ECLI:NL:RBDHA:2026:30494

ECLI:NL:RBDHA:2026:30494

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 09-10-2026
Datum publicatie 16-10-2026
Zaaknummer NL25.51025
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Zwolle

Samenvatting

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag in stand kan blijven. De minister heeft de gestelde problemen terecht niet geloofwaardig geacht.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiseres], V-nummer: [V-nummer], eiseres

de minister van Asiel en Migratie,

Samenvatting

Zittingsplaats Zwolle

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.51025

(gemachtigde: mr. G. Ocak),

en

(gemachtigde: mr. M.R. Stuart).

1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de asielaanvraag van eiseres als bedoeld in artikel 28 van de Vw. Eiseres is het hier niet mee eens. Zij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de asielaanvraag. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag in stand kan blijven. De minister heeft de gestelde problemen terecht niet geloofwaardig geacht. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Eiseres heeft een aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Zij stelt van Iraakse nationaliteit te zijn en te zijn geboren op [geboortedatum] 1947. De minister heeft met het bestreden besluit van 14 oktober 2025 deze aanvraag afgewezen als ongegrond.

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.

De rechtbank heeft het beroep op 2 juli 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van de minister. Eiseres was niet aanwezig.

Beoordeling door de rechtbank

Het asielrelaas

Eiseres legt aan haar asielaanvraag het volgende ten grondslag. In 1992 is de partner van eiseres, [naam], overleden. Hierna heeft eiseres gewoond in het huis van haar broer in [plaats 1]. Eiseres heeft van 1993 tot 1997 journalistiek/media gestudeerd aan de universiteit in [plaats 1]. Eiseres schreef artikelen voor tijdschriften zoals Alf Ba en Al Sabah. Toen in 2003 een nieuwe regering aantrad, schreef eiseres over de situatie in Irak en uitte zij via haar Facebookpagina ([pagina]) kritiek op de regering. In 2013 is de broer van eiseres overleden. Eiseres kon niet goed overweg met de weduwe en kinderen van haar broer. In 2019 heeft eiseres deelgenomen aan een protest. Vanwege de publicatie van kritische artikelen over corruptie binnen de regering, is eiseres in 2021 thuis mishandeld door drie personen van de overheid. Eiseres is daarna gestopt met schrijven en heeft bij een vriendin in de wijk [plaats 2] verbleven tot haar vertrek uit Irak. Eiseres heeft Irak op 26 januari 2023 legaal verlaten via de luchthaven. Ze heeft een maand verbleven bij haar nicht in Jordanië. Daarna is eiseres naar Nederland gereisd met een visum voor toerisme. Eiseres is op 26 februari 2023 aangekomen in Nederland en heeft op 11 augustus 2023 de asielaanvraag ingediend. In de tussentijd heeft eiseres verbleven bij en gezorgd voor haar zieke broer.

Het bestreden besluit

3. Het asielrelaas van eiseres bevat volgens de minister de volgende relevante asielmotieven:

De minister acht de identiteit, nationaliteit en herkomst geloofwaardig. De minister acht het asielmotief over de studie journalistiek, geschreven artikelen en daaruit volgende problemen niet geloofwaardig. Dat geldt ook voor het asielmotief dat eiseres een alleenstaande vrouw is in Irak. Eiseres heeft haar verklaringen niet onderbouwd met objectieve documenten. Daar komt bij dat de verklaringen van eiseres geen samenhangend en aannemelijk geheel vormen, de asielaanvraag niet zo spoedig mogelijk is ingediend zonder goede verklaring en dat haar verklaringen in grote lijnen niet als geloofwaardig worden beschouwd. Volgens de minister voldoet eiseres daarmee niet aan de voorwaarden van artikel 31, zesde lid, onder c, d en e, van de Vw.

Verder komt eiseres volgens de minister niet in aanmerking voor een reguliere vergunning omdat geen sprake is van familie- of gezinsleven tussen haar en haar meerderjarige dochter, kleinkinderen en broer in de zin van artikel 8 van het EVRM.

Vermogen om te verklaren

4. Eiseres voert aan dat zij 78 jaar oud is, vergeetachtig is en bekend is met psychische klachten. Vanwege de aantasting van haar concentratievermogen en geheugen heeft eiseres bij het aanmeldgehoor en het gesprek met de vreemdelingenpolitie niet volledig en coherent verklaard. Eiseres heeft het GZA journaal overgelegd en een brief van de POH-GGZ van 21 januari 2026. De minister heeft ten onrechte geen nader medisch onderzoek gedaan.

5. De rechtbank stelt vast dat eiseres voorafgaand aan het nader gehoor is onderzocht door Medtadvies. Uit het advies van Medtadvies van 25 april 2025 blijkt dat eiseres kan worden gehoord, maar dat rekening moet worden gehouden met frequent toiletbezoek en pauzes om te lopen en om van houding te veranderen. Verder heeft eiseres bij het onderzoek opgemerkt dat zij vermoeidheidsklachten ervaart door verminderd slapen en daarom werd geadviseerd om bij het gehoor regelmatig pauzes in te lassen. De rechtbank stelt vast dat hieruit niet blijkt dat eiseres cognitieve beperkingen heeft gemeld of dat dergelijke beperkingen zijn waargenomen. Dat heeft eiseres ook niet gemeld bij de correcties en aanvullingen op het aanmeldgehoor en het nader gehoor. Eerst bij de zienswijze noemt eiseres dat zij vergeetachtig is en psychische klachten ervaart en dat zij vanwege aantasting in haar concentratievermogen en geheugen bij het aanmeldgehoor en de AVIM niet volledig en coherent heeft kunnen verklaren.

Ter onderbouwing van haar stelling heeft eiseres in beroep het GZA-journaal en de brief van de POH-GGZ van 21 januari 2026 overgelegd. De rechtbank is echter van oordeel dat uit deze stukken niet volgt dat sprake is van cognitieve beperkingen. Zo blijkt uit de gespreksverslagen van de POH-GGZ dat eiseres meerdere malen zelf geheugen-problemen claimt, maar dat de POH-GGZ niet daadwerkelijk beperkingen heeft vastgesteld. De POH-GGZ benoemt juist dat eiseres cognitief goed presteert, zo wordt opgemerkt; “Cognitieve, affectieve en conatieve functies: Bewustzijn en geheugen van mw zijn intact. Mw is goed georiënteerd in tijd, persoon en plaats.” en “In gesprek adequaat, helder en kon terugkomen op onderwerpen uit het vorige gesprek. Geen geheugen stoornis waargenomen gedurende het gesprek.”.

Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat de minister zijn besluitvorming mocht baseren op de verklaringen die eiseres tijdens de gehoren heeft afgelegd. De minister heeft in het voorgaande dan ook geen aanleiding hoeven zien om nader medisch onderzoek te doen.

De geloofwaardigheid van de verklaringen over de studie journalistiek, geschreven artikelen en daaruit volgende problemen

6. Eiseres voert aan dat de wens om bij haar familie in Nederland te verblijven niet de reden was voor haar asielaanvraag en niet afdoet aan haar problemen. Eiseres is bij het aanmeldgehoor slechts summier bevraagd naar haar redenen van vertrek en heeft pas bij het indienen van de correcties en aanvullingen de gelegenheid gehad om daarover uitgebreider te verklaren. Eiseres heeft geen inconsistente verklaringen afgelegd, maar haar verhaal in de loop van de procedure aangevuld. Dat eiseres haar asielmotieven niet direct volledig heeft benoemd doet evenmin afbreuk aan de problemen. Eiseres wijst verder op de correcties en aanvullingen op het nader gehoor waarbij zij heeft gecorrigeerd dat zij van 1992 tot 2005 is gestopt met werken wegens de dood van haar man en psychische klachten en de druk om lid te worden van de Baath partij. Eiseres heeft haar verklaringen bij het nader gehoor navolgbaar aangevuld met de verklaring dat zij na het incident in 2021 was ondergedoken bij een vriendin in de wijk [plaats 2]. Eiseres heeft verder navolgbaar verklaard dat zij niet direct uit Irak is vertrokken vanwege psychische klachten en omdat zij niet beschikte over voldoende financiële middelen. Bij haar vriendin is eiseres altijd binnen gebleven uit angst. Eiseres kan niet bewijzen hoe milities haar hebben geïdentificeerd. Ze heeft nooit geclaimd dat ze weet hoe ze is geïdentificeerd, dit is voor haar ook niet duidelijk. Deze tegenwerping is niet redelijk gelet op haar bewijspositie.

Verder heeft eiseres een plausibele verklaring gegeven voor het niet zo spoedig mogelijk indienen van de asielaanvraag. Ze kon niet helder nadenken vanwege de zorg voor haar zieke broer die zij lang niet heeft gezien.

7. De rechtbank constateert dat eiseres hoofdzakelijk aanvoert dat zij vanwege haar gezondheid aanvankelijk niet goed heeft kunnen verklaren en dat daarom moet worden uitgegaan van de correcties en aanvullingen op de gehoren. De rechtbank heeft echter reeds hiervoor geoordeeld dat niet is gebleken van gezondheidsklachten die haar hebben beperkt om te verklaren en dat van haar verklaringen bij de gehoren kan worden uitgegaan.

Bij de correcties en aanvullingen van 9 oktober 2025 op het nader gehoor heeft eiseres ten aanzien van haar verklaringen bij het aanmeldgehoor opgemerkt dat zij niet alles op dat moment heeft verteld omdat zij enkel kort moest aangeven waarom zij is vertrokken uit het land van herkomst.

Eiseres heeft bij het aanmeldgehoor verklaard:

“Wat is de reden of wat zijn de redenen dat u Irak hebt verlaten?Ik was helemaal alleen in [plaats 1], ik woonde in het huis van mijn broer die overleden is. Zijn weduwe en haar kinderen vonden dat niet meer prettig en wilde mij niet meer in huis hebben. Er was daar geen elektriciteit. Al mijn gezinsleden zijn in Nederland, mijn dochter en broer. Ook mijn kleinkinderen en neven.Zijn er nog andere redenen waarom u niet terug kunt naar Irak?Bovendien wil ik de jaren van mijn leven rustig in Nederland leven. Ik heb gezien hoe het leven hier is en mijn kleinkinderen zijn hier, ik wil hen om mij heen hebben in de laatste jaren van mijn leven.”

De rechtbank is van oordeel dat de minister terecht heeft overwogen dat als het incident in 2021 voor eiseres de directe reden was om Irak te verlaten, van haar mag worden verwacht dat ze hier consistent over verklaart aan de start van de procedure. De stelling dat eiseres aanvankelijk niets over het incident in 2021 heeft verklaard omdat haar bij het aanmeldgehoor enkel is gevraagd om kort te verklaren over haar redenen voor vertrek, volgt de rechtbank niet, nu uit het verslag van het gehoor blijkt dat zij voldoende de gelegenheid heeft gehad om over haar directe redenen te verklaren. Voor de omvangrijke aanvulling van haar verklaring over de redenen voor vertrek heeft eiseres dan ook geen goede reden gegeven en de minister heeft daarom terecht tegengeworpen dat dit afbreuk doet aan de geloofwaardigheid van het asielrelaas. Dit geldt eveneens voor de correcties en aanvullingen met betrekking tot de verklaringen over de periode waarin eiseres heeft gewerkt na het overlijden van haar echtgenoot en de verklaringen over haar laatste woonplaats voor haar vertrek uit Irak. De minister heeft de tegenstrijdigheden op die punten dan ook terecht tegengeworpen.

De rechtbank is verder van oordeel dat de minister terecht heeft tegengeworpen dat eiseres na de gestelde problemen nog een jaar in Irak heeft verbleven terwijl zij stelt dat zij gevaar liep. Zo blijkt uit de documenten voor de visumaanvraag dat eiseres over voldoende financiële middelen beschikte om een uitreis te bekostigen. Ook heeft de minister terecht betrokken dat eiseres niet aannemelijk heeft verklaard over hoe de milities bij haar terecht zijn gekomen. Eiseres schreef onder de veelvoorkomende naam “[eiseres]” en eiseres heeft niet duidelijk kunnen maken hoe de milities de artikelen aan eiseres hebben kunnen linken.

De rechtbank is verder van oordeel dat de minister op goede gronden heeft overwogen dat eiseres haar asielaanvraag niet zo spoedig mogelijk heeft ingediend en daarvoor geen goede verklaring heeft gegeven. Eiseres is reeds op 26 februari 2023 aangekomen in Nederland en heeft pas 6 maanden later, op 11 augustus 2023, de asielaanvraag ingediend. Dat eiseres in de tussentijd heeft gezorgd voor haar zieke broer heeft de minister geen verschoonbare reden hoeven vinden. Dat eiseres niet zo spoedig mogelijk haar asielaanvraag heeft ingediend doet afbreuk aan de gestelde beschermingsbehoefte. De rechtbank is verder van oordeel dat de minister zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat eiseres in grote lijnen niet als geloofwaardig kan worden beschouwd, nu de verklaringen van eiseres over belangrijke aspecten van haar asielrelaas heel verschillend en tegenstrijdig zijn. De minister heeft daarbij nog kunnen betrekken dat eiseres eveneens bij de visumaanvraag wisselend heeft verklaard over het doel van de reis en meerdere valse documenten heeft overgelegd waarmee zij bewust de Nederlandse autoriteiten heeft misleid.

Gelet op het voorgaande heeft de minister de verklaringen van eiseres over de studie journalistiek, geschreven artikelen en daaruit volgende problemen terecht niet geloofwaardig geacht.

De geloofwaardigheid van het asielmotief alleenstaande vrouw in Irak

8. Eiseres voert aan dat zij als alleenstaande vrouw in Irak valt onder het risicoprofiel in de zin van paragraaf C2/2.4 van de Vc. Vanwege de problemen die eiseres in Irak heeft ervaren willen familie en kennissen haar niet opvangen. Als oudere alleenstaande vrouw zonder sociaal netwerk loopt eiseres een verhoogd risico op mishandeling, sociaal isolement of uitsluiting bij terugkeer. Eiseres wijst in dat kader op algemene informatie over alleenstaande vrouwen uit het Algemeen ambtsbericht.

De rechtbank stelt vast dat de minister ter zitting heeft toegelicht dat het besluit zo moet worden gelezen dat niet geloofwaardig wordt geacht dat eiseres een alleenstaande vrouw is in de zin van het beleid voor alleenstaande vrouwen uit Irak. De rechtbank is van oordeel dat de minister dit terecht ongeloofwaardig acht. De rechtbank heeft hiervoor reeds geoordeeld dat de gestelde problemen in Irak terecht niet geloofwaardig zijn bevonden. Gelet hierop kan eiseres niet worden gevolgd in de stelling dat familie of kennissen haar vanwege die problemen niet willen opvangen. Daar komt bij dat de dochter van eiseres tijdens haar asielprocedure heeft verklaard dat eiseres in 2008 bij de zussen van haar man in de wijk Sleikh heeft gewoond. Ook gelet hierop kan niet worden gezegd dat eiseres geen sociaal netwerk heeft, nu zij in de toekomst mogelijk opnieuw bij de zussen van haar man terecht zou kunnen. Verder heeft de minister ook in het kader van dit asielmotief terecht tegengeworpen dat eiseres de asielaanvraag niet zo spoedig mogelijk heeft ingediend en daarvoor geen goede verklaring heeft en dat eiseres niet in grote lijnen geloofwaardig wordt geacht. De rechtbank wijst daarbij op 7.2 van deze uitspraak.

Artikel 8 van het EVRM

9. Eiseres voert aan dat zij voldoet aan de criteria voor een reguliere verblijfsvergunning nu zij vanwege haar hoge leeftijd, gezondheidssituatie en het risico op een sociaal isolement bijzonder afhankelijk is van haar dochter. Het is namelijk niet uitgesloten dat eiseres op korte termijn afhankelijk wordt van de zorg van haar dochter. Dat eiseres banden heeft met Irak gaat niet op, omdat zij daar niet veilig is.

De minister moet bij de afwijzing van een eerste asielaanvraag ambtshalve beoordelen of de vreemdeling in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning regulier op grond van artikel 8 van het EVRM. Tussen meerderjarige familieleden neemt de minister familie- of gezinsleven aan als sprake is van bijkomende elementen van afhankelijkheid die de gebruikelijke emotionele banden overstijgen. De rechtbank volgt de minister erin dat eiseres niet heeft onderbouwd dat daarvan sprake is. Ook ter zitting heeft eiseres bevestigd dat zij van haar dochter thans geen zorg of ondersteuning krijgt en dat zij dit ook niet nodig heeft. Dat eiseres mogelijk in de toekomst zorgbehoevend wordt, speelt geen rol in de huidige beoordeling. De beroepsgrond slaagt niet.

Conclusie en gevolgen

10. De minister heeft de aanvraag terecht afgewezen als ongegrond.

Het beroep is ongegrond. Eiseres krijgt geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. E. Hoekstra, rechter, in aanwezigheid van

mr. C.L.M. Celie, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. E. Hoekstra

Griffier

  • mr. C.L.M. Celie

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand