ECLI:NL:RBDHA:2026:29405

ECLI:NL:RBDHA:2026:29405

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 26-08-2026
Datum publicatie 05-10-2026
Zaaknummer NL26.23089
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Asiel, Eritrea, geloofwaardigheid identiteit, nationaliteit en herkomst, referentiekader, belangen van het kind. Het beroep is ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Samenvatting

uitspraak

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL26.23089

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , V-nummer: [V-nummer] , eiser (gemachtigde: mr. R.H.T. van Boxmeer),

en

de minister van Asiel en Migratie, de minister (gemachtigde: mr. K.A.W. Boonen).

1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de asielaanvraag van eiser als bedoeld in artikel 28 van de Vw 2000.1 Eiser is het hier niet mee eens. Hij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de asielaanvraag.

2. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag in stand kan blijven. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

3. Eiser heeft een aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Hij stelt dat hij de Eritrese nationaliteit heeft en dat hij is geboren op [2008] . De minister heeft met het bestreden besluit van 20 april 2026 deze aanvraag in de algemene procedure afgewezen als ongegrond.

4. Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. De minister heeft een verweerschrift ingediend.

5. De rechtbank heeft het beroep op 1 juli 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser, de gemachtigde van eiser, J.A. Matti als tolk en de gemachtigde van de minister. Ook was eisers voogd van Nidos, mevrouw [A] , aanwezig bij de zitting.

1. Vreemdelingenwet 2000.

Beoordeling door de rechtbank

Het belang van het kind

Het asielrelaas

6. Eiser legt aan zijn asielaanvraag het volgende ten grondslag. Toen eiser twee jaar oud was (2010) is hij naar Jemen vertrokken. In 2021 is eiser vanuit Jemen naar Djibouti vertrokken en in 2023 is eiser zijn reis naar Europa begonnen. Eiser stelt te vrezen bij terugkeer naar Eritrea vanwege zijn gestelde illegale uitreis en de militaire dienstplicht die daar geldt.

Het bestreden besluit

7. Het asielrelaas van eiser bevat volgens de minister het volgende asielmotief:

(1) Identiteit, nationaliteit en herkomst.

De minister stelt zich hierover op het standpunt dat het asielmotief niet geloofwaardig is. Eiser heeft namelijk onvoldoende documenten overgelegd en heeft daarvoor geen goede verklaring. Daarnaast vormen de verklaringen van eiser geen samenhangend en aannemelijk geheel. Nu de door eiser gestelde identiteit, nationaliteit en herkomst ongeloofwaardig zijn geacht, heeft de minister eisers vrees voor de militaire dienstplicht en de gevolgen vanwege de illegale uitreis niet beoordeeld op geloofwaardigheid. Uit Afdelingsjurisprudentie blijkt namelijk dat asielmotieven slechts betekenis hebben tegen de achtergrond van de identiteit, nationaliteit en herkomst van de vreemdeling.2 De minister concludeert daarom dat eiser niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a of b, van de Vw 2000. Tot slot heeft de minister overwogen dat er aan eiser geen terugkeerbesluit wordt opgelegd, omdat er meer onderzoek nodig is naar adequate opvang in het land van herkomst of het land van terugkeer.

Het referentiekader

8. Eiser voert aan dat de minister geen rekening heeft gehouden met zijn referentiekader. De minister heeft het referentiekader niet vastgesteld en dus ook niet beoordeeld wat er van eiser mag worden verwacht met betrekking tot zijn verklaringen over de documenten en Eritrea. De minister is verplicht om het referentiekader vast te stellen.

9. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de minister het referentiekader voldoende betrokken bij de beoordeling van de identiteit, nationaliteit en herkomst. Uit de besluitvorming van de minister blijkt dat hij eisers minderjarigheid en zijn jonge leeftijd op het moment van vertrek uit Eritrea heeft meegewogen.3 De minister heeft terecht overwogen dat in onderhavige zaak de identiteit, nationaliteit en herkomst van eiser centraal staan en dat, anders dan bij de beoordeling van asielmotieven die sterk afhankelijk zijn van een persoonlijke beleving en een innerlijke worsteling, het hier gaat om feitelijke gegevens met betrekking tot de persoon van eiser. In deze beoordeling speelt het referentiekader een kleinere rol, omdat het gaat over objectieve gegevens. Daarbij komt dat eiser geen originele, identificerende documenten heeft overgelegd en weinig heeft kunnen verklaren over zijn

2 Uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) van 24 december 2015, ECLI:NL:RVS:2015:4061.

3 Bestreden besluit, pagina 2 en 3.

nationaliteit.4 De beroepsgrond slaagt niet. De identiteit, nationaliteit en herkomst

10. Eiser stelt zich op het standpunt dat zijn verklaringen geloofwaardig zijn. De minister heeft het vaccinatiebewijs onvoldoende bij zijn beoordeling betrokken en daarmee in strijd gehandeld met de samenwerkingsverplichting. De minister had onderzoek moeten doen naar het vaccinatiebewijs of de vertaling/het origineel moeten afwachten. De samenwerkingsverplichting vereist een actieve houding van de minister waarbij rekening gehouden moet worden met het feit dat de vreemdeling in een kwetsbare positie zit en de minister makkelijker toegang heeft tot bepaalde informatie. Eiser heeft veel documenten overgelegd. De gegevens van zijn ouders en de documenten komen overeen met de consistente verklaringen van eiser. Eiser verwijst hierbij naar twee arresten van het Hof.5 Ook verwijst eiser naar een uitspraak van deze rechtbank, zittingsplaats ‘s-Hertogenbosch, waaruit volgt dat de minister een te hoge bewijsdrempel hanteert door vast te houden aan een vervalste EU-VIS-registratie.6

10. De rechtbank stelt het volgende vast. Eiser heeft bij zijn asielaanvraag verklaard dat hij [eiser] heet, geboren op [2008] te [plaats 1] , Eritrea.7 Tijdens het aanmeldgehoor heeft eiser verklaard dat hij is geboren in [plaats 2] ([plaats 2]), Eritrea.8 Tijdens het aanmeldgehoor heeft eiser ook verklaard dat hij nooit documenten heeft gehad waar zijn persoonsgegevens opstaan.9

10. Bij het indienen van de zienswijze heeft eiser een kopie van een document overgelegd, waarvan hij stelt dat het een Jemenitisch vaccinatiebewijs is. Uit de vertaling van de minister volgt dat het gaat om een Jemenitische geboorteakte. Op dit document staat de geboortedatum [2004] en geboorteplaats [plaats 3] , Jemen, vermeld. Deze gegevens wijken af van hetgeen eiser eerder heeft verklaard. Eiser heeft immers zelf verklaard dat hij is geboren in Eritrea, en pas naar Jemen is verhuisd toen hij twee jaar oud was. Daarbij heeft eiser niet toegelicht hoe hij aan dit document is gekomen en heeft hij geen afdoende verklaring kunnen geven voor de tegenstrijdigheden met zijn eerdere verklaringen. De uitleg van eiser tijdens de zitting, dat de autoriteiten in Jemen het document verkeerd hebben opgemaakt, acht de rechtbank ontoereikend. Bovendien heeft eiser eerder verklaard nooit (Jemenitische) documenten te hebben gehad.10 Ook heeft hij niet het originele document overgelegd, terwijl hier wel om gevraagd is door de minister.

10. In beroep heeft eiser verder een kopie van een document overgelegd, waarvan hij stelt dat het zijn Eritrese geboorteakte is. Op dit document staat de geboortedatum

4 Zie bijvoorbeeld het nader gehoor van 14 april 2024, pagina’s 5, 6 en 7.

5 Arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie (het Hof) van 22 november 2012, ECLI:EU:C:2012:744 en het arrest van het Hof van 11 juni 2024, ECLI:EU:C:2024:487. 6 Uitspraak van rechtbank Den Haag, zittingsplaats ‘s-Hertogenbosch, van 12 april 2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:3352.

7 M35-H formulier, 30 april 2025.

8 Aanmeldgehoor van 10 juli 2025, pagina 5.

9 Aanmeldgehoor van 10 juli 2025, pagina 4.

10 Aanmeldgehoor van 10 juli 2025, pagina 4 en nader gehoor van 15 april 2026, pagina 5.

[2008] en de geboorteplaats [plaats 2] ( ) genoemd.

14. De rechtbank is het met de minister eens dat de overgelegde documenten de identiteit, nationaliteit en herkomst van eiser niet aannemelijk kunnen maken. Uit de documenten blijken verschillende persoonsgegevens, welke in strijd zijn met elkaar en met hetgeen eiser eerder heeft verklaard. Ook indien uit onderzoek van Bureau Documenten zou blijken dat het overgelegde vaccinatiebewijs of de overgelegde Eritrese geboorteakte echt zouden zijn, zou dit de conclusie van de rechtbank niet veranderen. Dit onderzoek kan namelijk niet aantonen dat eiser dezelfde persoon is als genoemd in de documenten. Met betrekking tot eisers beroep op de uitspraak van 12 april 2022 van deze rechtbank, zittingsplaats ‘s-Hertogenbosch, overweegt de rechtbank dat eiser niet heeft toegelicht waarom de beslissing in die zaak relevant is voor het beroep van eiser en welke gevolgen de rechtbank hieraan zou moeten verbinden. Naar het oordeel van de rechtbank bestaat dan ook geen aanleiding om te concluderen dat de minister onvoldoende invulling heeft gegeven aan de samenwerkingsplicht. De beroepsgrond slaagt niet.

15. Eiser voert aan dat de minister geen rekening heeft gehouden met het belang van het kind in de zin van artikel 24 van het Handvest.11 In de besluitvorming valt niet terug te vinden wat het belang van eiser is en op welke manier daar rekening mee is gehouden. Hierbij is ook van belang dat minderjarige kinderen in Eritrea geen identiteitskaarten hebben.

15. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de minister voldoende rekening gehouden met het belang van het kind. Zo is eiser gedurende de gehele procedure als zijnde een alleenstaande minderjarige vreemdeling gehoord en ontvangt hij begeleiding en ondersteuning van Nidos. Bovendien heeft de minister aan eiser geen terugkeerbesluit opgelegd, omdat de minister van oordeel is dat er meer onderzoek nodig is naar de aanwezigheid van adequate opvang. Verder heeft de minister in zijn besluitvorming, onder andere, overwogen dat een snelle hereniging van eiser met zijn ouders in zijn belang is, evenals terugkeer naar het land waarvan hij de taal spreekt. Daarnaast had het op de weg van eiser gelegen om uit te leggen waarom de minister ondanks het voorgaande onvoldoende rekening zou hebben gehouden met zijn belangen, wat hij heeft nagelaten. De beroepsgrond slaagt niet.

Conclusie en gevolgen

17. De minister heeft de aanvraag terecht afgewezen als ongegrond.

Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiser geen gelijk heeft. Eiser krijgt geen vergoeding van zijn proceskosten.

11 Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. E.E.M. van Abbe, rechter, in aanwezigheid van mr. W.J.T. Twijnstra, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

26 augustus 2026

Documentcode:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. E.E.M. van Abbe

Griffier

  • mr. W.J.T. Twijnstra

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand