ECLI:NL:RBDHA:2026:25581

ECLI:NL:RBDHA:2026:25581

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 04-09-2026
Datum publicatie 04-09-2026
Zaaknummer NL26.21172
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Groningen

Samenvatting

Asiel, Egypte, herhaalde asielaanvraag, gestelde homoseksualiteit, referentiekader, onvoldoende aannemelijk gemaakt, kennelijk ongegrond

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam], eiser,

de minister van Asiel en Migratie,

Samenvatting

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.21172

geboren op [geboortedatum],

van Egyptische nationaliteit,

V-nummer: [nummer],

(gemachtigde: mr. D.W.M. van Erp),

en

(gemachtigde: mr. L.O. Augustinus).

1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de opvolgende asielaanvraag van eiser als bedoeld in artikel 28 van de Vw 2000. Eiser is het hier niet mee eens. Hij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de asielaanvraag.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag in stand kan blijven. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Eiser heeft een opvolgende aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. De minister heeft met het bestreden besluit van 9 april 2026 deze aanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond. Het terugkeerbesluit van 20 oktober 2017 en het inreisverbod van 11 januari 2022 zijn nog immer van kracht.

Eiser heeft op 15 april 2026 beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. Op 22 april 2026, 8 juli 2026 en 25 augustus 2026 heeft eiser (aanvullende) gronden van beroep ingediend.

De rechtbank heeft het beroep op 26 augustus 2026 samen met het verzoek om een voorlopige voorziening hangende dit beroep, op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser, mr. E. Uiterwaal als waarnemer voor de gemachtigde van eiser en de gemachtigde van de minister. Er is ook een tolk verschenen en eisers partner was aanwezig. De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting gesloten.

Beoordeling door de rechtbank

Het asielrelaas

3. Eiser heeft aan zijn opvolgende asielaanvraag het volgende ten grondslag gelegd. Eiser heeft verklaard homoseksueel te zijn. Eiser heeft een aantal verklaringen overgelegd en verklaard een nieuwe relatie te hebben, waarmee hij zijn homoseksuele gerichtheid stelt aan te tonen. Eiser heeft een aantal documenten overgelegd, waaronder een verklaring van zijn (ex-)partner, foto’s, een screenshot van WhatsApp en een eigen verklaring.

Het bestreden besluit

4. Het asielrelaas van eiser bevat volgens de minister de volgende asielmotieven: - Eisers identiteit, nationaliteit en herkomst;

- Eisers seksuele gerichtheid.

De minister heeft de identiteit, nationaliteit en herkomst van eiser geloofwaardig geacht. De minister stelt zich verder op het standpunt dat dit eisers derde asielaanvraag is waarin zijn seksuele gerichtheid wordt aangevoerd als asielmotief. Reeds bij de eerste asielaanvraag (2015) is zijn homoseksuele gerichtheid niet geloofwaardig geacht. Ook bij de tweede asielaanvraag (2021) is eiser niet gevolgd in zijn verklaringen omtrent zijn gestelde homoseksuele gerichtheid. In deze derde procedure wordt door de minister meer van eiser verwacht, nu hij al eerder en meerdere malen over zijn gerichtheid heeft verklaard. Zijn verklaringen in het kader van de derde aanvraag wegen niet op tegen de niet geloofwaardig geachte verklaringen over zijn gestelde homoseksuele gerichtheid uit voorgaande aanvragen. Referentiekader

5. Onder verwijzing naar de uitspraak van deze rechtbank en zittingsplaats van 11 maart 2025 voert eiser aan dat een beschrijving van zijn referentiekader ontbreekt. Ook is onduidelijk hoe in concrete tegenwerpingen rekening is gehouden met dit referentiekader. Eiser stelt onvoldoende te zijn uitgenodigd om verklaringen af te leggen in het nader gehoor. Eiser heeft in dit gehoor aangegeven niet goed te weten wat hij moet verklaren, en daarin had de minister aanleiding moeten zien om gerichte en open vragen te stellen. Dit heeft de minister volgens eiser ten onrechte nagelaten. De verklaringen van eiser in vorige procedures zijn niet voldoende uitgebreid vanwege angst en schaamte.

De rechtbank stelt allereerst vast dat in de twee voorgaande procedures niet is aangevoerd dat er onvoldoende rekening is gehouden met het referentiekader van eiser. Daarnaast is het expliciet benoemen van het referentiekader op zichzelf geen vereiste. Het lag op de weg van eiser om te concretiseren op welke wijze er onvoldoende rekening is gehouden met zijn referentiekader, en hoe hij hierdoor in zijn belangen is geschaad. Eiser heeft dit onvoldoende gedaan. De beroepsgrond slaagt niet.Relaties met [naam]6. Eiser stelt dat zijn relatie met [naam] consistent is. Dat deze (alleen) seksueel zou zijn maakt niet dat het geen relatie is en niet bijdraagt aan de geloofwaardigheid van zijn homoseksualiteit. Dit geldt ook voor de overgelegde screenshot van Whatsapp met de verklaring van [naam] over diens relatie met eiser.

De rechtbank overweegt dat in een voorgaande procedure reeds niet geloofwaardig is geacht, dan wel niet kon worden aangenomen, dat de relatie met [naam] meer dan seksueel was. Het staat in rechte vast dat eisers gestelde homoseksualiteit niet geloofwaardig is. Hetgeen eiser in deze procedure heeft ingebracht over de (seksuele) relatie met [naam] en [naam] maakt niet dat de minister zijn gestelde homoseksualiteit ten onrechte niet alsnog geloofwaardig heeft geacht. De enkele stelling dat een seksuele relatie ook een relatie is treft geen doel. Ook de verklaringen van [naam] en [naam] over de (inhoud van de) relaties maken het niet anders, alleen al omdat daaruit niets blijkt over eisers eigen ervaringen en persoonlijke beleving met betrekking tot zijn seksuele gerichtheid. Uit de e-mail van [naam] blijkt dat sprake is van een liefdevolle relatie en dat hij wil samenwonen met eiser maar dat dit niet gaat omdat [naam] in een zorginstelling woont. Daarmee heeft eiser tot op heden nog altijd niet uit eigen beweging authentiek verklaard over zijn gestelde homoseksualiteit. Net als in de vorige procedure volstaan ook nu de enkele verklaringen van eiser zelf niet, nu die uitsluitend betrekking hebben op zijn seksleven. COC-bijeenkomsten en nieuwe liefdesrelatie met [naam]7. De minister weegt volgens eiser niet mee dat eiser COC bijeenkomsten bijwoont. Dit doet eiser nog steeds en dit draagt bij aan de aannemelijkheid van zijn homoseksualiteit.

Op 8 juli 2026 heeft eiser aan de rechtbank laten weten dat zijn relatie met [naam] is beëindigd en er inmiddels sprake is van een nieuwe liefdesrelatie met [naam]. Eiser voegt ter onderbouwing een verklaring en een foto van hen samen toe.

De rechtbank overweegt ten aanzien van het lidmaatschap van het COC en het bijwonen van bijeenkomsten dat de minister zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat dit reeds in de eerdere procedures is meegewogen, en dat het enkele tijdsverloop niet leidt tot een andere conclusie. De enkele betrokkenheid bij het COC weegt wel mee, maar is niet doorslaggevend. Ook het feit dat eiser sinds vier maanden een relatie heeft met [naam] maakt het niet anders. Uit de verklaring van [naam], nader toegelicht op zitting, blijkt immers ook niets over eisers eigen ervaringen en persoonlijke beleving met betrekking tot zijn seksuele gerichtheid. De rechtbank verwijst op dit punt naar hetgeen is overwogen onder 6.1.Terugkeerbesluit en inreisverbod8. De minister heeft volgens eiser het handhaven van het terugkeerbesluit onvoldoende gemotiveerd en verwijst naar een gedateerd besluit van 20 oktober 2017 zonder een deugdelijk en actueel onderzoek te doen. Dit is niet in lijn met het arrest Ararat van het Hof van Justitie.

Uit het arrest van het Hof van 17 oktober 2024 in de zaak Ararat volgt dat de minister op grond van artikel 5 van de Terugkeerrichtlijn, verplicht is om vóór de uitvoering van het terugkeerbesluit een geactualiseerde refoulementbeoordeling te maken. De rechtbank oordeelt dat de minister met het voornemen en het bestreden besluit voldoende heeft getoetst of in het geval van eiser sprake is van een actueel risico op refoulement bij terugkeer naar Egypte. Nu de rechtbank van oordeel is dat het niet geloofwaardig geachte asielmotief niet leidt tot een verdere toets aan de gestelde vrees van eiser bij terugkeer naar Egypte, eiser geen andere feiten of omstandigheden heeft aangevoerd waarin de minister een risico op schending van het refoulementbeginsel heeft hoeven zien, en het dossier daarvoor ook verder geen aanknopingspunten biedt, is het besluit op dit punt voldoende zorgvuldig opgesteld.

Conclusie en gevolgen

9. De minister heeft de aanvraag terecht afgewezen als kennelijk ongegrond.

Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiser geen gelijk krijgt. Eiser krijgt geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van mr. M.A. van der Meulen-Postma, griffier.

Deze uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. A.G.D. Overmars

Griffier

  • mr. M.A. van der Meulen-Postma

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand