Rechtbank den haag
Team handel - voorzieningenrechter
zaak- / rolnummer: C/09/699155 / KG ZA 26-140
Vonnis in kort geding van 12 februari 2026
in de zaak van
[eiser] te [woonplaats 1] ,
eiser / de vader,
advocaat mr. E.T.W. Laureau in Den Haag.
tegen:
[gedaagde] te [woonplaats 2] ,
gedaagde / de moeder,
niet verschenen.
1. De procedure
De vader heeft de dagvaarding doen uitbrengen overeenkomstig de aangehechte kopie en heeft ter zitting van 11 februari 2026 bij de daarin opgenomen eis volhard.
De moeder is behoorlijk opgeroepen tegen die terechtzitting, maar zij is daar niet verschenen. Tegen de moeder is verstek verleend.
2. De beoordeling van het geschil
De vader vordert vervangende toestemming om met [de minderjarige] naar [land] te gaan. De vader heeft tijdig geprobeerd toestemming te verkrijgen van de moeder, maar dit is niet gelukt. De moeder heeft vragen gesteld over de vakantie en de vader heeft deze direct beantwoord. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is de moeder op basis van deze informatie voldoende geïnformeerd over de vakantie. Dat de vader met een privéjet vliegt in plaats van met een reguliere vlucht maakt dit niet anders. Daarnaast valt de reis in de voorjaarsvakantie waarbij – conform de verdeling van de vakanties – [de minderjarige] bij de vader is.
Gelet hierop komt de vordering de voorzieningenrechter noch onrechtmatig noch ongegrond voor en wordt daarom – op de wijze zoals hierna vermeld – toegewezen.
De vader vordert een proceskostenveroordeling. De voorzieningenrechter ziet in dit geval voldoende aanleiding om, in afwijking van het uitgangspunt in familierechtelijke zaken dat ieder der partijen de eigen proceskosten draagt, de moeder te veroordelen in de proceskosten. Voor de vader is dit al de derde keer dat hij een procedure tegen de moeder moet voeren om vervangende toestemming te verkrijgen voor een buitenlandse vakantie met [de minderjarige] en daarvoor kosten moet maken. De voorzieningenrechter is van oordeel dat de moeder in onderhavige procedure met het onthouden van haar toestemming oneigenlijk gebruik maakt van haar ouderlijk gezag.
De moeder zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van dit geding. De kosten aan de zijde van de vader worden begroot op € 715,- aan salaris van de advocaat conform het liquidatietarief, het griffierecht van € 341,- en de dagvaardingkosten van € 153,02, te vermeerderen met het nasalaris van € 178,- en de kosten van de betekening van het vonnis van € 92,-. De proceskosten en de nakosten dienen te worden betaald binnen veertien dagen na de betekening van dit vonnis. Bij gebreke van tijdige betaling is de moeder de wettelijke rente over de proceskosten en de nakosten verschuldigd.
3. De beslissing
De voorzieningenrechter:
verleent vervangende toestemming aan de vader – die de toestemming van de moeder vervangt – om met de minderjarige [de minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2016 in [geboorteplaats] , van 13 februari tot en met 18 februari 2026 naar [plaats] ( [land] ) af te reizen en daar te verblijven;
veroordeelt de moeder in de kosten van dit geding, tot dusverre aan de zijde van de vader begroot op € 1.209,02 waarvan € 715,- aan salaris advocaat, € 341,- aan griffierecht en € 153,02 aan dagvaardingskosten, in voorkomende gevallen te vermeerderen met btw, te vermeerderen met nakosten zoals vermeld in 2.3, te vermeerderen met de wettelijke rente over de proceskosten en de nakosten vanaf veertien dagen na betekening van het vonnis tot aan de dag der algehele voldoening;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. E.D.A. Geleijns en in het openbaar uitgesproken op 12 februari 2026.
AIK