ECLI:NL:RBDHA:2026:4799

ECLI:NL:RBDHA:2026:4799

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 06-03-2026
Datum publicatie 10-03-2026
Zaaknummer NL25.57733
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Arnhem

Samenvatting

Dublin Roemenië; artikel 17 Dublinverordening; BMA-onderzoek; tussenuitspraak.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 6 maart 2026 in de zaak tussen

[eiseres], v-nummer: [nummer], eiseres

de minister van Asiel en Migratie

Samenvatting

Zittingsplaats Arnhem

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.57733

(gemachtigde: mr. I.M. Zuidhoek),

en

(gemachtigde: mr. R.M. Koning).

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het niet in behandeling nemen van de aanvraag van eiseres tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, omdat Roemenië verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Eiseres is het niet eens met dit besluit en voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de minister het besluit onzorgvuldig heeft voorbereid en ondeugdelijk heeft gemotiveerd. De minister heeft namelijk ten onrechte geen advies gevraagd aan het Bureau Medische Advisering (BMA) en laten beoordelen wat de gevolgen voor eiseres haar gezondheid zijn bij overdracht aan Roemenië. Het beroep is daarom gegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Eiseres heeft op 14 juli 2025 een asielaanvraag ingediend. De minister heeft de aanvraag met het bestreden besluit van 24 november 2025 niet in behandeling genomen, omdat Roemenië verantwoordelijk is voor de aanvraag.

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.

De rechtbank heeft het beroep en het verzoek om een voorlopige voorziening op 19 februari 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres, de gemachtigde van de minister en de behandelend psycholoog van eiseres.

Beoordeling door de rechtbank

Totstandkoming van het besluit

3. De Europese Unie heeft gezamenlijke regelgeving over het in behandeling nemen van asielaanvragen. Die staat in de Dublinverordening. Op grond van de Dublinverordening neemt de minister een asielaanvraag niet in behandeling als is vastgesteld dat een andere lidstaat verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. In dit geval heeft Nederland op 30 september 2025 bij Roemenië een verzoek om terugname gedaan. Roemenië heeft dit verzoek op 13 oktober 2025 aanvaard.

Had de minister artikel 17 van de Dublinverordening moeten toepassen?

4. Eiseres voert aan dat de minister de behandeling van haar asielaanvraag op grond van artikel 17 van de Dublinverordening aan zich moet trekken. Zij voert aan dat zij in Nederland onder behandeling staat bij een psycholoog in verband met haar opgelopen trauma’s. Ter onderbouwing hiervan heeft zij een rapport van haar behandelend psycholoog overgelegd, waarin haar psychische problematiek uitvoerig is beschreven. Volgens dit rapport lijdt eiseres aan PTSS en zal overdracht aan Roemenië naar verwachting leiden tot toename van haar klachten. Daarnaast acht de psycholoog het risico op een suïcidepoging bij overdracht niet uitgesloten. Verder blijkt uit het rapport dat het lang heeft geduurd voordat een vertrouwensrelatie met haar behandelend psycholoog tot stand is gekomen. Haar psycholoog acht het niet waarschijnlijk dat eiseres in Roemenië opnieuw zo’n vertrouwensrelatie kan opbouwen. Onderbreking van haar huidige behandeling brengt volgens haar psycholoog aanzienlijke risico’s met zich mee. Gelet hierop is volgens eiseres sprake van bijzondere, individuele omstandigheden die maken dat Nederland haar asielverzoek inhoudelijk moet behandelen. Tot slot voert eiseres aan dat zij angst ervaart voor overdracht aan Roemenië, omdat zij daar is bedreigd door familieleden. Ter onderbouwing daarvan heeft zij Telegramberichten overgelegd.

De minister stelt zich op het standpunt dat het aan eiseres is om aannemelijk te maken dat sprake is van bijzondere, individuele omstandigheden die maken dat overdracht aan Roemenië zou leiden tot onevenredige hardheid. Volgens de minister is eiseres daar niet in geslaagd. De minister stelt onder verwijzing naar het interstatelijk vertrouwensbeginsel dat ervan mag worden uitgaan dat Roemenië beschikt over vergelijkbare medische voorzieningen en dat niet is gebleken dat eiseres daar geen toegang zal hebben tot behandeling van haar psychische klachten. Dat mogelijk een onderbreking in haar behandeling zal optreden, is volgens de minister een onzekere en toekomstige omstandigheid. De minister heeft op de zitting gesteld dat hij geen aanleiding heeft gezien om advies te vragen aan het BMA, omdat het genoemde suïciderisico ook ziet op een onzekere toekomstige gebeurtenis, die zich slechts voordoet als behandeling uitblijft. Volgens de minister is niet gebleken dat eiseres in Roemenië geen behandeling kan krijgen.

De rechtbank stelt vast dat uit arrest C.K.en de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) van 3 november 2017 volgt dat wanneer een vreemdeling objectieve gegevens overlegt die de bijzondere ernst van zijn of haar gezondheidstoestand en ook de aanzienlijke en onomkeerbare gevolgen daarvoor van een overdracht aantonen, de minister bij het nemen van het overdrachtsbesluit moet beoordelen wat het risico is dat die gevolgen zich voordoen. Uit de WI 2021/3 volgt, ter nadere invulling van deze plicht, dat de minister gehouden is om een BMA-onderzoek op te starten als de vreemdeling tijdens de Dublinprocedure een impliciet of expliciet beroep doet op het arrest C.K. of op de uitspraak van de Afdeling, omdat er bij hem of haar sprake is van een ernstige mentale of lichamelijke aandoening en hij of zij aantoont onder actieve medische behandeling te staan van een behandelaar of specialist.

Tussen partijen is niet in geschil dat eiseres objectieve medische gegevens heeft overgelegd waaruit de ernst van haar gezondheidstoestand blijkt. Uit het overgelegde rapport van haar behandelend psycholoog volgt dat eiseres lijdt aan PTSS, dat zij onder actieve behandeling staat en dat bij overdracht aan Roemenië een toename van haar klachten wordt verwacht. Ook wordt in het rapport vermeld dat onderbreking van de behandeling aanzienlijke risico’s met zich meebrengt waarbij een suïcidepoging niet is uitgesloten.

De rechtbank is van oordeel dat de minister onvoldoende heeft gemotiveerd waarom dit rapport, gelet op wat onder 4.2 is overwogen, geen aanleiding vormt om een BMA-advies op te vragen. De enkele verwijzing naar het interstatelijk vertrouwensbeginsel en de stelling dat het suïciderisico een onzekere toekomstige gebeurtenis is, zijn daarvoor onvoldoende. De minister heeft daarmee niet inzichtelijk gemaakt dat hij heeft beoordeeld welk effect de overdracht aan Roemenië op de gezondheidstoestand van eiseres zal hebben. De minister heeft de twijfel door de geuite zorgen van de behandelend psycholoog over de mogelijke gevolgen van overdracht niet weggenomen. De rechtbank is daarom van oordeel dat de minister onder deze omstandigheden het BMA om een medisch advies had moeten vragen om te beoordelen of de medische situatie van eiseres aan een overdracht aan Roemenië in de weg staat. Dit betekent dat het bestreden besluit niet zorgvuldig is voorbereid en niet deugdelijk is gemotiveerd. De beroepsgrond slaagt.

De rechtbank ziet op dit moment geen aanleiding om zich uit te laten over de vraag of de minister de asielaanvraag aan zich had moeten trekken omdat sprake is van individuele omstandigheden die maken dat de overdracht van eiseres aan Roemenië van een onevenredige hardheid getuigt. Dit kan pas worden beoordeeld als de minister het BMA om advies heeft gevraagd. De overige beroepsgronden van eiseres behoeven daarom geen bespreking.

Conclusie en gevolgen

5. Zoals onder 4.4. overwogen heeft de minister het besluit niet zorgvuldig voorbereid en niet deugdelijk gemotiveerd. Op grond van artikel 8:51a, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de rechtbank het bestuursorgaan in de gelegenheid stellen een gebrek in het bestreden besluit te herstellen of te laten herstellen. Op grond van artikel 8:80a van de Awb doet de rechtbank dan een tussenuitspraak. De rechtbank ziet hiertoe aanleiding. De minister moet nader onderzoek doen naar het risico op aanzienlijke en onomkeerbare achteruitgang in de gezondheidssituatie van eiseres in geval van overdracht aan Roemenië. De rechtbank stelt de minister in de gelegenheid om dit onderzoek te (laten) verrichten en vervolgens een nader standpunt in te nemen.

De minister moet op grond van artikel 8:51b, eerste lid, van de Awb en om nodeloze vertraging te voorkomen zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen één week, meedelen aan de rechtbank of hij gebruik maakt van de gelegenheid het gebrek te herstellen. In beginsel, ook in de situatie dat de minister de hersteltermijn ongebruikt laat verstrijken, zal de rechtbank zonder nadere zitting uitspraak doen op het beroep.

De rechtbank houdt iedere verdere beslissing aan tot de einduitspraak op het beroep. Dat betekent dat zij nu nog geen beslissing neemt over de proceskosten.

Beslissing

De rechtbank:

Deze uitspraak is gedaan door mr. I.A.M. van Boetzelaer - Gulyas, rechter, in aanwezigheid van mr. I.S. Pruijn, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Tegen deze tussenuitspraak staat nog geen hoger beroep open. Tegen deze tussenuitspraak kan hoger beroep worden ingesteld tegelijkertijd met hoger beroep tegen de (eventuele) einduitspraak in deze zaak.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. I.A.M. van Boetzelaer - Gulyas

Griffier

  • mr. I.S. Pruijn

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?