RECHTBANK DEN HAAG
de minister van Asiel en Migratie.
uitspraak
Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL26.2461
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , V-nummer: [V-nummer] , eiseres (gemachtigde: mr. C.T.W. van Dijk),
en
Procesverloop
Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiseres heeft ingediend, omdat de minister volgens haar niet op tijd heeft beslist op haar aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd (hierna: aanvraag).
Overwegingen
1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Eiseres heeft namelijk het griffierecht niet betaald, waardoor de rechtbank de zaak niet inhoudelijk behandelt. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Iemand die in beroep gaat, moet griffierecht betalen. Dit staat in artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In dit geval is het griffierecht € 200,-.
3. Als het griffierecht niet (tijdig) wordt betaald, is de hoofdregel dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom het griffierecht niet door de rechtbank is ontvangen. Het gaat dan om omstandigheden waaraan eiseres niets kan doen.
4. De rechtbank heeft eiseres op 30 januari 2026 een aangetekende nota gestuurd, waarin staat dat eiser het griffierecht binnen twee weken moet betalen. In deze nota staat ook dat de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk kan verklaren als eiseres het griffierecht niet of niet tijdig betaalt. Uit informatie van PostNL is gebleken dat de nota op 13 februari 2026 om 15:56 uur is afgehaald en dat voor ontvangst is getekend.
5. De rechtbank heeft het bedrag niet ontvangen. Eiseres heeft daarvoor geen geldige reden gegeven.
6. Het beroep zal niet inhoudelijk worden behandeld en de rechtbank zal geen uitspraak over het beroep doen. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk (artikel 8:54, eerste lid, van de Awb).
7. Er is geen aanleiding voor een vergoeding van de proceskosten.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.A. Schaaf, rechter, in aanwezigheid van
M.H.G.P. Tober, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
19 maart 2026
Documentcode: [Documentcode]
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.