ECLI:NL:RBDHA:2026:5837

ECLI:NL:RBDHA:2026:5837

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 18-03-2026
Datum publicatie 19-03-2026
Zaaknummer NL25.48054
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Libië. Ongegrond. Problemen schoonfamilie ongeloofwaardig. Expertrapport leidt niet tot ander oordeel. Al-Awaqir stam. Vanwege behoren tot stam heeft minister zich terecht op standpunt gesteld dat hij niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij reëel risico loopt op ernstige schade. Geen risicoprofiel. Beoordeling 15-c in Benghazi. Geen sprake van uitzonderlijke situatie. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij ondanks lage mate van willekeurig geweld wegens individuele persoonlijke omstandigheden risico loopt om specifiek geraakt te worden door willekeurig geweld.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser,

de minister van Asiel en Migratie, de minister,

Samenvatting

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.48054

V-nummer: [v-nummer]

(gemachtigde: mr. D.W.M. van Erp),

en

(gemachtigde: mr. R. de Groot).

1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de asielaanvraag van eiser als bedoeld in artikel 28 van de Vw 2000. Eiser is het hier niet mee eens. Hij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Mede aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de asielaanvraag.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag in stand kan blijven. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Eiser heeft op 24 juni 2024 een herhaalde aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. De minister heeft met het bestreden besluit van 26 september 2025 deze aanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond. Het al eerder opgelegde inreisverbod en terugkeerbesluit gelden nog steeds. Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.

De rechtbank heeft het beroep op 27 januari 2026 samen met het verzoek om een voorlopige voorziening hangende dit beroep, op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser (bijgestaan door een tolk), de waarnemer van de gemachtigde van eiser mr. C.T.W. van Dijk en de gemachtigde van de minister.

Beoordeling door de rechtbank

Wat voorafging aan de huidige procedure

3. De minister heeft bij besluit van 28 februari 2014 eisers verklaringen over zijn gestelde huwelijk en de daaruit voortvloeiende persoonlijke problemen ongeloofwaardig geacht. Deze rechtbank, zittingsplaats Zwolle heeft bij uitspraak van 15 juli 2014 het beroep tegen dat besluit ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 30 maart 2015 heeft de Afdeling het door eiser ingestelde hoger beroep ongegrond verklaard.

Op 27 maart 2015 heeft eiser een herhaalde asielaanvraag ingediend. Deze aanvraag is bij besluit van 31 maart 2015 afgewezen. Deze rechtbank, zittingsplaats Haarlem, heeft op 28 april 2015 het beroep tegen dat besluit ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 28 mei 2015 heeft de Afdeling het door eiser ingestelde hoger beroep ongegrond verklaard.

Het asielrelaas

4. Eiser heeft verklaard dat hij nog steeds problemen ondervindt vanwege zijn huwelijk. Eiser stelt dat hij bij een terugkeer naar Libië nog altijd vreest voor de familie van zijn echtgenote en dat er niemand in Libië is die hem kan beschermen. Ook zijn familie heeft afstand van hem genomen. Daarnaast heeft eiser aangevoerd dat hij behoort tot de Al-Awaqir stam. Er bestaan veel spanningen tussen de huidige machthebber in Benghazi, Haftar en de Al-Awaqir stam. Haftar vervolgt leden van eisers stam, omdat de Al-Awaqir stam een bondgenoot is geweest van Khadaffi. Ter onderbouwing van zijn asielrelaas heeft hij onder meer de volgende documenten overgelegd: een vogelvrijverklaring, een expertrapport van dr. [expert] , een kopie van een pagina uit zijn familieboekje, een uittreksel van de burgerlijke stand en landeninformatie van VWN van 18 juni 2024 over de Al-Awaqir stam en Haftar in Libië.

Het bestreden besluit

5. Het asielrelaas van eiser bevat volgens de minister de volgende asielmotieven: de identiteit, nationaliteit en herkomst en de problemen met de schoonfamilie. De minister acht eisers identiteit, nationaliteit en herkomst geloofwaardig. De problemen met de schoonfamilie acht de minister niet geloofwaardig. Aan de overgelegde vogelvrijverklaring kan niet de waarde worden gehecht die eiser daaraan gehecht wil zien. Het document is onderzocht, maar er konden geen uitspraken worden gedaan over de echtheid, opmaak en afgifte of de inhoud ervan. Bovendien had eiser dit document, dat opgemaakt is in 2018, eerder kunnen overleggen.

