ECLI:NL:RBDHA:2026:26032

ECLI:NL:RBDHA:2026:26032

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 08-09-2026
Datum publicatie 08-09-2026
Zaaknummer NL26.7768
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Groningen

Samenvatting

AA. Syrië. De minister mocht uitgaan van de leeftijd horend bij de EUVIS-treffer. Verder heeft de minister de gestelde vrees wegens de politieke overtuiging van de vader van eiser niet aannemelijk mogen achten. Ook heeft de minister voldoende gemotiveerd dat voor Syrië de laagste gradatie van willekeurig geweld wordt toegepast. Tot slot bestaat er geen aanleiding voor een verblijfsvergunning op grond van artikel 8 EVRM. Beroep is ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam] , eiser,

de minister van Asiel en Migratie, de minister

Samenvatting

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.7768

geboren op [geboortedatum] ,

van Syrische nationaliteit,

V-nummer: [v-nummer]

(gemachtigde: mr. A.A. Scholtmeijer),

en

(gemachtigde: mr. B.J.W. Immink).

1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de asielaanvraag van eiser als bedoeld in artikel 28 van de Vw. Eiser is het hier niet mee eens. Hij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Mede aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de asielaanvraag.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag in stand kan blijven. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Eiser heeft in Nederland een aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, nadat hij met een door de Spaanse autoriteiten verleend visum zijn land had verlaten. De minister heeft met het bestreden besluit van 5 februari 2026 deze aanvraag in de algemene procedure afgewezen als ongegrond. Daarbij is ook geen verblijfsvergunning regulier of uitstel van vertrek verleend. Aan eiser is wel een terugkeerbesluit opgelegd, waarin is bepaald dat eiser Nederland binnen vier weken moet verlaten en moet vertrekken naar Syrië.

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.

De minister heeft hierop gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft het beroep op 19 augustus 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser, de gemachtigde van eiser, een tolk en de gemachtigde van de minister. De rechtbank heeft het onderzoek op de zitting gesloten.

Beoordeling door de rechtbank

Het asielrelaas

3. Eiser legt aan zijn asielaanvraag het volgende ten grondslag. In 2013 of 2014 was eiser samen met zijn vader aan het lopen in de wijk in Damascus waar hij woonde. Bewoners van de wijk, die voorstanders zijn van het voormalig regime van Assad, hebben eiser en zijn vader bedreigd wegens de politieke overtuiging van de vader van eiser. In 2015 hebben zij de vader van eiser ontvoerd en beschoten. De bewoners van de wijk dachten dat de vader van eiser dood was. De vader van eiser heeft het echter overleefd en is in Al Keswa gaan wonen. Eiser bleef achter met zijn moeder en zijn oom. Eiser is vervolgens wekelijks lastiggevallen door de bewoners uit de wijk wegens de politieke overtuiging van zijn vader. Bij terugkeer vreest eiser om door hen gedood te worden.

Het bestreden besluit

4. Het asielrelaas van eiser bevat volgens de minister de volgende asielmotieven:

De minister acht de identiteit, nationaliteit en herkomst geloofwaardig, maar de door eiser opgegeven leeftijd niet. De minister gaat uit van de leeftijd horend bij de EUVIS-treffer, omdat aan de verlening van een visum aan eiser door Spanje een authentiek paspoort ten grondslag heeft gelegen. Verder acht de minister de problemen vanwege de politieke overtuiging van de vader van eiser geloofwaardig. Volgens de minister leiden de geloofwaardige asielmotieven niet tot een gegronde vrees voor vervolging of een reëel risico op ernstige schade. Hiertoe overweegt de minister dat eiser zijn vrees om bij terugkeer naar Syrië te worden gedood niet aannemelijk heeft gemaakt. Daarbij heeft de minister betrokken dat het regime van Assad op 8 december 2024 is gevallen, waarmee deze bron van onveiligheid is komen te vervallen en er geen sprake meer is van ernstige repressie van de zijde van het Assad-regime. Verder heeft de minister betrokken dat uit de verklaringen van eiser volgt dat het de bedreigers primair om zijn vader ging en dat de bedreigers, ondanks dat zij zich in nabijheid van eiser begaven, nooit aanleiding hebben gezien om de bedreigingen ten uitvoer te brengen. Bovendien heeft eiser nog acht jaar na de veronderstelde dood van zijn vader in Syrië gewoond. Verder neemt de minister voor heel Syrië aan dat er sprake is van een relatief lager niveau van willekeurig geweld. Dit geldt dus ook voor Damascus. De minister overweegt verder dat eiser geen individuele gronden heeft aangedragen die aangemerkt kunnen worden als risico verhogende omstandigheid. De minister heeft de asielaanvraag van eiser daarom afgewezen.

Leeftijdsbepaling

5. Eiser voert aan dat de minister ten onrechte als geboortedatum [geboortedatum] aanhoudt, in plaats van de door hem opgegeven geboortedatum [geboortedatum 2] . Volgens eiser heeft de Syrische voetbalbond een verkeerde geboortedatum doorgegeven bij de visumaanvraag. Eiser wijst op de door hem eerder overgelegde kopie en origineel van een individueel uittreksel en het bewijs van uitreizen, waarop de geboortedatum [geboortedatum 2] staat vermeld. Volgens WI 2022/4 kan hieraan bewijskracht worden toegekend. Verder voert eiser aan dat de minister ten onrechte aan hem heeft tegengeworpen dat hij niet heeft voldaan aan het verzoek om alsnog identificerende documenten te versturen naar Bureau Documenten, omdat hij in bewijsnood verkeert.

De rechtbank is van oordeel dat de minister terecht uitgaat van de geboortedatum

[geboortedatum] . De minister heeft naar aanleiding van de asielaanvraag van eiser het EUVIS systeem geraadpleegd. Uit WI 2025/1 volgt dat in het geval sprake is van een EUVIS treffer (op basis van biometrie) en een afgegeven visum de leeftijd horende bij de EUVIS treffer leidend is. De reden hiervoor is dat aan een verlening van een visum een authentiek paspoort ten grondslag moet hebben gelegen. De stelling van eiser, dat de Syrische voetbalbond bij aanvraag van het visum een verkeerde geboortedatum zou hebben doorgegeven, heeft hij niet onderbouwd. Dat betekent dat de minister uit mag gaan van de geboortedatum zoals deze geregistreerd staat in EUVIS. Het ligt vervolgens op de weg van eiser om aannemelijk te maken dat de geregistreerde geboortedatum niet juist is. Eiser is daarin niet geslaagd. Het door eiser overgelegde individuele uittreksel en het bewijs van uitreizen heeft de minister onvoldoende mogen vinden om daarmee aannemelijk te maken dat zijn geboortedatum [geboortedatum 2] zou zijn, omdat het geen identificerende documenten betreffen. Ook heeft eiser niet onderbouwd dat hij in bewijsnood verkeert. De beroepsgrond slaagt niet.

Problemen door politieke overtuiging vader

6. Eiser voert aan dat de minister ten onrechte heeft geconcludeerd dat eiser in Syrië geen gegronde vrees heeft voor vervolging en/of om gedood te worden als gevolg van de politieke overtuiging van zijn vader. Eiser stelt dat hij wegens zijn familienaam nergens meer veilig is in Syrië. Verder voert eiser aan dat hij niet eerder heeft kunnen vluchten wegens financiële redenen. Ook wijst eiser erop dat hij meermaals tijdens het nader gehoor heeft aangegeven dat hij pas vermoord zou worden wanneer hij volwassen zou zijn. Eiser heeft hiermee wel inzichtelijk gemaakt hoe en waarom de dreiging toenam naarmate hij ouder werd. Verder stelt eiser dat de door hem bij de zienswijze overgelegde foto wel herleidbaar is naar de gestelde gebeurtenissen, omdat hij heeft verklaard dat de foto is genomen in 2022 na een mishandeling toen hij in Syrië verbleef. Ook heeft eiser tijdens het nader gehoor verklaard dat er geweld tegen hem is gebruikt.

De rechtbank is van oordeel dat de minister de gestelde vrees wegens de politieke overtuiging van de vader van eiser niet aannemelijk heeft mogen achten. De minister stelt terecht dat eiser geen concrete aanknopingspunten naar voren heeft gebracht waaruit zou blijken dat de familienaam een risico vormt voor eiser. Ook heeft de minister terecht tegengeworpen dat de bedreigers van eiser zich van 2015 tot 2023 in de nabijheid van eiser hebben bevonden, maar toch niet zijn overgegaan tot het uitvoeren van de bedreigingen en dat hierdoor niet valt in te zien dat de bedreigers dit bij terugkeer wel zullen doen. De minister heeft hierbij terecht betrokken dat het Assad-regime is gevallen en de aanhangers van het regime in ruimte worden beperkt. De stelling van eiser dat hij wegens financiële redenen niet eerder heeft kunnen vluchten maakt het voorgaande niet anders. Ook heeft de minister terecht tegengeworpen dat eiser niet inzichtelijk heeft gemaakt hoe en waarom de dreiging toenam toen hij ouder werd. Ook de door eiser overgelegde foto maakt het voorgaande niet anders. De minister heeft terecht geoordeeld dat de foto niet is terug te leiden naar een bepaalde gebeurtenis. Eiser heeft ook verder niet toegelicht wanneer en op welke manier deze verwondingen precies zouden zijn ontstaan. De beroepsgrond slaagt niet.

Vrees voor de algemene veiligheidssituatie in Syrië (artikel 15c)

7. Eiser voert aan dat de minister onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de huidige, laagste, gradatie van willekeurig geweld wordt toegepast in Syrië. Eiser wijst op de uitspraak van deze rechtbank en zittingsplaats van 18 juni 2026 en de uitspraak van deze rechtbank, zittingsplaats Haarlem, van 11 december 2025. Ook wijst eiser op een brief van VWN van 6 februari 2026. Verder voert eiser aan dat hij er met in achtneming van de stukken die zijn aangevoerd, in is geslaagd om op grond van persoonlijke omstandigheden aannemelijk te maken dat hij bij terugkeer een reëel risico loopt op ernstige schade.

De rechtbank overweegt dat de meervoudige kamer van deze zittingsplaats al eerder heeft geoordeeld geen aanleiding te zien voor het oordeel dat de minister de situatie in Syrië ten onrechte kwalificeert als een 15c-situatie in de laagste gradatie. Met wat eiser heeft aangevoerd, is naar het oordeel van de rechtbank niet gebleken dat de minister niet mag uitgaan van een 15c-situatie in die laagste gradatie. De minister heeft in het bestreden besluit voldoende deugdelijk gemotiveerd dat het aantal burgerslachtoffers in Damascus sinds de machtsovername laag te gebleven, gelet op het aantal inwoners. Uit het algemeen ambtsbericht Syrië van januari 2026 volgt verder dat de meeste geweldsincidenten in de verslagperiode zich voordeden buiten Damascus. De rechtbank overweegt verder dat uit het EUAA-rapport van december 2025 volgt dat geen sprake is van willekeurig geweld in het kader van een binnenlands gewapend conflict als bedoeld in artikel 15, aanhef en onder c, van de Kwalificatierichtlijn. Damascus wordt hierin aangemerkt als het meest stabiele gebied van Syrië.

De rechtbank oordeelt verder dat eiser geen persoonlijke omstandigheden heeft aangevoerd die maken dat er, ondanks het lagere niveau van willekeurig geweld, in zijn individuele geval toch sprake is van een reëel risico op ernstige schade bij terugkeer als gevolg van willekeurig geweld. De beroepsgrond slaagt niet.

Artikel 8 EVRM

8. Eiser heeft in beroep een verklaring overgelegd van [naam 2] . Hierin staat aangegeven dat [naam 2] zich over eiser bekommert. Eiser komt regelmatig langs bij haar en haar zoon. Ook koopt zij soms kleding en schoenen voor eiser en betaalt zij zijn reiskosten. Verder heeft eiser sociale contacten opgebouwd via school en bij een voetbalclub in Assen. In de verklaring wordt gevraagd om aan eiser een asielvergunning dan wel een vergunning op grond van artikel 8 van het EVRM te verstrekken.

De rechtbank is van oordeel dat de minister zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat er geen sprake is van een familierechtelijke relatie als bedoeld in artikel 8 van het EVRM en dat ook overigens de verstandhouding tussen eiser en mevrouw, gelet op WI 2026/6, geen aanknopingspunt biedt voor een verblijfsrecht op basis van artikel 8 van het EVRM. Ook heeft de minister er terecht op gewezen dat eiser pas sinds 2024 in Nederland is en dat de sociale contacten die hij heeft opgebouwd, zijn opgebouwd, terwijl hij in afwachting was van een beslissing op zijn asielaanvraag. De beroepsgrond slaagt niet.

Terugkeerbesluit

9. Eiser voert aan dat de minister ten onrechte een terugkeerbesluit aan hem heeft opgelegd.

De rechtbank ziet, gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, geen aanleiding voor het oordeel dat de minister aan eiser geen terugkeerbesluit heeft mogen opleggen.

Conclusie en gevolgen

10. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Eiser krijgt geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. F. Sijens, rechter, in aanwezigheid van mr. V. Vegter, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is bekendgemaakt. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. F. Sijens

Griffier

  • mr. V. Vegter

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand