ECLI:NL:RBDHA:2026:26713

ECLI:NL:RBDHA:2026:26713

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 07-09-2026
Datum publicatie 14-09-2026
Zaaknummer NL26.49523
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

bewaring, vervolgberoep, voortvarend handelen, ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser

de minister van Asiel en Migratie, verweerder.

Zittingsplaats Rotterdam

Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.49523

V-nummer: [v-nummer]

(gemachtigde: mr. R.M. Seth Paul),

en

Procesverloop

Verweerder heeft op 1 juni 2026 aan eiser de maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) opgelegd. Deze maatregel duurt nog voort.

Eiser heeft tegen het voortduren van de maatregel van bewaring beroep ingesteld. Daarbij heeft hij verzocht om schadevergoeding.

Verweerder heeft een voortgangsrapportage overgelegd. Eiser heeft hierop gereageerd.

De rechtbank heeft bepaald dat een onderzoek ter zitting achterwege blijft en het vooronderzoek op 2 september 2026 gesloten.

Overwegingen

Inleiding

1. Indien de rechtbank van oordeel is dat de toepassing of tenuitvoerlegging van de maatregel van bewaring in strijd is met de Vw dan wel bij afweging van alle daarbij betrokken belangen in redelijkheid niet gerechtvaardigd is, verklaart zij op grond van artikel 96, derde lid, van de Vw het beroep gegrond en beveelt zij de opheffing van de maatregel of een wijziging van de wijze van tenuitvoerlegging daarvan.

2. De rechtbank stelt voorop dat zij deze maatregel van bewaring al eerder heeft getoetst. Uit de uitspraak van 30 juni 2026 (in de zaak NL26.33641) volgt dat de maatregel van bewaring tot het moment van het sluiten van het onderzoek dat aan die uitspraak ten grondslag ligt, rechtmatig was. Daarom is bij de beoordeling van de rechtmatigheid van het voortduren van de maatregel van bewaring slechts de periode van belang sinds het moment van het sluiten van dat onderzoek op 24 juni 2026. De in deze uitspraak te toetsen periode loopt dus van 24 juni 2026 tot 2 september 2026.

Voortvarend handelen

3. Eiser stelt dat verweerder onvoldoende voortvarend werkt aan zijn uitzetting. Daartoe voert hij aan dat de Algerijnse autoriteiten op 18 juli 2026 eisers nationaliteit hebben bevestigd en hebben verzocht hem aan hen te presenteren, maar dat die presentatie nog altijd niet heeft plaatsgevonden. Volgens eiser blijkt uit de voortgangsrapportage over zijn uitzetting niet welke handelingen verweerder heeft verricht om die presentatie te realiseren. Ook volgt daaruit niet dat sprake is van vertragingen die niet aan verweerder kunnen worden toegerekend, zoals belemmeringen aan de zijde van de Algerijnse autoriteiten.

4. In wat eiser aanvoert, ziet de rechtbank geen aanleiding voor het oordeel dat verweerder onvoldoende voortvarend werkt aan zijn uitzetting. De rechtbank overweegt dat uit de voortgangsrapportage volgt dat verweerder sinds het sluiten van het vorige onderzoek drie keer schriftelijk en eenmaal telefonisch heeft gerappelleerd bij de Algerijnse autoriteiten in verband met de lopende laissez-passer (lp) aanvraag. Ook heeft verweerder drie vertrekgesprekken met eiser gevoerd, op 23 juli 2026, 6 augustus 2026 en op 25 augustus 2026. Tijdens die gesprekken is met eiser besproken hoe hij tegenover zijn vertrek staat en is hij geïnformeerd over de stand van zaken van het uitzettingstraject. Verder staat vast dat de Algerijnse autoriteiten op 18 juli 2026 eisers nationaliteit hebben bevestigd. Volgens de consul moet eiser eerst worden gepresenteerd voordat tot afgifte van een lp wordt overgegaan. De regievoerder heeft eiser uitgelegd dat de Dienst Terugkeer en Vertrek nog wacht op een presentatiedatum, zodat zijn vertrek kan worden georganiseerd. De rechtbank merkt daarbij op dat verweerder afhankelijk is van de Algerijnse autoriteiten, en hun werkwijze. Verweerder is voor wat betreft de snelheid van het lp-proces afhankelijk van die autoriteiten en kan, behalve rappelleren, daarop geen verdere invloed uitoefenen. Eiser kan het traject zelf wel bespoedigen door actief en volledig mee te werken aan zijn uitzetting, maar daarvan is tot dusver niet gebleken. In het vertrekgesprek van 25 augustus 2026 heeft hij immers aangegeven niet te zullen meewerken aan de presentatie of aan zijn vertrek naar Algerije. Deze beroepsgrond slaagt daarom niet.

Ambtshalve toetsing

5. De rechtbank overweegt tot slot dat zij, zoals blijkt uit het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie (het Hof) van 8 november 2022 (ECLI:EU:C:2022:858), gehouden is ambtshalve de rechtmatigheidsvoorwaarden van de maatregel van bewaring te toetsen. Ook met inachtneming van deze ambtshalve toetsing ziet de rechtbank geen grond voor het oordeel dat het voortduren van de maatregel van bewaring tot het moment van sluiten van het onderzoek op enig moment onrechtmatig was. Daarnaast heeft het Hof in het arrest Adrar van 4 september 2025 (ECLI:EU:C:2025:647), voor recht verklaard dat de bewaringsrechter zo nodig ambtshalve moet nagaan of het beginsel van non-refoulement en/of het belang van het kind en het familie- en gezinsleven, bedoeld in respectievelijk artikel 5, onder a) en b), van richtlijn 2008/115 zich verzetten tegen de verwijdering als de bewaringsmaatregel is opgelegd om de terugkeer van een illegaal verblijvende derdelander voor te bereiden en/of om de verwijderingsprocedure uit te voeren. Het is de rechtbank niet gebleken dat het familie- en gezinsleven van eiser of het beginsel van non-refoulement zich verzetten tegen eisers verwijdering.

Conclusie en gevolgen

6. Het beroep is ongegrond. Daarom wordt ook het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank:

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.M.J. Adriaansen, rechter, in aanwezigheid van

mr. M. Stehouwer, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. A.M.J. Adriaansen

Griffier

  • mr. M. Stehouwer

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand