ECLI:NL:RBDHA:2026:30908

ECLI:NL:RBDHA:2026:30908

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 16-10-2026
Datum publicatie 21-10-2026
Zaaknummer NL25.61184
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

VA, gehoren ten onrechte betrokken bij de besluitvorming, als Roma te maken gehad met structurele en ernstige discriminatie in Servië, beroep gegrond

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , V-nummer: [V-nummer] , eiser

de minister van Asiel en Migratie, verweerder

Zittingsplaats Rotterdam

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.61184

(gemachtigde: mr. M.L. van Leer),

en

(gemachtigde: mr. D.A.H. de Laat).

Procesverloop

In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de afwijzing van zijn aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd (de asielaanvraag). Verweerder heeft met het besluit van 5 december 2025 (het bestreden besluit) de asielaanvraag van eiser in de verlengde procedure afgewezen als kennelijk ongegrond. Het bestreden besluit omvat een terugkeerbesluit en een inreisverbod voor de duur van twee jaar.

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.

Verweerder heeft op 18 september 2026 een verweerschrift ingediend.

De rechtbank heeft het beroep op 2 oktober 2026 op zitting behandeld. Eiser is om gezondheidsredenen niet verschenen. De gemachtigde van eiser is wel verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

Inleiding

1. Eiser heeft de Servische nationaliteit en behoort tot de Roma bevolkingsgroep. Eiser is geboren op [geboortedatum] . Hij heeft de asielaanvraag op 16 augustus 2021 ingediend.

Het asielrelaas

2. Eiser heeft aan zijn asielaanvraag het volgende ten grondslag gelegd. Eiser werd in Servië al zijn hele leven gediscrimineerd omdat hij Roma is. Op school werd eiser continu gepest en niemand wilde met hem omgaan. De docenten deden hieraan mee. Bij een schoolreisje moest eiser thuisblijven, want volgens het schoolhoofd wilde er niemand naast hem in de bus zitten en het schoolreisje moest wel gewoon doorgaan. Eiser had een baan bij de stadsreiniging, maar werd op de vierde dag ernstig mishandeld en had overal blauwe plekken. Zijn baas zei toen dat hij niet meer terug hoefde te komen als zijn verwondingen over twee dagen nog zichtbaar zouden zijn. Het is eiser daarna niet meer gelukt om werk te vinden. Hij werd wel uitgenodigd voor gesprekken, maar als mensen zagen dat hij Roma was, hield het op. Hij is een handel in oud ijzer begonnen om nog wat te verdienen, maar mensen weigerden meestal spullen mee te geven als ze zagen dat eiser Roma was, dan waren de spullen zogenaamd al weg. Eiser werd vaak (ook door de politie en gevangenisbewakers) in elkaar geslagen, er werd over hem heen geplast en drinken over hem heen gegooid. Eiser heeft drie keer vastgezeten en moest onder dwang toegeven dat hij schuldig was aan zeven strafbare feiten die hij niet had gepleegd. De politie heeft hem gearresteerd vanwege een overval die kennissen van eiser gepleegd zouden hebben, eiser is ook toen in elkaar geslagen. Tijdens zijn gevangenschap is eiser seksueel misbruikt. Eiser vermoedt dat hij daardoor biseksueel is geworden. Eiser ging ook om met een criminele groep die wilde dat hij drugs zou vervoeren, dit weigerde eiser. Eiser heeft drugs, wapens en contant geld verbrand, waarna hij gevlucht is voor deze criminele groep. Deze criminelen hebben connecties bij de politie en de enige manier om aan hen te ontsnappen was door te vluchten. De vader en zus van eiser hebben gezegd dat hij overleden is, maar via Facebook heeft de criminele groep gezien waar hij is. Bij terugkeer vreest eiser dat hij zich niet schuil kan houden, hij kent niemand en kan nergens naartoe en de criminele groep zal hem vermoorden. Ook zoekt de politie eiser. De vader van eiser heeft van vijf rechtbanken een oproep gekregen dat eiser voor de rechter moet verschijnen voor vijf verschillende feiten. Eiser vreest bij terugkeer meteen opgepakt te worden. Daarnaast is eiser bekeerd en heeft hij het islamitische geloof aangenomen.

Het bestreden besluit

3. Het asielrelaas van eiser bevat volgens verweerder de volgende asielmotieven:

Verweerder acht eisers identiteit, nationaliteit en herkomst geloofwaardig. De geloofwaardigheid van de bekering tot het islamitische geloof laat verweerder in het midden. De overige asielmotieven acht verweerder ongeloofwaardig. Ook voldoet eiser niet aan artikel 31, zesde lid, aanhef en onder b, c, en d, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw).

Het geloofwaardig geachte motief identiteit, nationaliteit en herkomst en de in het midden gelaten geloofwaardigheid van de bekering tot het islamitische geloof leveren volgens verweerder geen asielgrond op als bedoeld in artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a of b, van de Vw, omdat op grond daarvan niet aannemelijk is dat eiser een gegronde vrees heeft voor vervolging als bedoeld in het Verdrag betreffende de status van vluchtelingen (Vluchtelingenverdrag) of dat hij bij terugkeer naar Servië een reëel risico loopt op ernstige schade. Gelet op het feit dat eiser zich niet direct heeft gemeld voor asiel, is de asielaanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond op grond van artikel 30b, eerste lid, aanhef en onder h, van de Vw.

Het beroep

4. Eiser voert – in de kern – aan dat hij vanwege zijn psychische aandoening en medicatiegebruik niet goed in staat is geweest om te verklaren. Verweerder had [zorg instelling] om een nader onderzoek moeten vragen. Eiser is door het behoren tot de Roma in Servië in zijn bestaansmogelijkheden beperkt en hij kan daar op sociaal en maatschappelijk gebied niet functioneren. Eiser heeft problemen ervaren met een criminele groep jongens en met de politie. Ook heeft eiser voldoende verklaard over zijn biseksuele geaardheid. Gezien het voorgaande is eiser een verdragsvluchteling en loopt hij bij terugkeer een reëel risico op ernstige schade. De aanvraag kan door verweerder niet als kennelijk ongegrond afgedaan worden, waardoor eiser ook geen terugkeerbesluit zonder vertrektermijn en een inreisverbod opgelegd kan krijgen. Ten slotte had eiser om medische redenen uitstel van vertrek moeten krijgen.

Het oordeel van de rechtbank

Psychische gesteldheid

5. Uit de verslagen van de gehoren blijkt volgens eiser dat hij niet goed in staat was om te verklaren. In het proces-verbaal van de Afdeling Vreemdelingenpolitie, Identificatie en Mensenhandel (AVIM) van 16 augustus 2021 wordt door de verbalisanten opgemerkt dat eiser erg instabiel overkomt en dat een goed gesprek met een psychiater wenselijk is. In een e-mail van 20 augustus 2021 heeft de gehoormedewerker aan eisers gemachtigde bericht dat het gehoor veilig land van herkomst is afgebroken en dat het vanwege de psychische gesteldheid van eiser beter is om het gehoor op een andere dag te hervatten. De gemachtigde van eiser heeft op 23 augustus 2021 naar de gehoormedewerker gemaild dat eiser moe en emotioneel overkwam en dat hij moeite heeft met verklaren. Ook was duidelijk dat eiser te veel medicatie nam. Uit het Verslag gehoor veilig land van herkomst blijkt dat eiser op 24 augustus 2021 emotioneel was, meer medicatie nam dan voorgeschreven, vaak geen antwoord gaf op de vragen, door de tolk heen praatte en onrustig was (bladzijden 18 en 19). Eiser heeft op een gegeven moment nog meer medicatie genomen, was in paniek en wist niet hoe hij moest verklaren. Toen heeft eiser aangegeven dat het gehoor misschien beter op een andere dag voortgezet kon worden en heeft de gehoormedewerker voorgesteld om het gehoor wel voort te zetten. Uit het rapport blijkt dat eiser blijft huilen en trillen en dat hij aan het eind van het gehoor, bladzijde 23, opnieuw aangeeft dat hij wil stoppen met het gehoor.

