ECLI:NL:RBDHA:2026:3650

ECLI:NL:RBDHA:2026:3650

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 18-02-2026
Datum publicatie 24-02-2026
Zaaknummer NL25.50231
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Dublin, Zwitserland, interstatelijk vertrouwensbeginsel, medische situatie, C.K., Tarakhel, vrees voor veiligheidsproblemen, ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam eiseres] , V-nummer: [V-nummer] , eiseres

de minister van Asiel en Migratie, verweerder

Zittingsplaats Rotterdam

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.50231

(gemachtigde: mr. W.J. Rohlof),

en

(gemachtigde: mr. J. Visschers)

Procesverloop

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen het niet in behandeling nemen van haar aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Verweerder heeft de aanvraag met het bestreden besluit van 14 november 2025 niet in behandeling genomen omdat Zwitserland verantwoordelijk is voor de aanvraag.

De rechtbank heeft het beroep, samen met het verzoek om een voorlopige voorziening (NL25.50232), op 12 februari 2025 op zitting behandeld. Eiseres en haar gemachtigde zijn verschenen. Als tolk is verschenen B. Epozdemir. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Op 12 februari 2026 heeft eiseres na zitting aanvullende informatie en een bijlage ingediend. De rechtbank had het onderzoek voor de indiening van deze aanvullende informatie al gesloten en zal deze stukken daarom niet in behandeling nemen. De stukken zijn te laat ingediend en blijven dus buiten beschouwing bij de beoordeling van het beroep van eiseres.

Overwegingen

Inleiding

2. Eiseres heeft de Turkse nationaliteit en is geboren op [geboortedatum] 1991. Zij heeft haar asielaanvraag in Nederland op 1 juli 2025 ingediend.

Op 20 augustus 2025 heeft Nederland aan Zwitserland verzocht om eiseres terug te nemen op grond van artikel 18, eerste lid, onder d, van Verordening (EU) nr. 604/2013 (Dublinverordening). Zwitserland heeft dit verzoek op 21 augustus 2025 aanvaard.

Het bestreden besluit

3. Met het bestreden besluit heeft verweerder de asielaanvraag van eiseres met toepassing van artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) niet in behandeling genomen, omdat Zwitserland op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Verweerder stelt zich op het standpunt dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij bij overdracht aan Zwitserland een reëel risico loopt op een met artikel 4 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (Handvest) strijdige behandeling. Ook heeft eiseres volgens verweerder geen andere redenen aannemelijk gemaakt die aanleiding geven om haar asielaanvraag in Nederland in behandeling te nemen.

Beroepsgronden

4. Eiseres voert allereerst, onder verwijzing naar de uitspraak van rechtbank Den Haag van 10 december 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:20680, aan dat verweerder de aangedragen feiten en omstandigheden in onderlinge samenhang moet beoordelen en daarbij dient te wegen of de overdracht van onevenredige hardheid getuigt. Eiseres is van mening dat verweerder dat niet heeft gedaan door enkel naar het interstatelijk vertrouwensbeginsel te verwijzen. De feiten en omstandigheden van eiseres zijn indrukwekkend. Eiseres heeft baarmoederhalskanker en haar recht op opvang of medische bijstand is afgewezen toen haar asielaanvraag is afgewezen in Zwitserland. De laatste operatie in Zwitserland zou daarom niet meer zijn doorgegaan. Zonder aanvullende garanties zal eiseres dus niet de nodige zorg en opvangvoorzieningen krijgen in Zwitserland. Ter onderbouwing verwijst eiseres naar een brief waarin een nieuwe vertrektermijn uit Zwitserland is vastgesteld. Omdat eiseres in Zwitserland geen medische zorg zal ontvangen zullen haar gezondheidstoestand en haar psychische toestand verslechteren. Eiseres beroept zich op het arrest C.K. van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 16 februari 2017 (ECLI:EU:C:2017:127). De familie van eiseres heeft haar in Zwitserland gelokaliseerd, eiseres wordt door hen bedreigd. In Zwitserland is ook een posttraumatische stoornis bij eiseres vastgesteld. Daarbij werd eiseres in de opvang in Zwitserland lastiggevallen door mannen. In Nederland heeft eiseres een behandeling nodig voor haar psychische klachten. In het ziekenhuis is ook geconcludeerd dat haar kanker is uitgezaaid. Aanvullend heeft eiseres erop gewezen dat er een code rood is afgegeven tot zes weken na 24 oktober 2025, omdat eiseres stond ingepland voor een operatie wegens haar baarmoederhalskanker. Bij de aanvullende gronden van 3 november 2025 heeft eiseres een uitdraai van haar meest recente medische dossier bijgevoegd. In de aanvullende beroepsgronden van 10 februari 2026 heeft eiseres twee medische journalen overgelegd die zien op haar PTSS en endometriumca. Ook heeft eiseres een brief van de gynaecoloog overgelegd. Eiseres voert aan dat zij in Zwitserland alleen recht heeft op noodhulp, haar medische trajecten vallen hier niet onder. Ter zitting heeft eiseres gesteld dat met de beroepsgrond dat in Zwitserland sprake is van een systeemfout omdat tegen een vreemdeling die in een actief behandeltraject zit geen verwijderingsbevel uitgevaardigd kan worden, niet ziet op het interstatelijk vertrouwensbeginsel maar is aangevoerd in het kader van haar beroep op artikel 17 van de Dublinverordening.

Beoordeling van het beroep

5. Niet in geschil is dat Zwitserland verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag van eiseres. Verweerder stelt zich daarbij terecht op het standpunt dat ten aanzien van Zwitserland mag worden uitgegaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) heeft dit onder meer bekrachtigd in de uitspraak van 24 januari 2025 (ECLI:NL:RVS:2025:265), waarin de uitspraak van rechtbank Den Haag, zittingsplaats ‘s-Hertogenbosch van 13 januari 2025 (ECLI:NL:RBDHA:2025:10833) wordt bevestigd en in de uitspraak van de Afdeling van 10 oktober 2025 (ECLI:NL:RVS:2025:4864), waarin de uitspraak van rechtbank Den Haag, zittingsplaats Roermond (ECLI:NL:RBLIM:2025:8281) wordt bevestigd. Daarin is ook het meest recente AIDA rapport ten aanzien van Zwitserland betrokken, waarop eiseres ter zitting heeft gewezen.

Uit de uitspraak van de Afdeling van 25 februari 2025, ECLI:NL:RVS:2025:717, volgt dat verweerder omstandigheden die hij al heeft beoordeeld onder het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet ook onder de bijzondere individuele omstandigheden hoeft te beoordelen. Het gaat daarbij om bijvoorbeeld eerdere ervaringen van de vreemdeling met de behandeling die zij heeft ondergaan in een lidstaat of een gebrek aan toegang tot zorg in een lidstaat. Verweerder heeft de aangedragen feiten en omstandigheden in onderlinge samenhang beoordeeld en heeft ook gemotiveerd waarom hij geen aanleiding ziet op gebruik te maken van zijn discretionaire bevoegdheid.

Medische situatie

Uit het arrest C.K. volgt dat het aan eiseres is om met medische stukken aan te tonen dat haar overdracht een aanzienlijke en onomkeerbare achteruitgang van haar medische situatie inhoudt. Het is dus aan eiseres om met objectieve gegevens de bijzondere ernst van haar gezondheidstoestand en ook de aanzienlijke en onomkeerbare gevolgen daarvoor van een overdracht aan te tonen. Indien eiseres deze gegevens heeft overgelegd, dient verweerder het risico op een dergelijke verslechtering van de gezondheidstoestand te laten onderzoeken door het BMA, zo volgt uit verweerders eigen Werkinstructie 2021/3. Eiseres heeft verklaard dat in Zwitserland baarmoederhalskanker bij haar gediagnostiseerd is. Zij is hier in Zwitserland ook tweemaal voor geopereerd. Bij de zienswijze heeft eiseres een bevestiging van een afspraak bij de Polikliniek Gynaecologie op 8 oktober 2025 en een overzicht van in Zwitserland voorgeschreven medicatie in verband met PTSS overgelegd. Verweerder heeft zich in het besluit op het standpunt kunnen stellen dat uit de overgelegde stukken niet blijkt dat overdracht een aanzienlijke en onomkeerbare verslechtering van haar gezondheidstoestand als gevolg van de feitelijke overdracht aan Zwitserland betekent.

