RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam] , verzoekster,
de minister van Asiel en Migratie, de minister
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.38363
V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. H. Postma)
en
(gemachtigde: mr. L.O. Augustinus).
Procesverloop
1. Bij het bestreden besluit van 29 mei 2024 heeft de minister de asielaanvraag van verzoekster ongegrond verklaard.
Verzoekster heeft hiertegen beroep ingesteld (zaaknummer NL24.23415) en heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de behandeling van het beroep, op 22 januari 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoekster, de gemachtigde van verzoekster, een tolk en de gemachtigde van de minister. Het onderzoek is op zitting gesloten.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
2. Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het samenhangende beroep van verzoekster. Het beroep is gegrond verklaard en het bestreden besluit van 29 mei 2024 is vernietigd, maar de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit zijn in stand gebleven, voor zover het gaat om de afwijzing van de aanvraag als kennelijk ongegrond. Een voorlopige voorziening is daarom niet nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
De voorzieningenrechter ziet aanleiding om de minister te veroordelen in de proceskosten van verzoekster, omdat het samenhangende beroep gegrond is verklaard. De minister moet deze kosten vergoeden. Deze vergoeding bedraagt € 934,- voor het indienen van een verzoekschrift. Het verschijnen op zitting is in de uitspraak op beroep al betrokken in de proceskostenvergoeding.
Hersteluitspraak
3. In deze hersteluitspraak is bepaald dat verzoekster recht heeft op een proceskostenvergoeding. Eerder was dat ten onrechte niet gedaan. Deze hersteluitspraak treedt in de plaats van de oorspronkelijke uitspraak die 15 juni 2026 is gedaan.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
De voorzieningenrechter:
Deze uitspraak is gedaan door mr. A. Sibma, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van
mr. P.C.J. Lindeijer, griffier, en openbaar gemaakt door middel gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is openbaar en bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open verzonden.