uitmaken van [naam] – een aan de overheid verbonden groep/inlichtingendienst. Eiseres heeft vanwege die intimidatie ontslag genomen. In 2023 is eiseres op straat aangevallen door een groep mannen waarvan zij vermoedt dat het om colectivos (gewapende paramilitairen) gaat. Eiseres heeft daarop met een visum legaal het land verlaten.

Het bestreden besluit

7. Het asielrelaas van eiseres bevat volgens de minister de volgende asielmotieven:

a. deelname aan protesten in Venezuela tussen 2017 en 2021 waarbij eiseres water en brood uitdeelde en;

b. ondersteuning van Vente Hollanda (een Venezolaanse politieke beweging) sinds haar aankomst in Nederland.

3. Problemen met [naam] of een soortgelijke aan de staat gelieerde factie.

4. Problemen met colectivos.

De minister stelt zich hierover op het standpunt dat het eerste en het tweede asielmotief geloofwaardig zijn. Het derde en het vierde asielmotief vindt de minister niet geloofwaardig.

8. Ten aanzien van het derde asielmotief werpt de minister tegen dat de verklaringen van eiseres geen samenhangend en aannemelijk geheel vormen. In dit kader overweegt de minister dat het slechts een aanname is van eiseres dat de mannen in zwarte pakken die haar opwachtten op haar werk en naar haar vroegen, bij de staat of een gelieerde groepering horen. Ook vindt de minister de verklaringen van eiseres over het doel van de achtervolging vaag en haar verklaringen over de werkwijze van de mannen bevreemdend. Verder vindt de minister het bevreemdend dat de achtervolging door de mannen acuut na haar ontslag stopte. Verder overweegt de minister dat de omstandigheden dat eiseres zonder belemmeringen aangifte kon doen en het land legaal kon verlaten, niet duiden op een acute dreiging. Ten slotte vindt de minister dat de mate waarin eiseres actief was, niet rijmt met haar verklaringen over de mate waarin de mannen in haar geïnteresseerd waren.

9. Ook ten aanzien van het vierde asielmotief werpt de minister tegen dat de verklaringen van eiseres geen samenhangend en aannemelijk geheel vormen. Hiertoe overweegt de minister dat het onduidelijk is wat de aanleiding voor de aanval was. Verder overweegt de minister dat de stelling van eiseres over de motieven van de daders, geen basis vindt in haar verklaringen. Ten slotte vindt de minister dat eiseres niet concreet heeft gemaakt waarop zij baseert dat de daders colectivos waren.

10. Ten aanzien van zowel het derde als het vierde asielmotief werpt de minister tegen dat eiseres haar aanvraag niet zo spoedig mogelijk heeft ingediend. Zij is namelijk op 9 juli 2023 legaal Nederland ingereisd, maar heeft pas op 1 augustus 2023 een asielaanvraag ingediend. Dat eiseres eerst tijd wilde doorbrengen met haar zoon die zij 6 jaar niet gezien had, vindt de minister geen verschoonbare reden.

11. In het kader van de zwaarwegendheid stelt de minister zich ten aanzien van de geloofwaardig geachte asielmotieven op het standpunt dat eiseres haar vrees voor vervolging, omdat de autoriteiten haar activiteiten als steun aan de oppositie kunnen zien, niet aannemelijk heeft gemaakt. Eiseres voldoet niet aan het risicoprofiel zoals omschreven in het landenbeleid voor Venezuela. Ook heeft eiseres volgens de minister niet aannemelijk gemaakt dat zij bij terugkeer een reëel risico loopt op ernstige schade. De minister concludeert daarom dat eiseres niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning asiel op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a of b, van de Vw.

De beroepsgronden en het oordeel van de rechtbank

Geloofwaardigheidsbeoordeling: alle asielmotieven geloofwaardig

12. Eiseres voert aan dat de minister zich onvoldoende gemotiveerd op het standpunt heeft gesteld dat het derde en het vierde asielmotief ongeloofwaardig zijn. Eiseres betoogt dat, in het licht van alle geloofwaardig geachte omstandigheden en de algemene situatie in Venezuela, de minister haar het voordeel van de twijfel had moeten geven voor wat betreft de actoren van de intimidatie (asielmotief 3) en van de aanval (asielmotief 4). Dat eiseres niet met absolute zekerheid kan zeggen dat dit mannen van [naam] (of een soortgelijke aan de staat gelieerde factie) respectievelijk colectivos waren, doet niet af aan de plausibiliteit en coherentie van haar verklaringen. Dit kan volgens eiseres enkel afbreuk doen aan de geloofwaardigheid, als de minister onderbouwt dat eiseres bepaalde kennis wel had moeten of kunnen hebben. Daarnaast meent eiseres dat bepaalde tegenwerpingen van de minister niet onderbouwd en dus niet deugdelijk gemotiveerd zijn. Zo stelt de minister dat het profiel van eiseres niet past bij de mate waarin de mannen in haar geïnteresseerd waren, terwijl uit landeninformatie blijkt dat de Venezolaanse autoriteiten vaak willekeurig handelen. Ook de tegenwerpingen van de minister dat het vreemd is dat de bedreigers zijn gestopt met de vervolging nadat eiseres ontslag nam, dat eiseres gesignaleerd had moeten worden bij uitreis als zij daadwerkelijk vervolgd werd, en dat het vreemd is dat eiseres zonder represailles aangifte heeft kunnen doen, zijn niet onderbouwd en gaan voorbij aan wat bekend is over de algemene situatie in Venezuela. Ten aanzien van de tegenwerping dat eiseres niet onmiddellijk asiel heeft aangevraagd, betoogt eiseres dat zij hiervoor een redelijke verklaring heeft gegeven. Zij was ingereisd met een visum en verbleef dus legaal in Nederland. Aangezien zij geen risico liep om uitgezet te worden, koos zij ervoor om eerst te herstellen van ziekte en om haar zoon op te zoeken, die zij 6 jaar geleden naar België had gestuurd voor zijn veiligheid.

13. De rechtbank stelt vast dat de minister geloofwaardig heeft geacht dat eiseres politiek actief was, heeft deelgenomen aan demonstraties tegen de regering en water en brood heeft uitgedeeld aan demonstranten vanuit de bank waar zij werkte. Niet in geschil is dat zij sindsdien werd achtervolgd en in de gaten werd gehouden door mannen in zwarte pakken bij haar werk. Evenmin is in geschil dat eiseres aangifte heeft gedaan tegen deze mannen en dat zij ontslag heeft genomen bij de bank vanwege de intimidatie. Ook dat eiseres in maart 2023 op straat is aangevallen door in het zwart geklede mannen op motorfietsen is niet betwist door de minister. De minister heeft enkel ongeloofwaardig geacht dat de bedreigers bij het werk van eiseres bij [naam] of een soortgelijke aan de staat gelieerde groep hoorden, en dat de in het zwart geklede mannen op motorfietsen colectivos waren.

14. De rechtbank is met eiseres van oordeel dat de minister zich onvoldoende gemotiveerd op het standpunt heeft gesteld dat het, mede vanwege het beperkte profiel van eiseres, ongeloofwaardig is dat [naam] of een soortgelijke aan de staat gelieerde groep achter de bedreigingen zat, en dat colectivos achter de aanval zaten. Eiseres heeft verwezen naar meerdere bronnen waaruit volgt dat de Venezolaanse autoriteiten zich schuldig maken aan repressieve maatregelen om een klimaat van angst en intimidatie te creëren onder de bevolking. Uit de door eiseres aangehaalde landeninformatie volgt ook dat gewapende burgermilities, colectivos, een grote rol spelen in deze repressie en hiervoor nauw samenwerken met de Venezolaanse autoriteiten. Verder heeft eiseres gewezen op verschillende bronnen waarin wordt gesproken over intimidatie en ontvoeringen door in het zwart geklede mannen, al dan niet op motorfietsen. Uit de overgelegde informatie blijkt niet dat de aandacht van de autoriteiten beperkt is tot personen met een groter bereik, integendeel. De minister heeft geen landeninformatie overgelegd waarmee dit wordt weerlegd. Evenmin heeft de minister inconsistenties of tegenstrijdigheden geconstateerd in de verklaringen van eiseres.

15. Ten aanzien van de tegenwerpingen van de minister dat de mate van interesse in eiseres niet past bij haar profiel en dat het niet voor de hand ligt dat eiseres zonder problemen Venezuela heeft kunnen verlaten, overweegt de rechtbank als volgt. Eiseres heeft terecht gewezen op de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) van 22 maart 2023. Hierin wordt, op grond van objectieve bronnen, door de Afdeling bevestigd dat ook personen die geen significante kritiek uiten met vervolging te maken kunnen krijgen. Ook volgt uit deze uitspraak dat de legale uitreis niet aan personen zoals eiseres kan worden tegengeworpen in het kader van de geloofwaardigheid, aangezien niet duidelijk is of Venezolaanse autoriteiten bij de grens altijd controleren of iemand gezocht wordt. De minister heeft verwezen naar het Algemeen ambtsbericht van Venezuela van juni 2020, waaruit volgt dat de autoriteiten bepaalde lijsten hebben met daarop mensen die worden gevolgd, zoals leden van de oppositie. Dit neemt, naar het oordeel van de rechtbank, niet weg dat niet bekend is of bij uitreis altijd gecontroleerd wordt of iemand gezocht wordt. Bovendien wordt uit de landeninformatie niet duidelijk of iemand als eiseres ook op een dergelijke lijst zou moeten staan. Gelet op het voorgaande, heeft de minister deze tegenwerpingen niet deugdelijk gemotiveerd.

16. Ook ten aanzien van de tegenwerping dat het vreemd is dat eiseres zonder represailles aangifte kon doen en de tegenwerping ter zitting dat het vreemd is dat zij aangifte zou doen bij een overheid die zij zegt te vrezen, volgt de rechtbank het betoog van eiseres dat de minister dit niet heeft onderbouwd en dus niet deugdelijk heeft gemotiveerd. Eiseres verwijst naar verschillende objectieve bronnen waaruit blijkt dat [plaats 1] een bolwerk van de oppositie is. Zo wijst eiseres onder meer op een nieuwsartikel over strijd tussen de nationale politie en de lokale politie van [plaats 1] . Eiseres heeft hiermee voldoende onderbouwd dat de lokale politie van [plaats 1] niet zonder meer op één lijn kan worden gesteld met ‘de autoriteiten die eiseres vreest’, zodat de omstandigheid dat zij zonder problemen aangifte kon doen bij die lokale politie, geen afbreuk doet aan de geloofwaardigheid van haar problemen met de Venezolaanse autoriteiten. Eiseres heeft verder toegelicht dat zij aangifte deed omdat het een recht is dat zij had als burger van Venezuela en dat zij dit deed om iets vast te leggen, om te laten weten dat zij werd vervolgd, ondanks dat zij wist dat de politie haar niet zou beschermen. De rechtbank acht het doen van aangifte door eiseres niet vreemd.

17. Verder is de rechtbank van oordeel dat de minister ten onrechte aan eiseres heeft tegengeworpen dat zij niet onmiddellijk asiel heeft aangevraagd. De minister heeft hierover ten onrechte overwogen dat eiseres hierover tegenstrijdig heeft verklaard. Bij haar asielaanvraag heeft eiseres verklaard dat zij eerst graag haar zoon wilde zien, en tijdens het aanmeldgehoor heeft eiseres verklaard dat zij ziek was bij aankomst en dat zij daarnaast haar zoon wilde zien. Deze verklaringen zijn, in tegenstelling tot wat de minister stelt, niet tegenstrijdig. Omdat de minister (verder) niet heeft gemotiveerd wat maakt dat de verklaring voor het niet zo spoedig mogelijk indienen van het asielverzoek ‘niet goed’ is, heeft de minister dit niet mogen tegenwerpen.

18. In zijn verweerschrift heeft de minister nog opgemerkt dat het vreemd is dat eiseres, na de aanval op straat door mannen op motorfietsen, is gaan onderduiken bij haar vader, terwijl ze heeft verklaard dat haar vader politiek actief was (en dus, naar de rechtbank begrijpt, zelf een risico zou kunnen lopen van de zijde van de autoriteiten). Hierover overweegt de rechtbank ten eerste dat uit de verklaringen van eiseres niet blijkt dat haar vader al politiek actief was op het moment dat eiseres daar ging onderduiken. Uit de verklaringen van eiseres volgt dat haar vader vanaf oktober 2022 zijn interesse in de partij [partijnaam] met haar besprak, en dat hij actief werd voor de partij in augustus 2023. Eiseres is echter op 15 maart 2023 al bij hem gaan onderduiken. Ten tweede heeft eiseres ter zitting terecht opgemerkt dat het opmerkelijk is dat de minister kennelijk op basis van beperkte informatie aanneemt dat haar vader in de negatieve aandacht van de autoriteiten zou staan vanwege zijn politieke activiteiten, terwijl de minister dit ten aanzien van eiseres juist niet aanneemt. De motivering van de minister is in zoverre inconsequent.

19. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat de minister zich onvoldoende gemotiveerd op het standpunt heeft gesteld dat het derde en vierde asielmotief ongeloofwaardig zijn. De beroepsgrond slaagt. Het beroep is reeds hierom gegrond. De rechtbank zal het bestreden besluit vernietigen.

20. De rechtbank verwijst naar de arresten Ebilum en Quotal. Uit deze arresten volgt dat de bestuursrechter bevoegd is om een bindende uitspraak te doen over de geloofwaardigheid van het asielrelaas, over de aannemelijkheid van de vrees voor vervolging of het reële risico op ernstige schade en – uiteindelijk – ook over de gegrondheid van het asielverzoek.

21. De rechtbank ziet aanleiding om ten aanzien van de geloofwaardigheid van het asielrelaas bindende uitspraak te doen. De rechtbank is op basis van het onderzoek van oordeel dat de vier asielmotieven alle geloofwaardig zijn.

Zwaarwegendheid: beoordeling door de minister onvoldoende

22. Eiseres voert aan dat de minister zich onvoldoende gemotiveerd op het standpunt heeft gesteld dat eiseres bij terugkeer naar Venezuela geen gegronde vrees heeft voor vervolging, dan wel geen reëel risico loopt op ernstige schade. Niet in geschil is dat eiseres in Venezuela heeft geprotesteerd tegen de regering en dat zij zich ook in Nederland, zowel online als fysiek, kritisch uit over de Venezolaanse overheid. Ter onderbouwing hiervan heeft eiseres een groot aantal links en schermafbeeldingen overgelegd van haar activiteiten op sociale media en foto’s van haar deelname aan een demonstratie in Nederland. Eiseres heeft verwezen naar verschillende bronnen die een toegenomen repressie onderstrepen en waaruit volgt dat critici, ongeacht hun niveau of bereik, risico lopen op vervolging. Eiseres heeft een rapport van [persoon1] overgelegd waarin de algemene situatie in Venezuela voor wat betreft telefooncontroles wordt beschreven. Eiseres stelt dat zij bij terugkeer een reëel risico loopt gelet op de inhoud van haar telefoon en de (sociale media) activiteiten die zij in Nederland heeft verricht. Verder heeft eiseres een rapport van [persoon2] overgelegd over onder meer de algemene situatie in Venezuela na de ontvoering van Maduro en de vraag in welke mate telefooncontroles in Venezuela plaatsvinden. Ook heeft eiseres een rapport van [persoon3] overgelegd ter onderbouwing van haar standpunten. Eiseres betoogt dat het landenbeleid van de minister ten aanzien van Venezuela verouderd is en dat de actuele ontwikkelingen daarin niet zijn meegenomen. Ten slotte voert eiseres aan dat de minister zich onvoldoende gemotiveerd op het standpunt heeft gesteld dat niet aannemelijk is dat eiseres in beeld is bij de autoriteiten.

23. De minister stelt zich, kort gezegd, op het standpunt dat niet is gebleken dat de algemene situatie voor politiek activisten in Venezuela dermate slecht is dat eiseres bij terugkeer een reëel risico loopt op ernstige schade. Daarnaast stelt de minister zich op het standpunt dat de kritiek die eiseres uit op de autoriteiten, niet significant is. Hierdoor valt zij volgens de minister niet onder een risicoprofiel. Zoals eerder in deze uitspraak besproken, acht de minister het ongeloofwaardig dat eiseres vanwege haar politieke activiteiten in de negatieve aandacht stond van de autoriteiten. De minister overweegt dat er geen aanwijzingen zijn dat eiseres nu wel in de negatieve aandacht zou staan. Volgens de minister houden Venezolaanse autoriteiten bovendien geen landgenoten in het buitenland in de gaten. De minister concludeert daarom dat eiseres haar persoonlijke vrees niet aannemelijk heeft gemaakt. Ter zitting heeft de minister hieraan toegevoegd dat de vraag in hoeverre de op een actor van vervolging geleverde kritiek significant is, afhankelijk is van de vraag hoe iemand kritiek uit en in hoeverre iemand mensen mobiliseert. Eiseres heeft online een beperkt bereik en zij heeft geen belastende informatie over de overheid van Venezuela gedeeld. Eiseres is geen politieke hoogvlieger en het is dus niet aannemelijk dat zij als een bedreiging wordt gezien. Er is bij de Venezolaanse autoriteiten geen mankracht om online te monitoren in het buitenland en dat terugkeerders op grote schaal worden gecontroleerd of aangehouden klopt niet, aldus de minister. De minister betwist niet de deskundigheid en de inhoud van de deskundigenrapporten die eiseres heeft overgelegd. De minister heeft over het rapport van [persoon1] opgemerkt dat daarin ten aanzien van het risico voor iemand die online content heeft gepubliceerd zoals eiseres heeft gedaan, een persoonlijke inschatting wordt gegeven die niet is onderbouwd met bronnen. Dat detentie en verdere vervolging mogelijk is, is niet voldoende om een reëel risico aan te nemen.

24. De rechtbank is van oordeel dat de minister zich onvoldoende gemotiveerd op het standpunt heeft gesteld dat eiseres geen gegronde vrees voor vervolging heeft en geen reëel risico loopt op ernstige schade en dat zij haar persoonlijke vrees niet aannemelijk heeft gemaakt. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt.

25. De rechtbank stelt voorop dat het standpunt van de minister, dat niet aannemelijk is dat eiseres in de negatieve aandacht van de Venezolaanse autoriteiten staat, gelet op het oordeel van de rechtbank over de geloofwaardigheidsbeoordeling geen stand kan houden. Reeds hierom zal de minister in zijn nieuwe besluit een nieuwe beoordeling van de zwaarwegendheid moeten maken. De minister dient daarbij rekening te houden met het volgende.

26. Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft in het arrest Y. en Z., en later in het arrest S. en A., uiteengezet hoe moet worden beoordeeld of sprake is van een gegronde vrees voor vervolging wegens een (toegedichte) politieke overtuiging. Relevante elementen voor deze beoordeling zijn de sterkte van de overtuiging van de betrokkene en eventueel verrichte activiteiten om die overtuiging uit te dragen. Het is niet vereist dat de overtuiging van de betrokkene zo diepgeworteld is dat hij bij terugkeer naar zijn land van herkomst het uiten ervan niet achterwege zou kunnen laten. Volgens het arrest moet een uitputtend en grondig onderzoek worden verricht naar de relevante omstandigheden, waarbij zowel de specifieke persoonlijke situatie van de betrokkene als de bredere context van het land van herkomst in aanmerking moeten worden genomen.

27. Uit de landeninformatie die door zowel eiseres als de minister is overgelegd, volgt een somber algemeen beeld van repressie in Venezuela. De Human Rights Council van de Verenigde Naties bevestigde in een rapportage van 14 oktober 2024 dat de Venezolaanse autoriteiten niet enkel de vervolging van hooggeplaatste leiders hebben geïntensiveerd, maar ook de vervolging van gewone burgers die kritisch zijn. Caracas Chronicles schreef op 8 augustus 2024 over toegenomen controles bij checkpoints in Venezolaanse steden waarbij telefoons worden gecontroleerd. Ook BBC bevestigde dat er arbitraire telefooncontroles plaatsvinden, waarbij mensen kunnen worden gearresteerd vanwege verzonden berichten of geplaatste berichten op sociale media. Verder rapporteerde Human Rights Watch op 4 september 2024 en in hun jaarrapport 2024 over ‘Operation Knock Knock’ waarbij de Venezolaanse autoriteiten de burgers verzochten om andere burgers die betrokken waren bij protesten, aan te geven. Ook Freedom House en BBC schreven over ‘Operation Knock Knock’ met veel arrestaties als gevolg.

28. Voor zover de minister overweegt dat het aantal arrestaties en demonstraties na de piek rondom de verkiezingen in 2024 weer is afgenomen, betoogt eiseres terecht dat repressie meer vormen aanneemt dan alleen arrestaties. Bovendien volgt uit landeninformatie ook dat het aantal demonstraties niet is afgenomen vanwege verbeterde omstandigheden in Venezuela, maar met de versterkte controlemechanismen, toegenomen censuur van burgers en het criminaliseren van demonstraties.

29. Verder is van belang dat eiseres zich na haar vertrek uit Venezuela, zowel online als fysiek, kritisch heeft uitgelaten over de Venezolaanse overheid. Eiseres heeft schermafbeeldingen en links overgelegd ter onderbouwing van haar online activiteiten en het bereik daarvan. Zo heeft eiseres zich onder meer ingezet voor de vrijlating van de zoon van een bekende Venezolaanse artieste. Zij is daarmee herkenbaar in beeld op Instagram accounts met 77.100 respectievelijk 15.900 volgers. De oproep van eiseres en haar video is bovendien gedeeld door het Instagram account van [account] met 166.000 volgers. In andere video’s roept eiseres onder meer op tot vrijlating van andere politiek gevangen en bekritiseert zij de Venezolaanse politiek. Op YouTube is eiseres te zien in onder meer een video die meer dan 50.000 keer bekeken is op een kanaal met 361.000 volgers. Naast deze online activiteiten, heeft eiseres foto’s overgelegd ter onderbouwing van haar fysieke politieke acties. Zo heeft zij deelgenomen aan een actie in [plaats 2] om bewustwording te creëren van de mensenrechtenschendingen en politiek gevangenen in Venezuela. Gelet op de activiteiten van eiseres en in het licht van de toegenomen repressie in Venezuela, heeft de minister onvoldoende gemotiveerd dat eiseres’ uitingen vallen onder de categorie ‘onopvallend’ en ‘niet kritisch’ ten opzichte van de autoriteiten, zoals de minister aanneemt. Hierbij is ook van belang dat eiseres heeft verklaard dat zij zich bij terugkeer in Venezuela zou willen uiten zoals haar vader, “door vrijuit te spreken”.

30. De rechtbank is van oordeel dat de minister niet deugdelijk heeft gemotiveerd hoe de politieke overtuiging van eiseres en de kennelijke uitingen daarvan zich verhouden tot de jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie. Van eiseres kan niet worden verlangd dat zij bij terugkeer haar politieke uitingen op sociale media verwijdert. Verder is van belang dat uit bronnen volgt dat monitoring van sociale media, routinecontroles van (de inhoud van) telefoons en grenscontroles door de Venezolaanse autoriteiten plaatsvinden. In dat licht heeft de minister ondeugdelijk gemotiveerd dat eiseres bij terugkeer geen risico loopt op vervolging of ernstige schade. Het is voor de rechtbank onduidelijk op welke informatie de minister baseert dat het - ondanks voormelde monitoring en controles - niet aannemelijk is dat eiseres bij terugkeer een risico zal lopen. Dit heeft de minister ook tijdens de zitting niet nader kunnen toelichten. Bovendien volgt uit het Algemeen Ambtsbericht Venezuela 2020 dat de Venezolaanse autoriteiten personen hebben aangeklaagd en veroordeeld voor de inhoud op sociale media. De rechtbank ziet in de verklaringen van eiseres, in combinatie met de aangehaalde landeninformatie en overgelegde bronnen, voldoende aanleiding voor de conclusie dat de minister nader moet motiveren in hoeverre eiseres in de negatieve belangstelling staat of kan komen te staan vanwege haar politieke overtuiging en sociale media activiteiten in Nederland en gelet op het risico op controles bij terugkeer. Hierbij weegt de rechtbank ook mee dat het meest recente Algemeen Ambtsbericht over Venezuela sterk verouderd is en dateert van 2020. De minister moet bij zijn beoordeling recente landeninformatie betrekken en ook de politieke uitingen van eiseres op sociale media betrekken. De minister kan niet volstaan met de stelling dat het onaannemelijk is dat eiseres in de negatieve belangstelling staat omdat haar bereik op sociale media beperkt is en zij niet veel volgers heeft.

31. Hetgeen verder in beroep is aangevoerd behoeft geen bespreking.

Conclusie en gevolgen

32. De minister heeft de aanvraag ten onrechte afgewezen als ongegrond. Het beroep is gegrond omdat het bestreden besluit in strijd is met de artikelen 3:2 en 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Dit betekent dat eiseres gelijk heeft. De rechtbank vernietigt daarom het bestreden besluit.

33. De rechtbank ziet gelet op het voorgaande geen reden om de rechtsgevolgen van het besluit in stand te laten, om zelf in de zaak te voorzien of om een bestuurlijke lus toe te passen.

34. Zoals de rechtbank hiervoor onder 20 en 21 heeft overwogen dient te worden uitgegaan van de geloofwaardigheid van de asielmotieven van eiseres. Ten aanzien van de aannemelijkheid van de vrees voor vervolging of het reële risico op ernstige schade ziet de rechtbank geen mogelijkheid om een bindende uitspraak te doen zoals bedoeld in overweging 50 en 58 van het arrest Quotal. De minister zal dus, met inachtneming van wat in deze uitspraak is overwogen daarover een nieuw besluit moeten nemen en opnieuw moeten beoordelen of eiseres en haar dochter in aanmerking komen voor een asielvergunning.

35. De rechtbank bepaalt met toepassing van artikel 8:72, vierde lid, van de Awb dat de minister een nieuw besluit moet nemen en daarbij rekening houdt met deze uitspraak. De rechtbank geeft de minister hiervoor zes weken.

36. Omdat het beroep gegrond is krijgt eiseres een vergoeding van haar proceskosten.

De minister moet deze vergoeding betalen. Deze vergoeding bedraagt € 1.868,- omdat de gemachtigde van eiseres een beroepschrift heeft ingediend en aan de zitting heeft deelgenomen.

37. De rechtbank wijst het verzoek van eiseres toe om de minister te veroordelen in de kosten van de deskundige Edward Koopman. De rechtbank acht het redelijk dat eiseres een deskundigenrapport heeft laten opstellen, mede gelet op het feit dat aan de zijde van de minister weinig tot geen actuele bronnen zijn aangehaald. De rechtbank acht de kosten van dit door eiseres overgelegde rapport ook redelijk. Op grond van artikel 2, aanhef en onder b, van het Bpb, gelezen in samenhang met artikel 8:36, tweede lid, van de Awb wordt het uurtarief voor deskundigenonderzoek forfaitair bepaald overeenkomstig de Wet tarieven in strafzaken. Op grond van artikel 6 van het Besluit tarieven in strafzaken 2003 komt een tarief van ten hoogste € 184,42 per uur voor vergoeding in aanmerking. Uit de door de eiseres overgelegde factuur van 1 april 2026 blijkt dat de deskundige voor het opgestelde rapport € 480,- in rekening heeft gebracht (3 uur á € 160,-).

38. De totale proceskostenvergoeding bedraagt dus € 2.348,-.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart het beroep gegrond;

- vernietigt het bestreden besluit van 17 juni 2025;

- draagt de minister op binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op de aanvraag, waarbij rekening wordt gehouden met deze uitspraak;

- veroordeelt de minister tot betaling van € 2.348,- aan proceskosten aan eiseres.

Deze uitspraak is gedaan door mr. O. Veldman, rechter, in aanwezigheid van mr. I.S. Bunnik, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op 13 juli 2026.

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand