ECLI:NL:RBDHA:2026:2608

ECLI:NL:RBDHA:2026:2608

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 11-02-2026
Datum publicatie 12-02-2026
Zaaknummer 09/241868-25, 09/243290-22 (tul), 20/000992-23 (tul)
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Veroordeling voor witwassen van Panini voetbalplaatjes tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden waarvan 3 maanden voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden en een proeftijd van 2 jaar.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Strafrecht

Meervoudige kamer

Parketnummers: 09/241868-25, 09/243290-22 (tul), 20/000992-23 (tul)

Datum uitspraak: 11 februari 2026

Tegenspraak

De rechtbank Den Haag heeft op de grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1991 te [geboorteplaats] ,

op dit moment gedetineerd in de penitentiaire inrichting [plaats 1] .

1. Het onderzoek ter terechtzitting

Het onderzoek is gehouden op de terechtzittingen van 10 december 2025 (pro forma) en 28 januari 2026 (inhoudelijke behandeling).

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. L. de Graaf en van hetgeen door de verdachte en zijn raadsvrouw mr. M.C.E.A. Kloosterman naar voren is gebracht.

2. De tenlastelegging

Aan de verdachte is – na wijziging van de tenlastelegging op de terechtzitting van 10 december 2025 – ten laste gelegd dat:

1hij op of omstreeks 7 juli 2025 te Gouda tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een collectie Panini voetbalplaatjes, albums en stickers (met een totale waarde van ongeveer €500.000,-), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [aangever] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak;

2hij, in of omstreeks de periode van 7 juli 2025 tot en met 17 september 2025, teWateringen en/of 's-Gravenhage, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (van) een collectie Panini voetbalplaatjes, albums en stickers (met een totale waarde van ongeveer €500.000,-), en/of een of meer geldbedrag(en), althans een of meer voorwerpen,- de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de verplaatsing heeft verborgen en/of heeft verhuld, dan wel- heeft verborgen en/of heeft verhuld wie de rechthebbende(n) op dat /die voorwerp(en) was/waren, en/of- heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen, heeft omgezet, en/of gebruik heeft gemaaktterwijl hij, verdachte, wist, althans redelijkerwijs moest vermoeden dat dat/die voorwerp(en) - onmiddellijk of middellijk – afkomstig was/waren uit enig misdrijf.

3. De bewijsbeslissing

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het onder 1 en 2 tenlastegelegde.

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft primair vrijspraak van het onder 1 en 2 tenlastegelegde bepleit. Subsidiair heeft de raadsvrouw zich ten aanzien van feit 1 op het standpunt gesteld dat partiële vrijspraak moet volgen voor de in de in de tenlastelegging opgenomen waarde van € 500.000,-. Ten aanzien van feit 2 heeft de raadsvrouw zich subsidiair op het standpunt gesteld dat de verdachte partieel moet worden vrijgesproken van het medeplegen en van het witwassen van een bedrag boven de € 22.659,57.

Vrijspraak feit 1

Hoewel gebleken is dat de verdachte bij het wegnemen van de goederen aanwezig was, kan op basis van het dossier en het onderzoek ter terechtzitting niet worden vastgesteld dat de verdachte als medepleger betrokken is geweest bij de diefstal met braak. Het dossier bevat daartoe wel sterke aanwijzingen, maar onvoldoende aanknopingspunten om tot een bewezenverklaring te komen. De rechtbank is daarom van oordeel dat het onder 1 ten laste gelegde feit niet wettig en overtuigend is bewezen en zal de verdachte daarom vrijspreken van dit feit.

Gebruikte bewijsmiddelen feit 2

De rechtbank heeft hierna opgenomen de wettige bewijsmiddelen met de voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden.

Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door (een) daartoe bevoegde opsporingsambtena(a)r(en). Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, betreft dit de pagina’s van het proces-verbaal met het nummer PL1500-2025298616, van de politie Eenheid Den Haag, met bijlagen, niet doorgenummerd en bestaande uit de volgende dossiers:

PV VGL [medeverdachte 2] & [verdachte] - pagina 1 t/m 209 (hierna: dossier I);

PV RK – pagina 1 t/m 166 (hierna: dossier II);

PV VGL [medeverdachte 1] & [naam 1] – pagina 1 t/m 314 (hierna: dossier III);

PV Einddossier 1 – pagina 1 t/m 79 (hierna: dossier IV);

PV Einddossier 2 – pagina 1 t/m 48 (hierna: dossier V).

1. Het proces-verbaal van aangifte, met bijlage, opgemaakt op 10 juli 2025, voor zover inhoudende (p. 14-17) (dossier I):

Ik doe aangifte van diefstal van alle goederen die ik had opgeslagen in een opslagbox van Shurgard in [plaats 2] . Ik heb niemand toestemming gegeven tot het wegnemen van mijn goederen. Het betreft een complete Panini voetbalcollectie, bestaande uit dichte dozen met voetbalplaatjes, albums en stickers. In totaal gaat het hier om een paar honderd rechthoekige dozen met het merk Panini erop. In elke rechthoekige doos van het merk Panini zaten twaalf gesealde kleinere doosjes. Ook stonden er in de opslagbox meerdere grijze kratjes met zwarte deksels. In deze kratjes zaten complete losse stickersets met een album, gesealed, af fabriek.

De opslagbox was volledig leeg en de gehele collectie, zoals hierboven beschreven, bleek weggenomen. Van de dozen zoals deze in de opslagbox stonden, heb ik eerder foto's gemaakt. Deze foto's voeg ik toe aan mijn aangifte.

2. Het proces-verbaal van bevindingen, met bijlagen , opgemaakt op 1 september 2025, voor zover inhoudende (p. 78-117) (dossier III):

Op 26 juli 2025 ontving ik, verbalisant, een e-mail van de aangever en zijn advocaat, waarin aan mij kenbaar werd gemaakt dat de weggenomen voetbalplaatjes op veilingsite [website 1] werden aangeboden. Ik zag dat er aan de mail een link naar [website 1] , evenals twee accountnamen waar vandaan de voetbalplaatjes aangeboden werden, toegevoegd waren. Ik zag dat dit de volgende accountnamen betrof: [account 1] en [account 2] .

Ik bekeek het account [account 1] en zag dat er 45 advertenties online stonden.

3. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 31 juli 2025, voor zover inhoudende (p. 41) (dossier III):

Mij werd gevraagd om contact op te nemen met aangever de heer [aangever] .

Hoe weet u dat de plaatjes op [website 1] uw plaatjes zijn die aangeboden worden?

Ik hoorde de heer [aangever] zeggen dat de plaatjes in die combinatie verkocht worden onmogelijk ook verkocht worden door anderen. De heer [aangever] weet heel zeker dat het om zijn kaartjes gaat. Hij heeft de kaartjes een aantal jaar geleden van een man in Canada gekocht. Een aantal kaartjes hadden toen waterschade. Dit waren kaartjes van 2002 ook deze worden op [website 1] aangeboden. De heer [aangever] geeft ook aan dat er een doos panini ds 1998 aangeboden wordt. Daar is er maar 1 van. Dit is objectnr. 388744271074, verkoper [account 1] . De heer [aangever] ziet ook dat er 6 objecten zijn verkocht op 22 juli, 23 juli en op 26 juli, er is inmiddels voor 10.000 euro verkocht. De heer [aangever] geeft aan dat hij plaatjes in een verhuisdoos heeft gedaan van Allsave. Op een van de foto's op [website 1] ziet de heer [aangever] een verhuisdoos van Allsave. In deze doos zouden de plaatjes moeten zitten van het EK 2004. De heer [aangever] weet heel zeker dat de voetbalplaatjes die aangebonden worden op [website 1] zijn voetbalplaatjes zijn.

4. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 5 september 2025, voor zover inhoudende (p. 134-140) (dossier III):

Uit de eerder gevorderde identificerende gegevens kwam naar voren dat het account [account 1] toebehoorde aan de persoon [medeverdachte 1] .

Ik zag dat er door [website 1] twee lijsten aangeleverd waren: een lijst met alle aangeboden items op het account, gevolgd door een lijst met alle aangeboden items, inclusief kopers. Ik zag dat er door [account 1] in de periode van 19 juli tot en met 13 augustus 2025 48 items aangeboden zijn, waarvan er 22 items verkocht zijn. In de periode tussen 22 juli 2025 en 12 augustus 2025 zijn de hierboven genoemde voetbalplaatjes verzonden naar verschillende locaties binnen en buiten Europa. Het totaalbedrag van de tot dusver verkochte voetbalplaatjes betreft 46.405,50 euro.

5. Het proces-verbaal van bevindingen, met bijlagen, opgemaakt op 24 september 2025, voor zover inhoudende (p. 53-90) (dossier II):

Op 7 juli 2025 vond er een diefstal plaats uit een opslagbox van Shurgard, aan de

[adres 1] in [plaats 2] . Tijdens de aanhouding van verdachte [verdachte] , werd een iPhone 13 Pro Max inbeslaggenomen.

2. Map Contacts/contacten. Ik deed onderzoek naar de data in deze map.

Medeverdachte [medeverdachte 1] : uit de politiesystemen bleek dat het meest recente telefoonnummer van [medeverdachte 1] [telefoonnummer] betreft. Dit telefoonnummer staat in de telefoon als contact ' [contact] '.

Ik zag dat er tussen 11 augustus 2025 en 7 september 2025 144 notificaties binnen

kwamen van contact [contact] . Ik zag de volgende relevante notificaties:

- 21 augustus 2025 om 11:27 uur: Heb net ook geld gestuurd, naar jou, is binnen.

- 22 augustus 2025 om 17:34 uur: 12 foto's gestuurd

- 23 augustus 2025 om 20:02 uur: Spraakbericht + foto, deze toch?

- 24 augustus 2025 om 20:07 uur: 4 foto's gestuurd, 2 dozen, Denmark

- 25 augustus 2025 om 15:07 uur: Inkomende spraakoproep, locatie, foto, 'nog niet

betalen', 'betaald', 'dus nog niet sturen'.

- 25 augustus 2025 om 19:15 uur: ' [naam 2] , [adres 2] '

- 4 september 2025 om 20:58 uur: 'We gaan die 2008 van baksteen kopen poep prijs, 30 euro'

- 4 september 2025 om 21:03 uur: 'Je hebt 2 object verkocht al daar welke zijn dat ?'

6. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 16 september 2025, voor zover inhoudende (p. 154) (dossier I):

Op 12 september 2025 was ik ter plaatse bij de [bedrijf] vestiging in Rijswijk. Op basis van een proces-verbaal van bevindingen bestond het vermoeden dat de weggenomen voetbalplaatjes in een opslagbox in deze vestiging opgeslagen lagen.

Ik belde met een medewerker van [bedrijf] . Ik vroeg de medewerker of hij mij kon vertellen of bepaalde personen bij [bedrijf] in Rijswijk een opslagbox huren of gehuurd hebben. Ik hoorde de medewerker zeggen dat de [verdachte] vanaf 7 juni 2025 een box huurde en dat de box sinds donderdag 11 september 2025 weer leeg staat.

7. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 25 september 2025, voor zover inhoudende (p. 25-28) (dossier II):

Tijdens het verhoor van [medeverdachte 1] . heeft hij verklaard dat hij de helft van het ontvangen geld over heeft gemaakt naar [verdachte] en dat [verdachte] ook op de camerabeelden van de Shurgard te zien is. Daarnaast heeft [verdachte] vanaf 7 juni 2025 tot en met 11 september 2025 een box gehuurd bij de [bedrijf] in Rijswijk.

Uit de analyse van de historische financiële gegevens blijkt dat er in de periode van 1 juni 2025 tot en met 17 september 2025 678 transacties hebben plaatsgevonden van het bankrekeningnummer [rekeningnummer 1] , met rekeninghouder [verdachte] . In totaal is er in de periode van 1 juni 2025 tot en met 17 september 2025 96.319,02 euro binnengekomen en 95.884,16 euro afgeschreven van het bankrekeningnummer [rekeningnummer 1] .

In de gevorderde periode hebben er meerdere transacties plaatsgevonden met medeverdachte [medeverdachte 1] , met bankrekeningnummer [rekeningnummer 2] . Dit was op de volgende momenten:

- Op 9 juni om 15:30 uur is er 30,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] ;

- Op 25 juni om 19:05 uur is er 60,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] ;

- Op 9 juli om 15:54 uur is er 50,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] ;

- Op 10 juli om 18:56 uur is er 50,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] ;

- Op 25 juli om 20:41 uur is er 940,00 euro afgeschreven naar [medeverdachte 1] ;

- Op 6 augustus om 03:10 uur is er 225,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] ;

- Op 9 augustus om 01:10 uur is er 3.910,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] ;

- Op 9 augustus om 22:15 uur is er 775,00 euro afgeschreven naar [medeverdachte 1] ;

- Op 13 augustus om 22:50 uur is er 1.487,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] ;

- Op 16 augustus om 03:13 uur is er 2.000,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] ;

- Op 16 augustus om 13:53 uur is er 250,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] ;

- Op 18 augustus om 14:49 uur is er 400,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] ;

- Op 20 augustus om 15:22 uur is er 130,00 euro afgeschreven naar [medeverdachte 1] met als omschrijving 'Pakketj';

- Op 21 augustus om 12:38 uur is er 273,00 euro afgeschreven naar [medeverdachte 1] ;

- Op 21 augustus om 13:28 uur is er 1.567,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] ;

- Op 22 augustus om 19:31 uur is er 6.823,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] met als omschrijving 'Verdeling winst';

- Op 25 augustus om 17:09 uur is er 1.650,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] ;

- Op 1 september om 12:36 uur is er 230,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] ;

- Op 2 september om 19:57 uur is er 50,00 euro afgeschreven naar [medeverdachte 1] ;

- Op 3 september om 12:51 uur is er 1.500,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] ;

- Op 5 september om 14:29 uur is er 310,00 euro bijgeschreven van [medeverdachte 1] ;

- Op 7 september om 18:08 uur is er 45,00 euro afgeschreven naar [medeverdachte 1] .

Sinds de diefstal op 7 juli 2025, is er in totaal 2.213,00 euro overgemaakt naar [medeverdachte 1] en is er 20.452,00 euro bijgeschreven door [medeverdachte 1] .

Er is meermaals geld bijgeschreven met tegenrekeninghouder [bijnaam] . Dit was op de volgende momenten, met de volgende bijbehorende omschrijvingen en kenmerken:

- Op 21 augustus 09:45 uur is er 545,64 euro bijgeschreven met omschrijving [omschrijving 1] en met kenmerk [kenmerk 1] ;

- Op 9 september om 09:10 uur is er 588,07 euro bijgeschreven met omschrijving

[omschrijving 2] en met kenmerk [kenmerk 2] ;

- Op 16 september om 09:10 uur is er 1.073,76 euro bijgeschreven met omschrijving [omschrijving 3] en met kenmerk [kenmerk 3] .

8. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 7 oktober 2025, voor zover inhoudende (p. 15) (dossier IV):

Op donderdag 25 september 2025 vorderde ik de identificerende gegevens behorend bij een drietal transacties van [website 2] . Het betreft de volgende transacties/kenmerken:

- [omschrijving 1] met kenmerk [kenmerk 1] ,

- [omschrijving 2] met kenmerk [kenmerk 2] ,

- [omschrijving 3] met kenmerk [kenmerk 3] .

De transacties zijn gestort op bankrekeningnummer [rekeningnummer 1]

Op maandag 6 oktober 2025 ontving ik van [website 2] de volgende identificerende gegevens :

Account ID: [nummer]

Username / Seller name: [gebruikersnaam]Full name: [verdachte]

Email: [e-mailadres]

Phone number: [telefoonnummer]

Ik zag dat het telefoonnummer [telefoonnummer] overeenkwam met het meest recente

telefoonnummer van [verdachte] in de politiesystemen.

9. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 30 december 2025, voor zover inhoudende (p. 16-17) (dossier V):

Username: [gebruikersnaam]

Phone: [telefoonnummer]

Account ID: [nummer]

LOTS SOLD

Ik zag dat er vier advertenties waren, met de volgende informatie:

1.

96714550 - 2010 Panini World Cup South Africa 2010 - Free Shipping! - 100 packs

edition - 2 cases with in totaal 2 x 12 = 24 sealed box - Excellent.

Ik zag dat deze kaarten verkocht waren voor 650 euro op 14 juli 2025 om 18:27 uur aan een koper uit Spanje.

2.

97196112 - 2010 Panini World Cup South Africa 2010 - Free Shipping! - 100 packs

edition - 2 cases with in totaal 2 x 12 = 24 sealed box - Excellent.

Ik zag dat deze kaarten verkocht waren voor 700 euro op 9 september 2025 aan een

koper uit Denemarken

3.

97457967 - Panini Euro 2008 - 100 packs edition - 2 Cases with in total 2x12 = 24

Sealed box - Excellent (EX)

Ik zag dat deze kaarten verkocht waren voor 757 euro op 16 september 2025 om 05:00 uur, aan een koper uit Nederland

4.

97458011 - Panini Euro 2012 - 100 packs edition - 2 Cases with in total 2x12 = 24

Sealed box - Excellent (EX)

Ik zag dat deze kaarten verkocht waren voor 510 euro op 16 september 2025 om 05:00 uur, aan een koper uit Zweden.

Bewijsoverwegingen

Schuldwitwassen

De rechtbank leidt uit het dossier en het onderzoek ter terechtzitting de volgende feiten en omstandigheden af. Op 7 juli 2025 is een collectie Panini voetbalplaatjes, albums en stickers door de verdachte, medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] en een onbekend gebleven persoon weggenomen uit een opslagbox. Een deel van deze collectie is in de periode daarna op diverse veilingsites, te weten [website 1] en [website 2] , te koop aangeboden en verkocht. Het [website 1] -account behoorde toe aan de medeverdachte [medeverdachte 1] . Het [website 2] -account stond op naam van de verdachte. De opbrengst van de voetbalplaatjes werd gelet op de betalingstransacties tussen beiden verdeeld. Met de verkoop van delen van de Panini collectie hebben de verdachte en medeverdachte [medeverdachte 1] flinke bedragen verdiend. Dat de collectie van enig misdrijf afkomstig is, staat niet ter discussie. Nu er sprake is van een vermoeden van witwassen, mag van de verdachte een verklaring worden verlangd die concreet, min of meer verifieerbaar en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijk is.

Na de diefstal op 7 juli 2025 is de collectie in een andere opslagbox ondergebracht. Deze opslagbox werd gehuurd door de verdachte. Tijdens de terechtzitting verklaarde de verdachte dat hem pas ná het inladen van de goederen gevraagd werd of de spullen opgeslagen mochten worden in zijn opslagbox. De verdachte vond dit naar eigen zeggen een raar verhaal. Hij verklaarde voorts dat medeverdachte [medeverdachte 1] een gokschuld bij hem had en hij simpelweg zijn geld terug wilde. De verdachte zou niets te maken hebben gehad met de verkoop van de Panini voetbalplaatjes. Het [website 2] -account zou de verdachte op verzoek van [medeverdachte 1] hebben aangemaakt, waarna hij de inloggegevens aan [medeverdachte 1] zou hebben verstrekt.

De rechtbank stelt vast dat het [website 2] -account waarmee voetbalplaatjes zijn verkocht op naam van de verdachte stond en de verdachte ook de opbrengst van die verkoop op zijn bankrekeningnummer uitbetaald kreeg. De verklaring dat hij dit account voor medeverdachte [medeverdachte 1] heeft aangemaakt wordt derhalve als ongeloofwaardig terzijde geschoven. Immers heeft medeverdachte [medeverdachte 1] via [website 2] geen inkomsten gegenereerd en is de winst bij de verdachte terecht gekomen. Ook de verklaring dat medeverdachte [medeverdachte 1] een gokschuld had bij de verdachte en daarom geld naar hem overmaakte wordt als ongeloofwaardig terzijde geschoven. Immers heeft de verdachte in de ten laste gelegde periode ook € 2.213,- naar de medeverdachte [medeverdachte 1] overgemaakt. Een verklaring hiervoor wordt niet gegeven.

Bovendien blijkt uit de in de bewijsmiddelen genoemde chatberichten dat [medeverdachte 1] en de verdachte gesprekken over de voetbalplaatsjes hebben gevoerd, waaruit de verdachte zijn directe betrokkenheid bij de verkoop van de voetbalplaatjes duidelijk blijkt. In de berichten worden foto’s gestuurd, gaat het over “twee dozen”, een naam en een adres is Denemarken, berichten als “nog niet betalen”, “betaald” en “dus nog niet sturen”. Ook wordt er gestuurd: “We gaan die 2008 van baksteen kopen poep prijs, 30 euro” en “Je hebt 2 object verkocht al daar welke zijn dat ?”. Een nadere verklaring hierover heeft de verdachte niet gegeven. Dat de verdachte enige periode in het buitenland zou hebben verbleven, maakt niet dat hij niet betrokken kan zijn geweest bij de online verkopen.

De rechtbank schuift dan ook de gehele verklaring van de verdachte als onaannemelijk terzijde. De rechtbank is van oordeel dat de verdachte onvoldoende tegenwicht heeft geboden aan het gerechtvaardigd vermoeden van witwassen. De verdachte heeft onder de bovengenoemde omstandigheden zonder enige vragen naar de herkomst te stellen zich niet voldoende op de hoogte heeft gesteld van de herkomst van de door hem en medeverdachte [medeverdachte 1] verkochte Panini voetbalplaatjes, albums en stickers. De verdachte had dan ook redelijkerwijs moeten vermoeden dat de ten laste gelegde voorwerpen onmiddellijk of middellijk uit enig misdrijf afkomstig zijn.

Medeplegen

De rechtbank stelt voorop dat de betrokkenheid aan een strafbaar feit als medeplegen kan worden bewezenverklaard wanneer is komen vast te staan dat bij het begaan daarvan sprake is geweest van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking. Uit het dossier en het onderzoek ter terechtzitting leidt de rechtbank met betrekking tot de betrokkenheid van verdachte bij het tenlastegelegde het volgende af.

De verdachte was aanwezig op het moment dat de collectie uit de opslagbox werd weggenomen en verplaatst werd naar een andere opslagbox die op zijn naam stond. De verdachte heeft voorts meermalen berichten gestuurd naar de medeverdachte [medeverdachte 1] waaruit een samenwerking met betrekking tot het witwassen van de collectie kan worden afgeleid. Zo heeft hij de medeverdachte onder meer berichten gestuurd met adressen waarnaar de verkochte goederen opgestuurd moeten worden, foto’s en instructies om goederen wel of niet te versturen. Bovendien worden de opbrengsten van de verkochte voetbalplaatjes van € 46.405,50, verdeeld tussen de verdachte en medeverdachte [medeverdachte 1] .

Op grond van het voorgaande oordeelt de rechtbank dat sprake is geweest van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en zijn medeverdachte die in de kern bestaat uit een gezamenlijke uitvoering. Daarmee acht de rechtbank het tenlastegelegde medeplegen bewezen.

Partiële vrijspraak van de waarde van de Panini collectie

De aangever verklaart in de aangifte dat zijn Panini collectie een waarde had van ongeveer € 500.000,--. De rechtbank kan thans op basis van het dossier, onder meer omdat geen inventaris beschikbaar is die dateerde van vóór de diefstal en gelet op latere waardebepalingen, niet tot een bewezenverklaring van dat onderdeel van de tenlastelegging komen. De rechtbank zal de verdachte van dit punt partieel vrijspreken.

De bewezenverklaring

De rechtbank is met betrekking tot het onder 2 ten laste gelegde feit van oordeel dat dit feit wettig en overtuigend is bewezen. De rechtbank verklaart ten laste van de verdachte bewezen dat:

hij in de periode van 7 juli 2025 tot en met 17 september 2025 in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, een collectie Panini voetbalplaatjes, albums en stickers, en geldbedragen,

- heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen, heeft omgezet, en gebruik van heeft gemaaktterwijl hij, verdachte, redelijkerwijs moest vermoeden dat die voorwerpen middellijk afkomstig waren uit enig misdrijf.

Voor zover in de tenlastelegging type- en taalfouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd en gecursiveerd weergegeven, zonder dat de verdachte daardoor in de verdediging is geschaad.

4. De strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het bewezen verklaarde is volgens de wet strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.

5. De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is eveneens strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

6. De strafoplegging

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van achttien maanden, met aftrek van de tijd in voorarrest doorgebracht, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren en als bijzondere voorwaarden een meldplicht bij de reclassering en deelname aan de gedragsinterventie cognitieve vaardigheden.

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft de rechtbank verzocht om aan de verdachte geen langere onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen dan hij reeds in voorarrest heeft gezeten.

Het oordeel van de rechtbank

Na te melden straf is in overeenstemming met de ernst van het gepleegde feit, de omstandigheden waaronder dit is begaan en gegrond op de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan tijdens het onderzoek op de terechtzitting is gebleken.

De rechtbank neemt hierbij in het bijzonder het volgende in aanmerking.

Ernst van het feit

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van het schuldwitwassen van een waardevolle collectie voetbalplaatjes, albums en stickers, die afkomstig waren van diefstal. De verdachte heeft een deel van de collectie verkocht en tot op heden is onbekend gebleven waar de rest van de collectie is. De aangever lijkt zijn verzameling dan ook definitief kwijt te zijn. De verdiende geldbedragen zijn terecht gekomen bij de verdachte en zijn medeverdachte. Door het witwassen is geprobeerd aan het geld een schijnbaar legale herkomst te geven, waardoor de integriteit van het financieel en economisch verkeer wordt aangetast. Witwassen faciliteert onderliggende criminaliteit en vormt een bedreiging voor de legale economie. De verdachte heeft zich puur laten leiden door financieel gewin en heeft zich niet bekommerd om de gevolgen van zijn handelen en wat dit voor de aangever heeft betekend. Uit de slachtofferverklaring blijkt dat de aangever diep getroffen is door het verlies van zijn collectie. Het slachtoffer heeft veel tijd, geld en energie in zijn verzameling gestoken en dit had hem financiële zekerheid voor de toekomst moeten geven. Het verlies van de collectie heeft het slachtoffer zodanig geraakt dat hij is doorverwezen naar een psycholoog. De rechtbank rekent dit alles de verdachte aan.

Strafblad

De rechtbank heeft kennisgenomen van het strafblad van de verdachte van 19 september 2025. Daaruit blijkt dat de verdachte in 2021 en 2023 meermalen is veroordeeld tot (voorwaardelijke) gevangenisstraf voor soortgelijke feiten. De proeftijd van een van die straffen was nog niet ten einde op het moment dat de verdachte de bewezenverklaarde feiten pleegde. De rechtbank weegt dit mee als strafverzwarende omstandigheid.

Persoon van de verdachte

De rechtbank heeft kennisgenomen van een reclasseringsadvies over de verdachte van 4 december 2025, waaruit volgt dat sprake is van problematiek op het gebied van zijn houding, psychosociaal functioneren, financiën en delictverleden. Het risico op recidive kan vanwege de ontkennende houding van de verdachte niet worden ingeschat. Als de verdachte wordt veroordeeld, adviseert de reclassering om aan hem op te leggen een (deels) voorwaardelijke straf met als bijzondere voorwaarden een meldplicht bij de reclassering en deelname aan de gedragsinterventie cognitieve vaardigheden.

Straf

De rechtbank heeft bij de bepaling van de strafmodaliteit en strafmaat de landelijke oriëntatiepunten voor straftoemeting als uitgangspunt genomen. Daarin is, afhankelijk van het benadelingsbedrag, als uitgangspunt vermeld een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van twee tot vijf maanden. De rechtbank komt tot een lagere straf dan door de officier van justitie geëist omdat zij tot een andere bewezenverklaring komt.

Gelet op wat hiervoor is overwogen, is de rechtbank van oordeel dat niet kan worden volstaan met een lichtere of andere sanctie dan een straf die deels onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming van na te melden duur met zich brengt. De rechtbank acht een gevangenisstraf voor de duur van acht maanden passend en geboden, met aftrek van de tijd in voorarrest doorgebracht, waarvan drie maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren en als bijzondere voorwaarden een meldplicht bij de reclassering en deelname aan de gedragsinterventie cognitieve vaardigheden.

De rechtbank acht een voorwaardelijke gevangenisstraf passend, enerzijds om de ernst van het gepleegde feit tot uitdrukking te brengen en anderzijds om de verdachte ervan te weerhouden zich in de toekomst opnieuw aan strafbare feiten schuldig te maken.

7. De vordering van de benadeelde partij/de schadevergoedingsmaatregel

[aangever] heeft zich als benadeelde partij gevoegd in het strafproces en vordert een schadevergoeding van € 997.501,-, te vermeerderen met de wettelijke rente. Dit bedrag bestaat uit € 995.001,- aan materiële schade en € 2.500,- aan immateriële schade. De benadeelde partij vordert voorts een proceskostenvergoeding van € 7.431,-.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie concludeert tot hoofdelijke toewijzing van de vordering van de benadeelde partij tot een bedrag van € 500.000,-. Dit bedrag bestaat uit materiële schade. De officier van justitie concludeert tot niet-ontvankelijk verklaring van de benadeelde partij voor het overige. De proceskostenvergoeding van € 7.431,- komt volledig voor toewijzing in aanmerking.

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft zich primair op het standpunt gesteld dat de benadeelde partij, gelet op de bepleite vrijspraak, niet-ontvankelijk moet worden verklaard in zijn vordering. Subsidiair verzoekt de raadsvrouw de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren omdat behandeling van de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding met zich brengt. De proceskostenvergoeding moet worden gematigd.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in zijn vordering. Ter terechtzitting is de vordering door de verdachte betwist en namens de benadeelde partij onvoldoende onderbouwd. De vordering tot schadevergoeding is drie werkdagen voor de zitting zonder althans zeer beperkte toelichting daarop aan de procespartijen overgelegd. Een toelichting volgde 28 januari 2026 tijdens de behandeling ter terechtzitting. De rechtbank acht zich niet verzekerd dat de beiden partijen in voldoende mate in de gelegenheid zijn geweest om naar voren te brengen hetgeen zij ter staving van de vordering, onderscheidenlijk tot verweer tegen de vordering, kunnen aanvoeren en, voor zover nodig en mogelijk, daarvan bewijs kunnen leveren. De partijen daartoe de gelegenheid geven zou aanhouding van de behandeling van de zaak tot gevolg hebben, hetgeen een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert.

De benadeelde partij kan de vordering daarom slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

Dit brengt mee dat de benadeelde partij moet worden veroordeeld in de kosten die de verdachte tot aan deze uitspraak in verband met zijn verdediging tegen die vordering heeft moeten maken. De rechtbank begroot deze kosten op nihil.

8. De vordering tot tenuitvoerlegging

De vordering van de officier van justitie

09/243290-22

De officier van justitie heeft bij vordering van 30 oktober 2025 gevorderd dat de bij parketnummer 09/243290-22 door de meervoudige kamer van de rechtbank Den Haag op 20 januari 2023 voorwaardelijke opgelegde straf, te weten een gevangenisstraf voor de duur van vier maanden, ten uitvoer wordt gelegd wegens niet naleven van de algemene voorwaarden.

20/000992-23

De officier van justitie heeft bij vordering van 30 oktober 2025 gevorderd dat de bij parketnummer 20/000992-23 door gerechtshof ‘s-Hertogenbosch op 5 januari 2024 voorwaardelijke opgelegde straf, te weten een taakstraf van vijftig uren, subsidiair 25 dagen vervangende hechtenis, ten uitvoer wordt gelegd wegens niet naleven van de algemene voorwaarden.

Het standpunt van de verdediging

Gezien de verzochte vrijspraak verzoekt de verdediging om de officier van justitie niet-ontvankelijk te verklaren in haar vorderingen. Subsidiair wordt gesteld dat ten aanzien van de vordering tenuitvoerlegging van 09/243290-22 deze al deels ten uitvoer is gelegd.

Het oordeel van de rechtbank

09/243290-22

De rechtbank acht termen aanwezig voor toewijzing van de vordering van de officier van justitie van 30 oktober 2025 tot tenuitvoerlegging van het voorwaardelijk deel van de opgelegde gevangenisstraf, waartoe de verdachte werd veroordeeld bij onherroepelijk geworden vonnis van de meervoudige kamer in deze rechtbank d.d. 20 januari 2023, nu uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat verdachte de algemene voorwaarde niet heeft nageleefd, doordat hij zich voor het einde van de proeftijd die bij voormeld vonnis was opgelegd, wederom heeft schuldig gemaakt aan een strafbaar. De rechtbank zal dan ook de gevorderde tenuitvoerlegging gelasten.

20/000992-23

De rechtbank overweegt als volgt ten aanzien van de vordering van 30 oktober 2025 ten aanzien van de bij parketnummer 20/000992-23 door gerechtshof ‘s-Hertogenbosch op 5 januari 2024 voorwaardelijke opgelegde straf. De vordering voldoet aan de daaraan te stellen eisen. Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd opnieuw schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit en dus de algemene voorwaarde heeft overtreden. Naar het oordeel van de rechtbank zijn er bijzondere omstandigheden die aan de tenuitvoerlegging van de voorwaardelijk opgelegde straf in de weg staan. Het feit waarop de vordering betrekking heeft, overtreding van de Wegenverkeerswet 1994, staat namelijk in een te ver verwijderd verband van het strafbare feit waar het in de hoofdzaak om gaat. Daarom zal de rechtbank de gevorderde tenuitvoerlegging afwijzen.

9. De toepasselijke wetsartikelen

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen:

- 14a, 14b, 14c, 47, 420quater van het Wetboek van Strafrecht;

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak rechtens gelden.

10. De beslissing

De rechtbank:

verklaart niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij;

verklaart wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte het onder 2 ten laste gelegde feit heeft begaan, zoals hierboven onder 3.6 bewezen is verklaard;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en dat het bewezen verklaarde uitmaakt:

schuldwitwassen;

verklaart de verdachte daarvoor strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot:

een gevangenisstraf voor de duur van 8 (ACHT) MAANDEN;

bepaalt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijk gedeelte van de hem opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;

bepaalt dat een gedeelte van die straf, groot 3 (DRIE) MAANDEN, niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op twee jaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

en onder de bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde:

- zich gedurende de proeftijd meldt bij de Reclassering Leger des Heils op het adres [adres 3] op door de reclassering te bepalen tijdstippen, zo frequent en zolang de reclassering dat noodzakelijk acht;

- gedurende de proeftijd deelneemt aan een gedragsinterventie cognitieve vaardigheden of een andere gedragsinterventie die gericht is op cognitieve vaardigheden. De reclassering bepaalt welke interventie het precies wordt. De veroordeelde houdt zich aan de aanwijzingen en afspraken zoals die gedurende deze gedragsinterventie door of namens de trainer/begeleider aan hem worden gegeven;

geeft opdracht aan Reclassering het Leger des Heils tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;

voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd:

- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

- medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht daaronder begrepen;

heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte; met ingang van het tijdstip waarop de duur van de voorlopige hechtenis gelijk wordt aan die van het onvoorwaardelijk gedeelte van de opgelegde gevangenisstraf;

de vordering van de benadeelde partij

bepaalt dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk is in de vordering tot schadevergoedingen dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

veroordeelt de benadeelde partij in de kosten door de verdachte ter verdediging tegen die vordering gemaakt, tot op heden begroot op nihil;

de vorderingen tenuitvoerlegging van een voorwaardelijk opgelegde straf

Dit vonnis is gewezen door

mr. G.A. van Essen, voorzitter,

mr. Y.J. Wijnnobel-van Erp, rechter,

mr. R. Wieringa, rechter,

in tegenwoordigheid van mr. F.A.M. Schuijt en mr. E.M van Ginkel, griffiers,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 11 februari 2026.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. G.A. van Essen
  • mr. Y.J. Wijnnobel-van Erp
  • mr. R. Wieringa

Griffier

  • mr. F.A.M. Schuijt en mr. E.M van Ginkel

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?