ECLI:NL:RBDHA:2026:3081

ECLI:NL:RBDHA:2026:3081

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 12-02-2026
Datum publicatie 17-02-2026
Zaaknummer NL25.26270
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Asiel Iran. Geloofwaardigheid problemen. Risico's bij terugkeer. Beroep gegrond.

Uitspraak

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] ,

geboren op [geboortedatum] , van Iraanse nationaliteit, eiser,

(gemachtigde: mr. E.J.M. van Ewijk),

en

de minister van Asiel en Migratie, de minister,

(gemachtigde: mr. T. Pourjalili).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de afwijzing van zijn asielaanvraag.

De minister heeft met het bestreden besluit van 6 juni 2025 deze aanvraag afgewezen als ongegrond.

De rechtbank heeft het beroep op 26 januari 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser, de gemachtigde van eiser, F. Chnandabi als tolk in de taal Farsi, en de gemachtigde van de minister.

Totstandkoming van het besluit

Asielrelaas

2. Eiser heeft aan zijn asielrelaas ten grondslag gelegd dat hij na de dood van [naam] heeft deelgenomen aan vijf of zes demonstraties in Iran in 2022. Naar aanleiding hiervan hebben agenten een huisinval gedaan in zijn ouderlijk huis. Eiser was op dat moment niet thuis maar logeerde bij zijn neef. Zijn moeder belde hem om het te vertellen. De agenten hadden zijn paspoort en computer meegenomen. Eiser heeft toen besloten om te vluchten. De autoriteiten zijn daarna nog vier keer langsgekomen om te vragen naar eiser en het huis te doorzoeken. Ook hebben ze één keer gebeld naar de huistelefoon. Een buurman die werkzaam is bij de Basij valt zijn moeder regelmatig lastig met vragen over eiser. Eiser vreest bij terugkeer naar Iran dat zijn leven in gevaar komt.

Besluitvorming

3. Het asielrelaas bevat volgens de minister de volgende asielmotieven:

De minister acht de identiteit, nationaliteit en herkomst van eiser geloofwaardig. Ook acht de minister geloofwaardig dat eiser in 2022 heeft deelgenomen aan demonstraties naar aanleiding van de dood van [naam] . De minister acht niet geloofwaardig dat eiser hierdoor vervolgd wordt door de autoriteiten. De verklaringen van eiser vormen geen samenhangend en aannemelijk geheel. De verklaringen van eiser over de huisinvallen zijn summier en de problemen zijn gebaseerd op vermoedens.

De minister stelt zich verder op het standpunt dat eiser geen vluchteling is zoals bedoeld in het Vluchtelingenverdrag. Eiser heeft zijn vrees voor vervolging niet aannemelijk gemaakt. Eiser heeft geen sterke politieke overtuiging. Hij is niet in de negatieve belangstelling van de autoriteiten komen te staan. Ook is niet aannemelijk dat eiser vanwege zijn afvalligheid bij terugkeer problemen zal ondervinden. Tot slot loopt eiser bij terugkeer naar Iran geen reëel risico op ernstige schade.

Beoordeling door de rechtbank

4. De rechtbank beoordeelt de afwijzing van de asielaanvraag van eiser. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiser.

5. Naar het oordeel van de rechtbank is het beroep gegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Geloofwaardigheid huisinvallen

6. Eiser voert aan dat in het bestreden besluit ten onrechte wordt overwogen dat zijn verklaringen over de huisinvallen summier zijn en daardoor aanleiding zijn om de verklaringen daarover niet geloofwaardig te achten. Eiser heeft alles verklaard wat hij van zijn moeder heeft gehoord over de huisinvallen. Hij begrijpt niet wat de minister nog mist. Tijdens het nader gehoor is ten onrechte niet doorgevraagd over de huiszoekingen. Bovendien is het gevaarlijk om via de telefoon te communiceren met mensen in Iran die door de autoriteiten in de gaten worden gehouden. Dit beperkt de communicatiemogelijkheden tussen eiser en zijn moeder.

7. De minister stelt zich op het standpunt dat het in de eerste plaats aan eiser is om zijn asielrelaas aannemelijk te maken. De stelplicht en bewijslast liggen bij de vreemdeling. De samenwerkingsplicht strekt ertoe dat eiser tijdens het nader gehoor in de gelegenheid wordt gesteld om zijn asielrelaas te onderbouwen. Eiser is er niet in geslaagd om de huisinvallen aannemelijk te maken. Eiser had zijn moeder meer over de huisinval kunnen vragen en hier tijdens het nader gehoor meer over kunnen vertellen. Er is voldoende doorgevraagd over de huisinvallen.

8. De rechtbank stelt vast dat niet is tegengeworpen dat eiser tegenstrijdig heeft verklaard over de huisinvallen. In geschil is alleen of eiser summier over de huisinvallen heeft verklaard.

De rechtbank is van oordeel dat het standpunt van de minister onvoldoende deugdelijk is gemotiveerd. Het is weliswaar aan eiser om zijn asielrelaas aannemelijk te maken, maar de minister heeft niet deugdelijk gemotiveerd waarom eiser hier niet in is geslaagd. Eiser heeft verteld wat hij heeft gehoord van zijn moeder over de huisinvallen. Hij heeft ook uitgelegd waarom hij niet meer heeft kunnen verklaren over de huisinvallen. Eiser was zelf niet bij de huisinvallen aanwezig en kan daarover dus niet uit eigen waarneming verklaren. Ook is het moeilijk voor eiser om te communiceren met zijn moeder. Zij hebben weinig contact met elkaar. Als zij met elkaar praten via de telefoon, dan gebruiken zij codetaal, omdat zij vrezen te worden afgeluisterd. Tijdens het gehoor is weinig concreet doorgevraagd over de huisinvallen. Eiser wist dus niet dat hij volgens de minister summier verklaarde. Daarmee is hij pas in het voornemen geconfronteerd. Verder heeft eiser twee keer verklaard dat tijdens de huisinval zijn paspoort en computer zijn meegenomen. Hier heeft de minister geen concrete vragen over gesteld. Vervolgens heeft eiser in de correcties en aanvullingen een toelichting gegeven over wat er op zijn laptop stond, namelijk foto’s van zijn oom die opposant was van het Iraanse regime en een foto van eiser zelf met een T-shirt van de Koerdische groepering Komala. De minister heeft deze aanvulling niet betrokken in de beoordeling van de geloofwaardigheid van de verklaringen over de huisinvallen. Onder die omstandigheden heeft de minister naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende deugdelijk gemotiveerd waarom van eiser verwacht mocht worden dat hij meer verklaarde over de huisinvallen.

De beroepsgrond slaagt.

Geloofwaardigheid navraag door buurman die bij de Basij werkt

9. Eiser voert aan dat zijn verklaringen over de buurman die navraag doet naar eiser bij zijn moeder, aannemelijk zijn. Eiser heeft ten eerste uitgelegd hoe hij wist dat de buurman bij de Basij werkt. Iedereen in zijn wijk wist dat namelijk. De buurman werkte ook bij een grote supermarkt waar uitsluitend mensen van de Basij en Sepah werkzaam zijn en waar hun families inkopen mogen doen met coupons. Daarbij heeft eiser gehoord dat de buurman bij de herasat van de bank heeft gewerkt. De herasat is een overheidsinstelling die zich bezighoudt met toezicht en veiligheidszaken op universiteiten, bij overheidsinstanties en in openbare gebouwen. Ten tweede heeft eiser verklaard dat hij de handelswijze van de buurman verdacht vindt omdat hij nooit contact had met die buurman. Het is verdacht als zo iemand opeens een bijzondere belangstelling voor eiser tentoonspreidt. Eiser heeft ook informatie over de Basij overgelegd waaruit volgt dat de Basij protesten beheerst en vanuit lokale bureaus toezicht houdt in de wijken. De minister heeft deze informatie ten onrechte niet betrokken in de beoordeling. Gelet op de hiervoor genoemde combinatie van factoren, zijn eisers verklaringen over de buurman niet onaannemelijk.

10. De minister stelt zich op het standpunt dat eiser zijn vrees dat de buurman bij de Basij werkt, heeft gebaseerd op vermoedens. Nergens blijkt concreet uit dat deze buurman bij de Basij werkt noch dat hij het bewijs is dat de autoriteiten naar eiser op zoek zijn, enkel omdat hij af en toe zou vragen naar eiser.

11. De rechtbank is van oordeel dat het standpunt van de minister onvoldoende deugdelijk is gemotiveerd. Hoewel eisers verklaringen vermoedens betreffen, zijn deze vermoedens naar het oordeel van de rechtbank wel onderbouwd. Eiser heeft namelijk uitgebreid uitgelegd waarom hij denkt dat de buurman bij de Basij werkt en waarom de handelswijze van de buurman verdacht is. Zijn verklaringen daarover zijn consistent. Ook is de buurman kort nadat eiser heeft deelgenomen aan de demonstraties, begonnen met navraag doen over eiser. De minister heeft de deelname van eiser aan de demonstraties geloofwaardig geacht. De rechtbank ziet daarom niet in waarom de minister een verband tussen de deelname aan de demonstraties en de navraag door de buurman niet aannemelijk acht. De rechtbank is van oordeel dat de minister de verklaringen van eiser onvoldoende in onderlinge samenhang heeft bezien en ten onrechte geen integrale beoordeling heeft gemaakt. De minister heeft dan ook ondeugdelijk gemotiveerd waarom eiser niet het voordeel van de twijfel krijgt ten aanzien van de verklaringen over de navraag door de buurman.

De beroepsgrond slaagt.

Reeds om bovenstaande redenen is het beroep gegrond en vernietigt de rechtbank het bestreden besluit. De minister moet een nieuw besluit nemen en daarin een integrale geloofwaardigheidsbeoordeling maken. Ook moet de minister in het nieuwe besluit alle beschikbare informatie betrekken. Daaronder valt ook wat op eiser zitting heeft verklaard, namelijk dat de buurman in de tussentijd nogmaals navraag heeft gedaan naar eiser.

In het kader van de finale geschilbeslechting zal de rechtbank de overige beroepsgronden verder bespreken.

Risico’s bij terugkeer

12. Eiser voert aan dat de minister niet deugdelijk heeft gemotiveerd dat eiser bij terugkeer naar Iran geen gegronde vrees heeft voor vervolging en geen reëel risico loopt op ernstige schade. Er zijn verschillende redenen/risicofactoren waarom eiser bij terugkeer vreest te worden ondervraagd door de autoriteiten en daarbij te worden blootgesteld aan vervolging of onmenselijke behandeling of bestraffing. Eiser heeft Iran illegaal verlaten. Zijn paspoort is ingenomen. Uit algemene informatie blijkt dat vreemdelingen die een lange tijd in het buitenland hebben verbleven of die moeten terugreizen op een laissez-passer omdat hun paspoort is verlopen, bij terugkeer door de Iraanse autoriteiten worden ondervraagd over hun verblijf in het buitenland. Ook de omstandigheid dat eiser eerder vanwege onvoldoende kennis van de islam is gezakt voor het mondelinge gedeelte van het examen als verpleger waardoor hij niet in overheidsdienst mag werken (omdat hij niet als een goede moslim wordt gezien) kan geacht worden bekend te zijn bij de inlichtingendienst en een extra aanleiding zijn om te worden ondervraagd door de veiligheidsdienst. Verder is er geen sprake van twijfel over het feit dat eiser atheïst is en dat hij een afkeer heeft van het Iraanse regime. Door zijn deelname aan demonstraties heeft hij zich gemanifesteerd als tegenstander van het regime. Ook zijn deelname aan de theatervoorstelling in Nederland is een bewijs dat hij in Nederland asiel heeft aangevraagd en zich kritisch heeft geuit over de gebeurtenissen in Iran. Het is zeer wel mogelijk dat dit wordt opgemerkt door de Iraanse autoriteiten omdat in Nederland informanten rondlopen die Iraniërs in de gaten houden en loyaal zijn aan het regime. Dit kan voor extra problemen zorgen als eiser bij terugkeer met het Iraanse regime in aanraking komt.

13. De minister stelt zich op het standpunt dat de relevante risicofactoren zijn beoordeeld in het bestreden besluit. Dat eiser bij terugkeer naar Iran ondervraagd kan worden is niet in geschil, want dat kan iedereen overkomen. Ondervraging is echter niet aan te merken als vervolging. Op de zitting heeft de minister erkend dat de illegale uitreis niet kenbaar is betrokken in de risicobeoordeling, terwijl dit wel een risicofactor is bij terugkeer.

14. De rechtbank is van oordeel dat de minister de verschillende risicofactoren onvoldoende kenbaar in zijn beoordeling heeft betrokken, waaronder de illegale uitreis. Ook heeft de minister de risicofactoren ten onrechte niet in onderlinge samenhang beoordeeld. De minister heeft in het bestreden besluit niet uitgelegd waarom de risicofactoren in samenhang onvoldoende zijn om een gegronde vrees voor vervolging en een reëel risico op ernstige schade bij terugkeer aannemelijk te maken. Het standpunt van de minister is daarom ondeugdelijk gemotiveerd. De beroepsgrond slaagt.

Conclusie en gevolgen

15. Concluderend oordeelt de rechtbank dat de minister, gelet op het voorgaande, het bestreden besluit ondeugdelijk heeft gemotiveerd. Het beroep is gegrond en de rechtbank vernietigt het bestreden besluit. De minister zal een nieuw besluit moeten nemen met inachtneming van deze uitspraak. De rechtbank acht daarbij een termijn van zes weken passend.

16. Omdat het beroep gegrond is, krijgt eiser een vergoeding van zijn proceskosten. De minister moet deze vergoeding betalen. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 1.868,- (1 punt voor het indienen van een beroepschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting, met een waarde per punt van € 934,- bij een wegingsfactor 1).

Beslissing

De rechtbank:

Deze uitspraak is gedaan door mr. M.B. de Boer, rechter, in aanwezigheid van mr. C.S. Carella, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen één week na de dag van verzending daarvan hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Naast de vereisten waaraan het beroepschrift moet voldoen op grond van artikel 6:5 van de Awb (zoals het overleggen van een afschrift van deze uitspraak) dient het beroepschrift ingevolge artikel 85, eerste lid, van de Vw 2000 een of meer grieven te bevatten. Artikel 6:6 van de Awb (herstel verzuim) is niet van toepassing.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. M.B. de Boer

Griffier

  • mr. C.S. Carella

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?