ECLI:NL:RBDHA:2026:2752

ECLI:NL:RBDHA:2026:2752

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 02-02-2026
Datum publicatie 13-02-2026
Zaaknummer NL26.3831
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

bewaring, vervolgberoep, zicht op uitzetting, voortvarend handelen, lichter middel, ongegrond

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam eiser] , V-nummer: [V-nummer] , eiser

de minister van Asiel en Migratie, verweerder

Zittingsplaats Rotterdam

Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.3831

(gemachtigde: mr. D. Matadien),

en

Procesverloop

Verweerder heeft op 13 december 2025 aan eiser de maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) opgelegd. Deze maatregel duurt nog voort.

Eiser heeft tegen het voortduren van de maatregel van bewaring beroep ingesteld. Daarbij heeft hij verzocht om schadevergoeding.

Verweerder heeft een voortgangsrapportage overgelegd. Eiser heeft hierop gereageerd.

De rechtbank heeft bepaald dat een onderzoek ter zitting achterwege blijft en het vooronderzoek gesloten op 28 januari 2026.

Overwegingen

Voortvarend handelen

Inleiding

1. De rechtbank stelt voorop dat zij deze maatregel van bewaring al eerder heeft getoetst. Uit de uitspraak van 31 december 2025 (in de zaak NL25.61294) volgt dat de maatregel van bewaring tot het moment van het sluiten van het onderzoek dat aan die uitspraak ten grondslag ligt rechtmatig was. Daarom is bij de beoordeling van de rechtmatigheid van het voortduren van de maatregel van bewaring slechts de periode van belang sinds het moment van het sluiten van dat onderzoek op 24 december 2025. De in deze uitspraak te toetsen periode loopt dus van 24 december 2025 tot 28 januari 2026.

Zicht op uitzetting

2. Eiser voert aan dat zicht op uitzetting naar Marokko niet langer aanwezig is in zijn geval omdat de Marokkaanse autoriteiten zijn identiteit en nationaliteit niet bevestigen en niet reageren op de laissez-passer (lp)-aanvraag die verweerder op 22 december 2025 heeft ingediend. Ondanks herhaalde schriftelijke rappels is er geen lp verstrekt, wat erop wijst dat deze niet zal worden verkregen. Volgens eiser heeft verweerder onvoldoende rekening gehouden met deze gewijzigde omstandigheden.

3. De rechtbank overweegt dat in zijn algemeenheid zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn naar Marokko wordt aangenomen. De rechtbank verwijst in dit verband naar de uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) van 14 november 2022 (ECLI:NL:RVS:2022:3269), 8 augustus 2023 (ECLI:NL:RVS:2023:3033) en 27 januari 2025 (ECLI:NL:RVS:2025:219).

4. Als het gaat om eisers specifieke geval, overweegt de rechtbank dat uit verweerders voortgangsrapport blijkt dat de lp-aanvraag van 22 december 2025 nog in behandeling is bij de Marokkaanse autoriteiten. Eiser heeft geen concrete aanknopingspunten naar voren gebracht die tot de conclusie leiden dat voor hem niet binnen een redelijke termijn een lp zal worden afgegeven. Dat de Marokkaanse autoriteiten (nog) niet hebben gereageerd op de lp-aanvraag, is daarvoor onvoldoende. Daarbij wordt opgemerkt dat met een lp-traject bij de Marokkaanse autoriteiten in het algemeen de nodige tijd (meerdere maanden) gemoeid gaat, zeker als een vreemdeling, zoals in het geval van eiser, geen enkel document over zijn identiteit en nationaliteit overlegt. Daarnaast is de lp-aanvraag van eiser nog maar relatief kort in behandeling bij de Marokkaanse autoriteiten. De rechtbank wijst er in dit verband verder op dat op eiser de verplichting rust om volledig en actief mee te werken aan zijn uitzetting en het lp-traject. Niet is gebleken dat eiser dat voldoende doet. Gelet op het voorgaande is er geen reden om aan te nemen dat in eisers geval het zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn ontbreekt. De beroepsgrond slaagt niet.

