ECLI:NL:RBDHA:2026:6035

ECLI:NL:RBDHA:2026:6035

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 20-03-2026
Datum publicatie 20-03-2026
Zaaknummer NL25.59935
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Groningen

Samenvatting

Asiel - Irak - De minister heeft de werkzaamheden voor de inlichtingendienst, het deserteren en de politieke activiteiten niet ten onrechte ongeloofwaardig bevonden. Inhoud van door eiser overgelegde documenten komt niet overeen met zijn verklaringen en de documenten bevatten onregelmatigheden in de opmaak. Beroep ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam], eiser,

de minister van Asiel en Migratie, de minister,

Samenvatting

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.59935

geboren op [geboortedatum],

van Iraakse nationaliteit,

V-nummer: [nummer],

(gemachtigde: mr. T. der Bedrosian),

en

(gemachtigde: mr. G.W. Wezelman).

1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de asielaanvraag van eiser als bedoeld in artikel 28 van de Vw. Eiser is het hier niet mee eens. Hij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Mede aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de asielaanvraag.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag in stand kan blijven. De minister heeft de verklaringen van eiser niet ten onrechte ongeloofwaardig geacht. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Dit betekent dat eiser geen gelijk krijgt en ook geen vergoeding van zijn proceskosten. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Eiser heeft een aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. De minister heeft met het bestreden besluit van 5 december 2025 deze aanvraag in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.

De rechtbank heeft het beroep op 16 maart 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser, de gemachtigde van eiser, een tolk en de gemachtigde van de minister. De rechtbank heeft het onderzoek op de zitting gesloten.

Beoordeling door de rechtbank

Het asielrelaas

3. Eiser legt aan zijn asielaanvraag het volgende ten grondslag. Eiser stelt voor de Irakese inlichtingendienst (de NSS) te hebben gewerkt van 2012 tot 2018. In mei/juni 2018 is eiser gedeserteerd tijdens een demonstratie. Tegen eiser is een vonnis gewezen vanwege het deserteren uit de inlichtingendienst en zijn betrokkenheid bij demonstraties. Eiser is naar Turkije gevlucht, heeft daar in de gevangenis gezeten en zou uitgezet worden naar Irak. Toen eiser uitgeleverd zou worden aan Irak heeft hij bij het boarden asiel aangevraagd in Turkije en heeft hij deze verkregen. Bij terugkeer naar Irak vreest eiser een gevangenisstraf van vijftien jaar te moeten ondergaan, gemarteld en vernederd te worden.

Het bestreden besluit

4. Het asielrelaas van eiser bevat volgens de minister de volgende asielmotieven:

De minister stelt zich op het standpunt dat eisers nationaliteit en herkomst geloofwaardig zijn. De minister acht eisers identiteit en de problemen vanwege zijn werkzaamheden niet geloofwaardig. De minister overweegt hiertoe dat eiser geen oprechte inspanning heeft geleverd om zijn aanvraag te staven en zijn verklaringen niet heeft onderbouwd met objectieve documenten die zijn asielmotieven volledig onderbouwen en daarvoor geen goede verklaring heeft gegeven. De minister vindt verder dat eisers verklaringen geen samenhangend en aannemelijk geheel vormen. De minister concludeert daarom dat eiser geen vluchteling is in de zin van het Vluchtelingenverdrag. De minister concludeert ook dat eiser bij terugkeer naar Irak geen reëel risico op ernstige schade loopt. Eisers asielaanvraag wordt daarom afgewezen.

Heeft de minister eisers verklaringen ten onrechte ongeloofwaardig geacht?

5. Eiser voert – samengevat – aan dat de problemen vanwege zijn werkzaamheden ten onrechte ongeloofwaardig zijn geacht. Eiser stelt dat hij voldoende gedetailleerd en consistent heeft verklaard over zijn werkzaamheden voor de NSS, over het deserteren in 2018 en over zijn deelname aan de Tishreen demonstraties en zijn politieke activiteiten. Zijn verklaringen sluiten verder aan bij wat hierover bekend is bij algemene landeninformatie.

De rechtbank is van oordeel dat de minister niet ten onrechte heeft overwogen dat de verklaringen van eiser niet overtuigen dat hij bij de inlichtingendienst heeft gewerkt. De minister heeft hierbij kunnen betrekken dat eiser heeft verklaard dat hij zes jaar bij de NSS heeft gewerkt. In deze context heeft de minister het onnavolgbaar kunnen vinden dat eiser weinig weet te verklaren over de NSS. Zo heeft de minister erop kunnen wijzen dat eiser niet weet wat het verschil tussen de veiligheidsdienst en de inlichtingendienst. De minister heeft de verklaringen over zijn werkzaamheden ook ongerijmd kunnen vinden. Eiser heeft geen namen genoemd van zijn collega’s of van personen over wie hij inlichtingen moest vergaren. Eiser heeft enkel de naam van de directeur van de NSS weten te noemen. De rechtbank overweegt dat de stelling van eiser dat zijn verklaringen passen in algemene landeninformatie daaraan niet af doet. De minister heeft kunnen overwegen dat dit algemene informatie is die voor iedereen toegankelijk is en dat eiser niet samenhangend en aannemelijk heeft verklaard over zijn werkzaamheden.

Ten aanzien van de Tishreen demonstraties en eisers politieke activiteiten overweegt de rechtbank dat eiser niet heeft onderbouwd dat hij daadwerkelijk heeft meegedaan aan die demonstraties. Zo heeft eiser verklaard dat hij in televisie-uitzendingen is verschenen, maar heeft hij hiervan geen opname overgelegd. De rechtbank volgt eiser niet in zijn stelling dat het op weg van de minister had gelegen om de uitzendingen waarin eiser stelt te zijn geïnterviewd op te zoeken en te bekijken. Het is aan eiser om zijn asielaanvraag te onderbouwen. De minister heeft verder kunnen betrekken dat eiser wisselend heeft verklaard over de demonstraties, het verschijnen in interviews op televisie en welke boodschap hij in de interviews heeft gegeven.

Ten aanzien van het deserteren overweegt de rechtbank als volgt. De minister heeft de problemen vanwege eisers werkzaamheden zoals hiervoor overwogen niet ten onrechte ongeloofwaardig bevonden. Daarmee heeft de minister het deserteren ook niet ten onrechte ongeloofwaardig kunnen bevinden. Dat uit het ambtsbericht volgt dat deserteren gebruikelijk is maakt het voorgaande niet anders. Het gaat namelijk om de verklaringen van eiser die maken dat de minister het deserteren niet ten onrechte ongeloofwaardig heeft bevonden. In dat kader heeft de minister er ook op kunnen wijzen dat het verstekvonnis in 2018 is uitgesproken, dat eiser pas in juli 2021 uit Irak is vertrokken en dus nog geruime tijd na het deserteren en het verstekvonnis in Irak heeft verbleven. De minister heeft naar het oordeel van de rechtbank ook terecht overwogen dat de inhoud van het vonnis niet overeenkomt met de verklaringen van eiser. De minister heeft er terecht op gewezen dat eiser heeft verklaard dat hij vanwege het deserteren problemen heeft ondervonden, maar dat dit niet blijkt uit de inhoud van het vonnis. De minister heeft daarbij kunnen overwegen dat eiser voor deze ongerijmdheden geen goede verklaring geeft. De minister heeft ook terecht gewezen op het ontbreken van belangrijke informatie in het verstekvonnis. Zo bevat het verstekvonnis geen plaatsnaam en geen persoonsgegevens van eiser.

Heeft de minister de door eiser overgelegde documenten ten onrechte vals bevonden?

6. Eiser voert aan dat zijn militaire dienstpas en het verstekvonnis ten onrechte vals zijn bevonden. Volgens eiser had het op weg van de minister gelegen om nader onderzoek te doen naar de echtheid van de documenten, ondanks dat het kopieën betreft. Op zitting heeft eiser verder aangevoerd dat op de militaire dienstpas in het Arabisch wel degelijk staat vermeld dat hij bevoegd is om wapens te dragen. De minister werpt ten onrechte tegen dat de vertaling hierop afwijkt. Eiser stelt ook dat de inhoud van het vonnis past bij het patroon van de handelswijze van de Iraakse autoriteiten en overeenkomt met de landeninformatie.

De rechtbank is van oordeel dat de minister niet ten onrechte heeft overwogen dat de kopie van de documenten niet tot een ander oordeel leidt. Zoals onder 5.3 overwogen heeft de minister terecht overwogen dat de inhoud van het vonnis niet overeenkomt met de verklaringen van eiser. Met betrekking tot de militaire dienstpas is terecht overwogen dat inhoud ervan tegenstrijdig is met de verklaringen van eiser. Zo staat eisers eigen voornaam op de militaire dienstpas, terwijl uit de verklaringen van eiser blijkt dat hij niet onder deze naam werkte bij de NSS. Eiser heeft verder verklaard dat de kaart bedoeld is om te laten zien wie je bent en waar je werkt. De rechtbank overweegt dat de minister terecht opmerkt dat er onregelmatigheden zijn in de opmaak van de militaire dienstpas. Zo is er een onjuiste vertaling van het woord functie opgenomen en ontbreken andere persoonsgegevens op de militaire dienstpas zoals achternaam en geboortedatum. De rechtbank volgt de minister in de stelling dat niet valt in te zien dat de NSS zo’n soort militaire dienstpas zou afgeven. De enkele stelling van eiser op zitting, dat in het Arabisch op de militaire dienstpas staat dat eiser een wapen mag dragen leidt de rechtbank niet tot een ander oordeel. Nog daargelaten dat er geen vertaling is overgelegd kan deze stelling in het licht van de overige tegenwerpingen niet tot een ander oordeel leiden.

De rechtbank is dan ook van oordeel dat de minister niet ten onrechte geen aanleiding heeft gezien voor nader onderzoek naar de door eiser overgelegde kopieën. De minister heeft daarbij terecht opgemerkt dat eisers identiteit überhaupt niet geloofwaardig is bevonden in het kader van de verklaringen die onaannemelijk en onsamenhangend zijn. Ook indien nader onderzoek zou worden gedaan naar de kopieën, blijkt daaruit niet dat het daadwerkelijk om eiser gaat. De stelling van eiser dat de inhoud van het vonnis overeenkomt met de werkwijze en algemene landeninformatie, maakt het voorgaande niet anders.

Heeft de minister de overige elementen van het asielmotief ten onrechte niet meegenomen in de beoordeling?

7. Eiser voert tot slot aan dat de minister in het besluit nauwelijks is ingegaan op enkele aanvullende elementen van het asielrelaas, namelijk de eerdere detentie in Koerdistan, de deportatie vanuit Turkije naar Irak, eisers mediaoptreden in Arbil en de bedreiging door eisers broer.

De rechtbank volgt eiser niet in de stelling dat de minister onvoldoende zou zijn ingegaan op de door eiser genoemde onderdelen. Hiertoe overweegt de rechtbank dat de minister in het bestreden besluit heeft overwogen dat het ongerijmd is dat de Amerikaanse consul in Arbil de arrestatie in Koerdistan heeft kunnen voorkomen, terwijl eiser stelt te zijn veroordeeld voor deserteren. De minister heeft ten aanzien van de deportatie overwogen dat er geen uitleveringsverdrag bestaat tussen Turkije en Irak en dat het niet logisch is dat een piloot de deportatie heeft kunnen voorkomen. Ten aanzien van de media-optredens heeft de minister overwogen dat eiser wisselend heeft verklaard over het verschijnen op televisie en zijn verklaringen niet heeft onderbouwd. Ten aanzien van de bedreiging door eisers broer heeft de minister overwogen dat uit eisers verklaringen niet is gebleken dat hij religieuze figuren heeft beledigd, dat eiser politiek actief is geweest of dat eisers broer zich bekommert om en/of werkzaam is in de politiek. Eiser heeft namelijk verklaard dat hij de enige is die militair werk deed en dat zijn familie een boerenfamilie is. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat de minister voldoende is ingegaan op deze onderdelen van het asielmotief.

Heeft de minister zich ten onrechte op het standpunt gesteld dat eiser geen reëel risico loopt op ernstige schade?

8. De minister heeft eisers werkzaamheden voor de NSS, het deserteren, de deelname aan de Tishreen demonstraties en politieke activiteiten en de daaruit voortvloeiende problemen niet ten onrechte ongeloofwaardig geacht. Ook de identiteit van eiser is niet ten onrechte ongeloofwaardig geacht. De rechtbank is van oordeel dat de minister terecht heeft overwogen dat eiser op grond van het geloofwaardig geachte asielmotief geen gegronde vrees heeft voor vervolging en geen reëel risico loopt op ernstige schade.

Conclusie en gevolgen

9. De minister heeft de aanvraag terecht afgewezen als kennelijk ongegrond. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat de afwijzing van de asielaanvraag in stand blijft en eiser geen gelijk krijgt. Eiser krijgt geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R. Tesfai, rechter, in aanwezigheid van mr. K.E. Mulder, griffier en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

Deze uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. R. Tesfai

Griffier

  • mr. K.E. Mulder

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?