ECLI:NL:RBDHA:2026:5728

ECLI:NL:RBDHA:2026:5728

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 18-03-2026
Datum publicatie 18-03-2026
Zaaknummer 23/5831
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

afwijzing aanvraag bbz vanwege ontbrekende gegevens. onvoldoende beheersing nederlandse taal geen geslaagde beroepsgrond. ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 18 maart 2026 in de zaak tussen

[eiseres], uit [woonplaats], eiseres,

het college van burgemeester en wethouders van Den Haag, het college

Bestuursrecht

zaaknummer: SGR 23/5831

en

(gemachtigde: [gemachtigde]).

Procesverloop

1. Eiseres heeft op 30 november 2021 een uitkering aangevraagd op grond van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz). Op 2 december 2021 heeft het college de aanvraag bevestigd en eiseres verzocht aanvullende gegevens te sturen. Op 28 december 2021 heeft het college eiseres nogmaals om gegevens verzocht.

Op 5 januari 2022 heeft het college aan eiseres een Bbz-uitkering toegekend over de periode van 1 oktober 2021 tot en met 31 december 2021. Op dezelfde datum heeft het college de uitkering met € 277,38 verlaagd over de periode van 1 oktober 2021 tot en met 31 december 2021 omdat eiseres geen woonkosten betaalde.

Op 21 oktober 2022 heeft het college de uitkering ingetrokken en het tussen 1 oktober 2021 en 31 december 2021 uitgekeerde bedrag van € 1.029,36 teruggevorderd (het primaire besluit). Eiseres heeft bezwaar gemaakt en het college heeft het bezwaar op 10 juli 2023 ongegrond verklaard (het bestreden besluit).

Eiseres heeft op 17 augustus 2023 beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. De rechtbank heeft het beroep op 5 februari 2026 op zitting behandeld. Hieraan heeft de gemachtigde van het college deelgenomen. Eiseres is niet verschenen.

Toetsingskader

2. De voor de beoordeling van het beroep relevante wet- en regelgeving is te vinden in de bijlage bij deze uitspraak.

Beoordeling door de rechtbank

Waar gaat deze zaak over?

3. De rechtbank beoordeelt aan de hand van de beroepsgronden van eiseres of het college het bestreden besluit terecht heeft genomen.

Het college heeft op 5 januari 2022 een Bbz-uitkering toegekend aan eiseres over de periode van 1 oktober 2021 tot en met 31 december 2021. Het college heeft eiseres op 23 juni 2022, bij een controle op haar recht op bijstand, verzocht gegevens te verstrekken over het definitieve netto-inkomen uit haar onderneming en over eventueel ander inkomen uit loondienst. Op 18 juli 2022 heeft het college eiseres opnieuw om deze informatie gevraagd. Eiseres heeft hier niet op gereageerd. Op 21 oktober 2022 heeft het college de Bbz-uitkering ingetrokken omdat door het ontbreken van deze informatie niet kon worden vastgesteld of eiseres recht had op de uitkering.

Tijdens de bezwaarprocedure tegen het intrekkingsbesluit heeft het college eiseres op 1 februari 2023 nogmaals de kans geboden de gegevens op te sturen waar het college op 23 juni 2022 en 18 juli 2022 om had gevraagd. Op 10 februari 2023 heeft eiseres een deel van de gegevens, namelijk haar aangifte omzetbelasting over het laatste kwartaal van 2021 verstuurd. Op 10 maart 2023 heeft het college eiseres verzocht om de formulieren 'Inkomen Eigen onderneming Bbz’ en 'Inkomen Loon Bbz’ ingevuld terug te sturen. Eiseres heeft hier - tot op het moment van de zitting - niet op gereageerd.

Volgens eiseres heeft zij de ingevulde formulieren niet aan het college verstrekt omdat zij de Nederlandse taal niet machtig was en zij daarom de correspondentie van het college niet volledig had begrepen. Dat eiseres de Nederlandse taal niet machtig is en daardoor niet begreep wat zij moest inleveren, is volgens het college haar eigen verantwoordelijkheid. Eiseres had hiervoor eerder hulp moeten zoeken, zodat zij wel aan haar verplichtingen had kunnen voldoen.

Wat vindt de rechtbank?

4. Voor zover het eiseres onduidelijk was wat het college van haar verwachtte, lag het naar het oordeel van de rechtbank op haar weg om hierover contact op te nemen met het college of de hulp van derden in te roepen. Eiseres heeft dit niet (tijdig) gedaan en zij kan zich niet met succes beroepen op de omstandigheid dat zij door haar beperkte beheersing van de Nederlandse taal de gevraagde formulieren niet zou hebben ingevuld en teruggestuurd.

Bovendien heeft het college ook in het Engels met eiseres gecorrespondeerd en blijkt uit die correspondentie dat eiseres opvolging kon geven aan specifieke verzoeken van het college. Ook heeft eiseres vijfmaal met succes een uitkering aangevraagd op grond van de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO), waarmee werd voorzien in het inkomen dat zij als zelfstandig ondernemer had misgelopen in verband met de Coronapandemie. Deze aanvragen moesten in het Nederlands worden gedaan.

Omdat eiseres op meerdere momenten de door het college gevraagde gegevens niet heeft verstrekt, heeft het college zich op het standpunt kunnen stellen dat het recht op bijstand van eiseres niet vastgesteld kon worden. Het college is dan ook terecht overgegaan op intrekking van haar Bbz-uitkering en de terugvordering van de tussen 1 oktober 2021 en 31 december 2021 uitgekeerde bijstand.

Deze beroepsgrond slaagt niet.

Conclusie en gevolgen

5. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat de terugvordering in stand blijft. Eiseres krijgt het griffierecht niet terug en krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.E. van Essen, rechter, in aanwezigheid van mr.V.A. Paul, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 18 maart 2026.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de CRvB waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de CRvB vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Bijlage: voor deze uitspraak belangrijke wet- en regelgeving

Participatiewet

Artikel 17

1. De belanghebbende doet aan het college op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op zijn arbeidsinschakeling of het recht op bijstand. Deze verplichting geldt niet indien die feiten en omstandigheden door het college kunnen worden vastgesteld op grond van bij wettelijk voorschrift als authentiek aangemerkte gegevens of kunnen worden verkregen uit bij ministeriële regeling aan te wijzen administraties. Bij ministeriële regeling wordt bepaald voor welke gegevens de tweede zin van toepassing is.

2 De belanghebbende verleent het college desgevraagd de medewerking die redelijkerwijs nodig is voor de uitvoering van deze wet. (…)

Artikel 54

(…)

3 Het college herziet een besluit tot toekenning van bijstand, dan wel trekt een besluit tot toekenning van bijstand in, indien het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 17, eerste lid, of artikel 30c, tweede en derde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van bijstand. Onverminderd het elders in deze wet bepaalde terzake van herziening of intrekking van een besluit tot toekenning van bijstand kan het college een besluit tot toekenning van bijstand herzien of intrekken, indien anderszins de bijstand ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend. (…)

Artikel 58

1. Het college van de gemeente die de bijstand heeft verleend vordert de kosten van bijstand terug voor zover de bijstand ten onrechte of tot een te hoog bedrag is ontvangen als gevolg van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 17, eerste lid (…) 2 Het college van de gemeente die de bijstand heeft verleend kan kosten van bijstand terugvorderen, voorzover de bijstand:

a. anders dan in het eerste lid, ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend (…)

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand