ECLI:NL:RBDHA:2026:7227

ECLI:NL:RBDHA:2026:7227

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 04-03-2026
Datum publicatie 31-03-2026
Zaaknummer NL25.52443 en NL25.52444
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Amsterdam

Samenvatting

Asiel, eiser MOB, procesbelang, referentiekader niet voldoende kenbaar betrokken, gegrond

Uitspraak

[eiser] ,

geboren op [geboortedag] 1980, van Bengalese nationaliteit, eiser/verzoeker (hierna: eiser)

(gemachtigde: mr. D. van Elp),

en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder (hierna: de minister),

(gemachtigde: mr. Y. Verheugd).

Inleiding

1. Eiser heeft op 16 juli 2025 een aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend.

De minister heeft met het bestreden besluit van 21 oktober 2025 deze aanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond.

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit en een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend, strekkende tot het voorkomen van zijn uitzetting totdat op het beroep is beslist.

De rechtbank heeft het beroep en het verzoek om een voorlopige voorziening op 18 februari 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben de gemachtigden van beide partijen deelgenomen. Eiser is niet verschenen op de zitting.

Beoordeling door de rechtbank

Heeft eiser procesbelang?

2. De minister heeft de rechtbank op de ochtend van de zitting bericht dat eiser volgens een melding van het COA met onbekende bestemming is vertrokken (de MOB-melding). De MOB-melding dateert van 16 september 2025. Het beroep tegen het bestreden besluit is ingediend op 27 oktober 2025. De rechtbank beantwoordt ambtshalve de vraag of eiser procesbelang heeft bij het beroep.

Uit jurisprudentie van de Afdeling volgt dat als eiser met onbekende bestemming vertrekt zonder aan de minister te laten weten waar hij verblijft, er in beginsel vanuit wordt gegaan dat hij kennelijk geen prijs meer stelt op de door hem gezochte bescherming in Nederland. Eiser heeft wel belang bij zijn beroep als uit recente informatie van zijn gemachtigde blijkt dat er, na de MOB-melding, nog contact is onderhouden met eiser over de procedure. Uit diezelfde uitspraak volgt dat de bestuursrechter voorzichtig dient om te gaan met het niet-ontvankelijk verklaren van een beroep op basis een MOB-melding, gezien het fundamentele belang van het recht op toegang tot de rechter en het bieden van doeltreffende en effectieve rechtsbescherming.

De rechtbank overweegt dat bij de huidige stand van zaken er niet zonder meer van uit kan worden gegaan dat eiser geen prijs meer stelt op de behandeling van zijn beroep. De rechtbank overweegt daartoe als volgt. Eiser is niet verschenen op de zitting. Zijn gemachtigde heeft op de zitting toegelicht dat zij eiser gedurende de hele procedure heeft bijgestaan en dat hij altijd duidelijk is geweest over zijn wens om door te procederen. De gemachtigde heeft ook toegelicht dat zij na de MOB-melding nog contact met eiser heeft gehad en dat hij ook toen door wilde procederen. De gemachtigde heeft eiser in november 2025 voor het laatst gesproken. Anders dan de bovenstaande jurisprudentie van de Afdeling is er dus na de MOB-melding nog wel contact geweest tussen eiser en zijn gemachtigde en heeft hij na de MOB-melding en na het instellen van het beroep zijn uitdrukkelijke wens uitgesproken om verder te procederen. De gemachtigde van eiser heeft op de zitting verder toegelicht dat zij indicaties heeft dat eiser licht verstandelijk beperkt is en dat hij in ieder geval niet kan lezen en schrijven. Zij heeft ook toegelicht dat de uitnodiging van de zitting is verstuurd naar eisers toenmalige adres en dat deze niet retour is gezonden. Het is voor de gemachtigde van eiser daarom onduidelijk of hij de uitnodiging heeft ontvangen, dan wel of hij heeft begrepen dat hij kon verschijnen op de zitting. Ook is de gemachtigde in de tussentijd gewisseld van advocatenkantoor, wat eveneens een complicerende factor in het contact met eiser zou kunnen zijn. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat niet kan worden uitgesloten dat eiser, ondanks zijn afwezigheid ter zitting, nog immer prijs stelt op de behandeling van zijn beroep. Onder deze omstandigheden moet procesbelang worden aangenomen.

De rechtbank zal overgaan op een inhoudelijke behandeling van het beroep.

Het asielrelaas

3. Eiser heeft aan zijn asielaanvraag het volgende ten grondslag gelegd. Eiser is geboren op [geboortedag] 1980 en heeft de Bengalese nationaliteit. Eiser heeft verklaard dat hij sinds 2000 lid is geworden van een politieke partij in Bangladesh, genaamd Awami League. Eiser heeft verklaard hij tijdens een opstand in 2008 rondom de verkiezingen is aangevallen door politieke tegenstanders van de BNP. Hierna is hij naar Dubai vertrokken. Daar heeft hij van 2008 tot 2025 altijd gewoond en gewerkt en is tussentijds een aantal keer teruggekeerd naar Bangladesh. Eiser heeft verklaard dat hij uiteindelijk in Dubai een aantal keer is aangevallen door leden van de BNP, waarna hij heeft besloten uit Dubai te vertrekken. Eiser heeft ter onderbouwing zijn Bengalese paspoort, een kopie van zijn geboorteakte en een kopie van een verklaring van lidmaatschap van de Awami League overgelegd.

Het bestreden besluit

4. De minister heeft in eisers relaas de volgende asielmotieven onderscheiden:

identiteit, nationaliteit en herkomst;

eisers problemen vanwege zijn Awami League lidmaatschap.

De minister heeft eisers identiteit, nationaliteit en herkomst geloofwaardig geacht omdat eiser een echt bevonden Bengaals paspoort heeft overgelegd. Het lidmaatschap van de Awami League en de daaruit voortvloeiende problemen heeft de minister niet geloofwaardig geacht. Eiser heeft zijn Awami League lidmaatschap niet onderbouwd met objectieve documenten en eiser heeft volgens de minister ook niet voldaan aan de voorwaarden onder artikel 31, zesde lid, onder b, c en e van de Vw. Eiser heeft geen goede reden gegeven waarom hij geen origineel document van zijn lidmaatschap heeft overgelegd. Hij heeft daarnaast volgens de minister vaag en summier verklaard over de idealen van de Awami League en hoe hij lid is geworden van de partij. Eiser heeft daarnaast geen inzicht gegeven in de activiteiten die hij heeft verricht voor de politieke partij. Verder kan eiser niet in grote lijnen als geloofwaardig worden beschouwd. De minister heeft de aanvraag van eiser afgewezen als kennelijk ongegrond nu eiser volgens de minister met een vervalst visumdossier Nederland heeft geprobeerd in te reizen en de Nederlandse autoriteiten heeft getracht te misleiden.

Standpunt van eiser

5. Eiser stelt zich op het standpunt dat de minister ten onrechte het lidmaatschap van de Awami League ongeloofwaardig heeft geacht. De minister heeft in zijn beoordeling daarvan onvoldoende rekening gehouden met het referentiekader van eiser. De gemachtigde van eiser heeft de minister in de correcties en aanvullingen op het aanmeldgehoor geattendeerd op het referentiekader van eiser en de minister heeft daar zowel in het nader gehoor als in de besluitvorming onvoldoende kenbaar rekening mee gehouden. Eiser heeft een zeer beperkte kennis, begrijpt veel dingen niet en hij kan niet lezen en schrijven. De gemachtigde van eiser heeft op de zitting toegelicht dat zij bij eiser een licht verstandelijke beperking vermoedt.

Het oordeel van de rechtbank

6. Partijen zijn met name verdeeld of bij het beoordelen van de verklaringen die eiser heeft afgelegd voldoende rekening is gehouden met het referentiekader van eiser en of dat ook tijdens het gehoor voldoende is gebeurd. De minister meent dat in de besluitvorming voldoende rekening is gehouden met het referentiekader van eiser. De minister wijst erop dat voorafgaand aan het nader gehoor een medisch deskundigenadvies is ingewonnen bij Medifirst. Uit het advies van 21 juli 2025 blijkt dat eiser last heeft van wisselende concentratie en er wordt geadviseerd aan eiser korte, eenvoudige vragen te stellen, de vragen te herhalen of ze anders te stellen. De minister meent dat daar voldoende rekening mee is gehouden.

Naar het oordeel van de rechtbank heeft de minister bij de beoordeling van de geloofwaardigheid van eisers asielrelaas onvoldoende rekening gehouden met eisers referentiekader. De rechtbank overweegt daartoe als volgt.

De rechtbank stelt allereerst vast dat de minister in het bestreden besluit niet kenbaar heeft aangegeven van welk referentiekader is uitgegaan bij de beoordeling van eisers verklaringen. In de door eiser aangehaalde uitspraak van deze rechtbank, zittingsplaats Roermond, van 20 mei 2025 wordt overwogen dat de minister het referentiekader moet vaststellen en ook nader moet toelichten waarom, gelet op bepaalde feiten en omstandigheden, bepaalde verklaringen van eiser worden verwacht. De rechtbank sluit zich bij deze overwegingen aan. In het geval van eiser merkt de minister op verschillende punten in het voornemen op dat eiser laaggeletterd, laaggeschoold en analfabeet is, maar motiveert niet waarom de minister dat als referentiekader heeft onderscheiden. De minister geeft daarnaast aan dat de laaggeletterdheid of laaggeschooldheid van eiser zijn vage, dan wel summiere verklaringen over de Awami League en zijn politieke overtuiging niet verschonen, maar geeft niet gemotiveerd weer waarom dat zo is. In het bestreden besluit stelt de minister zich op het standpunt dat voldoende rekening is gehouden met het referentiekader, zonder dit nader te onderbouwen.

De rechtbank overweegt daarnaast dat ook tijdens het horen onvoldoende rekening is gehouden met het referentiekader van eiser. In dit verband is relevant dat bij de correcties en aanvullingen op het aanmeldgehoor namens eiser al is aangevoerd dat hij zeer beperkte kennis heeft en dingen vaak niet begrijpt. Hij kan niet lezen en schrijven en kent de jaartelling niet. Hij doet zijn uiterste best om antwoord te geven op de vraag en wil graag de hoormedewerker tevredenstellen, dat resulteert in antwoorden waar hij zelf niet zeker van is. Namens eiser wordt voor het nader gehoor met klem verzocht heel duidelijke vragen aan eiser te stellen en na te vragen of hij het begrijpt als dat niet zo lijkt. Hij heeft moeite met aangeven dat hij iets niet begrijpt. Volgens de gemachtigde van eiser blijkt bij doorvragen vaak dat hij een vraag niet helemaal goed begrepen heeft.

Het verslag nader gehoor bevat vervolgens meerdere aanwijzingen dat de hoormedewerker en eiser elkaar niet begrijpen. Zo vraagt de hoormedewerker aan eiser of hij de vragen begrijpt, waarna eiser verklaart: “Kunt u de vraag herhalen?” Kort daarna vraagt de hoormedewerker eiser naar “context van de gebeurtenis” waarop eiser slechts kort antwoordt. De hoormedewerker doet een beroep op eiseres voorstellingsvermogen waarna eiser verklaart dat hij de vraag niet begrijpt. Gevraagd naar “een bepaalde politieke overtuiging” vraagt eiser of de hoormedewerker kan uitleggen wat daarmee wordt bedoeld. Op enig moment laat de hoormedewerker blijken dat deze opnieuw probeert te onderzoeken wat er eiser is overkomen in Dubai en vraagt: “Kunt u misschien iets meer details geven aan mij zodat ik het wat beter begrijp?”. Verderop zegt de hoormedewerker: “Ik volg u niet meer. Kunt u het voor mij verduidelijken?” Kort daarna: “Ik begrijp het niet meer. Hebt u iets meer context voor mij?”. Eiser zegt dan: “Nee ik heb alles verteld”. Even daarna zegt de hoormedewerker: “Ik begrijp het niet zo goed. Wat wilt u hiermee zeggen?”.

Uit voorgaande voorbeelden maakt de rechtbank op dat eiser de vragen tijdens het gehoor niet (altijd) goed heeft begrepen. De rechtbank leest ook dat eiser de gestelde vragen desondanks tracht te beantwoorden maar er dan niet in slaagt de onduidelijkheid weg te nemen. Bij de correcties en aanvullingen op het nader gehoor heeft de gemachtigde van eiser hierop gewezen en aangevoerd dat méér doorgevraagd had moeten worden. Zo heeft de gemachtigde van eiser tijdens het maken van de correcties op sommige punten wél doorgevraagd en dan weet eiser wél meer te verklaren. De gemachtigde van eiser heeft daarom gevraagd om eiser aanvullend te horen. In beroep heeft de gemachtigde van eiser toegelicht dat de minister dan ook concrete vragen had kunnen stellen die meer bij de belevingswereld van eiser passen, zoals welke kleuren de vlag van de Awami League heeft of welke mensen hij bijvoorbeeld kent van de Awami League. De minister is in het bestreden besluit echter niet ingegaan op het gemotiveerde verzoek om eiser nader te horen.

De rechtbank concludeert dat de minister het referentiekader van eiser niet kenbaar heeft betrokken in zijn besluitvorming. Bij het horen is onvoldoende rekening gehouden met de beperkte vermogens van eiser. De minister is ten onrechte niet ingegaan op het gemotiveerde verzoek om eiser nader te horen en hem vragen te stellen die passen bij zijn belevingswereld. In het bestreden besluit heeft de minister volstaan met het benoemen van de laaggeletterdheid en de conclusie dat “ondanks de laaggeletterdheid” van eiser mag worden verwacht dat hij meer inzicht kan geven of context kan geven. De minister heeft echter niet gemotiveerd waarop deze conclusie is gebaseerd en waarom de beperkte vermogens van eiser – kennelijk – geen invloed hebben op wat van eiser kan worden verwacht. De minister had in het bestreden besluit niet alleen moeten benoemen welk referentiekader hij hanteert, maar ook moeten motiveren op welke wijze dit referentiekader is betrokken bij de geloofwaardigheidsbeoordeling en had dit referentiekader dus moeten relateren aan concrete tegenwerpingen op grond waarvan de gestelde problemen ongeloofwaardig zijn bevonden. De beroepsgrond slaagt.

7. Het beroep is reeds hierom gegrond. De overige beroepsgronden behoeven geen bespreking meer. Verweerder zal eiser namelijk opnieuw moeten horen en daarin vragen moeten stellen die passen bij het referentiekader eiser. De minister dient een nieuwe geloofwaardigheidsbeoordeling te verrichten met inachtneming van deze uitspraak. De minister dient daarbij alle feiten en omstandigheden die eiser in deze beroepsprocedure naar voren heeft gebracht en het referentiekader van eiser kenbaar te betrekken.

Conclusie en gevolg

8. Het beroep is gegrond, nu het besluit onzorgvuldig en onvoldoende gemotiveerd tot stand is gekomen. De rechtbank vernietigt daarom het bestreden besluit en ziet geen reden om de rechtsgevolgen van het besluit in stand te laten of zelf een beslissing te nemen. De rechtbank draagt de minister op om eiser aanvullend te horen en een nieuw besluit te nemen.

9. Omdat op het beroep is beslist, bestaat geen aanleiding meer voor het treffen van een voorlopige voorziening. Het verzoek wordt daarom afgewezen.

10. Daarnaast krijgt eiser een vergoeding van de proceskosten omdat het beroep gegrond is. De minister moet deze vergoeding betalen. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 2.802,- (1 punt voor het indienen van een beroepschrift, 1 punt voor het indienen van een verzoekschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting, met een waarde per punt van € 934,- bij een wegingsfactor 1).

Beslissing

De rechtbank, in de zaak geregistreerd onder nummer NL25.52443:

De voorzieningenrechter, in de zaak geregistreerd onder nummer NL25.52444:

- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

De rechtbank/voorzieningenrechter, in alle zaken:

- veroordeelt de minister in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 2.802,-.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M.B. de Boer, (voorzieningen)rechter, in aanwezigheid van mr. L.M. Jongejans, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Rechtsmiddel

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Afdeling waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen één week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen. Tegen de uitspraak op de voorlopige voorzieningen staat geen rechtsmiddel open.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?