Eiseres heeft in beroep haar medisch dossier overgelegd en een brief van het Zaans Medisch Centrum. Uit het medisch dossier volgt dat eiseres een posttraumatische stoornis heeft en dat de huisarts op 24 oktober 2025 een code rood heeft afgegeven voor eiseres om overgeplaatst te worden, omdat zij ingepland stond voor een operatie. In de brief van het Zaans Medisch Centrum van 2 december 2025 staat dat eiseres op 1 december 2025 een operatie heeft ondergaan, twee weken later de telefonisch uitslag zal krijgen en zes weken later een nacontrole bij de operateur zal krijgen. Inmiddels is die periode van zes weken verstreken en uit de brief van de gynaecoloog volgt dat de operatie heel goed is gegaan. Eiseres zal de komende drie jaar onder controle blijven met vier afspraken. Uit het journaal van de PTSS van 10 februari 2026 volgt dat eiseres geen suïcidale uitingen/plannen heeft. Uit de stukken volgt weliswaar dat sprake is van ernstige medische problematiek, maar eiseres heeft hiermee niet aannemelijk gemaakt dat een overdracht zal leiden tot een reëel en bewezen risico op een aanzienlijke en onomkeerbare achteruitgang van haar medische situatie. Verweerder mag er daarom van uitgaan dat zich bij overdracht aan Zwitserland geen ernstige problemen zullen voordoen en heeft naar het oordeel van de rechtbank dan ook geen aanleiding hoeven zien voor het opstarten van een onderzoek door het BMA.

Gelet op het interstatelijk vertrouwensbeginsel mag verweerder er van uitgaan dat de medische zorg en eventuele medicijnen die eiseres nodig heeft in Zwitserland beschikbaar zijn. Verweerder kan op grond van artikel 32 van de Dublinverordening met toestemming van eiseres haar medische gegevens uitwisselen met de Zwitserse autoriteiten, waarmee zij voor de overdracht worden geïnformeerd over haar medische behoeften.

Voor zover eiseres zich beroept op het arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens van 4 november 2014, ECLI:CE:ECHR:2014:1104JUD002921712, Tarakhel tegen Zwitserland), slaagt dit ook niet. Er is namelijk niet gebleken dat eiseres moet worden aangemerkt als een bijzonder kwetsbare asielzoeker in de zin van het arrest Tarakhel.

De rechtbank is van oordeel dat verweerder zich niet ten onrechte op het standpunt stelt dat wat eiseres naar voren heeft gebracht ten aanzien van haar medische situatie, niet gekwalificeerd kan worden als een bijzondere individuele omstandigheid in de zin van artikel 17 van de Dublinverordening. Dat eiseres, naar zij stelt, in Zwitserland slechts noodhulp zal kunnen krijgen maakt niet dat verweerder de asielaanvraag aan zich had dienen te trekken. Verweerder heeft terecht ter zitting opgemerkt dat uit de medische stukken die eiseres heeft overgelegd niet volgt dat noodhulp niet toereikend zal zijn. Eiseres kan bij voorkomende problemen, in de zorg, ten aanzien van het verkrijgen van noodhulp, in de opvang, of anderszins, klagen bij de (hogere) Zwitserse autoriteiten. Niet is gebleken dat eiseres die mogelijkheid niet heeft of dat de autoriteiten van Zwitserland haar niet kunnen of willen helpen. Uit haar verklaringen tijdens het aanmeldgehoor volgt ook niet dat zij bij de Zwitserse autoriteiten heeft geklaagd toen zij een verwijderingsbevel kreeg terwijl zij in afwachting was van een operatie.

Vrees voor veiligheidsproblemen

Eiseres vreest na de overdracht in Zwitserland voor haar familie, die haar bedreigt. De rechtbank is van oordeel dat verweerder hierin geen bijzondere, individuele omstandigheid heeft hoeven zien die maakt dat de overdracht van eiseres aan Zwitserland van een onevenredige hardheid getuigt. Als eiseres vreest voor veiligheidsproblemen op het grondgebied van Zwitserland, mag van eiseres namelijk worden verwacht dat zij daarvoor hulp of bescherming vraagt aan de Zwitserse (desnoods hogere) autoriteiten. Verweerder gaat er, op grond van het interstatelijk vertrouwensbeginsel, terecht van uit dat de Zwitserse autoriteiten eiseres, als zij daarom vraagt, kunnen en willen beschermen tegen veiligheidsproblemen in Zwitserland. Eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat de Zwitserse autoriteiten haar niet willen of kunnen beschermen tegen de door haar gevreesde bedreigingen. Eiseres heeft in het aanmeldgehoor verklaard niet bij de Zwitserse politie of hogere autoriteiten hulp of bescherming gevraagd voor haar veiligheidsproblemen en heeft ook geen landeninformatie ingebracht waaruit blijkt dat de Zwitserse autoriteiten asielzoekers niet effectief kunnen beschermen tegen veiligheidsproblemen.

Conclusie en gevolgen

7. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat het bestreden besluit in stand blijft. Eiseres krijgt geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. L.E.M. Wilbers-Taselaar, rechter, in aanwezigheid van mr. J. Dommerholt, griffier.

De beslissing is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak op het beroep, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. L.E.M. Wilbers-Taselaar

Griffier

  • mr. J. Dommerholt

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?