ECLI:NL:RBDHA:2026:5648

ECLI:NL:RBDHA:2026:5648

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 25-02-2026
Datum publicatie 17-03-2026
Zaaknummer NL24.40930
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Amsterdam

Samenvatting

Aanvraag om een verlening van een mvv met als doel “verblijf als familie- of gezinslid, verblijf bij echtgenoot". Is de Gezinsherenigingsrichtlijn van toepassing? Komt eiseres in aanmerking voor vrijstelling van het mvv-vereiste? Had de minister moeten toetsen aan artikel 7 van het Handvest? Kan eiseres een geslaagd beroep doen op het Unierechtelijke evenredigheidsbeginsel? Beroep ongegrond.

Uitspraak

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiseres] ,

geboren op [geboortedag] 1956, van Marokkaanse nationaliteit, eiseres

(gemachtigde: mr. J. van Bennekom),

en

de minister van Asiel en Migratie, de minister

(gemachtigde: mr. Y. van der Lei).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de afwijzing van de aanvraag om een verlening van een mvv met als doel “verblijf als familie- of gezinslid, verblijf bij echtgenoot (referent)”.

Bij besluit van 5 januari 2024 heeft de minister de aanvraag afgewezen (primaire besluit). Eiseres heeft tegen dit besluit bezwaar ingesteld. Op 20 september 2024 is het bezwaar van eiseres ongegrond verklaard (bestreden besluit).

Vervolgens heeft eiseres beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.

De rechtbank heeft het beroep op 27 oktober 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres en haar gemachtigde, referent, K. Nazar als tolk in de Arabische taal en de gemachtigde van de minister.

Na de zitting heeft de minister een termijn gekregen om nog te reageren op de vraag hoe artikel 3, derde lid, van de Gezinsherenigingsrichtlijn zich in casu verhoudt tot artikel 5, derde lid, eerste alinea van deze richtlijn. Eiseres heeft hierop gereageerd en de rechtbank heeft vervolgens het onderzoek gesloten.

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank beoordeelt of de minister de aanvraag om een verlening van een mvv op goede gronden heeft afgewezen. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiseres.

3. De rechtbank is van oordeel dat het beroep ongegrond is. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Achtergrond en besluitvorming

4. Eiseres heeft de Marokkaanse nationaliteit en is sinds 15 maart 2022 gehuwd met haar Nederlandse echtgenoot. Eiseres stelt door privéomstandigheden en haar broze gezondheid niet terug te kunnen keren naar Marokko. Daarnaast geeft ze aan geen familie meer te hebben in Marokko en dat alles van haar is afgenomen. Eiseres wenst het familieleven in Nederland voort te zetten.

Eiseres heeft op 23 mei 2022 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning EU/EER voor verblijf bij haar echtgenoot. Deze aanvraag is afgewezen. Het daartegen ingestelde bezwaar is ongegrond verklaard. Het beroep van eiseres tegen deze beslissing op bezwaar is op 5 juni 2025 ongegrond verklaard.

Vervolgens heeft eiseres op 11 oktober 2023 een aanvraag om een verlening van een verblijfsvergunning met als doel “verblijf als familie- of gezinslid, verblijf bij echtgenoot” ingediend.

De minister heeft deze aanvraag met het primaire besluit afgewezen omdat eiseres niet beschikt over een geldige mvv en ook niet wordt vrijgesteld van dit vereiste op grond van artikel 8 van het EVRM. De minister neemt allereerst familieleven aan tussen eiseres en referent. Ook neemt de minister privéleven van eiseres aan in Nederland. De beoordeling en afweging van de belangen leidt echter tot de conclusie dat het belang van de Nederlandse overheid zwaarder weegt dan het belang van eiseres. Daarom is de uitzetting van eiseres niet in strijd met artikel 8 van het EVRM. Tot slot is hetgeen wat eiseres heeft aangevoerd onvoldoende om haar op grond van de hardheidsclausule vrij te stellen van het mvv-vereiste.

In het bestreden besluit blijft de minister bij het standpunt dat eiseres niet wordt vrijgesteld van het mvv-vereiste op grond van artikel 8 van het EVRM en dat dit niet onredelijk hard is voor eiseres.

Gronden eiseres

5. Allereerst stelt eiseres zich op het standpunt dat de minister ten onrechte toetst aan artikel 17 van de Vw. Dit artikel is immers een omzetting van de Gezinsherenigingsrichtlijn en in artikel 3, derde lid, van deze richtlijn is opgenomen dat de richtlijn niet wordt toegepast op gezinsleden van een burger van de EU. Aangezien eiseres echtgenote is van een Unieburger, kan dit haar dus niet worden tegengeworpen. Eiseres verzoekt de rechtbank hierover prejudiciële vragen te stellen. Ook stelt eiseres zich op het standpunt dat uit het arrest Afrin van het Hof van Justitie volgt dat de minister gehouden is gezinsleven mogelijk te maken en dat integratievoorwaarden niet gebruikt mogen worden om gezinsleven niet toe te staan. Verder stelt eiseres zich op het standpunt dat er onterecht onderscheid wordt gemaakt door haar het mvv-vereiste tegen te werpen. Eiseres verwijst daarbij naar twee uitspraken. Ook ziet eiseres niet in waarom de minister niet toestaat dat de aanvraag in de lidstaat wordt ingediend, aangezien artikel 5 van de Gezinsherenigingsrichtlijn dit mogelijk maakt. Tot slot stelt eiseres dat haar uitzetting in strijd is met artikel 8 van het EVRM en dat de minister ten onrechte niet heeft getoetst aan artikel 7 van het Handvest. In het bestreden besluit verwijst de minister enkel naar wat in het primaire besluit hierover overwogen is. Verder kan referent dankzij de liefdevolle zorg van eiseres hier nog deelnemen aan de samenleving op een humane manier. Referent kan door zijn broze gesteldheid niet heen en weer reizen tussen Nederland en Marokko. Ook kan referent niet naar Marokko omdat daar niet de benodigde zorg aanwezig is.

Is de Gezinsherenigingsrichtlijn van toepassing?

6. Allereerst ziet de rechtbank zich voor de vraag gesteld of de Gezinsherenigingsrichtlijn van toepassing is. Deze vraag beantwoordt de rechtbank bevestigend en daartoe wordt het volgende overwogen. Uit de uitspraken van de Afdeling van 17 december 2014 en 11 februari 2025 en uit jurisprudentie van het Hof van Justitie volgt dat, als de Nederlandse wet- en regelgeving geen onderscheid maakt tussen enerzijds een zuiver interne situatie waarin de feiten van het hoofdgeding buiten de werkingssfeer van het Unierecht vallen, en anderzijds een door het Unierecht beheerste situatie, deze situaties in zoverre gelijk worden behandeld en dat de desbetreffende Unierechtelijke bepalingen rechtstreeks en onvoorwaardelijk van toepassing zijn op de interne situatie.

Gelet hierop is bedoeld te verzekeren dat gezinshereniging met een Nederlander, een interne situatie, en de gezinshereniging met een derdelander, een door het Unierecht beheerste situatie, gelijk worden behandeld. Dit betekent dat de Gezinsherenigingsrichtlijn rechtstreeks en onvoorwaardelijk van toepassing is op deze interne situatie. Dat betekent ook dat de minister heeft mogen toetsen aan artikel 17 van de Vw. De rechtbank ziet gelet op het voorgaande geen aanleiding om prejudiciële vragen te stellen. De beroepsgrond slaagt niet.

Komt eiseres in aanmerking voor vrijstelling van het mvv-vereiste?

7. Zoals hierboven is overwogen is de Gezinsherenigingsrichtlijn van toepassing. Dit betekent dat de minister het mvv-vereiste aan eiseres heeft mogen tegenwerpen. De rechtbank zal hieronder beoordelen of eiseres in aanmerking komt voor vrijstelling van het mvv-vereiste.

Allereerst zijn de twee rechtbankuitspraken waar eiseres naar verwijst niet van toepassing. Deze uitspraken zien er immers op dat het afleggen van het inburgeringsexamen in het buitenland discriminatoir is. Dat is niet de vraag die in deze procedure voorligt. Verder betekent de enkele mogelijkheid die artikel 5 van de Gezinsherenigingsrichtlijn aan lidstaten biedt om de aanvraag in de betreffende lidstaat in te dienen, niet dat Nederland ook gebruik moet maken van deze mogelijkheid. Nederland heeft hiervan afgezien en de minister heeft daarom aan eiseres mogen tegenwerpen dat zij haar mvv-aanvraag vanuit Marokko moet indienen. Daarnaast volgt de rechtbank de minister in het standpunt dat sprake is van familieleven tussen eiseres en referent en privéleven op grond van artikel 8 van het EVRM. De beoordeling en afweging van de belangen leiden echter niet ten onrechte tot de conclusie dat het belang van de Nederlandse overheid zwaarder weegt dan het belang van eiseres. Eiseres stelt dat zowel haar medische situatie als die van referent maken dat zij niet kan terugkeren naar Marokko om daar een mvv aan te vragen. Deze stelling heeft eiseres echter niet onderbouwd met medische stukken. Verder heeft eiseres sinds het instellen van bezwaar geen nieuwe feiten en omstandigheden aangevoerd omtrent haar familie- en privéleven. Ook heeft eiseres niet gemotiveerd en onderbouwd wat er volgens haar niet klopt aan de beoordeling die de minister ten aanzien van het familie- en privéleven heeft gemaakt. Tot slot volgt de rechtbank de minister in het standpunt dat de uitzetting van eiseres niet onredelijk hard is. Eiseres heeft immers niet onderbouwd waarom hier sprake van zou zijn.

De rechtbank is dus met de minister van oordeel dat eiseres niet in aanmerking komt voor vrijstelling van het mvv-vereiste omdat de uitzetting van eiseres niet in strijd is met artikel 8 van het EVRM. De beroepsgrond slaagt niet.

Had de minister moeten toetsen aan artikel 7 van het Handvest?

8. De rechtbank volgt eiseres niet in haar standpunt dat de minister zijn aanvraag naast artikel 8 van het EVRM ook had moeten toetsen aan artikel 7 van het Handvest. Uit artikel 52, derde lid, van het Handvest volgt namelijk dat voor zover het Handvest rechten bevat die corresponderen met rechten die zijn gegarandeerd door het EVRM, de inhoud en reikwijdte ervan dezelfde zijn als die welke er door het EVRM aan worden toegekend. Volgens de Toelichting bij het Handvest correspondeert artikel 7 van het Handvest met artikel 8 van het EVRM. Artikel 7 van het Handvest biedt dan ook geen verdergaande bescherming aan eiseres dan artikel 8 van het EVRM. Nu de minister heeft getoetst aan artikel 8 van het EVRM, hoefde de minister niet nog een afzonderlijke beoordeling op grond van artikel 7 van het Handvest te maken. Eiseres heeft zowel in de beroepsgronden als op de zitting ook niet toegelicht waarom dit wel zou moeten. De beroepsgrond slaagt niet.

Kan eiseres een geslaagd beroep doen op het Unierechtelijke evenredigheidsbeginsel?

9. Tot slot slaagt het beroep van eiseres op het Unierechtelijke evenredigheidsbeginsel niet. De minister heeft de door eisers aangevoerde belangen betrokken bij zijn beoordeling in het kader van de belangenafweging op grond van artikel 8 van het EVRM. Eiseres heeft niet onderbouwd waarom een beoordeling aan de hand van het Unierechtelijke evenredigheidsbeginsel tot een materieel andere uitkomst zou leiden. De beroepsgrond slaagt niet.

Conclusie en gevolgen

10. De rechtbank is van oordeel dat de minister de aanvraag van eiseres om verlening van een verblijfsvergunning met als doel “verblijf als familie- of gezinslid, verblijf bij echtgenoot” op goede gronden heeft afgewezen. Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond.

11. Voor een proceskostenveroordeling is geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. Y. Moussaoui, rechter, in aanwezigheid van mr. L. Kooring, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de

Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze

partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend

binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de

behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de

indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van

State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand