ECLI:NL:RBDHA:2026:28713

ECLI:NL:RBDHA:2026:28713

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 28-09-2026
Datum publicatie 29-09-2026
Zaaknummer NL26.13891
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Middelburg

Samenvatting

bnt – regulier - n-o – pkv

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser], eiser,

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.13891

V-nummer: [V-nummer],

(gemachtigde: mr. N. Vollebergh),

de minister van Asiel en Migratie, verweerder.

Procesverloop

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op de aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor [persoon 1]

en [persoon 2], zijn ouders, [persoon 3] en [persoon 4], zijn broers en [persoon 5]

, zijn zus.

Bij uitspraak van 24 juli 2025 heeft deze rechtbank en zittingsplaats het beroep gegrond verklaard en aan verweerder opgedragen om binnen 8 weken alsnog een besluit te nemen, en binnen 20 weken in het geval er aan eiser wordt medegedeeld dat er nader onderzoek nodig is. (ECLI:NL:RBDHA:2025:13721)

Op 12 maart 2026 heeft eiser een opvolgende beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag.

Op 13 juli 2026 heeft verweerder eiser in kennis gesteld van de beslissing op zijn aanvraag.

De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Verweerder heeft niet binnen de hiervoor geldende termijn op de aanvraag van eiser heeft beslist, maar nu op 13 juli 2026 alsnog tot een besluit is gekomen, is verweerder geheel aan het beroep van eiser tegemoetgekomen. Eiser heeft, gelet op artikel 6:20, derde lid, van de Awb, in zoverre geen procesbelang meer zodat het beroep niet-ontvankelijk dient te worden verklaard.

2. Ook wanneer een beroep niet-ontvankelijk wordt verklaard, is een proceskostenveroordeling mogelijk. Dit is in het bijzonder het geval als het bestuursorgaan aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen. Gelet op wat hiervoor is overwogen, doet deze situatie zich hier voor.

3. De rechtbank stelt vast dat verweerder geen beslissing op de aanvraag van eiser heeft genomen voordat de beslistermijn op 19 september 2025 was verlopen. Daarmee is er voldaan aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, van de Awb. Geconcludeerd kan worden dat het beroep van 12 maart 2026 niet ten onrechte is ingesteld. Daarom ziet de rechtbank reden om verweerder te veroordelen in de proceskosten van eiser.

4. In de gegrondverklaring van het beroep ziet de rechtbank aanleiding om te bepalen dat verweerder het door eiser betaalde griffierecht van € 200 moet vergoeden en om verweerder te veroordelen in de door eiser gemaakte proceskosten. De veroordeling van een partij in de proceskosten is geregeld in de artikelen 8:75 en 8:75a van de Awb en nader uitgewerkt in het Besluit proceskosten bestuursrecht. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Bpb voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 467,- (1 punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 934,- met een wegingsfactor 0,5). De rechtbank is van oordeel dat de wegingsfactor ‘licht’ van toepassing is aangezien het beroep alleen ziet op het niet tijdig nemen van het besluit.

Beslissing

De rechtbank:

 verklaart het beroep niet-ontvankelijk;

 veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 467,- (vierhonderdzevenenzestig euro);

 bepaalt dat verweerder het door eiser betaalde griffierecht van € 200 (tweehonderd euro) moet vergoeden.

Deze uitspraak is gedaan op 28 september 2026 door mr. M.L. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van mr. M. Strik, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

Deze uitspraak is bekendgemaakt op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. M.L. Weerkamp

Griffier

  • mr. M. Strik

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand