ECLI:NL:RBDHA:2026:3030

ECLI:NL:RBDHA:2026:3030

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 16-02-2026
Datum publicatie 17-02-2026
Zaaknummer NL25.51010
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Beroep niet tijdig, nieuw besluit op bezwaar, beroep ontvankelijk, beroep gegrond, beslistermijn van acht weken na ontvangst reactie herstel verzuim

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

[eiseres], eiseres

de minister van Asiel en Migratie, de minister, (gemachtigde: R. de Wal).

uitspraak

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL25.51010

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. S. Oukil),

en

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiseres heeft ingediend naar aanleiding van de uitspraak van deze rechtbank en zittingsplaats van 15 juli 20251. In die uitspraak staat dat de minister binnen zes weken opnieuw moet beslissen op het bezwaar van eiseres. De minister heeft zich aan deze termijn niet gehouden. Eiseres stelt daarom nu beroep in. Deze uitspraak gaat over dat beroep.

Overwegingen

Legt de rechtbank de minister een rechterlijke dwangsom op?

1. De rechtbank vindt het in deze zaak niet nodig om partijen uit te nodigen voor een zitting.2

2. Als een bestuursorgaan niet op tijd op een bezwaar beslist, dan kan de betrokkene daartegen in beroep gaan. Voordat zij beroep kan instellen, moet de betrokkene schriftelijk aan het bestuursorgaan laten weten dat binnen twee weken alsnog moet worden beslist op haar bezwaar (de zogenoemde ingebrekestelling). Als er na twee weken nog steeds geen beslissing op het bezwaar is genomen, dan kan de betrokkene beroep instellen.3

Is het beroep van eiseres ontvankelijk?

3. Soms kan niet worden verwacht dat de betrokkene eerst een ingebrekestelling stuurt. Dat is in dit geval zo, omdat de bestuursrechter in de uitspraak van 15 juli 2025 een uitdrukkelijke en inmiddels verstreken termijn heeft gesteld voor het nemen van een nieuwe beslissing op het bezwaar. Op 17 september 2025 heeft eiseres de minister ook in gebreke

1. NL25.15603, niet gepubliceerd.

2 Artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

3 Artikel 6:12, tweede lid, van de Awb.

gesteld en meer dan twee weken daarna beroep ingesteld. Het beroep van eiseres is dus ontvankelijk.

Is het beroep van eiseres gegrond?

4. De rechtbank stelt vast dat de minister niet binnen de door de rechtbank genoemde termijn een nieuw besluit heeft genomen op het bezwaar. Het beroep is kennelijk gegrond.

Welke nadere beslistermijn legt de rechtbank de minister op?

5. De rechtbank geeft in beginsel een termijn van twee weken na de dag van verzending van de uitspraak om alsnog een besluit te nemen. Er kunnen omstandigheden zijn die ervoor zorgen dat de rechtbank een andere termijn geeft.4

6. De minister heeft verzocht om een langere nadere beslistermijn, te weten vier weken na ontvangst van een reactie van eiseres op het geboden herstel verzuim dan wel vier weken na een eventuele hoorzitting. Hiertoe heeft de minister aangegeven dat hij op 28 oktober 2025 een medisch advies heeft ontvangen van het Bureau Medische Advisering. Vervolgens heeft de minister op 31 oktober 2025 een herstel verzuim aan eiseres verstuurd met daarin de mogelijkheid om binnen twee weken op het medisch advies te reageren en aan te geven of zij gehoord wenst te worden. Een termijn van vier weken na ontvangst van een reactie op het herstel verzuim dan wel vier weken na een eventuele hoorzitting is dan volgens de minister passend om een nieuw besluit op bezwaar te kunnen nemen.

7. De rechtbank ziet in de uitleg van de minister aanleiding om een langere nadere beslistermijn dan twee weken op te leggen en deze termijn te laten aanvangen na ontvangst van een reactie op het herstel verzuim, omdat de minister van die reactie afhankelijk is om te bepalen of een hoorzitting nodig is en vervolgens tot een zorgvuldig nieuw besluit op bezwaar te komen.

8. De rechtbank legt de minister daarom op om binnen acht weken na ontvangst van een reactie op het herstel verzuim opnieuw op het bezwaar van eiseres te beslissen. De rechtbank acht deze termijn passend nu de minister binnen die termijn eiseres mogelijk ook kan horen.

9. De rechtbank verbindt aan haar uitspraak een dwangsom overeenkomstig het beleid dat de rechtbanken in dit verband hanteren.5 De rechtbank bepaalt in deze zaak dat de minister een dwangsom van € 100,- moet betalen voor elke dag waarmee de minister de in de uitspraak bepaalde beslistermijn nu nog overschrijdt. Daarbij geldt een maximum van € 15.000,-.

4 Artikel 8:55d, derde lid, van de Awb.

5 Artikel 8:55d, tweede lid, van de Awb. Zie https://www.rechtspraak.nl/Onderwerpen/Overheidsorganisatie-beslist-niet-op-tijd/Paginas/extra-dwangsom.aspx.

Conclusie en gevolgen

10. Het beroep is gegrond. Dat betekent dat eiseres gelijk krijgt en dat de minister binnen de onder 8. genoemde termijn alsnog een nieuw besluit op het bezwaar bekend moet maken. Als de minister dat niet doet, moet hij een dwangsom betalen.

11. Omdat het beroep gegrond is, krijgt eiseres ook een vergoeding voor de proceskosten die zij heeft gemaakt. De minister moet dit betalen. Volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht is dit een vast bedrag, omdat eiseres een professionele (juridische) hulpverlener heeft ingeschakeld om voor haar een beroepschrift in te dienen. Omdat de zaak alleen gaat over de vraag of de beslistermijn is overschreden, wordt een lager bedrag toegekend. Verder zijn er geen kosten gemaakt die vergoed kunnen worden. Toegekend wordt € 467,- (1 punt voor het indienen van het beroepschrift, met een waarde per punt van € 934,- en een wegingsfactor 0,5). Ook moet de minister het door eiseres betaalde griffierecht vergoeden.6

Beslissing

De rechtbank:

Deze uitspraak is gedaan door mr. A. Skerka, rechter, in aanwezigheid van mr. A.W. van Eerden, griffier.

6 Artikel 8:74, eerste lid, van de Awb.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

16 februari 2026

Documentcode: [Documentcode]

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. A. Skerka

Griffier

  • mr. A.W. van Eerden

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?