ECLI:NL:RBDHA:2026:5126

ECLI:NL:RBDHA:2026:5126

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 10-03-2026
Datum publicatie 12-03-2026
Zaaknummer NL24.51419
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Arnhem

Samenvatting

Mvv; Syrische nationaliteit; referente is de moeder van eisers; jongvolwassenenbeleid; bijkomende elementen van afhankelijkheid; belangenafweging; ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 maart 2026 in de zaak tussen

[eiseres], v-nummer: [nummer 1], eiseres

de minister van Asiel en Migratie,

Samenvatting

Zittingsplaats Arnhem

Bestuursrecht

zaaknummer: NL24.51419

[eiser] , v-nummer: [nummer 2], eiser

eisers

(gemachtigde: mr. I. Petkovski),

en

(gemachtigde: mr. R. R. de Groot).

1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de aanvraag van eisers voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) om bij hun moeder [naam moeder] (referente) te verblijven. Eisers zijn het niet eens met de afwijzing van de aanvraag. Zij voeren daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de aanvraag.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing in stand kan blijven. Eisers krijgen geen gelijk en het beroep is ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Eisers hebben op 21 maart 2022 een aanvraag ingediend voor een mvv om bij referente te verblijven. De minister heeft deze aanvraag met het besluit van 10 februari 2023 afgewezen. Met het bestreden besluit van 27 november 2024 op het bezwaar van eisers is de minister bij de afwijzing van de aanvraag gebleven.

Eisers hebben beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.

De minister heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft het beroep op 22 oktober 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van eisers en de gemachtigde van de minister.

Beoordeling door de rechtbank

Achtergrond van deze zaak

3. Referente is de moeder van eisers en heeft voor haar man en drie kinderen aanvragen voor een mvv ingediend. Eisers zijn geboren op [geboortedag 1] 1993 ([eiseres]) en [geboortedag 2] 1996 ([eiser]). Het gezin komt uit Syrië en hebben allen de Syrische nationaliteit. Referente was naar Nederland gekomen om haar (inmiddels overleden) zus bij te staan bij haar ziekenhuisbehandeling. Referente heeft de voogdij over de kinderen van haar zus gekregen en is in Nederland gebleven om voor hen te zorgen. Eisers zijn achtergebleven in Syrië. De minister heeft op 8 februari 2022 aan referente een verblijfsvergunning asiel verleend. De minister heeft de aanvragen van referente voor haar man en hun minderjarige kind ingewilligd en de aanvragen van eisers afgewezen.

Het bestreden besluit

4. De minister stelt zich op het standpunt dat de feitelijke gezinsband tussen eisers en referente niet aannemelijk is gemaakt. Eisers vallen volgens de minister niet onder het jongvolwassenenbeleid. Ook is er volgens de minister geen sprake van bijkomende elementen van afhankelijkheid. Dit betekent dat er geen sprake is van familie- en gezinsleven in de zin van artikel 8 van het EVRM, zodat de minister geen belangenafweging verricht.

Vallen eisers onder het jongvolwassenenbeleid?

5. Eisers betogen dat de minister een onjuist toetsingskader heeft gehanteerd bij de toepassing van het jongvolwassenenbeleid. Hiertoe voeren zij aan dat de minister de beoordeling niet mocht uitbreiden met een belangenafweging of met de toetsing van bijkomende elementen van afhankelijkheid. Daarbij heeft de minister zich ten onrechte gebaseerd op tegenstrijdige verklaringen tijdens de gehoren over werk, studie, het feit dat [eiser] zelfstandig had gereisd naar Egypte en de ontvoeringspogingen door gewapende groeperingen in Syrië. Volgens hen zeggen deze aspecten niets over zelfstandigheid of het bestaan van een feitelijke gezinsband. Eisers wijzen op een catch-22 situatie bij werk en inkomen. Als zij geen werk hebben, wordt dat als economisch risico gezien en als zij wel werk verrichten, wordt dat als bewijs van zelfstandigheid gebruikt. Volgens eisers is niet voldaan aan ‘zelfstandig en moeiteloos handhaven’ omdat zij slechts noodgedwongen stappen hebben ondernomen om zich staande te houden en verwijzen in dat kader naar de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) van 13 april 2023.

De IND neemt familie- en gezinsleven aan als bedoeld in artikel 8 van het EVRM tussen ouders en hun meerderjarige kinderen, zonder dat sprake moet zijn van bijkomende elementen van afhankelijkheid, uitsluitend als het meerderjarige kind ook na het bereiken van de meerderjarige leeftijd feitelijk is blijven behoren tot het gezin van zijn ouder(s). Die situatie doet zich volgens de minister voor als het meerderjarige kind:

a. Jongvolwassen is;

b. met de ouder(s) in gezinsverband samenleeft;

c. niet in zijn eigen onderhoud voorziet; en

d. geen zelfstandig gezin heeft gevormd door het aangaan van een huwelijk of relatie.

Voor de beoordeling of de jongvolwassene met zijn ouder(s) in gezinsverband samenleeft, is het moment van binnenkomst van de ouder(s) of de jongvolwassene in Nederland leidend. De minister weegt een gedwongen scheiding ook anders dan een vrijwillige scheiding. Verder blijkt uit de overzichtsuitspraak van de Afdeling van 29 mei 2024 dat deze vier voorwaarden cumulatief zijn. Dat betekent dat als eisers niet voldoen aan één van deze voorwaarden, zij niet vallen onder het jongvolwassenenbeleid.Bij de beoordeling of sprake is van gezinsleven op grond van het jongvolwassenenbeleid moet de minister rekening houden met alle relevante omstandigheden. Die omstandigheden betreffen naast de omstandigheden die de minister betrekt bij de beoordeling van de vier cumulatieve vereisten, ook alle overige omstandigheden die van belang zijn in het licht van de vraag of een kind na het bereiken van de meerderjarige leeftijd feitelijk is blijven behoren tot het gezin van zijn ouders. De vaststelling van familie- of gezinsleven betreft immers een feitenkwestie.

De rechtbank stelt vast dat niet in geschil is dat eisers ten tijde van het bestreden besluit 31 en 28 jaar oud waren. Het jongvolwassenenbeleid ziet op meerderjarige kinderen van 18 tot ongeveer 25 jaar. Hoewel deze leeftijdsgrens niet absoluut is, geldt dat met het toenemen van de leeftijd in beginsel meer zelfstandigheid mag worden verwacht en dat het aan eisers is om aannemelijk te maken dat zij, ondanks hun hogere leeftijd, feitelijk nog tot het gezin van referente behoren. De rechtbank volgt de minister in zijn standpunt dat eisers hierin niet zijn geslaagd. Dat legt de rechtbank hierna uit.

i. Contra-indicaties ten aanzien van het vereiste dat eisers met referente in gezinsverband samenleven

De minister heeft bij de beoordeling of sprake is van feitelijk samenleven in gezinsverband alle relevante omstandigheden betrokken. Daarbij heeft de minister gewicht mogen toekennen aan concrete aanwijzingen van zelfstandigheid van eisers. Zo heeft [eiser] in 2021 zelfstandig een reis naar Egypte ondernomen met een vals paspoort om naar Nederland te komen en is hij ook zelfstandig teruggekeerd. Ter zitting heeft de gemachtigde van eisers erkend dat dit een stap richting zelfstandigheid vormt, zij het dat het volgens hem niet doorslaggevend is. De rechtbank overweegt dat het beleid niet vereist dat iedere stap naar zelfstandigheid op zichzelf doorslaggevend is, maar dat de minister dergelijke stappen wel in onderlinge samenhang mocht betrekken bij de beoordeling of eisers nog feitelijk tot het gezin behoren. Daarnaast heeft de minister de door eisers verrichte studie- en werkactiviteiten mogen betrekken. Dat deze activiteiten mede zijn ingegeven door de omstandigheden waarin zij verkeerden, maakt niet dat de minister deze niet als relevante aanwijzingen voor zelfstandigheid mocht beschouwen. De minister heeft hiermee geen afzonderlijke belangenafweging verricht, zoals door eisers aangevoerd, maar invulling gegeven aan de vraag of nog sprake is van een feitelijke gezinsband in de zin van het beleid. Voor zover eisers hebben betoogd dat tegenstrijdige verklaringen niets zeggen over zelfstandigheid, overweegt de rechtbank dat de minister tegenstrijdigheden mocht betrekken bij de vaststelling van de gezinsband. Eisers hebben niet kunnen concretiseren welke niet-tegenstrijdige onderdelen van hun verklaringen, indien afzonderlijk bezien, tot een ander oordeel zouden moeten leiden, ook niet desgevraagd op de zitting. Op de vraag van de rechtbank welk concreet voorbeeld daartoe aanleiding geeft, is geen inhoudelijk aanknopingspunt gegeven. De enkele stelling dat wat niet als tegenstrijdig is aangemerkt geloofwaardig moet worden geacht en tot inwilliging zou moeten leiden, is onvoldoende.

ii. Contra-indicaties ten aanzien van het vereiste dat eisers niet in hun eigen onderhoud voorzien

De minister heeft verder terecht beoordeeld of eisers in hun eigen onderhoud voorzien. Daarbij is betrokken dat zij steun ontvangen van meerdere familieleden en derden. Niet in geschil is dat zij niet exclusief afhankelijk zijn van referente. Evenmin is in beroep bestreden dat [eiseres] in staat is om in zekere mate werkzaamheden te verrichten. De minister heeft deze omstandigheden mogen betrekken bij de beoordeling van de mate van financiële afhankelijkheid. De door eisers gestelde catch-22-situatie leidt niet tot een ander oordeel. Het jongvolwassenenbeleid vereist een beoordeling van de feitelijke mate van zelfstandigheid en afhankelijkheid. Dat zowel het verrichten van werkzaamheden als het ontvangen van steun wordt meegewogen, betekent niet dat sprake is van een ontoelaatbare dubbele toets of belangenafweging. Eisers hebben in beroep niet geconcretiseerd welke relevante omstandigheden de minister bij deze beoordeling buiten beschouwing heeft gelaten. Ten aanzien van de gestelde psychische klachten heeft de minister geconcludeerd dat de overgelegde medische stukken onvoldoende verifieerbaar zijn en geen objectief en inzichtelijk beeld geven van een zodanige afhankelijkheid dat deze de gebruikelijke ouder-kindrelatie overstijgt. Dit hebben eisers niet, dan wel onvoldoende, bestreden. Dat discussie bestaat over de ontvoeringspogingen in Syrië maakt niet dat de minister gehouden was de gestelde psychische afhankelijkheid zonder nadere onderbouwing aannemelijk te achten. De verwijzing naar de uitspraak van de Afdeling van 13 april 2023 leidt evenmin tot een ander oordeel. Niet in geschil is dat de feitelijke situatie in die zaak verschilt van de onderhavige. Dat stappen richting zelfstandigheid in algemene zin onderdeel zijn van het leven, maakt niet dat de minister dergelijke stappen in het kader van het jongvolwassenenbeleid niet zou mogen meewegen, temeer nu dit beleid juist ziet op de vraag of een meerderjarig kind feitelijk is blijven behoren tot het gezin van de ouder(s).

iii. Conclusie

Zoals hierboven is overwogen moet de minister bij de beoordeling of sprake is van gezinsleven op grond van het jongvolwassenenbeleid rekening houden met alle relevante omstandigheden. De minister heeft bij zijn beoordeling de leeftijd van eisers, hun concrete stappen richting zelfstandigheid, hun financiële situatie, de ontvangen steun van derden, de medische stukken en de afgelegde verklaringen in onderlinge samenhang bezien. In beroep is niet geconcretiseerd welke relevante feiten of omstandigheden de minister niet zou hebben betrokken. De beroepsgrond slaagt dus niet.

Is tussen eisers en referente sprake van bijkomende elementen van afhankelijkheid?

6. Nu eisers niet aan het jongvolwassenenbeleid voldoen, kan alleen familie- of gezinsleven in het kader van artikel 8 van het EVRM worden aangenomen tussen eisers en referente indien sprake is van bijkomende elementen van afhankelijkheid. De minister heeft zich in het bestreden besluit op het standpunt gesteld dat daarvan geen sprake is.

Het is vaste rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) dat pas kan worden gesproken van een door artikel 8 van het EVRM beschermd gezinsleven tussen ouders en hun meerderjarige kinderen en meerderjarige broers en zussen, als sprake is van bijkomende elementen van afhankelijkheid. Uit de rechtspraak volgt ook dat de vraag of sprake is van beschermd gezinsleven van feitelijke aard is en afhankelijk is van het daadwerkelijk bestaan van hechte, persoonlijke banden. Hierbij kan onder meer relevant zijn: de eventuele samenwoning, de mate van financiële afhankelijkheid, de mate van emotionele afhankelijkheid, de gezondheid van de betrokkenen en de banden met het land van herkomst. De minister heeft ruimte bij de weging van die elementen en de uitkomst van die beoordeling toetst de bestuursrechter enigszins terughoudend.

Eisers betogen dat de minister zich ten onrechte op het standpunt stelt dat niet is gebleken van van bijkomende elementen van afhankelijkheid. Zij voeren aan dat zij door traumatische gebeurtenissen, waaronder de ontvoeringspoging en het overlijden van familieleden, psychische klachten hebben ontwikkeld en dat [eiseres] lijdt aan een posttraumatische stressstoornis. Volgens hen heeft de minister de overgelegde medische stukken ten onrechte terzijde geschoven zonder nader onderzoek te doen naar de authenticiteit of inhoud daarvan. Verder voeren eisers aan dat zij financieel en emotioneel volledig afhankelijk zijn van referente en dat de steun van familieleden en de kerk slechts tijdelijk en incidenteel is. Ook wijzen zij op de langdurige scheiding met referente en dat tijdsverloop dat aan de overheid is te wijten niet in hun nadeel mag werken.

7. De rechtbank is van oordeel dat de minister alle relevante feiten en omstandigheden kenbaar bij de beoordeling of sprake is van bijkomende elementen van afhankelijkheid heeft betrokken en zich niet ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat daarvan tussen eisers en referente geen sprake is. De minister heeft mogen betrekken dat eisers al geruime tijd niet met referente samenwonen en in staat zijn gebleken zich zelfstandig staande te houden. Dat zij daarbij financiële of emotionele steun ontvangen van familieleden of derden, maakt niet dat sprake is van bijkomende elementen van afhankelijkheid. Ten aanzien van de medische en psychische klachten heeft de minister zich terecht op het standpunt gesteld dat de overgelegde stukken geen objectief en verifieerbaar beeld geven van een zodanige medische afhankelijkheid dat eisers voor hun dagelijks functioneren zijn aangewezen op referente. Eisers hebben niet met concrete aanknopingspunten onderbouwd dat de minister gehouden was nader onderzoek te verrichten. Dat zij traumatische ervaringen hebben gesteld en lijden onder de scheiding van hun moeder, is invoelbaar, maar overstijgt niet de gebruikelijke emotionele banden. Ook de gestelde financiële afhankelijkheid heeft de minister onvoldoende zwaarwegend mogen achten. Dat referente en andere familieleden geld sturen of bereid zijn bij te dragen, betekent niet dat sprake is van bijkomende elementen van afhankelijkheid, nu financiële steun ook op afstand kan worden geboden.

Gelet op het voorgaande heeft de minister zich niet ten onrechte en voldoende gemotiveerd op het standpunt gesteld dat tussen eisers en referente geen sprake is van bijkomende elementen van afhankelijkheid. Van familie- of gezinsleven als bedoeld in artikel 8 van het EVRM is dan ook niet gebleken. De beroepsgrond slaagt niet.

Had de minister een belangenafweging moeten maken?

8. Eisers betogen dat de minister ten onrechte geen belangenafweging heeft gemaakt in het kader van artikel 8 van het EVRM. Volgens hen heeft de minister onvoldoende rekening gehouden met hun persoonlijke omstandigheden, waaronder de langdurige gezinsband, hun afhankelijkheid van referente, de psychische klachten van eisers en het tijdsverloop van de procedure. Zij voeren aan dat de afwijzing van de mvv-aanvraag een ernstige inmenging vormt in het familie- en gezinsleven tussen hen en hun moeder en dat hun belang bij gezinshereniging zwaarder had moeten wegen dan het algemeen belang van de Nederlandse Staat bij het beperken van migratie, zeker nu de scheiding tussen eisers en referente niet vrijwillig was.

Uit de rechtspraak volgt dat de minister geen belangenafweging hoeft te maken als hij geen familie- of gezinsleven als bedoeld in artikel 8 van het EVRM aanneemt. Nu in het bestreden besluit, gelet op het voorgaande, niet ten onrechte is uitgegaan van het ontbreken van familie- of gezinsleven, was de minister niet verplicht tot het maken van een belangenafweging. De beroepsgrond slaagt niet.

Conclusie en gevolgen

9. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eisers geen gelijk krijgen. Eisers krijgen daarom het griffierecht niet terug. Zij krijgen ook geen vergoeding van hun proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. I.A.M. Baron van Boetzelaer - Gulyas, rechter, in aanwezigheid van mr. N. Habibi, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen vier weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. I.A.M. Baron van Boetzelaer - Gulyas

Griffier

  • mr. N. Habibi

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?