ECLI:NL:RBDHA:2026:4108

ECLI:NL:RBDHA:2026:4108

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 26-02-2026
Datum publicatie 02-03-2026
Zaaknummer NL25.40976
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Middelburg

Samenvatting

Asiel, leeftijd, politieke activiteiten en band met oom, beroep ongegrond

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser

de minister van Asiel en Migratie, verweerder

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.40976

V-nummer: [V-nummer] ,

(gemachtigde: mr. A.A. van Harmelen),

en

(gemachtigde: mr. N. Joseph).

Procesverloop

Met het besluit van 25 augustus 2025 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiser afgewezen als kennelijk ongegrond.

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.

De rechtbank heeft het beroep op 19 februari 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser, mr. E.A.M. Verstelle, waarnemer van de gemachtigde van eiser, [naam 1] als tolk en de gemachtigde van verweerder.

Beoordeling door de rechtbank

Het asielrelaas

1. Eiser stelt te zijn geboren op [geboortedag] 2006 en de Sierra Leoonse nationaliteit te hebben. Op 23 september 2023 heeft eiser een asielaanvraag ingediend. Hieraan legt hij ten grondslag dat hij vervolging vreest vanwege het voeren van campagne in 2018 voor [de oom] , die een bekend politicus is en lid is van de partij APC (APC) . Verder heeft hij vernielingen aangericht bij het huis van de opponent van zijn oom, waarbij het kind van de opponent ook gewond zou zijn geraakt. Ook heeft hij deelgenomen aan een demonstratie in 2022 . Hij stelt dat hij hieraan heeft deelgenomen om zijn oom te steunen, nadat hij uit het ambt werd gezet, hoewel hij de verkiezingen voor een parlementszetel had gewonnen.

Het bestreden besluit

2. Verweerder heeft de asielaanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond. Eisers nationaliteit en herkomst zijn geloofwaardig geacht, maar de identiteit is slechts deels geloofwaardig geacht. De opgegeven leeftijd van eiser wordt niet gevolgd. Op basis van een schouw is namelijk geconcludeerd dat eiser evident meerderjarig is. De geboorteakte en het schoolpasje kunnen niet op echtheid worden onderzocht, nu het kopieën betreft. Ook de problemen vanwege de werkzaamheden voor en van zijn oom worden niet geloofwaardig geacht. Hierbij is van belang dat eiser de band met zijn oom niet heeft onderbouwd en summier heeft verklaard over zijn oom, hoewel eiser wel bij hem in huis heeft gewoond. Verder kan eiser slechts summier verklaren over de standpunten van de APC , hoewel hij stelt campagne te hebben gevoerd voor zijn oom en de APC . Daarnaast heeft eiser wisselend verklaard over het bekogelen van het huis van de opponent van zijn oom. Daarbij komt dat eiser vaag heeft verklaard over de redenen voor zijn deelname aan de demonstratie in 2022 .

Standpunt van eiser

3. Eiser kan zich niet vinden in het bestreden besluit en voert daartoe het volgende aan. Allereerst voert hij aan dat de schouw niet zorgvuldig is, omdat niet in algemene termen kan worden dat jongeren een typisch slungelig uiterlijk hebben, die bij de minderjarige leeftijd hoort. Verder heeft hij ook toegelicht dat zijn naam en leeftijd overeen komen met wat op het schoolpasje en de geboorteakte staat. Ook blijkt uit de studentenkaart dat hij een band heeft met zijn oom, omdat daarop de naam van zijn oom staat. Uit de overgelegde documenten volgt verder dat er een aanval is geweest op het huis van de opponent en dat dit heeft geleid tot het oordeel dat zijn oom niet rechtsgeldig is gekozen als parlementslid. Deze documenten passen dus naadloos in het asielrelaas. Eiser heeft daarnaast verklaard dat hij alleen in 2018 campagne heeft gevoerd en heeft deelgenomen aan de protesten op 10 augustus 2022 , maar verder is hij niet politiek actief. Door zijn jonge leeftijd kan hem niet worden tegengeworpen dat hij summier heeft verklaard over de APC of de werkzaamheden van zijn oom. In beroep heeft eiser de originele geboorteakte en een studentenkaart overgelegd die zijn opgestuurd naar Bureau Documenten voor verder onderzoek. Ter zitting heeft eiser daarom verzocht om aanhouding van het onderzoek ter zitting totdat de resultaten daarvan zijn ontvangen.

De rechtbank oordeelt als volgt.

Leeftijd van eiser

4. Verweerder heeft niet ten onrechte de identiteit van eiser niet geloofwaardig geacht. Voorop staat dat eiser bij het indienen van zijn asielaanvraag geen originele documenten heeft overgelegd. Om die reden is eiser geschouwd. Niet is gebleken dat die schouw onvoldoende zorgvuldig is geweest. Gelet op het proces-verbaal van gehoor door de AVIM en het rapport van het aanmeldgehoor is eiser op basis van zowel uiterlijke kenmerken als gedrag door zowel de AVIM als de hoormedewerkers geschouwd als evident meerderjarig. Eiser heeft onvoldoende onderbouwd waarom deze schouw onzorgvuldig is verlopen. De enkele stelling dat je niet in algemene termen kunt stellen dat jongeren een typisch slungelig uiterlijk hebben is daarvoor niet voldoende, nu eiser op basis van meerdere factoren is geschouwd als evident meerderjarig.

5. Ter zitting heeft verweerder medegedeeld dat de geboorteakte een eerste keer is bekeken en dat verder onderzoek slechts zal uitwijzen dat het document moet worden gezien als “vals” of “naar alle waarschijnlijkheid vals”. Op grond hiervan wordt geoordeeld dat de geboorteakte onvoldoende is om de conclusie van de leeftijdsschouw te weerleggen. Voor aanhouding van het onderzoek ter zitting is daarom geen aanleiding gezien.

Problemen vanwege de politieke activiteiten

6. Verweerder heeft niet ten onrechte eisers problemen vanwege zijn politieke activiteiten of die van zijn oom niet geloofwaardig geacht. Hierbij is van belang dat eiser niet heeft onderbouwd dat hij daadwerkelijk betrokken is geweest bij het incident bij het huis van de opponent van zijn oom en dat hij hiervoor wordt gezocht. Verweerder heeft daarbij niet ten onrechte gesteld dat eiser hierover wisselend heeft verklaard.

7. Verder heeft eiser onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij problemen heeft gehad vanwege het voeren van campagne voor zijn oom in 2018 en de deelname aan de demonstratie in 2022 . Hierbij heeft verweerder niet ten onrechte meegewogen dat eiser summier heeft verklaard over de standpunten van de partij waar zijn oom lid van is. De verklaring dat hij slechts danste en opvallende kleding droeg heeft verweerder onvoldoende kunnen achten. Van eiser had (ondanks zijn jonge leeftijd destijds) mogen worden verwacht dat hij meer inzicht geeft in de standpunten van de partij waarvan zijn oom lid was, vooral nu eiser zelf stelt in het huis van zijn oom te hebben gewoond en door hem te zijn opgevoed.

8. Verder heeft verweerder niet eiser ten onrechte tegengeworpen dat eiser vaag heeft verklaard over de reden waarom hij heeft deelgenomen aan de demonstratie. Dat hij dit uit liefde voor zijn oom deed en omdat zijn oom uit het ambt gezet is, heeft verweerder onvoldoende kunnen achten. Hierbij is ook van belang dat eiser niet heeft kunnen onderbouwen wat precies de relatie is tussen hem en zijn oom. De overgelegde studentenkaart is daarvoor voldoende. Hieruit blijkt slechts dat ze dezelfde naam gebruikten, maar dit zegt niets over de onderlinge band.

Kennelijk ongegrond

9. Nu kan worden uitgegaan van de leeftijdsschouw heeft verweerder kunnen concluderen dat eiser hem heeft misleid over zijn identiteit. Hij heeft namelijk een geboortedatum opgegeven die niet overeen komt met de schouw en eiser heeft niet met objectieve documenten onderbouwd wat zijn daadwerkelijke leeftijd is. Gelet hierop heeft verweerder de asielaanvraag kunnen afwijzen als kennelijk ongegrond.

Conclusie en gevolgen

10. Verweerder heeft de aanvraag terecht afgewezen als kennelijk ongegrond.

Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat het bestreden besluit in stand blijft. Eiser krijgt geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan op 26 februari 2026 door mr. W.H. Bel, rechter, in aanwezigheid van mr. E.C. Jacobs, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. W.H. Bel

Griffier

  • mr. E.C. Jacobs

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?