ECLI:NL:RBDHA:2026:3376

ECLI:NL:RBDHA:2026:3376

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 19-02-2026
Datum publicatie 20-02-2026
Zaaknummer 09-296660-23
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Geen toepassing van het jeugdstrafrecht (ASR). Ontucht, waarbij het slachtoffer herhaaldelijk via Snapchat is opgedragen bij haarzelf seksuele handelingen te verrichten, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van haar lichaam (artikel 245 Sr). Verspreiden, verwerven, aanbieden, vervaardigen en bezitten van kinderpornografisch materiaal (artikel 240b Sr) en bezitten dierenpornografisch materiaal (artikel 254a Sr). Verminderde toerekeningsvatbaarheid. De verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden waarvan 18 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van vijf jaren en bijzondere voorwaarden.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Strafrecht

Meervoudige kamer

Parketnummer: 09-296660-23

Datum uitspraak: 19 februari 2026

Tegenspraak

De rechtbank Den Haag heeft op de grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:

[de verdachte] ,

geboren op [geboortedatum 1] 2002 te [geboorteplaats] ,

BRP-adres: [adres] .

1. Het onderzoek ter terechtzitting

Het onderzoek is gehouden op de terechtzittingen van 6 februari 2025 (regie), 5 juni 2025 en 5 februari 2026 (inhoudelijke behandeling).

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. N. Bakker en van hetgeen door de verdachte en zijn raadsman mr. D.C.E. Timmermans naar voren is gebracht.

2. De tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3. De bewijsbeslissing

Inleiding

De verdachte wordt – kort gezegd – verweten dat hij:

Feit 1:

Primair: in de periode van 24 januari 2022 tot en met 28 januari 2022 ontucht heeft gepleegd met [slachtoffer 1] (hierna: het slachtoffer) – die toen 13 jaar oud was – , door het slachtoffer ontuchtige handelingen te laten verrichten die (mede) bestond uit het seksueel binnendringen van haar lichaam;

Subsidiair: in voormelde periode buiten echt ontucht heeft gepleegd met het slachtoffer door haar ontuchtige handelingen te laten verrichten;

Meer subsidiair: in voormelde periode het slachtoffer heeft verleid tot het plegen en/of dulden van ontuchtige handelingen;

Feit 2: in de periode van 8 april 2022 tot en met 11 april 2023 kinderpornografische afbeeldingen en/of een gegevensdrager bevattende kinderpornografische afbeeldingen heeft verspreid, aangeboden, vervaardigd, verworven, in bezit heeft gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft en daarvan een gewoonte heeft gemaakt;

Feit 3: in de periode van 21 januari 2023 tot en met 21 april 2023 dierenpornografische afbeeldingen en/of een gegevensdrager bevattende dierenpornografische afbeeldingen in bezit heeft gehad.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft – op in het requisitoir weergegeven gronden – gerekwireerd tot bewezenverklaring van de onder 1 primair, 2 en 3 ten laste gelegde feiten.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft – op in de schriftelijke pleitnota weergegeven gronden – vrijspraak bepleit van het onder feit 1 primair tenlastegelegde en zich met betrekking tot het onder feit 1 meer subsidiair tenlastegelegde gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. Ten aanzien van het onder feit 1 subsidiair tenlastegelegde heeft de raadsman geen standpunt ingenomen.

Ten aanzien van het onder feit 2 tenlastegelegde heeft hij zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Ten aanzien van het onder feit 3 tenlastegelegde heeft de raadsman verzocht het bezit van de dierenpornografische afbeeldingen niet strafwaardig te achten omdat op basis van het dossier niet kan worden vastgesteld dat de verdachte deze afbeeldingen bewust heeft gedownload, daarnaar op zoek is geweest, deze heeft opgeslagen dan wel deze heeft bekeken.

Op specifieke verweren wordt hierna – voor zover relevant – ingegaan.

Gebruikte bewijsmiddelen

Feit 1 primair

De rechtbank heeft voor feit 1 primair in de bijlage opgenomen de wettige bewijsmiddelen met de voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden.

Feiten 2 en 3

De rechtbank zal voor de feiten 2 en 3 met een opgave van bewijsmiddelen als genoemd in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering volstaan. De verdachte heeft deze feiten namelijk bekend en daarna niet anders verklaard. Daarnaast heeft de raadsman geen vrijspraak bepleit. De officier van justitie heeft met betrekking tot deze feiten eveneens gerekwireerd tot bewezenverklaring.

Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door (een) daartoe bevoegde opsporingsambtena(a)r(en). Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, betreft dit de pagina’s van het proces-verbaal met het nummer PL1500-2022132640, van de politie eenheid Den Haag, Dienst Regionale Recherche, Team Kinderporno, met bijlagen (doorgenummerd pagina 1 t/m 247).

t.a.v. feit 2:

1. De bekennende verklaring van de verdachte, afgelegd op de terechtzitting van 5 juni 2025;

2. Het proces-verbaal van aangifte van [aangever 1] , namens [slachtoffer 2] , opgemaakt op 19 september 2023, p. 189-192;

3. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 22 mei 2023, p. 182-186;

4. Het proces-verbaal van aangifte van [aangever 2] , namens [slachtoffer 3] , opgemaakt op 15 augustus 2023, p. 208-212;

5. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 15 augustus 2023, p. 213;

6. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 23 mei 2023, p. 202-205;

7. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 23 mei 2023, p. 222-223;

8. Het proces-verbaal van aangifte van [aangever 3] , namens [slachtoffer 4] , opgemaakt op 12 augustus 2023, p. 236-238;

9. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 25 mei 2023, p. 231-233;

10. Het proces-verbaal van bevindingen, met bijlagen, opgemaakt op 25 mei 2023,

p. 166-180;

11. Het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal, met bijlagen, opgemaakt op 8 augustus 2023, p. 134-156;

12. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op [geboortedatum 4] 2023, p. 160-161.

t.a.v. feit 3:

1. Het proces-verbaal van verhoor van verdachte, met bijlagen, opgemaakt op 31 oktober 2023, p. 35-67;

2. Het proces-verbaal van bevindingen, met bijlagen, opgemaakt op 25 mei 2023,

p. 166-180;

3. Het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal, met bijlagen, opgemaakt op 8 augustus 2023, p. 134-156;

4. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op [geboortedatum 4] 2023, p. 163-164.

Bewijsoverwegingen

Seksueel binnendringen (feit 1 primair)

Inleiding

De verdachte wordt verweten dat hij via Snapchat gesprekken heeft gevoerd met het slachtoffer, waarbij zij na instructie dan wel in opdracht van de verdachte seksueel getinte poses heeft aangenomen en ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van haar eigen lichaam, daarvan foto’s en video’s heeft gemaakt en deze naar de verdachte heeft gestuurd. De verdachte was dus niet lijfelijk bij het slachtoffer aanwezig, dus kon haar niet aanraken.

De rechtbank moet de vraag beantwoorden of het handelen van de verdachte ontucht die (mede) bestond in het seksueel binnendringen van het lichaam als bedoeld in art. 245 (oud) Sr oplevert.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft betoogd dat niet kan worden bewezen dat sprake is geweest van “binnendringen van het lichaam”, aangezien het slachtoffer de ontuchtige handelingen bij zichzelf heeft verricht. Volgens de verdediging kan de verdachte daarom niet als pleger van het seksueel binnendringen worden aangemerkt. De verdediging heeft hierbij verwezen naar het Pollepel-arrest van de Hoge Raad (NJ 2006, 614), waarin de Hoge Raad heeft geoordeeld dat indien het seksueel binnendringen is gepleegd door een ander dan die de “dwang” heeft uitgeoefend, er geen sprake is van verkrachting. De betekenis die de Hoge Raad in dit arrest aan het plegen (van verkrachting) heeft gegeven, is volgens de verdediging ook van toepassing op de overige delictsomschrijvingen waarin het bestanddeel “seksueel binnendringen van het lichaam” is opgenomen. In dit verband heeft de verdediging ook nog verwezen naar een vonnis van de rechtbank Noord-Nederland van 9 mei 2025 (ECLI:NL:RBNNE:2025:1762).

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank overweegt hierover als volgt.

De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 30 november 2004 (ECLI:NL:2004:AQ0950) geoordeeld dat onder omstandigheden ook sprake kan zijn van ontucht met een minderjarige als bedoeld in artikel 247 of 249 Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) (oud) als er geen lichamelijke aanraking tussen de verdachte en de minderjarige heeft plaatsgevonden. Of in dat geval de bewezenverklaarde gedraging het plegen van ontucht ‘met’ de minderjarige oplevert, is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. In elk geval dient er sprake te zijn van enige voor het plegen van ontucht met de minderjarige relevante interactie tussen de verdachte en die minderjarige.

In de onderhavige zaak is het primair ten laste gelegde feit toegesneden op artikel 245 Sr (oud). Dit artikel was op dezelfde wijze geredigeerd als (het hier relevante deel van) artikel 247 Sr, in die zin dat het telkens gaat om degene die ‘met iemand’ van beneden de twaalf/zestien jaar ‘ontuchtige handelingen pleegt’. De rechtbank ziet daarin aanleiding aan te sluiten bij de hiervoor aangehaalde jurisprudentie.

Naar het oordeel van de rechtbank is in de onderhavige zaak sprake geweest van de hiervoor genoemde relevante interactie, zoals vereist voor een bewezenverklaring van ontucht als bedoeld in artikel 245 Sr. Uit de bewijsmiddelen volgt immers dat de verdachte het slachtoffer op indringende wijze heeft bewogen om seksuele poses aan te nemen en zichzelf daarbij te fotograferen en/of te filmen. De verdachte gaf daartoe specifieke opdrachten en instructies via Snapchat. Het slachtoffer werd ook bewogen om seksuele handelingen bij zichzelf te verrichten en daarvan foto’s en/of video’s te maken. De verdachte gaf het slachtoffer ook hiertoe specifieke opdrachten en instructies. Zo liet hij haar weten wat zij hem moest laten zien en hoe zij dat moest doen. Het seksueel binnendringen van het eigen lichaam, met de vinger(s) was een van de seksuele handelingen die het slachtoffer moest verrichten.

In artikel 245 Sr is dwang geen bestanddeel. Het onder dwang seksuele handelingen laten verrichten maakt die handelingen echter wel ontuchtig. Kort gezegd laten de seksuele handelingen zich als ontuchtig kwalificeren, vanwege:

de dwang die de verdachte op het slachtoffer uitoefende, welke dwang bestond uit het geven van opdrachten en instructies. Uit de berichten van het slachtoffer (“maar dat doet pijn”, “mag ik dan stoppen”), blijkt dat zij eigenlijk niet wilde doen wat de verdachte haar opdroeg en zich door de verdachte onder druk gezet voelde om de ontuchtige handelingen bij zichzelf te verrichten;

de vérstrekkende seksuele handelingen die het slachtoffer heeft moeten verrichten, in het bijzonder vaginale penetratie;

het – gezien hun leeftijden toentertijd – aanzienlijke leeftijdsverschil tussen de verdachte en het slachtoffer. De verdachte was destijds 19 jaar en het slachtoffer 13 jaar.

Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat sprake is geweest van het plegen van ontuchtige handelingen die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam, met het slachtoffer dat toentertijd 13 jaar oud was. Hierbij neemt de rechtbank in aanmerking dat uit de wetsgeschiedenis niet uitdrukkelijk blijkt dat voornoemd handelen van de verdachte niet onder de reikwijdte van de genoemde strafbepalingen kan worden geschaard. Anders dan de raadsman heeft betoogd, kan hiervan ook geen steun worden gevonden in het door hem aangehaalde Pollepel-arrest van de Hoge Raad. Dat arrest ziet in het bijzonder op het bestanddeel ‘dwang’ in art. 242 (oud) Sr, dat geen bestanddeel is van het onderhavige delict. Dat dwang aan seksuele handelingen een ontuchtig karakter kan geven – welk geval zich naar het oordeel van de rechtbank hier ook voordeed – maakt dit niet anders.

De rechtbank zal dan ook het onder 1 primair ten laste gelegde feit bewezen verklaren.

Bezit dierenporno (feit 3)

De verdachte heeft tijdens zijn verhoor bij de politie, toen hij werd geconfronteerd met de op zijn telefoon aangetroffen dierenporno, verklaard dat hij dergelijke afbeeldingen heeft ontvangen en doorgestuurd. Een aantal van de aangetroffen afbeeldingen waren ook nog benaderbaar. De rechtbank acht daarom bewezen dat de verdachte wist dat deze afbeeldingen op zijn telefoon stonden en hij deze dus bewust in zijn bezit heeft gehad.

De bewezenverklaring

De rechtbank is met betrekking tot de onder 1 primair, 2 en 3 ten laste gelegde feiten van oordeel dat deze feiten wettig en overtuigend zijn bewezen.

De rechtbank verklaart ten laste van de verdachte bewezen dat:

1

hij in of omstreeks de periode van 24 januari 2022 tot en met 28 januari 2022, te Ouderkerk aan den IJssel, althans in Nederland, met [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum 2] 2008, die toen de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, een of meer handelingen heeft gepleegd, door die [slachtoffer 1] een of meer ontuchtige handelingen te laten verrichten, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1] , te weten het een of meermalen:

- via Snapchat en/of de telefoon voeren van (seksueel geladen of prikkelende) chatgesprekken met die [slachtoffer 1] ,

- via Snapchat en/of de telefoon geven van opdrachten en/of het instrueren van die [slachtoffer 1] met betrekking tot het aannemen van een of meer (seksueel getinte) poses en/of het verrichten van een of meer ontuchtige handelingen, die mede bestonden uit het:

a. a) tonen van haar naakte lichaam (waarbij de nadruk ligt op de ontblote geslachtsdelen, billen en/of borsten),

b) tonen van haar (ontblote) vagina en/of anus,

c) betasten van en opzij duwen van haar schaamlippen en/of betasten tussen haar schaamlippen,

d) duwen en/of brengen van een vinger in haar vagina en/of anus en/of op een neergaande bewegingen te maken met die vinger, en/of

e) (vervolgens) haar vinger in haar mond te steken en/of af te likken,

- het door die [slachtoffer 1] laten maken van foto’s en video’s en filmpjes van zichzelf,

terwijl die [slachtoffer 1] in voornoemde (seksueel getinte) poses stond en/of voornoemde ontuchtige handelingen te verrichtte en/of

- de door die [slachtoffer 1] gemaakte foto’s en/of video’s en/of filmpjes op zijn, verdachte’s, verzoek naar hem, verdachte, te laten sturen;

2

hij (op een of meer tijdstippen) in of omstreeks de periode van 8 april 2022 tot en met 11 april 2023 te Ouderkerk aan den IJssel, althans in Nederland, een of meermalen (telkens),

- afbeeldingen, te weten foto’s en/of video’s en/of

- een gegevensdrager, te weten een mobiele telefoon (Samsung A525) bevattende afbeeldingen,

bevattende seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijke de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, onder wie [slachtoffer 2] (geboren op [geboortedatum 3] 2007) en/of [slachtoffer 3] (geboren op [geboortedatum 4] 2009) en/of [slachtoffer 5] (geboren [geboortedatum 5] 2009) en/of [slachtoffer 4] (geboren [geboortedatum 6] 2009),

heeft verspreid, aangeboden, vervaardigd, verworven, in bezit heeft gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft, welke seksuele gedragingen – zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het met de/een penis en/of (eigen) vinger en/of verschillende voorwerpen, zoals

een dildo, oraal en/of vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een

persoon die kennelijk die leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

en/of

het met de hand(en) en/of penis en/of tong en/of voorwerpen, zoals een dildo, betasten en/of aanraken van het (eigen) geslachtsdeel, van een persoon en/of door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet had bereikt

en/of

het door een dier likken, betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel, van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet had bereikt

en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk

de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of opgemaakt is en/of poseert in een omgeving en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij zijn/haar leeftijd past/passen en/of door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de borsten en/of billen van deze persoon in beeld gebracht worden, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt

tot seksuele prikkeling

en/of

het op het gezicht en/of lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet had bereikt, een op sperma gelijkende substantie zichtbaar is, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

( [slachtoffer 2] )

het met vinger(s) betasten en/of aanraken en/of vaginaal penetreren van het eigen geslachtsdeel van/door [slachtoffer 2] , te weten een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet had bereikt, en/of het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren, waarbij die [slachtoffer 2] poseert in een omgeving en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij haar leeftijd past en/of door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose van die [slachtoffer 2] nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, in beeld gebracht worden, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft

en/of strekt tot seksuele prikkeling

( [slachtoffer 3] )

het met vinger(s) en/of een voorwerp, zoals een haarborstel, vaginaal penetreren van het eigen geslachtsdeel en/of het betasten van een borst van/door [slachtoffer 3] , te weten een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet had bereikt, en/of het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren, waarbij die [slachtoffer 3] poseert in een omgeving en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij haar leeftijd past en/of door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose van die [slachtoffer 3] nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel en/of billen en/of borst in beeld gebracht worden, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

( [slachtoffer 5] )

het met vinger(s) betasten en/of aanraken en/of vaginaal penetreren van het eigen geslachtsdeel van/door [slachtoffer 5] , te weten een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet had bereikt, en/of het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren, waarbij die [slachtoffer 5] poseert in een omgeving en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij haar leeftijd past en/of door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose van die [slachtoffer 5] nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel en/of billen en/of anus, in beeld

gebracht worden, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

( [slachtoffer 4] )

het met vinger(s) en/of een voorwerp, zoals een deodorant fles, vaginaal penetreren van het eigen geslachtsdeel en/of het betasten van een borst van/door [slachtoffer 4] , te weten een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet had bereikt, en/of het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren, waarbij die [slachtoffer 4] poseert in een omgeving en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij haar leeftijd past en/of door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose van die [slachtoffer 4] nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel en/of borsten en/of billen en/of anus in beeld gebracht worden,

(waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft

en/of strekt tot seksuele prikkeling

en hij aldus van het plegen van dit misdrijf een gewoonte heeft gemaakt;

3

hij in of omstreeks de periode van 21 januari 2023 tot en met 11 april 2023 te Ouderkerk aan den IJssel, althans in Nederland, een of meermalen (telkens)

- afbeeldingen, te weten foto’s en/of video’s en

- een gegevensdrager, te weten een mobiele telefoon (Samsung A525) bevattende afbeeldingen,

in bezit heeft gehad, terwijl op die afbeelding(en) (een) seksuele handeling(en) zichtbaar is/zijn, waarbij (telkens) een mens en een dier (schijnbaar) is/zijn betrokken, welke voornoemde seksuele handeling(en) (zakelijk weergegeven) bestond(en) uit:

het door een dier (te weten kat en/of hond) likken en/of betasten en/of aanraken

van het geslachtsdeel van een volwassen persoon en/of

het door een dier (te weten een hond) vaginaal penetreren van een volwassen persoon en/of

het vasthouden van een (stijve) penis van een dier (te weten een paard) door een volwassen persoon, waarbij op het gezicht sperma gelijkende substantie zichtbaar is.

Voor zover in de tenlastelegging type- en taalfouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd en gecursiveerd weergegeven, zonder dat de verdachte daardoor in de verdediging is geschaad.

4. De strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het bewezen verklaarde is volgens de wet strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid van he feiten uitsluiten.

5. De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is eveneens strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

6. De strafoplegging

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 jaren, waarvan 1 jaar voorwaardelijk met een proeftijd van 5 jaren en de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft verzocht om aan de verdachte een gevangenisstraf op te leggen van 365 dagen, waarvan 364 dagen voorwaardelijk, met daarbij de door de reclassering geadviseerde bijzondere voorwaarden en een proeftijd van twee jaar en daarnaast een forse taakstraf. In het kader van de strafoplegging heeft de raadsman ook verzocht om rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, het feit dat hij op eigen initiatief hulp heeft gezocht en de omstandigheid dat de zaak pas zeer geruime tijd na de aanhouding van de verdachte op zitting is gebracht.

Het oordeel van de rechtbank

Na te melden straf is in overeenstemming met de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en gegrond op de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan tijdens het onderzoek op de terechtzitting is gebleken. De rechtbank neemt hierbij in het bijzonder het volgende in aanmerking.

Ernst van de feiten

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan ontucht met een dertienjarig meisje. Hij heeft dit meisje, terwijl hij met haar aan het chatten was via Snapchat, herhaaldelijk opgedragen bij haarzelf seksuele handelingen te verrichten, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van haar lichaam. Daarnaast heeft de verdachte zich gedurende een lange periode schuldig gemaakt aan het verspreiden, verwerven, aanbieden, vervaardigen en bezitten van kinderpornografische afbeeldingen, waaronder afbeeldingen van vier door de politie geïdentificeerde minderjarige meisjes, met wie de verdachte ook via Snapchat in contact was gekomen. In totaal gaat het om 643 kinderpornografische afbeeldingen, waarop verregaande seksuele handelingen met die meisjes en andere kinderen te zien zijn, ook handelingen waarbij het lichaam wordt binnengedrongen. Dit materiaal deelde en ruilde hij met derden met als doel ander kinderpornografisch beeldmateriaal te bemachtigen.

De verdachte handelde, wat de door de politie geïdentificeerde meisjes betreft, op listige wijze. Hij stuurde via Snapchat vriendschapsverzoeken en als die verzoeken werden geaccepteerd, stelde hij zich voor onder een andere naam en deed hij zich voor, afhankelijk van wat de meisjes die hij benaderde hem vertelden over hun leeftijd, als een leeftijdsgenoot. Het doel hiervan was om makkelijker met die meisjes in contact te komen. De verdachte wekte gaandeweg het vertrouwen bij de meisjes op en vroeg hun, als hij hun vertrouwen had gewonnen, hem naaktfoto’s en -video’s te sturen. Hij gaf de meisjes instructies en opdrachten om steeds verdergaande seksuele poses aan te nemen en ontuchtige handelingen bij zichzelf te verrichten. Bij een aantal meisjes bestonden deze handelingen mede uit het seksueel binnendringen van de vagina of anus en soms moesten zij daarbij voorwerpen gebruiken. De verdachte maakte daarvan ook stiekem opnamen.

De jonge meisjes zijn slachtoffer geworden van de aanhoudende drang van de verdachte om seksueel bevredigd te worden. Dit zijn, zonder twijfel, zeer ernstige feiten. De meisjes zijn aangezet tot het plegen van ontuchtige handelingen met henzelf die, gezien hun jonge leeftijd, verre van passend waren. Het is zonder meer aannemelijk dat de verdachte door zijn handelen deze meisjes heeft beschadigd in hun vertrouwen in de medemens en in hun (seksuele) ontwikkeling. De meisjes gingen ervan uit dat zij met een jongen of meisje van hun eigen leeftijd aan het chatten waren, terwijl het in werkelijkheid een volwassen man betrof. Op de zitting is namens de moeder van één van de slachtoffers een indringende verklaring voorgedragen, waaruit blijkt dat het handelen van de verdachte diepe sporen in het hele gezin heeft nagelaten.

Voor de productie van kinderporno worden (zeer) jonge kinderen op ingrijpende wijze seksueel misbruikt, waardoor zij aanzienlijke psychische (en lichamelijke) schade kunnen oplopen. De kinderen op de afbeeldingen kunnen bovendien nog lange tijd achtervolgd worden door de gevolgen van de verspreiding van de beelden, doordat het vrijwel onmogelijk is om een afbeelding van het internet te verwijderen. De verdachte heeft met zijn handelen bijgedragen aan de instandhouding van het misbruik van kinderen voor de productie van deze afbeeldingen.

De verdachte heeft ook dierenporno in zijn bezit gehad. Op zijn telefoons zijn 35 dierenpornografische afbeeldingen aangetroffen. Hiermee heeft de verdachte bijgedragen aan het misbruik van dieren en de instandhouding daarvan.

De rechtbank rekent dit alles de verdachte zwaar aan.

Strafblad

De rechtbank heeft kennisgenomen van het strafblad van de verdachte van 24 december 2025, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld. Dit gegeven heeft verder geen invloed op de strafoplegging, omdat bij het bepalen daarvan een blanco strafblad het uitgangspunt is.

Persoon van de verdachte

Daarnaast heeft de rechtbank acht geslagen op de volgende rapporten en adviezen die over de verdachte zijn opgesteld:

het Pro Justitia rapport van 29 september 2025 opgesteld door [naam 1] , klinisch psycholoog;

het Pro Justitia rapport van 8 oktober 2025, opgesteld door [naam 2] , psychiater, en [naam 3] , arts in opleiding tot medisch specialist;

het advies van GGZ Fivoor Den Haag (hierna: de reclassering) van 18 december 2025.

De bevindingen uit deze rapporten worden hierna, voor zover van belang, besproken.

Pro Justitia-rapporten

De psycholoog heeft geconcludeerd dat bij de verdachte sprake is van een terugkerend patroon van het toepassen en afhankelijk raken van vermijdende copingstrategieën, momenteel in de vorm van een afhankelijkheid van cannabis. Ten tijde van het ten laste gelegde was dit tevens aanwezig in de vorm van een seksuele coping en hyperseksualiteit, in combinatie met een niet-exclusieve hebefiele seksuele voorkeur (geclassificeerd als ‘een andere gespecificeerde parafiele stoornis’).

Ook de psychiater heeft bij de verdachte een psychische stoornis in de zin van hyperseksualiteit, in combinatie met een niet-exclusieve hebefiele seksuele voorkeur (geclassificeerd als ‘een andere gespecificeerde parafiele stoornis’) vastgesteld. Daarnaast kampt de verdachte volgens de psychiater met een stoornis in het gebruik van cannabis, matig in ernst.

Uit de rapporten blijkt dat de beperkte emotieregulatie, vermijdende coping en hyperseksualiteit van de verdachte destijds zijn moreel besef hebben overschaduwd en zijn handelingsvrijheid hebben beperkt. Zowel het aangaan van online seksueel contact met minderjarigen als het downloaden en vervaardigen van strafbaar materiaal dienden dezelfde functie; het reguleren van spanning en het bevredigen van een hyperseksuele drang. Gelet op deze bevindingen adviseren de deskundigen de aan de verdachte ten laste gelegde feiten, indien deze kunnen worden bewezen, in verminderde mate aan hem toe te rekenen.

Verder wordt het recidiverisico als matig tot hoog ingeschat. Volgens de deskundigen verlaagt het uitdoven van de hyperseksuele drang van de verdachte het risico op korte termijn, maar beschikt de verdachte op de lange termijn nog niet over voldoende probleemoplossingsvaardigheden om een kwetsbaarheid voor de herontwikkeling hiervan uit te sluiten. Het advies van de deskundigen is om aan de verdachte een (deels) voorwaardelijke straf op te leggen, met als bijzondere voorwaarden het onderhouden van reclasseringscontact en het starten van behandeling bij een forensische polikliniek.

Tot slot adviseren de deskundigen om de verdachte volgens het volwassenenstrafrecht te berechten.

De reclassering

In het reclasseringsrapport is opgenomen dat sprake is van een gemiddeld recidiverisico. De verdachte heeft inmiddels een zinvolle en structurele dagbesteding, hij heeft een actiever sociaal leven en het contact met zijn ouders is positief. Dit maakt dat de risicofactoren in mindere mate aanwezig zijn dan ten tijde van het ten laste gelegde. Het is voor de reclassering onduidelijk gebleven in hoeverre het cannabisgebruik van de verdachte een rol heeft gespeeld tijdens het ten laste gelegde, maar wel is voor de reclassering duidelijk dat dit gebruik ervoor zorgt dat de verdachte zich passief opstelt en dat het bijdraagt aan het vermijdende gedrag. Zijn cannabisgebruik is nu van dezelfde aard en omvang als tijdens het ten laste gelegde, reden waarom de reclassering dit nog steeds als risicofactor aanmerkt.

De reclassering heeft advisering van een tbs-maatregel overwogen, maar komt tot de conclusie dat oplegging van een dergelijke maatregel niet noodzakelijk is. De verdachte heeft aangetoond dat hij bereid is om zijn medewerking te verlenen aan alle voorwaarden die mogelijk aan hem worden opgelegd, onder andere die van een verplichte behandeling. Ook toont hij probleeminzicht. Daarnaast heeft hij zich gehouden aan de afspraken die zijn gemaakt met de reclassering en de Pro Justitia-rapporteurs. Hoewel wel sprake is van een recidiverisico, is de reclassering van mening dat de risicofactoren beïnvloed kunnen worden in een voorwaardelijk ambulant kader.

Bij een veroordeling adviseert de reclassering oplegging van een voorwaardelijke straf met de navolgende bijzondere voorwaarden: een meldplicht, verplichte ambulante behandeling, beheersing van het middelengebruik, het vermijden van contact met minderjarigen en het vermijden van digitale omgevingen waarin hij in aanraking kan komen met seksueel kindermisbruik. Tot slot heeft de reclassering geadviseerd om het volwassenenstafrecht toe te passen, nu er geen indicaties worden gezien voor het toepassen van het jeugdstrafrecht.

Toerekeningsvatbaarheid

De rechtbank is van oordeel dat de Pro Justitia-rapporten op zorgvuldige wijze tot stand zijn gekomen en dat de conclusies van het gedragskundig onderzoek worden gedragen door een deugdelijke en inzichtelijk gemotiveerde onderbouwing.

De rechtbank neemt de conclusies van de deskundigen over wat betreft de bij de verdachte aanwezige stoornissen en de toerekenbaarheid van de verdachte. De rechtbank rekent de bewezenverklaarde feiten in verminderde mate aan de verdachte toe. Zij zal hiermee rekening houden bij het bepalen van de op te leggen straf.

Geen toepassing van het jeugdstrafrecht

De rechtbank kan – ten aanzien van een verdachte die ten tijde van het begaan van een strafbaar feit de leeftijd van 18 jaren, maar nog niet die van 23 jaren heeft bereikt – het jeugdstrafrecht toepassen. De verdachte was 19 en 20 jaar oud toen hij de bewezenverklaarde feiten pleegde. Het uitgangspunt is dan dat berechting plaatsvindt volgens het volwassenenstrafrecht. De vraag is of er, in afwijking van dit uitgangspunt, aanleiding is om het jeugdstrafrecht toe te passen. De rechtbank overweegt daartoe het volgende.

Uit de Pro Justitia-rapporten en het reclasseringsadvies volgt dat de verdachte over voldoende cognitieve capaciteiten beschikt, hij grotendeels zelfstandig functioneert en hij – gezien de levensfase waarin hij zich momenteel bevindt – waarschijnlijk niet (meer) zal profiteren van pedagogische beïnvloeding. Uit diezelfde stukken volgt ook dat de noodzakelijk geachte begeleiding en behandeling goed binnen het volwassenenstrafrecht kunnen worden uitgevoerd en dat de interventies die vanuit dit kader kunnen worden geboden, passender lijken om het risico op recidive te verminderen. De deskundigen adviseren om die reden om de verdachte volgens het volwassenenstrafrecht te berechten.

De rechtbank zal deze adviezen volgen, nu deze gedragen worden door een deugdelijke motivering.

Strafmodaliteit en strafmaat

Gelet op de ernst van de feiten kan naar het oordeel van de rechtbank niet worden volstaan met een lichtere of andere sanctie dan oplegging van een straf die een onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming met zich brengt. De feiten zijn te ernstig om te kunnen volstaan met een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf, zoals is bepleit door de raadsman, en evenmin met een combinatie van een dergelijke straf met de maximale taakstraf. De rechtbank heeft in dit verband meegewogen dat volgens de LOVS-oriëntatiepunten voor deze feiten een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van aanzienlijke duur als uitgangspunt geldt.

Bij het bepalen van de duur van de gevangenisstraf houdt de rechtbank er in het voordeel van de verdachte rekening mee dat hij beseft dat hij verkeerd heeft gehandeld, dat hij er blijk van heeft gegeven dat hij de ernst van het door hem aan de slachtoffers aangedane leed inziet en dat hij ter zitting oprecht berouw heeft getoond. Daarnaast heeft de verdachte de door hem gepleegde strafbare feiten bij de politie direct bekend en heeft hij zijn volledige medewerking aan het strafrechtelijke onderzoek verleend. Ook heeft hij probleeminzicht getoond en te kennen gegeven dat hij graag hulp wil bij het aanpakken van zijn problematiek. De rechtbank houdt verder rekening met de jonge leeftijd van de verdachte en – zoals reeds is overwogen – met de omstandigheid dat de bewezenverklaarde feiten niet volledig kunnen worden toegerekend. Tot slot houdt de rechtbank in strafverminderende zin rekening met de ouderdom van de zaak.

Met het voorgaande in ogenschouw genomen, zal de rechtbank een lichtere straf opleggen dan de door de officier van justitie gevorderde straf. Zij is van oordeel dat de persoonlijke omstandigheden van de verdachte zwaarder moeten meewegen en dat de straf die zij zal opleggen, de ernst van het bewezen verklaarde voldoende tot uitdrukking brengt.

Alles afwegende acht de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden, waarvan 18 maanden voorwaardelijk en met een proeftijd van 5 jaren, passend en noodzakelijk. De rechtbank zal aan het voorwaardelijke deel van die straf de door de reclassering geadviseerde voorwaarden verbinden om de verdachte ervan te weerhouden zich in de toekomst opnieuw aan strafbare feiten schuldig te maken en om te bewerkstelligen dat een oplossing wordt gevonden voor de problematiek van de verdachte. en ook zo de kans op recidive terug te dringen. De proeftijd bedraagt vijf jaren omdat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de veroordeelde wederom een misdrijf zal begaan dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen.

7. De vordering van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel

De vordering van [slachtoffer 2]

, ter terechtzitting bijgestaan door mr. J. van Meerkerk, heeft zich als benadeelde partij gevoegd in het strafproces en vordert een schadevergoeding van

€ 19.750,-, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. Dit bedrag bestaat uit € 17.750,- aan materiële schade en

€ 2.000,- aan immateriële schade.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot toewijzing van de vordering van de benadeelde partij, vermeerderd met de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich ten aanzien van de gevorderde materiële schade in verband met de opgelopen studievertraging op het standpunt gesteld dat de benadeelde partij in zoverre niet in haar vordering kan worden ontvangen, nu onderbouwing op dit punt ontbreekt. Ten aanzien van de gevorderde immateriële schade heeft de verdediging verzocht om aansluiting te zoeken bij de hoogte van vergoedingen die in soortgelijke zaken zijn toegewezen.

Het oordeel van de rechtbank

Materiële schade

De benadeelde partij heeft vergoeding van materiële schade gevorderd wegens opgelopen studievertraging. De rechtbank is van oordeel dat een afdoende onderbouwing van deze schade ontbreekt. De overgelegde cijferlijsten zijn – mede gelet op de betwisting van de vordering door de verdediging – naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende om tot de conclusie te komen dat de studievertraging (volledig) het rechtstreekse gevolg is van het bewezenverklaarde. Nader onderzoek naar het precieze verband tussen de feiten en deze gevolgen is noodzakelijk en een dergelijk onderzoek zou een onevenredige belasting van de afhandeling van de strafzaak opleveren.

De rechtbank zal de benadeelde partij daarom niet-ontvankelijk verklaren in de vordering, voor zover die vordering betrekking heeft op materiële schade. De benadeelde partij kan dat deel van de vordering nog bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

Immateriële schade

Op grond van het dossier en het onderzoek ter terechtzitting is naar het oordeel van de rechtbank aannemelijk geworden dat de benadeelde partij rechtstreeks immateriële schade heeft geleden door het bewezen verklaarde feit, in de vorm van psychisch letsel, hetgeen door de verdediging ook niet wordt betwist.

Uit de toelichting op de vordering blijkt dat het bewezenverklaarde feit tot op heden een forse impact heeft op de benadeelde partij. Zo heeft het feit veel angst, schaamte en stress bij haar veroorzaakt. Gelet op de ernst van de inbreuk op de lichamelijke en geestelijke integriteit van de benadeelde partij en de onderbouwing van de vordering, komt de rechtbank het gevorderde bedrag van € 2.000,- zonder meer billijk voor.

Conclusie

De rechtbank zal - gelet op het voorgaande - de vordering toewijzen tot een bedrag van

€ 2.000,-, bestaande uit immateriële schade, en de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk verklaren in de vordering.

Wettelijke rente

De rechtbank zal de gevorderde wettelijke rente toewijzen met ingang van 18 april 2022, zijnde einddatum van de bewezen verklaarde pleegperiode (16-18 april 2022) ten aanzien van de benadeelde partij.

Proceskostenveroordeling

Nu de vordering gedeeltelijk wordt toegewezen, zal de verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij tot aan deze uitspraak in verband met de vordering heeft gemaakt. De rechtbank begroot deze kosten tot op heden op nihil. Daarnaast wordt de verdachte veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog moet maken.

Schadevergoedingsmaatregel

Nu de verdachte ten opzichte van het slachtoffer naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het onder 2 bewezenverklaarde strafbare feit is toegebracht en de verdachte voor dit feit zal worden veroordeeld, zal de rechtbank aan de verdachte de verplichting opleggen tot betaling aan de Staat van een bedrag € 2.000,-, vermeerderd met de gevorderde wettelijke rente daarover vanaf 18 april 2022 tot aan de dag waarop deze vordering is voldaan, ten behoeve van het slachtoffer genaamd [slachtoffer 2] .

De vordering van [slachtoffer 4]

, ter terechtzitting bijgestaan door mr. R. Goedhart, heeft zich als benadeelde partij gevoegd in het strafproces en vordert een schadevergoeding van

€ 2.500,-, aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot toewijzing van de vordering van de benadeelde partij, vermeerderd met de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich ten op het standpunt gesteld dat de gevorderde schade, gelet op de zaak waarbij namens de benadeelde partij aansluiting wordt gezocht, aan de hoge kant is en moet worden gematigd.

Het oordeel van de rechtbank

Immateriële schade

Op grond van het dossier en het onderzoek ter terechtzitting is naar het oordeel van de rechtbank aannemelijk geworden dat de benadeelde partij rechtstreeks immateriële schade heeft geleden door het bewezen verklaarde feit, in de vorm van psychisch letsel, hetgeen door de verdediging ook niet wordt betwist. Uit de toelichting op de vordering blijkt dat het bewezenverklaarde feit tot op heden een forse impact heeft op de benadeelde partij. Zo kampt zij als gevolg van de gebeurtenissen met psychische klachten, slaap- en concentratieproblemen.

Gelet op de ernst van de inbreuk op de lichamelijke en geestelijke integriteit van de benadeelde partij en de onderbouwing van de vordering komt de rechtbank het gevorderde bedrag van € 2.500,- zonder meer billijk voor. Daarbij houdt de rechtbank rekening met het feit dat er in dit geval sprake is van een pleegperiode die langer is dan de pleegperiode betreffende slachtoffer [slachtoffer 2] .

Wettelijke rente

De rechtbank zal de gevorderde wettelijke rente toewijzen met ingang van 14 juli 2022, zijnde einddatum van de bewezen verklaarde pleegperiode (4-14 juli 2022) ten aanzien van de benadeelde partij.

Proceskostenveroordeling

Nu de vordering wordt toegewezen, zal de verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij tot aan deze uitspraak in verband met de vordering heeft gemaakt. De rechtbank begroot deze kosten tot op heden op nihil. Daarnaast wordt de verdachte veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog moet maken.

Schadevergoedingsmaatregel

Nu de verdachte ten opzichte van het slachtoffer naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het bewezenverklaarde strafbare feit is toegebracht en de verdachte voor dit feit zal worden veroordeeld, zal de rechtbank aan de verdachte de verplichting opleggen tot betaling aan de Staat van een bedrag € 2.500,-, vermeerderd met de gevorderde wettelijke rente daarover vanaf 14 juli 2022 tot aan de dag waarop deze vordering is voldaan, ten behoeve van het slachtoffer genaamd [slachtoffer 4] .

8. De inbeslaggenomen voorwerpen

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd de in beslag genomen telefoon verbeurd te verklaren.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft te kennen gegeven dat de verdachte reeds afstand heeft gedaan van de in beslag genomen telefoon.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank zal de telefoon op de beslaglijst onttrekken aan het verkeer. Dit voorwerp is voor onttrekking aan het verkeer vatbaar, aangezien met dit voorwerp de bewezenverklaarde feiten zijn begaan en dit voorwerp van zodanige aard is dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of met het algemeen belang. Het verwijderen van kinderpornografisch en dierenpornografisch materiaal van een telefoon geeft geen zekerheid dat het illegale materiaal definitief is verwijderd en niet meer kan worden teruggehaald. De enige manier om dit te voorkomen is de gehele telefoon te onttrekken aan het verkeer en te vernietigen.

9. De toepasselijke wetsartikelen

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen:

- 14a, 14b, 14c, 24a, 36b, 36c, 36f, 57, 240b, 245 en 254a van het Wetboek van Strafrecht;

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak rechtens gelden.

10. De beslissing

De rechtbank:

verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de onder 1 primair, 2 en 3 ten laste gelegde feiten heeft begaan, zoals hierboven onder 3.6 bewezen is verklaard;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en dat het bewezen verklaarde uitmaakt:

ten aanzien van feit 1:

met iemand, die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd;

ten aanzien van feit 2:

een afbeelding en een gegevensdrager, bevattende een afbeelding, van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, verspreiden, aanbieden, vervaardigen, in bezit hebben en zich door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang daartoe verschaffen, terwijl van het plegen van dit misdrijf een gewoonte wordt gemaakt;

ten aanzien van feit 3:

een afbeelding en een gegevensdrager, bevattende een afbeelding, van een ontuchtige handeling, waarbij een mens en een dier zijn betrokken of schijnbaar zijn betrokken, in bezit hebben, meermalen gepleegd;

verklaart de verdachte daarvoor strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot:

een gevangenisstraf voor de duur van 24 (VIERENTWINTIG) MAANDEN;

bepaalt dat een gedeelte van die straf, groot 18 (ACHTTIEN) MAANDEN, niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op vijf jaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

en onder de bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde:

1. zich gedurende de proeftijd meldt bij GGZ Reclassering Fivoor, Perzikweg 1-7 te Leiden, op door de reclassering te bepalen tijdstippen, zo frequent en zolang deze de reclassering dat noodzakelijk acht;

2. zich onder behandeling stelt van De Waag, Fivoor Ambulant Centrum of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, op de tijden en plaatsen als door of namens die zorginstelling aan te geven. De behandeling duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt;

3. gedurende de proeftijd meewerkt aan controle van het gebruik van alcohol en drugs om het middelengebruik te beheersen. De reclassering kan urineonderzoek en ademonderzoek (blaastest) gebruiken voor de controle. De reclassering bepaalt hoe vaak de veroordeelde wordt gecontroleerd;

4. op geen enkele wijze contact zoekt met minderjarige meisjes. De veroordeelde vermijdt deze contacten zoveel mogelijk. Als contacten onvermijdelijk zijn, zorgt de veroordeelde dat zijn ouders en/of zus en/of collega's en/of docenten hierbij aanwezig zijn;

5. zich gedurende de proeftijd op welke wijze dan ook onthoudt van:

Het toezicht op de naleving van voornoemde onderdelen (gedachtestreepjes 1 tot en met 3) beperkt zich tot geautomatiseerde controles van digitale apparaten (zoals computers, smart devices, USB-sticks, SD-kaarten, externe harde schijven) waarop bestanden kunnen worden opgeslagen en/of waarmee internet kan worden benaderd en die de veroordeelde in gebruik heeft. De veroordeelde werkt mee aan deze controles tijdens (on)aangekondigde huisbezoeken en verschaft toegang tot alle aanwezige digitale apparaten die hij in gebruik heeft. Hieronder wordt begrepen het verstrekken van wachtwoorden, codes of andere wijzen van ontgrendeling of ontsluiting zoals vingerafdrukken, die nodig zijn voor toegang. Op verzoek past de veroordeelde de instellingen zodanig aan dat controle mogelijk is. De wijzigingen mogen niet leiden tot definitieve wijzigingen aan het apparaat en worden aan het einde van de controle weer teruggezet.

De controles worden uitgevoerd door de reclassering. Indien en voor zover noodzakelijk mag de reclassering voor ondersteuning op technisch en digitaal gebied een specialist, niet zijnde een opsporingsambtenaar meenemen.

De controles mogen maximaal (circa) zes keer per jaar worden uitgevoerd, waarbij de persoonlijke levenssfeer van de veroordeelde zoveel mogelijk wordt geëerbiedigd. De controles strekken er in het bijzonder niet toe een min of meer volledig beeld te krijgen van het persoonlijke leven van de veroordeelde;

geeft opdracht aan GGZ Fivoor Den Haag tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;

voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd:

de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2]

wijst de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [slachtoffer 2] gedeeltelijk toe en veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij, [slachtoffer 2] , van een bedrag van € 2.000,-, bestaande uit immateriële schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 18 april 2022 tot aan de dag der algehele voldoening;

veroordeelt verdachte tevens in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot heden begroot op nihil, en in de proceskosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken;

verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de benadeelde partij de vordering in zoverre slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 4]

wijst de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [slachtoffer 4] toe en veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij, [slachtoffer 4] , van een bedrag van € 2.500,-, bestaande uit immateriële schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 14 juli 2022 tot aan de dag der algehele voldoening;

veroordeelt verdachte tevens in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot heden begroot op nihil, en in de proceskosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken;

de schadevergoedingsmaatregelen;

legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat te betalen een bedrag van € 2.000,-, vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf 18 april 2022 tot aan de dag dat dit bedrag is betaald, ten behoeve van [slachtoffer 2] ;

legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat te betalen een bedrag van € 2.500,-, vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf 14 juli 2022 tot aan de dag dat dit bedrag is betaald, ten behoeve van [slachtoffer 4] ;

bepaalt dat als het verschuldigde bedrag van € 2.000,- ten behoeve van [slachtoffer 2] niet volledig wordt betaald of kan worden verhaald, gijzeling kan worden toegepast voor de duur van 20 dagen;

bepaalt dat als het verschuldigde bedrag van € 2.500,- ten behoeve van [slachtoffer 4] niet volledig wordt betaald of kan worden verhaald, gijzeling kan worden toegepast voor de duur van 25 dagen;

bepaalt dat gehele of gedeeltelijke betaling van het verschuldigde bedrag aan de betreffende benadeelde partij de betalingsverplichting aan de Staat ten aanzien van die benadeelde partij in zoverre doet vervallen, en dat gehele of gedeeltelijke betaling van het verschuldigde bedrag aan de Staat ten behoeve van de benadeelde partij de betalingsverplichting aan die benadeelde partij in zoverre doet vervallen;

de inbeslaggenomen goederen;

onttrekt aan het verkeer het op de beslaglijst onder 1 genoemde voorwerp, te weten:

1. STK Telefoontoestel

(Omschrijving: Telefoon bevat

kinderporno, Zwart, merk: Samsung)

Voorwerpnummer 2937330.

Dit vonnis is gewezen door

mr. E. Rabbie, voorzitter,

mr. J.E. Bierling, rechter,

mr. M.M. Dolman, rechter,

in tegenwoordigheid van

mr. E.D.C. Donker Ladrón de Guevara, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 19 februari 2026.

Bijlage I

Tekst tenlastelegging

1

hij in of omstreeks de periode van 24 januari 2022 tot en met 28 januari 2022, te Ouderkerk aan den IJssel, althans in Nederland, met [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum 2] 2008, die toen de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, een of meer handelingen heeft gepleegd, door die [slachtoffer 1] een of meer ontuchtige handelingen te laten verrichten, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1] , te weten het een of meermalen:

- via Snapchat en/of de telefoon voeren van (seksueel geladen of prikkelende) chatgesprekken met die [slachtoffer 1] ,

- via Snapchat en/of de telefoon geven van opdrachten en/of het instrueren van die [slachtoffer 1] met betrekking tot het aannemen van een of meer (seksueel getinte)

poses en/of het verrichten van een of meer ontuchtige handelingen, die mede bestonden uit het:

a. a) tonen van haar naakte lichaam (waarbij de nadruk ligt op de ontblote geslachtsdelen, billen en/of borsten),

b) tonen van haar (ontblote) vagina en/of anus,

c) betasten van en opzij duwen van haar schaamlippen en/of betasten tussen haar schaamlippen,

d) duwen en/of brengen van een vinger in haar vagina en/of anus en/of op een neergaande bewegingen te maken met die vinger, en/of

e) (vervolgens) haar vinger in haar mond te steken en/of af te likken,

- het door die [slachtoffer 1] laten maken van foto’s en video’s en filmpjes van zichzelf,

terwijl die [slachtoffer 1] in voornoemde (seksueel getinte) poses stond en/of voornoemde ontuchtige handelingen te verrichten en/of

- de door die [slachtoffer 1] gemaakte foto’s en/of video’s en/of filmpjes op zijn, verdachte, verzoek naar hem, verdachte, laten sturen;

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij in of omstreeks de periode van 24 januari 2022 tot en met 28 januari 2022, te Ouderkerk aan den IJssel, althans in Nederland, met [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum 2] 2008, die toen de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, een of meer handelingen heeft gepleegd, door die [slachtoffer 1] een of meer ontuchtige handelingen te laten verrichten, te weten het een of meermalen:

- via Snapchat en/of de telefoon voeren van (seksueel geladen of prikkelende) chatgesprekken met die [slachtoffer 1] ,

- via Snapchat en/of de telefoon geven van opdrachten en/of het instrueren van die [slachtoffer 1] met betrekking tot het aannemen van een of meer (seksueel getinte) poses en/of het verrichten van een of meer ontuchtige handelingen, die mede bestonden uit het:

a. a) tonen van haar naakte lichaam (waarbij de nadruk ligt op de ontblote geslachtsdelen, billen en/of borsten),

b) tonen van haar (ontblote) vagina en/of anus,

c) betasten van en opzij duwen van haar schaamlippen en/of betasten tussen haar schaamlippen,

d) duwen en/of brengen van een vinger in haar vagina en/of anus en/of op een neergaande bewegingen te maken met die vinger, en/of

e) (vervolgens) haar vinger in haar mond te steken en/of af te likken,

- het door die [slachtoffer 1] laten maken van foto’s en video’s en filmpjes van zichzelf,

terwijl die [slachtoffer 1] in voornoemde (seksueel getinte) poses stond en/of voornoemde ontuchtige handelingen te verrichten en/of

- de door die [slachtoffer 1] gemaakte foto’s en/of video’s en/of filmpjes op zijn, verdachte, verzoek naar hem, verdachte, laten sturen;

meer subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of

zou kunnen leiden:

hij in of omstreeks de periode van 24 januari 2022 tot en met 28 januari 2022, te Ouderkerk aan den IJssel, althans in Nederland, door giften of beloften van geld of goed of misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht of door misleiding, te weten,

het onder de valse naam [valse naam] via Snapchat contact leggen en onderhouden met die toen 13 jarige, althans veel jongere dan hij, verdachte, [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 1] in die contacten, onder meer door het geven van complimenten en/of het voeren van (seksueel) intieme gesprekken, aan te moedigen en/over te halen en/of instructie(s) te geven tot het bij haarzelf verrichten van seksuele en/of ontuchtige handelingen (ter bevrediging van zijn, verdachtes, behoefte of lust), die [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum 2] 2008, die de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, opzettelijk heeft bewogen tot het plegen en/of dulden van ontuchtige handelingen van verdachte, te weten het een of meermalen:

- tonen van haar naakte lichaam (waarbij de nadruk ligt op de ontblote geslachtsdelen, billen en/of borsten),

- tonen van haar (ontblote) vagina en/of anus,

- betasten van en opzij duwen van haar schaamlippen en/of betasten tussen haar schaamlippen,

- duwen en/of brengen van een vinger in haar vagina en/of anus en/of op een neergaande bewegingen te maken met die vinger, en/of

- ( vervolgens) haar vinger in haar mond te steken en/of af te likken,

van welke handelingen (door die [slachtoffer 1] ) foto’s en/of video’s en/of films zijn gemaakt die ter kennis van hem, verdachte, zijn gekomen middels Snapchat, in elk geval via een soortgelijk medium;

2

hij (op een of meer tijdstippen) in of omstreeks de periode van 8 april 2022 tot en met 11 april 2023 te Ouderkerk aan den IJssel, althans in Nederland, een of meermalen (telkens),

- afbeeldingen, te weten foto’s en/of video’s en/of

- een gegevensdrager, te weten een mobiele telefoon (Samsung A525) bevattende afbeeldingen,

bevattende seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijke de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, waaronder [slachtoffer 2] (geboren op [geboortedatum 3] 2007) en/of [slachtoffer 3] (geboren op [geboortedatum 4] 2009) en/of [slachtoffer 5] (geboren [geboortedatum 5] 2009) en/of [slachtoffer 4] (geboren [geboortedatum 6] 2009),

heeft verspreid, aangeboden, vervaardigd, verworven, in bezit heeft gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft, welke seksuele gedragingen – zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het met de/een penis en/of (eigen) vinger en/of verschillende voorwerpen, zoals

een dildo, oraal en/of vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een

persoon die kennelijk die leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

(proces-verbaal pagina 138, afbeelding 001 en/of 002)

en/of

het met de hand(en) en/of penis en/of tong en/of voorwerpen, zoals een dildo, betasten en/of aanraken van het (eigen) geslachtsdeel, van een persoon en/of door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet had bereikt

(proces-verbaal pagina 138, 139 en/of 149, afbeelding 003 en/of 004)

en/of

het door een dier likken, betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel, van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet had bereikt

(proces-verbaal pagina 139, afbeelding 005)

en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk

de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of opgemaakt is en/of poseert in een omgeving en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij zijn/haar leeftijd past/passen en/of door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de borsten en/of billen van deze persoon in beeld gebracht worden, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt

tot seksuele prikkeling

(proces-verbaal pagina 139, afbeelding 006 en/of 007)

en/of

het op het gezicht en/of lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet had bereikt, een op sperma gelijkende substantie zichtbaar is, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

(proces-verbaal pagina 139, afbeelding 008)

(Noa Iris Bussum)

het met vinger(s) betasten en/of aanraken en/of vaginaal penetreren van het eigen geslachtsdeel van/door Noa Iris Bussum, te weten een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet had bereikt, en/of het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren, waarbij die Bussum poseert in een omgeving en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij haar leeftijd past en/of door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose van die Bussum nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, in beeld gebracht worden, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft

en/of strekt tot seksuele prikkeling

(proces-verbaal pagina 140 en/of 187-188, afbeelding 010 en/of 011)

( [slachtoffer 3] )

het met vinger(s) en/of een voorwerp, zoals een haarborstel, vaginaal penetreren van het eigen geslachtsdeel en/of het betasten van een borst van/door [slachtoffer 3] , te weten een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet had bereikt, en/of het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren, waarbij die [slachtoffer 3] poseert in een omgeving en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij haar leeftijd past en/of door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose van die [slachtoffer 3] nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel en/of billen en/of borst in beeld gebracht worden, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

(proces-verbaal pagina 140 en/of 206-207, afbeelding 012 en/of 013)

( [slachtoffer 5] )

het met vinger(s) betasten en/of aanraken en/of vaginaal penetreren van het eigen geslachtsdeel van/door [slachtoffer 5] , te weten een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet had bereikt, en/of het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren, waarbij die [slachtoffer 5] poseert in een omgeving en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij haar leeftijd past en/of door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose van die [slachtoffer 5] nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel en/of billen en/of anus, in beeld

gebracht worden, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

(proces-verbaal pagina 141 en/of 224-227, afbeelding 014 en/of 015)

( [slachtoffer 4] )

het met vinger(s) en/of een voorwerp, zoals een deodorant fles, vaginaal penetreren van het eigen geslachtsdeel en/of het betasten van een borst van/door [slachtoffer 4] , te weten een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet had bereikt, en/of het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren, waarbij die [slachtoffer 4] poseert in een omgeving en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij haar leeftijd past en/of door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose van die [slachtoffer 4] nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel en/of borsten en/of billen en/of anus in beeld gebracht worden,

(waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft

en/of strekt tot seksuele prikkeling

(proces-verbaal pagina 140 en/of 234-235, afbeelding 016 en/of 017)

en hij aldus van het plegen van dit misdrijf een gewoonte heeft gemaakt;

3

hij in of omstreeks de periode van 21 januari 2023 tot en met 11 april 2023 te Ouderkerk aan den IJssel, althans in Nederland, een of meermalen (telkens)

- afbeeldingen, te weten foto’s en of video’s

- een gegevensdrager, te weten een mobiele telefoon (Samsung A525) bevattende afbeeldingen,

in bezit heeft gehad,

terwijl op die afbeelding(en) (een) seksuele handeling(en) zichtbaar is/zijn, waarbij

(telkens) een mens en een dier (schijnbaar) is/zijn betrokken, welke voornoemde seksuele handeling(en) (zakelijk weergegeven) bestond(en) uit:

het door een dier (te weten kat en/of hond) likken en/of betasten en/of aanraken

van het geslachtsdeel van een volwassen persoon en/of

het door een dier (te weten een hond) vaginaal penetreren van een volwassen persoon en/of

het vasthouden van een (stijve) penis van een dier (te weten een paard) door een volwassen persoon, waarbij op het gezicht sperma gelijkende substantie zichtbaar is;

(proces-verbaal pagina 139, afbeelding 009)

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?