ECLI:NL:RBDHA:2026:5883

ECLI:NL:RBDHA:2026:5883

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 18-03-2026
Datum publicatie 19-03-2026
Zaaknummer NL26.5913
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Arnhem

Samenvatting

Dublin-Zwitserland, geen beroepsgronden ingediend, niet-ontvankelijk.

Uitspraak

[eiser], v-nummer: [nummer], eiser

(gemachtigde: mr. E.H. Bokhorst),

en

de minister van Asiel en Migratie.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen het niet in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister heeft de aanvraag met het bestreden besluit van 3 februari 2026 niet in behandeling genomen omdat Zwitserland verantwoordelijk is voor de aanvraag.

De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

Beoordeling door de rechtbank

2. Iemand die beroep instelt moet op grond van artikel 6:5, eerste lid, aanhef en onder d van de Awb, in het beroepschrift de gronden van het beroep vermelden. Op grond van artikel 6:6 van de Awb kan het beroep niet-ontvankelijk worden verklaard als niet is voldaan aan artikel 6:5 van de Awb en de indiener de gelegenheid heeft gehad om het verzuim te herstellen binnen een daartoe gegeven termijn.

3. Het beroepschrift van 3 februari 2026 bevat geen beroepsgronden in de zin van de Awb. Bij brief van 4 februari 2026 is eiser op dit verzuim gewezen en is hij in de gelegenheid gesteld om de gronden van beroep uiterlijk op 11 februari 2026 alsnog in te dienen. Eiser is er ook op gewezen dat als de gronden niet of niet tijdig worden ingediend, de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk kan verklaren en de zaak daarmee niet inhoudelijk zal beoordelen.

4. Eiser heeft binnen de gegeven termijn geen gronden van beroep ingediend. Daarbij heeft de gemachtigde van eiser met het bericht in het digitaal dossier van 18 februari 2026, de rechtbank geïnformeerd dat hij geen contact meer heeft met zijn cliënt en daarom niet in staat is om de gronden van beroep aan te vullen. Om die reden is hem ook niet bekend of eiser het beroep wil handhaven. Omdat de beroepsgronden ontbreken, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Voor een proceskostenvergoeding bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M. van Harten, rechter, in aanwezigheid van F. Metz, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. M. van Harten

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?