5. Eiser voert verder aan dat verweerder onvoldoende voortvarend werkt aan zijn uitzetting. Eiser wijst er daartoe op dat verweerder nog geen presentatie heeft gepland bij de Marokkaanse autoriteiten. Verweerder heeft daarom geen effectieve uitzettingshandelingen verricht.

6. De rechtbank stelt voorop dat, als eerder vermeld, de te toetsen periode in het onderhavige beroep zich beperkt tot de periode van 24 december 2025 tot 28 januari 2026. Uit de voortgangsrapportage van 22 januari 2026 blijkt dat verweerder in deze periode schriftelijk heeft gerappelleerd bij de Marokkaanse autoriteiten over de openstaande lp-aanvraag. Daarnaast blijkt uit de voortgangsgegevens dat verweerder op 30 december 2025 een vertrekgesprek met eiser heeft gevoerd. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder hiermee voldoende voortvarend aan de uitzetting van eiser gewerkt. Het rappelleren in een lp-traject en het voeren van vertrekgesprekken zijn daadwerkelijke uitzettingshandelingen. De stelling van eiser dat verweerder geen effectieve uitzettingshandelingen heeft verricht, volgt de rechtbank dan ook niet. Gezien de relatief korte duur van de bewaring en van het traject bij de Marokkaanse autoriteiten, is er ook geen aanleiding voor de conclusie dat verweerder meer of andere uitzettingshandelingen had moeten verrichten. De beroepsgrond slaagt niet.

Lichter middel

7. Eiser voert aan dat vanwege zijn persoonlijke omstandigheden de bewaring onevenredig bezwarend is. Eiser krijgt door de wijze van tenuitvoerlegging van het strikte bewaringsregime in het Detentiecentrum Rotterdam aanzienlijke mentale problemen en diverse somatische klachten als stress en depressiviteit.

8. De rechtbank is van oordeel dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat er zich in de periode sinds 24 december 2025 gewijzigde omstandigheden hebben voorgedaan waardoor het risico op onttrekking aan het toezicht is afgenomen, of waardoor de maatregel onevenredig bezwarend is geworden. Voor zover eiser stelt dat de bewaring voor hem onevenredig bezwarend is vanwege zijn psychische gesteldheid, volgt de rechtbank dit niet. Nog daargelaten dat eiser zijn gestelde klachten niet met (medische) documenten heeft onderbouwd, geldt dat hij in bewaring aanspraak kan maken op medische voorzieningen. Gesteld noch gebleken is dat deze voorzieningen in zijn geval niet toereikend zijn. Er bestaat al met al dan ook geen aanleiding voor het oordeel dat verweerder in de te toetsen periode een lichter middel dan bewaring had moeten toepassen. De beroepsgrond slaagt niet.

Ambtshalve toetsing

9. De rechtbank overweegt tot slot dat zij, zoals blijkt uit het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie (het Hof) van 8 november 2022, ECLI:EU:C:2022:858, gehouden is ambtshalve de rechtmatigheidsvoorwaarden van de maatregel van bewaring te toetsen. Ook met inachtneming van deze ambtshalve toetsing ziet de rechtbank geen grond voor het oordeel dat het voortduren van de maatregel van bewaring sinds 24 december 2025 tot het moment van sluiten van het onderzoek op enig moment onrechtmatig was. Er is ook niet gebleken dat het familie- en gezinsleven van eiser of het beginsel van non-refoulement zich verzetten tegen eisers verwijdering (zoals bedoeld in het arrest Adrar van het Hof van 4 september 2025, ECLI:EU:C:2025:647).

Conclusie en gevolgen

10. Het beroep is ongegrond. Daarom wordt ook het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

11. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart het beroep ongegrond;

- wijst het verzoek om schadevergoeding af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. C.E. Bos, rechter, in aanwezigheid van mr. B.C.M. Burger, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. C.E. Bos

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?