Daarnaast volgt de minister eiser niet in zijn stelling dat hij bij terugkeer naar Libië een reëel risico op ernstige schade loopt. Aan het door eiser overgelegde expertrapport en de landeninformatie van Vluchtelingenwerk kan geen doorslaggevende betekenis worden toegekend. Het expertrapport is onvoldoende gespecificeerd en ziet voornamelijk op de algehele situatie in Libië. Daarnaast is het rapport gebaseerd op bronnen die al zijn opgenomen in het Algemeen Ambtsbericht Libië. Ook volgt de minister niet dat eiser, vanwege het behoren tot de Al-Awaqir stam, een reëel risico loopt op ernstige schade. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat sprake is van specifieke risicofactoren die op hem zien.

Verder is de minister van mening dat niet kan worden geconcludeerd dat er sprake is van een uitzonderlijke situatie waarin willekeurig geweld zodanig ernstig en wijdverspreid is dat het alleen door aanwezigheid in Libië een reëel risico op ernstige schade oplevert. Als sprake is van een minder uitzonderlijke situatie, dan dient de beoordeling van het risico op ernstige schade te worden gebaseerd op de individuele en persoonlijke omstandigheden van de vreemdeling. Van een reëel risico op ernstige schade is in het licht van de individuele omstandigheden van eiser niet gebleken. De aanvraag is afgewezen als kennelijk ongegrond.

Zienswijze herhaald en ingelast

6. De rechtbank overweegt dat eisers stelling dat zijn zienswijze als herhaald en ingelast moet worden beschouwd, onvoldoende is om aan te merken als een beroepsgrond waarop de rechtbank moet ingaan. De minister is in het bestreden besluit gemotiveerd ingegaan op de zienswijze. Het is aan eiser om in beroep concreet aan te geven waarom de reactie van de minister op de zienswijze volgens hem niet juist of niet toereikend is. De rechtbank zal zich dan ook richten op wat eiser in beroep heeft aangevoerd.

Problemen schoonfamilie

Vogelvrijverklaring - vergewisplicht Bureau Documenten

7. Eiser stelt dat de minister niet heeft voldaan aan zijn vergewisplicht. De minister had zich ervan moeten vergewissen of de conclusie van Bureau Documenten op een deugdelijke wijze tot stand is gekomen, inzichtelijk en concludent is. Dat ziet eiser niet terug in het besluit. Voor eiser is niet duidelijk hoeveel vergelijkingsmateriaal er is en of het vergelijkingsmateriaal op sommige punten ook overeenkomt met het overgelegde document van eiser. In dit kader verwijst eiser naar de uitspraak van deze rechtbank, zittingsplaats Roermond, van 8 november 2024. De mailwisseling tussen een beslismedewerker van de IND en een medewerker van Bureau Documenten kan niet gelijkgesteld worden aan een vergewisbrief. Met het enkel overleggen van de mailwisseling is niet voldaan aan de vergewisplicht.

De rechtbank overweegt dat het vaste rechtspraak is dat een door Bureau Documenten opgestelde verklaring een deskundigenadvies is. De minister mag er in principe vanuit gaan dat een verklaring van onderzoek van Bureau Documenten op zorgvuldige wijze tot stand is gekomen, de redenering daarin begrijpelijk is en de getrokken conclusies daarop aansluiten. Dit is anders als een partij concrete aanknopingspunten voor twijfel aan de zorgvuldigheid van de totstandkoming van het advies, de begrijpelijkheid van de in het advies gevolgde redenering of het aansluiten van de conclusies daarop naar voren heeft gebracht. De minister zal dan nadere invulling moeten geven aan zijn vergewisplicht, bijvoorbeeld door zelf de onderliggende stukken in te zien of Bureau Documenten nader te bevragen over de totstandkoming van de conclusies.

De rechtbank stelt vast dat Bureau Documenten over de echtheid van de vogelvrijverklaring heeft geoordeeld dat daarover geen uitspraak kan worden gedaan, omdat voldoende, betrouwbaar vergelijkingsmateriaal ontbreekt. Er kan ook geen uitspraak worden gedaan over de opmaak en afgifte van het document en niet kan worden vastgesteld of het document inhoudelijk juist is. De rechtbank overweegt dat de bevindingen van Bureau Documenten duidelijk zijn en de conclusies sluiten aan bij de bevindingen. Dat de minister geen inzicht heeft in de hoeveelheid beschikbaar vergelijkingsmateriaal en of dit materiaal op relevante punten overeenkomsten vertoont met het door hem aangeleverde document, vormt geen aanknopingspunt om te twijfelen aan de juistheid of de volledigheid van het onderzoeksresultaat. De minister mocht daarom uitgaan van het onderzoek van Bureau Documenten. Er is dan ook geen sprake van een situatie waarbij de minister nadere invulling had moeten geven aan de vergewisplicht. De verwijzing naar de uitspraak van deze rechtbank, zittingsplaats Roermond, gaat daarom niet op. De beroepsgrond slaagt niet.Vogelvrijverklaring - onderbouwing problemen?

8. Eiser stelt zich op de zitting op het standpunt dat de minister ten onrechte geen waarde heeft gehecht aan de vogelvrijverklaring. Ook als het document een kopie is of niet op echtheid beoordeeld kan worden, heeft het bewijswaarde en dient naar de inhoud gekeken te worden. De rechtbank begrijpt dat eiser daarbij verwijst naar de arresten MA en LH. Daarnaast heeft de minister ten onrechte tegengeworpen dat hij de vogelvrijverklaring niet eerder kon overleggen.

De rechtbank stelt vast dat eiser heeft voldaan aan de vereisten voor de ontvankelijkheidstoets. De minister heeft de (herhaalde) aanvraag van eiser namelijk inhoudelijk behandeld. De minister heeft daarmee voldaan aan het arrest LH.

De rechtbank oordeelt dat de minister zich niet ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat de vogelvrijverklaring niet zijn gestelde problemen met zijn schoonfamilie onderbouwen. De minister heeft er allereerst op mogen wijzen dat deze problemen al eerder zijn beoordeeld en niet geloofwaardig zijn bevonden. Daarnaast heeft de minister aan eiser mogen tegenwerpen dat niet valt in te zien dat eiser de vogelvrijverklaring niet eerder heeft overgelegd. Het document is namelijk in 2018 opgemaakt. Dat eiser stelt dat hij het afschrift pas in 2023/2024 heeft kunnen verkrijgen vanwege de situatie in Libië, heeft de minister onvoldoende mogen vinden. Eiser heeft dit namelijk niet nader onderbouwd of concreet gemaakt. Tot slot heeft de minister erop mogen wijzen dat Bureau Documenten het document heeft onderzocht, maar geen uitspraak kon doen over de echtheid, opmaak en afgifte en inhoud daarvan. Aan de vogelvrijverklaring kan dan ook niet de waarde worden gehecht die eiser daaraan gehecht wil zien. De beroepsgrond slaagt niet.

Het expertrapport van 9 maart 2023 en algemene landeninformatie

9. Ter nadere onderbouwing van zijn stelling dat zijn familie afstand van hem heeft genomen en hem niet meer wil beschermen uit vrees voor de vergelding van zijn schoonfamilie heeft eiser ook een beroep gedaan op het expertrapport. Eiser heeft erop gewezen dat het in Libië vaak voorkomt dat personen worden verbannen uit de gemeenschap vanwege erekwesties. Hij wijst in dit verband ook op het Algemeen Ambtsbericht Libië van 2025. Dat eiser door zijn gemeenschap is verbannen, maakt zijn problemen met zijn schoonfamilie ook aannemelijker.

Naar het oordeel van de rechtbank heeft eiser met het overgelegde expertrapport en de verwijzing naar het Algemeen Ambtsbericht van 2025 zijn gestelde problemen met zijn schoonfamilie evenmin aannemelijk gemaakt. De minister heeft daarbij mogen betrekken dat weliswaar uit het ambtsbericht en het expertrapport volgt dat Libiërs soms verbannen worden door hun gemeenschap, maar dit niet betekent dat dit eiser ook is overkomen. Zoals hiervoor is overwogen heeft eiser dit ook niet met zijn verklaringen of andere documenten aannemelijk gemaakt. De beroepsgrond slaagt niet.

Loopt eiser bij terugkeer naar Libië een reëel risico op behandeling in strijd met artikel 3 van het EVRM?

Al-Awaqir stam

10. Eiser heeft in beroep aangevoerd dat hij behoort tot de Al-Awaqir stam. Deze stam wordt gezien als bondgenoot van de stam van Khaddafi. Eiser wijst op pagina 23 en 24 van het expertrapport. Hieruit blijkt dat milities het gemunt hebben op zijn stam. Bij terugkeer in Libië zal hij bij een checkpoint direct in verband worden gebracht met de Al-Awaqir stam en zal hij worden vervolgd, mishandeld of zelfs mogelijk worden vermoord. Eiser is van mening dat hij aannemelijk heeft gemaakt dat hij bij terugkeer een reëel risico loopt op ernstige schade vanwege het behoren tot deze stam.

Naar het oordeel van de rechtbank heeft de minister zich terecht op het standpunt gesteld dat eiser vanwege het behoren tot de Al-Awaqir stam niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij een reëel risico loopt op ernstige schade bij terugkeer. Daarbij is allereerst van belang dat in het Algemeen Ambtsbericht Libië van juli 2025 en in het huidige landgebonden asielbeleid over Libië de Al-Awaqir stam niet wordt genoemd als stam die behoort tot de Khaddafi-loyalisten en daarom tot een risicoprofiel. Uit het expertrapport kan deze conclusie evenmin worden getrokken. De bronnen die in het expertrapport worden vermeld zijn al betrokken in het Algemeen Ambtsbericht Libië 2023 en het huidige Algemeen Ambtsbericht Libië 2025. Van nieuwe dan wel aanvullende informatie die nog niet ambtshalve bekend was bij de minister is dan ook geen sprake. Met de verwijzing naar pagina 23 en 24 van het expertrapport heeft eiser niet aannemelijk gemaakt dat hij - specifiek - vanwege het behoren tot de Al-Awaqir stam risico loopt op ernstige schade bij terugkeer. De expert vermeldt in het rapport daarover het volgende:

‘ Given that, as I have explained, the Awageer tribe is the main tribe in Benghazi and surrounding areas, the militiamen will immediately assume that Mr. Eisa is a member of the Awageer and, therefore a Ghadaffi supporter’.

Niet valt in te zien dat eiser bij terugkeer in Benghazi zodanig zou opvallen in een omgeving waar voornamelijk leden van de Al-Awaqir stam wonen. Dat eiser een onderscheidende positie inneemt ten opzichte van andere Al-Awaqir stamleden en hij extra zou opvallen, is niet gebleken. De conclusie uit het expertiserapport dat eisers relaas over het behoren tot de stam en de problemen die daaruit voortvloeien ‘both coherent and plausible’ zijn, is daartoe onvoldoende. De beroepsgrond slaagt niet.

Verblijf buitenland en terugkeer

11. Eiser stelt dat hij bij terugkeer in Libië problemen zal ervaren vanwege zijn langdurig verblijf in het buitenland. Uit het Algemeen Ambtsbericht Libië van 2023 blijkt dat terugkeerders te maken kunnen krijgen met langdurige ondervraging, arrestatie, detentie, een oneerlijk proces, marteling of buitengerechtelijke executie.

Naar het oordeel van de rechtbank heeft de minister zich niet ten onrechte op het standpunt gesteld dat een verblijf in het buitenland nog niet betekent dat eiser bij terugkeer ook daadwerkelijk een reëel risico loopt op ernstige schade. Uit het Algemeen Ambtsbericht Libië 2025 volgt dat er weinig informatie beschikbaar is over mogelijke terugkeer naar Libië. De rechtbank merkt hierbij op dat de weergegeven informatie met name betrekking heeft op illegaal in- en uitreizen en gedwongen terugkeer. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat deze informatie op hem van toepassing is. Daarbij heeft de minister er ook op mogen wijzen dat volgens het Algemeen Ambtsbericht 2025 de geschetste problemen bij terugkeer zich specifiek voordoen op de luchthaven van Mitiga in Tripoli dat in handen is van de ISA. Het vliegveld Benina in Benghazi is daarentegen in handen van de LAAF. Over deze luchthaven wordt in het Algemeen Ambtsbericht 2025 geen melding gemaakt van soortgelijk incidenten als bij de luchthaven van Mitiga. Naar het oordeel van de rechtbank heeft eiser onvoldoende nader onderbouwd, dat hij op grond van zijn langdurig verblijf in het buitenland problemen zal ondervinden bij terugkeer. De beroepsgrond slaagt niet.

15c-situatie in Benghazi

12. Eiser stelt zich in de eerste plaats op het standpunt dat sprake is van een kale 15c-situatie. Daarnaast voert eiser aan dat de minister een onvolledige beoordeling van zijn individuele omstandigheden heeft verricht. De minister heeft niet meegewogen dat eiser inmiddels al 15 jaar in Nederland verblijft en bij terugkeer als verwesterd zal worden aangemerkt. Hij wijst er in dit verband ook op dat hij niet terug kan vallen op zijn familie of stam. Bij terugkeer zal hij gevaar lopen vanwege het behoren tot de Al-Awaqir stam. Hij zal ook dakloos zijn. De minister heeft niet deugdelijk gemotiveerd waarom deze individuele omstandigheden in het licht van de algemene situatie in Libië niet maken dat sprake is van een artikel 15c-situatie.

De minister stelt in het besluit en in het verweerschrift dat er op dit moment in Libië geen sprake is van een situatie waarin iedere burger uit Libië enkel door zijn aanwezigheid aldaar een reëel risico loopt op ernstige schade als bedoeld in artikel 15, onder c, Kwalificatierichtlijn. Toch kunnen burgers in het noordwesten van Libië, met name Tripoli, en in Benghazi een risico lopen om slachtoffer te worden van willekeurig geweld. De minister heeft daarom besloten om de situatie in het noordwesten van Libië (inclusief Tripoli en Sirte) en Benghazi te kwalificeren als een 15c-situatie in de laagste gradatie. Dit maakt dat eiser zelf aannemelijk moet maken dat hij, ondanks de lage mate van willekeurig geweld in Benghazi, wegens zijn individuele persoonlijke omstandigheden het risico zou lopen om specifiek te worden geraakt door willekeurig geweld. Eiser is hier volgens de minister niet in geslaagd.

13. De rechtbank stelt voorop dat de minister de individuele omstandigheden van een vreemdeling moet betrekken als er sprake is van willekeurig geweld en dit geweld plaatsvindt binnen een internationaal of binnenlands gewapend conflict. Alleen in de meest uitzonderlijke situatie, waarin de mate van willekeurig geweld zo hoog is dat een vreemdeling door zijn enkele aanwezigheid al een risico loopt, wordt niet toegekomen aan het betrekken van individuele omstandigheden.

De rechtbank ziet geen aanleiding om op grond van het Algemeen Ambtsbericht Libië 2025 aan te nemen dat sprake is van een uitzonderlijke situatie waarbij de mate van willekeurig geweld in Benghazi zo hoog is dat een vreemdeling alleen door zijn aanwezigheid een reëel risico loopt op een ernstige en individuele bedreiging van zijn leven of persoon. In de verwijzing van de gemachtigde van eiser op de zitting naar het expertrapport ziet de rechtbank geen aanknopingspunten om tot een ander oordeel te komen. Daarbij heeft de minister op de zitting er ook op mogen wijzen dat de bronnen waar de expert naar verwijst, gebaseerd zijn op oude stukken en het Algemeen Ambtsbericht Libië 2025 de periode van februari 2023 tot en met juni 2025 beslaat.

Verder is de rechtbank van oordeel dat de minister heeft kunnen concluderen dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij, ondanks de lage mate van willekeurig geweld in Benghazi, wegens zijn individuele persoonlijke omstandigheden het risico zou lopen om specifiek te worden geraakt door willekeurig geweld. Dat eiser behoort tot de Al-Awaqir stam is - zoals onder punt 10.1. overwogen - niet als een dergelijke bijzondere omstandigheid aan te merken. In dit verband is ook van betekenis dat eiser zijn stelling dat hij vanwege zijn langdurig verblijf buiten Libië als verwesterd zal worden beschouwd niet heeft onderbouwd. Eisers betoog dat hij bij terugkeer geen onderdak zal hebben en niet kan terugvallen op zijn familie slaagt niet, omdat de minister niet ten onrechte de problemen met zijn schoonfamilie ongeloofwaardig heeft geacht. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de minister terecht gesteld dat eiser geen individuele omstandigheden heeft aangevoerd die bijdragen aan het risico om bij terugkeer slachtoffer te worden van willekeurig geweld. De beroepsgrond slaagt niet.

14. Tot slot merkt de rechtbank op dat eiser zijn beroepsgrond over de openbaarmaking van het Algemeen Ambtsbericht Libië 2025 op de zitting heeft ingetrokken.

Conclusie en gevolgen

15. De beroepsgronden slagen niet. De rechtbank komt tot de conclusie dat de minister de aanvraag van eiser terecht kennelijk ongegrond heeft verklaard. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.

16. Eiser krijgt geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. V.A.G. van Dijk, rechter, in aanwezigheid van mr. S. Derks, griffier en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

De uitspraak is het openbaar en bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?