ECLI:NL:RBDHA:2026:8430

ECLI:NL:RBDHA:2026:8430

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 27-03-2026
Datum publicatie 09-04-2026
Zaaknummer AWB 26/1114
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend, omdat verweerder niet tijdig heeft beslist op zijn aanvraag. Op 5 maart 2025 heeft verweerder alsnog een besluit genomen op de aanvraag (het reële besluit). Eiser heeft zijn beroep gehandhaafd. Beslistermijn in het geding, alsnog besluit genomen. Proceskostenvergoeding en bestuurlijke dwangsom toegewezen.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 maart 2026 in de zaak tussen

[eiser] , eiser,

Centrum Indicaties Zorg, verweerder,

Bestuursrecht

zaaknummer: AWB 26 / 1114

(gemachtigde: mr. V.C.D. Klaassen),

en

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend, omdat verweerder niet tijdig heeft beslist op zijn aanvraag.

Op 5 maart 2025 heeft verweerder alsnog een besluit genomen op de aanvraag (het reële besluit).

Eiser heeft zijn beroep gehandhaafd.

Overwegingen

1. De rechtbank vindt het in deze zaak niet nodig om partijen uit te nodigen voor een zitting.

2. Als een bestuursorgaan niet op tijd op een bezwaar beslist, dan kan de betrokkene daartegen in beroep gaan. Voordat hij beroep kan instellen, moet de betrokkene schriftelijk aan het bestuursorgaan laten weten dat binnen twee weken alsnog moet worden beslist op zijn bezwaar (de zogenoemde ingebrekestelling). Als er na twee weken nog steeds geen beslissing op het bezwaar is genomen, dan kan de betrokkene beroep instellen.

Hoe oordeelt de rechtbank over het beroep?

3. Het beroep van eiser tegen het niet-tijdig beslissen door verweerder is kennelijk niet-ontvankelijk. De rechtbank zal geen uitspraak doen over de vraag of eiser gelijk had met zijn beroep. Dit is om de volgende reden. Eiser wilde met zijn beroep bereiken dat verweerder alsnog zou beslissen op zijn aanvraag. Omdat verweerder inmiddels heeft beslist, heeft het beroep van eiser geen zin meer. Eiser heeft zogezegd geen procesbelang meer bij zijn beroep.

4. Het beroep van eiser tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag heeft mede betrekking op het reële besluit, aangezien het reële besluit niet geheel aan het beroep tegemoetkomt. Eiser voert in dit verband aan dat de verweerder ten onrechte geen bestuurlijke dwangsom heeft toegekend.

De rechtbank overweegt als volgt.

5. Op grond van artikel 6:12, tweede lid, van de Awb kan het beroepschrift tegen het niet tijdig nemen van een besluit worden ingediend zodra, het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen, en twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.

6. Op grond van artikel 7:10, eerste lid, van de Awb beslist het bestuursorgaan binnen zes weken of - indien een commissie als bedoeld in artikel 7:13 van de Awb is ingesteld - binnen twaalf weken gerekend vanaf de dag na die waarop de termijn voor het indienen van het bezwaarschrift is verstreken. Op grond van het tweede lid wordt de termijn opgeschort gerekend vanaf de dag na die waarop de indiener is verzocht een verzuim als bedoeld in artikel 6:6 van de Awb te herstellen, tot de dag waarop het verzuim is hersteld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken.

7. Eiser heeft op 6 oktober 2025 bezwaar ingediend tegen het besluit van 5 september 2025. Het is niet in het geding dat dit tijdig is gebeurd. Verweerder heeft op 6 oktober 2025 een ontvangstbevestiging verstuurd naar eiser, hierin is vermeld dat de beslistermijn is opgeschort voor een periode van vier weken.

8. Verweerder stelt dat de beslistermijn nog niet was verstreken op het moment dat de ingebrekestelling werd verstuurd. Dit komt doordat verweerder een tijdelijke opschorting heeft toegepast. De rechtbank overweegt dat als een bestuursorgaan de beslistermijn opschort zonder instemming van de eiser, dit alleen mag als daarvoor een wettelijke basis bestaat. Bij opschorting van de beslistermijn is artikel 7:10, tweede lid, van de Awb van toepassing. Als er geen gronden zijn ingediend, mag verweerder de beslistermijn opschorten. Uit vaste rechtspraak volgt dat bij een summier aantal gronden geen sprake is van een wettelijke mogelijkheid om de beslistermijn te kunnen opschorten.

9. Het bezwaarschrift van eiser bevat meerdere bezwaargronden, deze zijn niet toegelicht. Desondanks is geen sprake van een verzuim als bedoeld in artikel 7:10, tweede lid, van de Awb. Met het geven van een (nadere) termijn voor het aanvullen van de gronden, zoals verweerder heeft gedaan, is de wettelijke termijn om op het bezwaarschrift te beslissen dus niet voor de duur van de geboden termijn opgeschort. Dit is ook niet anders in het geval, zoals hier aan de orde, waarin eiser zelf om een termijn voor het indienen van nadere gronden heeft verzocht.

10. Verweerder heeft het bezwaar op 6 oktober 2025 ontvangen. Verweerder moet uiterlijk binnen zes weken na het verstrijken van de bezwaartermijn op het bezwaar beslissen. Verweerder heeft de beslistermijn met zes weken verlengd. Eiser heeft verweerder op 12 januari 2026 in gebreke gesteld. Dit is na het verstrijken van de beslistermijn op het bezwaar. Ook heeft eiser meer dan twee weken na de ingebrekestelling beroep in gesteld. Dit betekent dat het beroep terecht is ingediend.

Heeft verweerder een bestuurlijke dwangsom verbeurd?

11. Eiser heeft de rechtbank verzocht om de hoogte van de bestuurlijke dwangsom vast te stellen.

12. Als een bestuursorgaan een besluit niet op tijd neemt, moet het bestuursorgaan een dwangsom betalen voor elke dag dat het te laat is, voor maximaal 42 dagen. De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23,- per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35,- per dag en de overige dagen € 45,- per dag. Het bestuursorgaan stelt de dwangsom vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom betaald moet worden.

13. Verweerder heeft de hoogte van de bestuurlijke dwangsom niet vastgesteld. De rechtbank doet dit nu alsnog. De dwangsom is in dit geval verschuldigd vanaf 28 januari 2026 tot 4 maart 2026 en bedraagt € 1127,-.

Veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten van eiser?

14. De rechtbank ziet aanleiding om verweerder te veroordelen in de proceskosten die eiser redelijkerwijs heeft moeten maken. Dit omdat verweerder het besluit van 5 maart 2025 te laat heeft genomen en eiser terecht beroep heeft ingesteld tegen het niet tijdig nemen van dat besluit. De rechtbank kan een partij de proceskosten van de andere partij laten betalen.

15. De rechtbank stelt de proceskosten van eiser vast op € 467,-. Volgens het Bpb is dit een vast bedrag, omdat eiser een professionele (juridische) hulpverlener heeft ingeschakeld om voor hem een beroepschrift in te dienen. Omdat de zaak alleen gaat over de vraag of de beslistermijn is overschreden, wordt een lager bedrag toegekend (wegingsfactor 0,5). Verder zijn er geen kosten gemaakt die vergoed kunnen worden. Toegekend wordt € 467,- (1 punt voor het indienen van het beroepschrift, met een waarde per punt van € 934,- en een wegingsfactor 0,5). Ook moet verweerder het door eiser betaalde griffierecht vergoeden.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart het beroep voor zover gericht tegen het niet-tijdig beslissen niet-ontvankelijk;

- stelt de door verweerder te betalen bestuurlijke dwangsom vast op € 1.127,-;- bepaalt dat verweerder het door eiser betaalde griffierecht van € 54,- vergoedt;

- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 467,-.

Deze uitspraak is gedaan door mr. P. Lenstra, rechter, in aanwezigheid van M.H.G.P. Tober, griffier. De uitspraak is in het openbaar uitgesproken op 27 maart 2026.

griffier rechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. P. Lenstra

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?