Uit bladzijde 3 van het Verslag nader gehoor blijkt dat eiser drie tot vier maanden in een psychiatrische inrichting in [locatie] heeft gezeten en dat hij nog steeds onder behandeling van een psychiater staat. Ook geeft eiser op bladzijden 12 en 19 aan dat hij zich het gehoor veilig land van herkomst helemaal niet meer kan herinneren en dat hij hoopt dat het gesprek niet lang meer zal duren omdat dit hem zwaar valt. Eiser geeft aan dat hij zware medicatie gebruikt waardoor hij moe en een beetje verdoofd is en uit bladzijde 21 blijkt dat eiser opnieuw trillerig is. Ook benoemt eiser op bladzijde 34 dat hij sommige vragen niet goed begrijpt en daarom niet alles heeft beantwoord. De verklaringen van eiser tijdens de gehoren mogen volgens hem daarom niet ten grondslag worden gelegd aan de beoordeling van het asielrelaas. Volgens eiser had het op de weg van [zorg instelling] gelegen om bij het onderzoek naar zijn (on)vermogen om te verklaren ook zijn medische documenten te betrekken. Verweerder heeft gezien de situatie tijdens de gehoren en gelet op de samenwerkingsplicht onzorgvuldig gehandeld door [zorg instelling] niet om een nader onderzoek te vragen.

De rechtbank is van oordeel dat verweerder bij het voorbereiden van het bestreden besluit onvoldoende rekening heeft gehouden met de gezondheidssituatie van eiser tijdens de gehoren. Hieronder legt zij dat uit.

Het eerste deel van het gehoor veilig land van herkomst heeft plaatsgevonden op 20 augustus 2021. De gehoormedewerker heeft op 20 augustus 2021 een mail verzonden waarin staat dat eiser heeft aangegeven dat hij niet verder wil verklaren en dat het vanwege zijn psychische gesteldheid beter lijkt om het gehoor op een ander moment te hervatten. De gemachtigde van eiser heeft eiser op 23 augustus 2021 gezien en naar verweerder gemaild dat het psychisch niet goed gaat met eiser, dat hij niet goed kan verklaren en onvoldoende medicatie voorgeschreven heeft gekregen en dat eiser wellicht langs de medische dienst gestuurd moet worden. Het gehoor veilig land van herkomst is op 24 augustus 2021 hervat. Vervolgens heeft [zorg instelling] eiser op 16 september 2021 gezien en op 19 september 2021 een medisch advies opgesteld. Op 17 mei 2024 is eiser opnieuw door [zorg instelling] gezien en op 27 mei 2024 is een medisch advies opgesteld. Daarna is eiser op 25 november 2024 en op 27 november 2024 nader gehoord.

De rechtbank overweegt dat het medisch advies van 16 september 2021 het gebrek dat eiser niet voorafgaand aan het gehoor veilig land van herkomst is gezien door [zorg instelling] niet kan repareren. Desgevraagd heeft verweerder ter zitting niet kunnen verklaren waarom eiser niet voor het gehoor is gezien door [zorg instelling] , maar een maand daarna.

Uit het verslag van het gehoor veilig land van herkomst blijkt dat eiser aan het begin van het gehoor, op 20 augustus 2021 om 9.15 uur, onrustig heen en weer beweegt en aan het huilen is. Hij gebruikt naar eigen zeggen twee keer zoveel medicijnen als voorgeschreven (bladzijde 2). Op bladzijde 12 van het verslag is te lezen dat eiser zich helemaal niet meer goed voelt en dat hij niet meer wil praten. Hij wil ook graag persoonlijk gehoord worden en niet op afstand. Het gehoor wordt dan om 11.30 uur afgebroken. Hieruit volgt dat het zowel aan het begin als aan het einde van het gehoor op 20 augustus 2021 niet goed met eiser ging, reden om het gehoor af te breken. Gelet hierop en omdat verweerder niet voor dit gehoor is gezien door [zorg instelling] , is het naar het oordeel van de rechtbank onzorgvuldig dat verweerder de op 20 augustus 2021 door eiser afgelegde verklaringen in zijn nadeel bij de besluitvorming heeft betrokken.

Op 24 augustus 2021 wordt het gehoor veilig land van herkomst vervolgd. In het verslag van het gehoor is te lezen dat eiser huilend en moeilijk lopend uit de wachtkamer komt en gedurende het hele gehoor blijft huilen. Eiser verklaart dat hij zich niet goed voelt. Uit bladzijde 14 van het verslag blijkt dat eiser meer medicatie heeft genomen dan voorgeschreven is. Daarna is in het gehoor ook meermaals te lezen dat eiser trilt. Eiser geeft volgens bladzijde 16 van het verslag aan dat hij hoofdpijn heeft. Vervolgens heeft eiser volgens bladzijde 19 van het verslag verklaard dat hij nog meer medicatie heeft genomen. Eiser geeft aan dat het gehoor misschien op een andere dag voortgezet kan worden. De gehoormedewerker noteert dan nogmaals dat eiser er huilt en trilt, eiser geeft zelf ook aan dat hij in paniek is. Uit bladzijde 23 van het verslag blijkt dat eiser nogmaals heeft verzocht om het gehoor te stoppen, eiser voelt zich niet goed. Eiser kan zich niet alles herinneren en er gaat van alles door zijn hoofd. Het gehoor is vervolgens niet afgebroken. Uit het verslag van gehoor blijkt duidelijk dat het op 24 augustus 2021 gedurende het hele gehoor niet goed met eiser ging, waar zijn gemachtigde de dag ervoor ook nadrukkelijk aandacht voor heeft gevraagd. Gelet hierop en omdat eiser ook voor 24 augustus 2021 niet is gezien door [zorg instelling] , heeft verweerder onzorgvuldig gehandeld door de verklaringen die eiser op deze dag heeft afgelegd in zijn nadeel bij de besluitvorming te betrekken. Ter zitting heeft verweerder ook niet kunnen toelichten waarom deze verklaringen volgens hem wel bij de besluitvorming betrokken mogen worden.

Zes maanden voorafgaand aan het nader gehoor is eiser door [zorg instelling] gezien. Verweerder heeft desgevraagd ter zitting geen verklaring kunnen geven voor deze ruime tijd tussen het bezoek aan [zorg instelling] en de data van het nader gehoor.

Tussen partijen is niet in geschil dat eiser op 25 november 2024 in staat was om te worden gehoord en dat de gang van zaken tijdens dit gehoor voldoende zorgvuldig is geweest.

Partijen zijn het daarentegen niet eens over het nader gehoor op 27 november 2024. Op bladzijde 19 van het verslag nader gehoor is te lezen dat eiser aan het begin van het gehoor verklaart dat hij zware medicatie gebruikt en erg moe is, ook omdat hij de afgelopen twee nachten erg slecht heeft geslapen. Ook is op bladzijde 21 te lezen dat eiser trilt en emotioneel is. Hoewel eiser, zoals blijkt op bladzijde 26 van het gehoor, aangeeft dat hij de vragen begrijpt, volgt uit de beantwoording van de vragen evident dat eiser meerdere vragen niet heeft begrepen. Later in het gehoor geeft eiser ook nog aan dat hij hoofdpijn heeft. Ten slotte zegt eiser tegen het einde van dit gehoor dat hij oververmoeid is en dat hij daardoor vragen niet heeft begrepen. Verweerder heeft niet goed uitgelegd waarom de verklaringen van eiser op 27 november 2024 desondanks bij de besluitvorming betrokken mogen worden. Nu uit het verslag nader gehoor duidelijk blijkt dat het op 27 november 2024 niet goed ging met eiser en omdat eiser zes maanden voor dit gehoor door [zorg instelling] is gezien en niet (veel) korter voor het gehoor, acht de rechtbank het onzorgvuldig dat verweerder de verklaringen die eiser op 27 november 2024 heeft afgelegd in zijn nadeel bij de besluitvorming heeft betrokken.

Gelet op het voorgaande heeft verweerder de verklaringen van eiser tijdens de gehoren op 20 augustus 2021, 24 augustus 2021 en 27 november 2024 ten onrechte betrokken bij de besluitvorming, in ieder geval voor zover verweerder de door eiser op die dagen afgelegde verklaringen niet geloofwaardig vindt. De hierop betrekking hebbende beroepsgronden slagen. Verweerder dient eiser dan ook opnieuw te horen en opnieuw een standpunt in te nemen over de geloofwaardigheid van de seksuele geaardheid van eiser en over zijn betrokkenheid bij de criminele groep jongeren en eisers problemen met de politie, tenzij verweerder, bijvoorbeeld in de ernst van de door eiser in Servië ondervonden discriminatie, aanleiding ziet om zijn aanvraag alsnog in te willigen.

Problemen vanwege het feit dat eiser Roma is

6. Uit het voornemen en het bestreden besluit lijkt te volgen dat verweerder de door eiser ondervonden problemen vanwege zijn Roma-afkomst op zwaarwegendheid heeft beoordeeld. Ter zitting heeft verweerders gemachtigde desgevraagd bevestigd dat verweerder de verklaringen van eiser over de ondervonden discriminatie in essentie geloofwaardig vindt, maar onvoldoende zwaarwegend om eiser asiel te verlenen. Het is daarom een minder gelukkige formulering dat verweerder dit relevante element ‘ongeloofwaardig’ heeft genoemd. De gang van zaken tijdens de gehoren staat er niet aan in de weg dat de rechtbank in deze uitspraak een oordeel geeft over de standpunten die partijen over de discriminatie hebben ingenomen. Dit is anders voor de verklaringen van eiser die verweerder niet gelooft, namelijk zijn verklaringen over de problemen met de politie en criminelen en eisers verklaringen over zijn seksuele geaardheid. Op die onderdelen van eisers verklaringen gaat de rechtbank in deze uitspraak dan ook niet inhoudelijk in.

Eiser voert aan dat hij wel toegang had tot onderwijs, maar dat het leven op school hem zo moeilijk werd gemaakt dat hij noodgedwongen moest stoppen. De docenten waren op de hoogte van de discriminatie door de medeleerlingen en deden hieraan mee. Eiser kon hier geen bescherming tegen krijgen en verwijst naar bladzijden 44 en 45 van het rapport van december 2024 van het European Roma Rights Centre, ‘Ruthless and Racist, policing Roma in the Balkans’(ERRC rapport). Uit dit rapport blijkt dat er in theorie wel toegang is tot onderwijs, maar dat dit recht in de praktijk regelmatig met voeten wordt getreden door ernstige discriminatie en dat het voor Roma moeilijk is om daadwerkelijk goed kwalitatief onderwijs te genieten. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder de door eiser als kind ondervonden stelselmatige discriminatie en uitsluiting op school gebagatelliseerd door zich op het standpunt te stellen dat eiser toegang had tot onderwijs en niet kenbaar verder te beoordelen hoe eiser op school werd behandeld en of hij op school sociaal en maatschappelijk kon functioneren.

Voor zover verweerder stelt dat eiser toegang had tot de arbeidsmarkt, wijst eiser erop dat hij heeft gewerkt als gemeentereiniger, maar dat hij al op zijn vierde werkdag ernstig is mishandeld is en niet in een veilige omgeving kon werken. Zijn werkgever heeft hem toen niet geholpen, maar verteld dat hij niet terug naar werk hoefde te komen als zijn verwondingen na twee dagen nog zichtbaar waren. Eiser heeft ook gesolliciteerd en werd wel uitgenodigd op gesprekken, omdat aan zijn achternaam en stem niet te horen is dat hij Roma is. Dit is aan zijn uiterlijk wel te zien en zodra mensen zagen wie hij was, werd duidelijk gemaakt dat er geen plek was voor hem. Verweerder acht niet zonder meer aannemelijk dat dit aan de Roma afkomst van eiser is te wijten. Daar staat tegenover dat het voor eiser vrijwel onmogelijk is om dit hard te maken en dat hij zijn standpunt over discriminatie op de arbeidsmarkt heeft onderbouwd met informatie uit openbare bronnen. Verweerder heeft in dit verband verder naar voren gebracht dat eiser ook als zelfstandige heeft gewerkt, namelijk als handelaar in oud ijzer. Daarover heeft eiser verklaard dat hij ook hierbij ernstige obstakels heeft ervaren. Zo werd hij regelmatig gebeld dat hij oud ijzer kon komen halen, maar als hij dan kwam en mensen zagen dat hij Roma was, werd meestal gezegd dat het oud ijzer er niet meer was. Ook wat betreft de arbeidsmarkt heeft verweerder de ernst van de ondervonden discriminatie onvoldoende onderkend door te benadrukken dat eiser toegang had tot de arbeidsmarkt, zonder voldoende concreet te reageren op het betoog van eiser hierover. Gelet op eisers verklaringen valt het niet uit te sluiten dat er voor hem vanwege discriminatie geen daadwerkelijke mogelijkheden waren om met arbeid duurzaam inkomen te genereren.

Eiser had naar eigen zeggen wel toegang tot medische zorg, het is volgens hem echter wel zo dat Roma hier in Servië zelf voor moeten betalen omdat zij geen toegang hebben tot een ziektekostenverzekering. Hierover merkt verweerder op dat dit gestelde probleem hem niet bekend is uit openbare bronnen. Dat eiser meer moest betalen voor medicijnen dan anderen omdat hij Roma is, heeft verweerder niet in twijfel getrokken. Hiermee is ook wat betreft de toegang tot gezondheidszorg sprake van discriminatie.

Eiser heeft naar eigen zeggen ook problemen gehad met de politie. Over een periode van jaren is eiser meermaals opgepakt en ten onrechte beschuldigd van het plegen van strafbare feiten. Hij werd onder dwang en mishandeling ertoe gebracht om schuld te bekennen en werd een aantal dagen op het politiebureau vastgehouden, terwijl hij geen klacht tegen de politie mocht indienen. Deze verklaringen komen overeen met informatie uit bladzijden 46-48 van het ERRC rapport. Hieruit blijkt dat jongens en mannen die Roma zijn in Servië regelmatig het slachtoffer zijn van onrechtmatige aanhouding en mishandeling door de politie. Verweerder gelooft deze problemen niet, maar zijn standpunt daarover is gelet op het voorgaande niet met de vereiste zorgvuldigheid tot stand gekomen en niet valt uit te sluiten dat eisers verklaringen ook op dit punt op waarheid berusten. Dat zal verweerder opnieuw moeten beoordelen, tenzij hij aanleiding ziet om de aanvraag van eiser zonder aanvullend gehoor in te willigen.

Hoewel eiser toegang had tot onderwijs en (korte tijd) kon werken, heeft verweerder gelet op het voorgaande onvoldoende gemotiveerd waarom in het geval van eiser geen sprake is geweest van ernstige vormen van discriminatie die, in samenhang bezien, een dusdanig ernstige beperking van eisers bestaansmogelijkheden heeft opgeleverd dat het voor hem onmogelijk was om op maatschappelijk en sociaal gebied te functioneren in Servië. Zowel uit het ERRC-rapport waar eiser naar verwijst als uit zijn verklaringen blijkt dat Roma in Servië te maken kunnen krijgen met structurele en ernstige discriminatie en dat dit ook eiser is overkomen. De hierop betrekking hebbende beroepsgronden slagen.

Conclusie en gevolgen

7. Het beroep is gegrond, omdat het bestreden besluit onvoldoende zorgvuldig is voorbereid en niet deugdelijk is gemotiveerd, in strijd met artikelen 3:2 en 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht. De rechtbank zal het bestreden besluit daarom vernietigen.

8. De rechtbank ziet geen mogelijkheid om de rechtsgevolgen van het besluit in stand te laten of zelf in de zaak te voorzien. Ook ziet de rechtbank geen aanleiding voor het toepassen van een bestuurlijke lus, aangezien dit, gelet op de aard van de gebreken, naar het zich laat aanzien geen doelmatige en efficiënte afdoeningswijze zou inhouden. De rechtbank zal verweerder daarom opdragen om, met inachtneming van deze uitspraak, een nieuw besluit te nemen op de asielaanvraag van eiser.

9. Omdat het beroep gegrond is, bestaat er aanleiding om verweerder te veroordelen in de door eiser gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 1.868,- (1 punt voor het indienen van het beroepschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting, met een waarde per punt van € 934,- en wegingsfactor 1).

Beslissing

De rechtbank;

- verklaart het beroep gegrond;

- vernietigt het bestreden besluit;

- draagt verweerder op om met inachtneming van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op de asielaanvraag;

- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.868,-.

Deze uitspraak is gedaan door mr. B. van Velzen, rechter, in aanwezigheid van

mr. J. Dommerholt, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. B. van Velzen

Griffier

  • mr. J. Dommerholt

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand