ECLI:NL:RBDHA:2026:8997

ECLI:NL:RBDHA:2026:8997

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 15-04-2026
Datum publicatie 14-04-2026
Zaaknummer 690151
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

KPN heeft verschillende vorderingen ingesteld op grond van de stelling dat Ziggo zich schuldig maakt aan oneerlijke handelspraktijken. Het gaat er in het bijzonder om dat Ziggo in haar uitlatingen onvoldoende duidelijk maakt dat haar netwerk bestaat uit een combinatie van glasvezel en coaxkabel. Volgens KPN zal de gemiddelde consument ten onrechte denken dat Ziggo een volledige glasvezelverbinding aanbiedt, dan wel een internetverbinding die daarmee op één lijn kan worden gesteld. Een belangrijk onderdeel van het geschil tussen partijen daarbij is of de term “glasvezel-kabel(netwerk)” misleidend is. De conclusie van de rechtbank is dat niet is gebleken dat Ziggo zich schuldig maakt aan oneerlijke handelspraktijken. De vorderingen van KPN worden afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK Den Haag

Team Handel

Zaaknummer: C/09/690151 / HA ZA 25-713

Vonnis van 15 april 2026

in de zaak van

KPN B.V., te Rotterdam,

eiseres,

hierna te noemen: KPN,

advocaten: mr. J.A. Jacobi en mr. J.J.E. Bremer,

tegen

ZIGGO B.V., te Utrecht,

gedaagde,

hierna te noemen: Ziggo,

advocaten: mr. R. van der Zaal, mr. J.R. Spauwen en mr. K. Heidary.

1. Waar gaat de zaak over?

KPN heeft verschillende vorderingen ingesteld op grond van de stelling dat Ziggo zich schuldig maakt aan oneerlijke handelspraktijken. Het gaat er in het bijzonder om dat Ziggo in haar uitlatingen onvoldoende duidelijk maakt dat haar netwerk bestaat uit een combinatie van glasvezel en coaxkabel. Volgens KPN zal de gemiddelde consument ten onrechte denken dat Ziggo een volledige glasvezelverbinding aanbiedt, dan wel een internetverbinding die daarmee op één lijn kan worden gesteld. Een belangrijk onderdeel van het geschil tussen partijen daarbij is of de term “glasvezel-kabel(netwerk)” misleidend is.

De conclusie van de rechtbank is dat niet is gebleken dat Ziggo zich schuldig maakt aan oneerlijke handelspraktijken. De vorderingen van KPN worden afgewezen.

2. De procedure

Het procesdossier bestaat uit de volgende stukken:

- de dagvaarding van 7 augustus 2025, met producties 1 tot en met 34;

- de conclusie van antwoord, met producties 1 tot en met 15;

- de akte van KPN, met producties 35 tot en met 37;

- de door KPN overgelegde pleitnota.

Op 4 maart 2026 heeft de mondelinge behandeling van de zaak plaatsgevonden.

3. De feiten

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.

KPN is een telecomaanbieder die zich (onder meer) richt op het aanbieden van internet en televisie.

Ziggo is eveneens een telecomaanbieder die zich (onder meer) richt op het aanbieden van internet en televisie. Ziggo is onderdeel van VodafoneZiggo Group B.V.

KPN en Ziggo gebruiken voor hun internetaansluitingen glasvezeltechnieken om langere afstanden te overbruggen. Glasvezelkabels bestaan uit holle dunne glazen buisjes (glasvezels), waarmee gegevens kunnen worden overgebracht via lichtsignalen. Behalve internet zijn ook andere telecommunicatiediensten (zoals telefonie en televisie) mogelijk met een glasvezelnetwerk. Glasvezel is relatief duur in de aanleg en biedt als voordeel dat het signaal niet hoeft te worden versterkt, waardoor er minder onderhoud nodig is dan bij andere technieken.

Het netwerk van KPN is – voor een deel – een ‘Fiber to the Home’ (FTTH) netwerk. Hierbij loopt de glasvezelkabel vanuit het datacentrum, via de wijkkast, tot aan de woning. Om een glasvezelkabel tot aan de woning aan te leggen, worden voortuinen open gegraven. In de gebieden in Nederland waar KPN geen FTTH aanbiedt, wordt voor het laatste stuk naar de woning teruggevallen op een oudere techniek van de koperen telefoonlijn (DSL).

Het netwerk van Ziggo is een ‘Hybrid Fiber Coaxial’ (HFC) netwerk. Dit is een combinatie van glasvezel (fiber) en coaxkabel (kabel). Een coaxkabel is een kabel die bestaat uit een koperen kern (de binnenste geleider) en een koperen mantel daaromheen (de buitenste geleider), gescheiden door een niet-geleidende tussenlaag. Een coaxkabel transporteert data door middel van elektrische signalen door de binnenste koperen draad. Dit signaal verzwakt over langere afstanden. Om dit te verhelpen worden versterkers gebruikt om de signalen te versterken. Bij Ziggo bestaat het gecombineerde glasvezel-kabelnetwerk voor het grootste gedeelte uit glasvezel, met enkel als laatste deel van de verbinding, tussen de wijkkast en de woning, een stuk coaxkabel.

Bij brief van 2 maart 2022 aan Ziggo heeft KPN aangegeven dat Ziggo op verschillende plekken reclame maakt met de term ‘glasvezel-kabelnetwerk’ of ‘glasvezel-kabel’ en dat zij dit een vorm van misleidende reclame acht. Met de vermelding dat zij internet levert via haar ‘glasvezel-kabelnetwerk’ wekt Ziggo volgens KPN ten onrechte de indruk dat zij glasvezel tot in huis biedt (FTTH). Daarnaast roept de uitdrukking ‘glasvezel-kabelnetwerk’ volgens KPN de verwachting op dat het netwerk van Ziggo dezelfde specificaties en eigenschappen heeft als een volledig glasvezelnetwerk. KPN heeft Ziggo gesommeerd het gebruik van ‘glasvezel-kabelnetwerk’ en vergelijkbare termen te staken.

Bij brief van 16 maart 2022 heeft Ziggo een toelichting gegeven op het gebruik van de term ‘glasvezel-kabel(netwerk)’. Ziggo schrijft onder meer het volgende (onderstreping rechtbank):

“KPN stelt allereerst dat Ziggo de indruk wekt dat Ziggo glasvezel tot in huis levert en dat het netwerk van Ziggo dezelfde specificaties zou hebben als een volledig glasvezelnetwerk. KPN baseert dit op het gebruik van de term 'glasvezel-kabelnetwerk' door Ziggo. Deze term zou volgens KPN suggereren dat het gehele netwerk van Ziggo bestaat uit 'glasvezelkabels', althans dat de gemiddelde consument dit zo begrijpt. Ziggo betwist dit. Juist door toevoeging van een streepje worden de woorden 'glasvezel' en 'kabel' van elkaar gescheiden en maakt Ziggo duidelijk dat het gaat om een gecombineerd netwerk, waarin een verbinding over glasvezel en over kabel wordt geleverd. Ziggo acht de benaming 'kabel', wat natuurlijk een verwijzing naar coax is, misleidend noch verwarrend, nu deze benaming bekend is bij consumenten en in de markt. Er wordt nimmer door Ziggo gesteld dat er sprake zou zijn van een volledig glasvezelnetwerk.”

Verder betwist Ziggo dat zij heeft medegedeeld dat haar HFC-netwerk dezelfde specificaties zou hebben als een volledig glasvezelnetwerk.

Bij e-mail van 6 april 2022 heeft KPN als volgt gereageerd (onderstreping rechtbank):

“[…] KPN en Ziggo verschillen overduidelijk van inzicht over hoe deze uitdrukking door de gemiddelde consument wordt opgevat. Hoewel de term 'kabel' inderdaad een substituut kan zijn voor coax, kan dit in deze context ook worden geïnterpreteerd als 'glasvezelkabel'. Het koppelstreepje maakt niet voor iedereen duidelijk dat het om een hybride variant van coax en glasvezel gaat. KPN merkt juist dat veel consumenten in de veronderstelling leven dat Ziggo glasvezel tot in huis biedt. Het komt namelijk regelmatig voor dat (potentiële) klanten in gesprek met KPN aangeven te hebben gehoord of gezien dat Ziggo 'glasvezel' levert.

Gelet op bovenstaande is KPN dan ook in ieder geval van mening dat als Ziggo de term 'glasvezel-kabelnetwerk' gebruikt, zij wel moet uitleggen wat deze uitdrukking betekent of desnoods naar een uitleg moet verwijzen. Dat kan ook met zoveel woorden uit de uitspraak van de Reclame Code Commissie (van 21 december 2017) worden afgeleid waar Ziggo naar verwijst. De Commissie achtte namelijk van belang dat in de uiting die daar in het geding was duidelijk gemaakt werd dat het een hybride netwerk betreft dat deels uit 'coaxkabel' bestaat.

In enkele uitingen ontbreekt die uitleg nu volledig. Ik verwijs bijvoorbeeld naar bijlage 1 en 4 van mijn brief van 2 maart jl. (nogmaals opgenomen hieronder). Ook in de webshop van Ziggo kan duidelijker worden verwezen naar de uitleg die onderaan in de Q&A te vinden is. Zonder verduidelijking op deze punten blijft in ieder geval bij een deel van de consumenten een verkeerde indruk achter en dat kan ook niet de bedoeling zijn van Ziggo.”

Bij e-mail van 20 april 2022 heeft Ziggo het standpunt herhaald dat de term ‘glasvezel-kabelnetwerk’ niet misleidend is.

Tijdens een telefoongesprek op 24 mei 2022 hebben partijen besproken dat Ziggo bij gebruik van de aanduiding ‘glasvezel-kabel(netwerk)’ duidelijk zal blijven maken dat er geen sprake is van een volledig (100%) FTTH glasvezelnetwerk.

Op 6 april 2023 heeft KPN een e-mail gestuurd aan Ziggo, naar aanleiding van de onderstaande advertentie van Ziggo in het Haarlems Dagblad van 5 april 2023:

KPN schrijft in deze e-mail dat zij de advertentie misleidend acht omdat Ziggo de termen ‘glasvezel-netwerk’ en ‘glasvezel-kabel(netwerk)’ naast elkaar gebruikt, terwijl zij niet duidelijk maakt wat een ‘glasvezel-kabelnetwerk’ is.

Ziggo heeft bij e-mail van 13 april 2023 aangegeven dat zij de term 'glasvezel-netwerk' abusievelijk heeft vermeld in deze advertentie, in plaats van ‘glasvezel-kabel netwerk’. Verder schrijft Ziggo dat zij op verzoek van KPN een uitleg heeft toegevoegd op de landingspagina, die via een QR-code in het artikel kan worden bereikt. Ziggo heeft nogmaals betwist dat de term ‘glasvezel-kabelnetwerk’ inclusief uitleg misleidend is.

Op 6 februari 2025 heeft KPN een brief aan Ziggo gestuurd over een (volgens KPN onjuiste) claim van Ziggo dat 97% van haar netwerk uit glasvezel zou bestaan en de overige 3% uit coaxkabel (hierna: de 97%-Claim). KPN heeft Ziggo verzocht deze claim te onderbouwen.

Bij e-mail van 11 februari 2025 heeft Ziggo nogmaals betwist dat zij de suggestie wekt dat zij een volledig glasvezelnetwerk aanbiedt. Ziggo heeft verder aangegeven geen aanleiding te zien om KPN, in het kader van de 97%-Claim, inzage te geven in nadere gegevens over haar netwerk, onder meer omdat zij deze claim al geruime tijd niet meer actief voert.

Bij brief van 7 maart 2025 heeft de advocaat van KPN, Ziggo gesommeerd informatie te verstrekken op basis waarvan de 97%-Claim kan worden onderzocht. Ook is Ziggo gesommeerd iedere uiting te staken waarin zij suggereert dat haar netwerk uit 100% glasvezel bestaat of gelijkwaardig of beter is dan een 100% glasvezel netwerk.

Ziggo heeft bij e-mail van 12 maart 2025 nogmaals betwist dat haar uitingen onjuist of misleidend zijn.

4. Het geschil

KPN vordert dat de rechtbank bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

Primair:

I. voor recht verklaart dat de door Ziggo gebruikte begrippen ‘glasvezel-kabel’, ‘glasvezelkabel’, ‘glasvezelnetwerk’, ‘glasvezel-kabelnetwerk’ en de 97%-Claim misleidend zijn ter aanduiding of aanprijzing van of in combinatie met een netwerk dat niet 100% uit glasvezel bestaat;

II. voor recht verklaart dat Ziggo zich schuldig heeft gemaakt aan oneerlijke handelspraktijken in de zin van artikel 6:193b BW (in het bijzonder de oneerlijke handelspraktijken genoemd in artikel 6:193 lid 1 onder a, 6:193 lid 1 onder b, 6:193d en 6:193g onder r BW) door op misleidende wijze te suggereren of beweren dat zij een 100% glasvezelverbinding aanbiedt of een verbinding die daar technisch of kwalitatief gelijk mee staat;

III. Ziggo binnen 24 uur na betekening van het vonnis verbiedt de begrippen ‘glasvezel-kabel’, ‘glasvezelkabel’, ‘glasvezelnetwerk’, ‘glasvezelkabelnetwerk’ en de 97%-Claim te gebruiken ter aanduiding of aanprijzing van of in combinatie met een netwerk dat niet 100% uit glasvezel bestaat;

IV. Ziggo binnen 24 uur na betekening van het vonnis gebiedt haar oneerlijke handelspraktijken in de zin van artikel 6:193b BW (in het bijzonder de oneerlijke handelspraktijken genoemd in artikel 6:193 lid 1 onder a, 6:193 lid 1 onder b, 6:193d en 6:193g onder r BW) te staken en gestaakt te houden;

Subsidiair:

V. voor recht verklaart dat Ziggo zich schuldig heeft gemaakt aan oneerlijke handelspraktijken in de zin van artikel 6:193b BW;

VI. Ziggo binnen 24 uur na betekening van het vonnis gebiedt de door de rechtbank vastgestelde oneerlijke handelspraktijken te staken en gestaakt te houden;

Primair en subsidiair:

VII. voor recht verklaart dat Ziggo jegens KPN onrechtmatig heeft gehandeld door onjuiste beweringen over KPN te doen;

VIII. voor recht verklaart dat Ziggo jegens KPN aansprakelijk is voor de door haar geleden schade als het gevolg van het handelen van Ziggo zoals genoemd onder I., II., V. en VI., nader op te maken en te vereffenen bij staat;

IX. Ziggo veroordeelt tot betaling van een onmiddellijk opeisbare dwangsom van € 100.000 per dag(deel), dan wel – ter keuze van KPN – voor iedere geheel of gedeeltelijke niet-nakoming van enig onder III., IV. en VI. bedoelde bevel, met een maximum van € 3.500.000, althans een in goede justitie te bepalen bedrag;

X. Ziggo binnen zeven dagen na betekening van het vonnis gebiedt de rectificatie, zoals geformuleerd in het petitum, (duidelijk zichtbaar) te plaatsen op de hoofdpagina van haar (consumenten)website voor de periode van veertien dagen, en éénmalig op een prominente plaats in de kranten Telegraaf, NRC Handelsblad, de Volkskrant, Trouw en Algemeen Dagblad;

XI. Ziggo veroordeelt in de proceskosten (inclusief nakosten), te vermeerderen met de wettelijke (handels)rente.

KPN heeft – samengevat – het volgende aan haar vorderingen ten grondslag gelegd. Door de wijze waarop zij haar netwerk aanduidt in marketingcampagnes en reclame-uitingen, wekt Ziggo de suggestie dat zij een volledig glasvezelnetwerk biedt, terwijl zij in werkelijkheid een netwerk biedt dat deels uit glasvezel bestaat en deels uit coaxkabel. Ook doen Ziggo en voor haar werkzame marketeers en verkopers stelselmatig onjuiste mededelingen over het netwerk van KPN. Hiermee maakt Ziggo zich schuldig aan oneerlijke handelspraktijken. KPN heeft marktonderzoeken laten uitvoeren, waaruit blijkt dat de consument door de oneerlijke handelspraktijken van Ziggo kan worden beïnvloed in haar keuze, aldus KPN.

Ziggo voert verweer dat strekt tot afwijzing van de vorderingen van KPN, met veroordeling van KPN in de proceskosten (inclusief nakosten), te vermeerderen met de wettelijke rente. Ziggo betwist kort gezegd dat zij de suggestie zou wekken dat zij een volledig glasvezelnetwerk biedt. Ook betwist Ziggo dat er sprake is van oneerlijke handelspraktijken. Ziggo erkent dat er in het verleden enkele fouten zijn gemaakt met een advertentie in een lokaal nieuwsblad en door overijverige (externe) verkopers, maar het gaat volgens Ziggo om incidenten en daarom heeft KPN, voor zover het ziet op deze incidenten, geen belang bij haar vorderingen, aldus Ziggo.

Op de standpunten van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

5. De beoordeling

Algemeen juridisch kader

Het recht met betrekking tot oneerlijke handelspraktijken is Europeesrechtelijk

geharmoniseerd door middel van Richtlijn 2005/29/EG (hierna: de OHP-Richtlijn). De OHP-Richtlijn voorziet in maximumharmonisatie. De Nederlandse wetgever heeft de OHP-Richtlijn geïmplementeerd in Titel 3, afdeling 3A van boek 6 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) (hierna: de OHP-bepalingen). Voor zover relevant geldt wat betreft de OHP-bepalingen het volgende.

Artikel 6:193a lid 1 onder a BW bepaalt dat onder een ‘consument’ wordt verstaan een natuurlijk persoon die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf. Artikel 6:193a lid 1 onder b BW bepaalt dat onder ‘handelaar’ wordt verstaan een natuurlijk persoon of rechtspersoon die handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf of degene die ten behoeve van hem handelt. Ziggo handelt in de uitoefening van haar bedrijf en kwalificeert daarmee als handelaar.

Artikel 6:193b lid 1 BW bepaalt dat een handelaar jegens een consument onrechtmatig handelt als hij een handelspraktijk verricht die oneerlijk is. Het begrip handelspraktijk omvat iedere handeling, omissie, gedraging, voorstelling van zaken of commerciële communicatie, met inbegrip van reclame en marketing van een handelaar, die rechtstreeks verband houdt met de verkoopbevordering, verkoop of levering van een product aan een consument.

Artikel 6:193b lid 2 BW bepaalt voorts dat een handelspraktijk oneerlijk is als een handelaar handelt (a) in strijd met de vereisten van professionele toewijding en (b) het vermogen van de gemiddelde consument om een geïnformeerd besluit te nemen merkbaar is beperkt of kan worden beperkt, waardoor de gemiddelde consument een besluit over een overeenkomst neemt of kan nemen, dat hij anders niet had genomen.

In artikel 6:193b lid 3 BW is bepaald dat een handelspraktijk in het bijzonder oneerlijk is als een handelaar (a) een misleidende handelspraktijk verricht als bedoeld in de artikelen 6:193c tot en met 6:193g BW of (b) een agressieve handelspraktijk verricht als bedoeld in de artikelen 6:193h en 6:193i BW.

Misleidende handelspraktijken worden onderscheiden in enerzijds het verstrekken van informatie die feitelijk onjuist is of die de gemiddelde consument misleidt of kan misleiden en anderzijds een misleidende omissie. Een handelspraktijk is misleidend indien informatie wordt verstrekt die feitelijk onjuist is of die de gemiddelde consument misleidt of kan misleiden, al dan niet door de algemene presentatie van de informatie (artikel 6:193c BW). In artikel 6:193c BW is een aantal omstandigheden opgesomd waarop de onjuistheid of misleidendheid betrekking kan hebben, zoals de aard en de voornaamste kenmerken van het product.

Op grond van artikel 6:193d lid 2 BW is een misleidende omissie het weglaten van essentiële informatie die de gemiddelde consument nodig heeft om een geïnformeerd besluit over een transactie te kunnen nemen. Van een misleidende omissie is ingevolge artikel 6:193d lid 3 BW tevens sprake wanneer de essentiële informatie zoals bedoeld in lid 2 verborgen wordt gehouden of bijvoorbeeld op een onduidelijke of onbegrijpelijke manier wordt verstrekt. Daarbij worden de feitelijke context, de beperkingen van het communicatiemedium alsook de maatregelen die zijn genomen om de informatie langs andere wegen ter beschikking van de consument te stellen, in aanmerking genomen.

Bij beantwoording van de vraag of een mededeling misleidend is, moet worden uitgegaan van de vermoedelijke verwachting van een gemiddeld geïnformeerde, omzichtige en oplettende, gewone consument (de “maatmens-consument”).

Op grond van artikel 6:193g onder r BW is onder alle omstandigheden misleidend het verstrekken van feitelijk onjuiste informatie over marktomstandigheden of de mogelijkheid het product te bemachtigen met de bedoeling de consument het product te doen aanschaffen tegen voorwaarden die minder gunstig zijn dan de normale marktvoorwaarden.

Kan KPN als concurrent een beroep doen op de OHP-bepalingen?

Ziggo heeft het verweer gevoerd dat “niet buiten twijfel” staat dat KPN zich als concurrent op de OHP-bepalingen kan beroepen.

De rechtbank is van oordeel dat KPN, als concurrent van Ziggo, een beroep op de OHP-bepalingen toekomt. Dit volgt naar het oordeel uit de OHP-Richtlijn. In punt 8 van de considerans van de OHP-Richtlijn is immers vermeld: “Daarnaast beschermt zij indirect legitieme ondernemingen tegen concurrenten die de regels in de richtlijn niet in acht nemen; hierdoor is binnen het toepassingsgebied van deze richtlijn een eerlijke concurrentie gewaarborgd”. Een richtlijnconforme uitleg van de OHP-bepalingen brengt mee dat KPN, ter onderbouwing van haar stelling dat Ziggo onrechtmatig handelt jegens haar, een beroep kan doen op de materieelrechtelijke normen van de OHP-bepalingen. Ook in de jurisprudentie en literatuur is hiervoor steun te vinden.

Zijn de termen ‘glasvezel-kabel’ en ‘glasvezelkabel’ intrinsiek misleidend?

KPN stelt primair dat het gebruik van de begrippen ‘glasvezel-kabel’ en ‘glasvezelkabel’ intrinsiek misleidend is ter aanduiding van een netwerk dat niet voor 100% uit glasvezel bestaat. Volgens KPN zal de consument het bestanddeel ‘kabel’ namelijk opvatten als het kunststof omhulsel rondom de glasvezeldraad en niet als een verwijzing naar coax of een gedeeltelijk coaxnetwerk. Hierdoor is de term ‘glasvezel-kabel’ volgens KPN niet geschikt om een verbinding aan te duiden die niet 100% uit glasvezel bestaat.

Ziggo heeft betoogd dat de term ‘glasvezel-kabel’ door haar kan worden gebruikt voor het aanduiden van haar netwerk, mits voldoende duidelijk wordt toegelicht wat dit betekent, omdat zonder verduidelijking een verkeerde indruk kan worden gegeven.

De rechtbank is van oordeel dat de termen ‘glasvezel-kabel’ en ‘glasvezelkabel’ niet intrinsiek misleidend zijn ter aanduiding van het netwerk van Ziggo. Het gaat er bij de beoordeling of verstrekte informatie misleidend is in de zin van artikel 6:193c lid 1 BW om of de maatmens-consument een geïnformeerd besluit kan nemen. Bij de beoordeling of de maatmens-consument bij het zien van deze termen in uitingen van Ziggo op “het verkeerde been” wordt gezet en zal denken dat Ziggo een netwerkverbinding aanbiedt die voor 100% uit glasvezel bestaat, zal het gaan om de totaalindruk van de uitingen in de informatie en niet om een geïsoleerde term binnen die informatie. De wijze waarop de consument deze termen zal interpreteren, zal dus afhangen van de context waarin deze termen worden gebruikt. KPN wordt dus niet gevolgd in haar standpunt dat deze termen altijd (“intrinsiek”) misleidend zijn ter aanduiding van het netwerk van Ziggo, ongeacht de verdere context waarin die termen worden gebruik en de toelichting die daarbij wordt gegeven.

Steun hiervoor is te vinden in de – ook door KPN aangehaalde – navolgende passage in de Richtsnoeren van de Europese Commissie (“de Commissie”) betreffende oneerlijke handelspraktijk (“de Richtsnoeren”):

Om de voornaamste kenmerken van complexere goederen te kunnen vaststellen, kan het nodig zijn om - op de labels met de productomschrijving in de winkel of op websites - aanvullende informatie te verstrekken.

Vooral de kenmerken van die complexere producten en de beperkende voorwaarden die de gemiddelde consument normaliter niet van een bepaalde productcategorie verwacht , moeten aan hem worden meegedeeld, aangezien juist die van invloed kunnen zijn op zijn besluit over een transactie. Bij die kenmerken kan het bijvoorbeeld gaan om een beperking van de duur of van de aard of prestaties van een dienst (bv. of “ glasvezelinternet ” een “glasvezelverbinding tot aan de woning” (FTTH) betekent of een ander soort verbinding) of om een bepaalde samenstelling of specificatie van de goederen (bv. de synthetische oorsprong van edelstenen zoals diamanten).

De rechtbank stelt voorop dat de Richtsnoeren, hoewel zij niet bindend zijn, relevant zijn nu de Commissie expliciet aandacht heeft geschonken aan de aanduiding van een glasvezelinternet. De Commissie merkt op dat bij complexere producten – zoals glasvezelinternet – bepaalde kenmerken aan de consument moeten worden medegedeeld, als deze kenmerken afwijken van wat de gemiddelde consument normaliter verwacht. Als bijvoorbeeld glasvezelinternet wordt aangeboden, dient het voor de consument duidelijk te zijn of het gaat om een glasvezelverbinding tot aan de woning of een ander soort verbinding. Uit dit voorbeeld in de passage uit de Richtsnoeren kan worden afgeleid dat de term “glasvezelinternet” ook kan worden gebruikt bij een ander soort verbinding dan een glasvezelverbinding tot aan de woning, als dit kenmerk maar is meegedeeld aan de consument. Uit de Richtsnoeren volgt dus dat het niet aankomt op een geïsoleerde beoordeling van een term zoals “glasvezelinternet”.

Anders dan KPN stelt, volgt uit de door haar aangehaalde uitspraak van het hof van beroep van Antwerpen van 30 april 2025 inzake Proximus/Orange niet iets anders. Uit de uitspraak volgt daarentegen dat in dat specifieke geval het gebruik van de termen “fiber” en “fibre” voor internetproducten die geen betrekking hadden op een netwerk dat 100% uit “fiber” (glasvezel) bestond, een oneerlijke handelspraktijk was omdat niet tegelijkertijd op een duidelijke en leesbare wijze kenbaar was gemaakt dat het ging om een (deels) coaxnetwerk of kabelnetwerk. Het hof van beroep van Antwerpen heeft dus niet geoordeeld dat de termen “fibre” en “fiber” intrinsiek misleidend waren, maar heeft beoordeeld of sprake was van een oneerlijke handelspraktijk gelet op de wijze waarop de termen in het concrete geval werden gebruikt.

Ook uit de door partijen aangehaalde uitspraken van de Reclame Code Commissie (RCC) kan worden afgeleid dat de termen ‘glasvezel-kabel’ of ‘glasvezelkabel’ volgens de RCC niet intrinsiek misleidend zijn. Zoals Ziggo terecht heeft aangevoerd, heeft de RCC juist in meerdere uitspraken beslist dat Ziggo in haar uitingen voldoende duidelijk maakt dat haar ‘glasvezel-kabelnetwerk’ een combinatie betreft tussen glasvezel en kabel. Ook de RCC-uitspraken steunen het standpunt niet dat de begrippen ‘glasvezel-kabel’ en ‘glasvezelkabel’ intrinsiek misleidend zijn ter aanduiding van een netwerk dat niet voor 100% uit glasvezel bestaat.

De conclusie van het voorgaande is dat KPN niet wordt gevolgd in haar standpunt dat het gebruik van de termen ‘glasvezel-kabel’ en ‘glasvezelkabel’ intrinsiek misleidend is ter aanduiding van een hybride netwerk dat deels uit glasvezel en deels uit (coax)kabel bestaat.

Is de 97%-Claim intrinsiek misleidend?

KPN heeft voorts betoogd dat Ziggo de uiting heeft gedaan en nog doet dat 97% van haar netwerk uit glasvezel bestaat en de overige 3% uit coaxkabel (de 97%-Claim). Deze uiting is volgens KPN, zelfs indien deze juist zou zijn, intrinsiek misleidend. Ook dit betoog faalt en de rechtbank licht dit als volgt toe.

Ziggo heeft ten eerste het verweer gevoerd dat zij de 97%-Claim sinds 2022 niet meer actief voert en dat KPN daarom geen belang heeft bij haar vorderingen. Dit verweer wordt gepasseerd, nu ook uitingen en mededelingen uit het verleden onrechtmatig kunnen zijn geweest en ook hierdoor schade kan (zijn) ontstaan, nog los van het feit dat KPN gemotiveerd heeft gesteld dat de 97%-Claim nog steeds te vinden is op de website van Ziggo.

Aan haar standpunt dat de 97%-Claim intrinsiek misleidend is, heeft KPN ten grondslag gelegd dat de 97%-Claim dubbelzinnig is. De gemiddelde consument zou volgens KPN deze claim mogelijk kunnen opvatten als een mededeling over de fysieke eigenschappen van de coaxkabel van Ziggo, in de zin dat deze kabel uit 97% glasvezel en slechts voor een verwaarloosbaar gedeelte (3%) uit coax bestaat, terwijl de consument in de woning in werkelijkheid een 100% coaxkabel krijgt. KPN heeft verder betoogd dat de consument de 97%-Claim ook zou kunnen opvatten als een mededeling over de samenstelling van het netwerk van Ziggo, in de zin dat 97% van haar infrastructuur uit glasvezel bestaat en 3% uit coax, terwijl het percentage glasvezel van het netwerk van Ziggo volgens KPN minder dan 10% van het totale netwerk beslaat.

KPN wordt niet gevolgd in haar stelling dat de maatmens-consument de 97%-Claim op deze door KPN genoemde wijze zal interpreteren. Ziggo heeft die stelling gemotiveerd weersproken aan de hand van de volgende citaten uit archief-artikelen die zij heeft overgelegd:

- “Zo gaat gemiddeld 97 procent van het internetsignaal via glas en 3 procent via coaxkabel naar de klant.” (Nieuwsbericht 10 oktober 2019)

- “Je kan op verschillende manieren verbinden met het internet. Aan de basis ligt altijd het kernnetwerk van een provider. In het geval van Vodafone en Ziggo is dat een uitgebreid glasvezelnetwerk. Komt het signaal bij jou thuis binnen via de kabel, dan verloopt het laatste deel van de reis via een coaxkabel. Daarna zet een modem het signaal om in een wifi-signaal of internet via de kabel.” (Nieuwsbericht 14 oktober 2019)

- “Ziggo maakt gebruik van een hybride netwerk. Wij combineren glasvezel internet en coax voor ons krachtige GigaNet. Hiervan loopt 97% over glasvezel en het laatste stukje via coaxkabel.” (Inspiratie-artikel 2 augustus 2022)

Met Ziggo is de rechtbank van oordeel dat de bovenstaande uitingen voldoende duidelijk maken dat de 97%-Claim ziet op het percentage internetsignaal dat via glasvezel gaat. KPN heeft dit niet gemotiveerd weersproken en KPN heeft geen uitingen van Ziggo geduid over de 97%-Claim, waaruit een andere interpretatie van de 97%-Claim zou kunnen worden afgeleid. De stelling van KPN dat de gemiddelde consument de 97%-Claim mogelijk opvat als een mededeling over de fysieke eigenschappen van de coaxkabel van Ziggo of over de samenstelling van het netwerk van Ziggo, wordt daarom verworpen.

Het betoog van KPN dat de 97%-Claim intrinsiek misleidend is omdat Ziggo hiermee de suggestie wekt dat haar netwerk op één lijn kan worden gesteld met een 100%-glasvezel netwerk, nu het verschil tussen 97% en 100% verwaarloosbaar klein is, wordt evenmin gevolgd. Of Ziggo door aanprijzing van haar netwerk met de claim dat 97% van het internetsignaal over glasvezel gaat, de suggestie wekt dat haar netwerk op één lijn kan worden gesteld met een 100% glasvezelnetwerk, is, zoals hiervoor is overwogen, afhankelijk van de context waarin die claim wordt gedaan en de verdere bewoordingen en toelichtingen daarbij. KPN heeft de daarvoor relevante feiten en omstandigheden niet gesteld of uitgewerkt.

De conclusie is dat de 97%-Claim niet intrinsiek misleidend is.

Is de 97%-Claim feitelijk onjuist?

KPN heeft verder betoogd dat de 97%-Claim feitelijk onjuist is en dat dus sprake is van een oneerlijke handelspraktijk. Dit betoog faalt en de rechtbank licht dit als volgt toe.

Bij de beoordeling stelt de rechtbank voorop dat de stelplicht dat de 97%-Claim feitelijk onjuist is, op KPN rust. Dit volgt uit de hoofdregel van artikel 150 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (“Rv”), terwijl uit artikel 6:193j BW geen andere verdeling van de stelplicht volgt, nu dat artikel uitsluitend ziet op de verdeling van de bewijslast.

De rechtbank is van oordeel dat KPN, in het licht van de gemotiveerde betwisting door Ziggo, onvoldoende onderbouwd heeft gesteld dat de 97%-Claim onjuist is, terwijl zij als professionele partij in staat had moeten zijn een betere onderbouwing te geven. KPN heeft gesteld dat zij als eigenaar van alle wijkcentrales in Nederland weet dat de afstanden van de wijkcentrales tot aan de woningen sterk kunnen fluctueren, zeker in dunbevolkte gebieden, zodat het volgens KPN is uitgesloten dat het percentage van 3% juist is. Dat standpunt heeft Ziggo gemotiveerd weersproken. In dat kader heeft Ziggo naar voren gebracht dat de 97%-Claim gebaseerd is op een steekproef waarbij ten aanzien van, door Ziggo geduide, verschillende adressen in verschillende steden in Nederland is beoordeeld wat de afstand is van de zogenaamde National Headend (de “Primaire Distributie”) tot de optische node. Het internetsignaal tussen deze punten gaat via glasvezel. Vanaf de optische node tot de woningen gaat het signaal via de coaxkabel. Het percentage is gebaseerd op het glasvezeldeel van de verbinding gedeeld door de totale verbinding. Uit de steekproef volgt een percentage van minimaal 97%, aldus Ziggo. De rechtbank overweegt ten eerste dat KPN haar relatief algemene standpunt dat de afstanden tussen de wijkcentrales en de woningen sterk kunnen fluctueren, niet heeft geconcretiseerd. Ook heeft die stelling uitsluitend betrekking op het laatste deel van het internetsignaal dat via de coax-kabel gaat, terwijl de 97%-Claim betrekking heeft op de verhouding tussen dat deel van het internetsignaal ten opzichte van de gehele verbinding. Uit de stellingen van KPN kan dus niet worden afgeleid dat de gestelde verhouding (de 97%-Claim) onjuist is. Bij deze stand van zaken wordt aan bewijslevering niet toegekomen.

Wekt Ziggo de suggestie dat haar netwerk gelijkwaardig is aan 100% glasvezel?

KPN heeft subsidiair betoogd dat Ziggo de termen ‘glasvezel-kabel’, ‘glasvezelkabel’, ‘glasvezelnetwerk’, ‘glasvezel-kabelnetwerk’ op een misleidende wijze gebruikt. Volgens KPN zet Ziggo deze begrippen doelbewust op een dubbelzinnige manier in, met als doel haar eigen netwerk op één lijn te stellen met een volledig glasvezelnetwerk. Volgens KPN wil Ziggo hiermee bewerkstelligen dat consumenten ten onrechte denken dat Ziggo een volledige glasvezelverbinding aanbiedt of een netwerk dat kwalitatief daaraan gelijkwaardig is. Dit betoog faalt en de rechtbank licht dit als volgt toe.

De rechtbank overweegt dat tussen partijen niet ter discussie staat dat er verschillen zijn tussen een volledig glasvezelnetwerk (zoals KPN dat deels heeft) en een hybride netwerk (zoals Ziggo dat heeft). KPN heeft gesteld dat haar netwerk een hogere bandbreedte heeft met hogere uploadsnelheid en lagere latentie, dat haar netwerk minder gevoelig is voor elektromagnetische interferentie (EMI) en storingen en dat haar netwerk energiezuiniger en duurzamer is. Ziggo heeft niet betwist dat het netwerk van KPN hogere upload- en downloadsnelheid kan behalen, maar volgens Ziggo zijn die verschillen theoretisch en ervaart de gemiddelde consument geen verschil. Bovendien heeft de klant volgens Ziggo in de praktijk geen behoefte aan de hogere snelheden die KPN aanbiedt. Wat betreft de storingsgevoeligheid, heeft Ziggo in algemene zin erkend dat een coaxkabel storingsgevoeliger is dan glasvezel, zij het dat Ziggo heeft benadrukt dat slechts een klein deel van haar totale netwerk uit coaxkabel bestaat terwijl de rest van haar netwerk niet storingsgevoeliger is. Ook heeft Ziggo niet betwist dat haar netwerk minder duurzaam is.

Dat er verschillen bestaan tussen de beide netwerken, betekent nog niet dat Ziggo haar netwerk op een misleidende wijze op één lijn stelt met een volledig glasvezelnetwerk. Het gaat immers om de wijze waarop Ziggo de termen ‘glasvezel-kabel’, ‘glasvezelkabel’, ‘glasvezelnetwerk’, ‘glasvezel-kabelnetwerk’ gebruikt, de context waarbinnen dat gebeurt, welke toelichting daarbij wordt gegeven en wat de maatmens-consument vervolgens daaruit zal begrijpen.

Het ligt op de weg van KPN om te stellen welke concrete uitingen Ziggo heeft gedaan, waarin Ziggo op een misleidende wijze haar netwerk op één lijn stelt met een volledig glasvezelnetwerk, waardoor de maatmens-consument ten onrechte zou denken dat Ziggo een volledige glasvezelverbinding aanbiedt of een netwerk dat kwalitatief gelijkwaardig is. De rechtbank begrijpt het betoog van KPN aldus, dat zij ter onderbouwing van dit standpunt verwijst naar (1) informatie op internetpagina’s van Ziggo, (2) een online nieuwsartikel van 6 mei 2024 op de website van Totaal TV en (3) een reclameadvertentie van Ziggo in het Haarlems Dagblad van 5 april 2023.

De rechtbank is van oordeel dat uit de overgelegde internetpagina’s voor consumenten van de internetsite van Ziggo (waarvan een deel hieronder is weergegeven) niet volgt dat Ziggo de termen ‘glasvezel-kabel’, ‘glasvezelkabel’, ‘glasvezelnetwerk’, ‘glasvezel-kabelnetwerk’ op de door KPN gestelde, misleidende wijze gebruikt. Op die internetpagina’s wordt daarentegen duidelijk toegelicht dat het netwerk van Ziggo bestaat uit deels glasvezel en deels kabel en dat die technieken worden gecombineerd. De maatmens-consument zal bij lezing van die internetpagina’s niet tot conclusie komen dat Ziggo een volledige glasvezelverbinding aanbiedt. Verder heeft KPN niet concreet geduid welke uitlatingen op de internetpagina’s met zich zouden kunnen brengen dat de maatmens-consument zal denken dat het netwerk van Ziggo – in het licht van de eerder genoemde verschillen – op één lijn gesteld kan worden met een volledig glasvezelnetwerk.

KPN heeft verder een schermafbeelding van een online nieuwsartikel van 6 mei 2024 op de website van Totaal TV overgelegd. In deze advertentie staat het volgende:

“Zet Ziggo klanten op verkeerd been? "Je hebt al glasvezel"

Is het misleidend of gewoon een geoorloofd woordenspel? In gebieden waar glasvezel onlangs in gebruik is genomen stuurt Ziggo zijn klanten een opmerkelijke brief.

Dat Ziggo onder druk staat van glasvezelproviders als KPN, Odido en Delta blijkt al enige tijd uit de gepubliceerde kwartaalcijfers. Het kabelbedrijf stuurt de eigen klanten in gebieden waar onlangs een glasvezelnetwerk in gebruik is genomen dan ook een brief om hen duidelijk te maken dat overstappen naar een glasvezelprovider niet nodig is om het beste internetnetwerk te kunnen gebruiken.

'Je hebt het al'

In de brief wordt duidelijk gemaakt dat Ziggo het schrijven heeft verstuurd om klanten in te lichten over wat de aanleg van glasvezel voor hen betekent met betrekking tot het door het kabelbedrijf geleverde internet. En dan komt de opmerkelijke uitspraak over glasvezel: "Goed om te weten, je hebt het al". Een feitelijke onjuistheid, omdat het laatste stukje van het netwerk een coaxverbinding is. Overigens ontkracht Ziggo in de brief direct daarna deze uitspraak. "Ons netwerk bestaat namelijk voor het allergrootste deel uit glasvezel. Ideaal om veel data over langere afstanden te versturen." Data over lange afstand versturen kan natuurlijk ook met kabel of DSL. De snelheid waarmee het versturen gebeurt, is wel afhankelijk van het gebruikte netwerk.

Glasvezel-kabel

Later in de brief valt nog een eerder gebruikte term te lezen. Nadat Ziggo uitlegt dat het laatste stukje kabel van straatkast naar aansluiting ijzersterk en stabiel is, wordt de term glasvezel-kabel ook in deze brief benoemd. Ziggo stelt dat coax (kabel) en glasvezel de ideale combinatie is voor stabiel internet en dat het kabelbedrijf de enige provider is die alle klanten een verbinding van 1 Gb/s kan aanbieden. Iets dat feitelijk juist is.”

KPN heeft onvoldoende toegelicht waarom de in het artikel bedoelde brief misleidend zou zijn op de door KPN gestelde wijze. Uit het artikel kan immers worden afgeleid dat in de brief is toegelicht dat het netwerk van Ziggo deels uit glasvezel en deels uit een coaxverbinding bestaat. Dat de brief desalniettemin misleidend zou zijn kan niet worden geconcludeerd, mede omdat de brief zelf niet is overgelegd door KPN.

Voorts heeft Ziggo een reclameadvertentie van Ziggo in het Haarlems Dagblad van 5 april 2023 in het geding gebracht (zie randnummer 3.11). Volgens KPN beweert of suggereert Ziggo in deze advertentie dat zij een volledige glasvezelverbinding aanbiedt of over een volledig glasvezelnetwerk beschikt. Ziggo heeft erkend dat zij in deze advertentie abusievelijk de aanduiding ‘glasvezel-netwerk’ heeft gebruikt. Verder heeft Ziggo aangegeven dat zij, kort na het verschijnen van deze advertentie in de krant, contact heeft gehad met KPN en dat de webpagina, waarnaar in het artikel werd verwezen, in overleg met KPN is aangepast. Ook heeft Ziggo onweersproken aangevoerd dat zij de term ‘glasvezel-netwerk’ nadien niet meer heeft gebruikt.

De rechtbank is met Ziggo van oordeel dat KPN geen belang heeft bij haar vordering voor zover deze ziet op de advertentie in het Haarlems Dagblad. Zoals Ziggo onweersproken heeft gesteld is er contact geweest tussen partijen over deze advertentie, wat heeft geleid tot aanpassing van de internetpagina waarnaar is verwezen in de advertentie. KPN heeft naar aanleiding van het verweer van Ziggo niet toegelicht wat haar belang is bij haar vorderingen wat betreft deze eenmalige uitlating. Zo is gesteld noch gebleken dat KPN schade heeft geleden als gevolg van deze advertentie.

Tussenconclusie: de door Ziggo gebruikte claims en aanduidingen zijn niet misleidend; geen oneerlijke handelspraktijken

Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat KPN onvoldoende heeft gesteld voor de conclusie dat Ziggo de termen ‘glasvezel-kabel’, ‘glasvezelkabel’, ‘glasvezelnetwerk’, ‘glasvezel-kabelnetwerk’ en de 97%-Claim op zodanige wijze heeft gebruikt dat de maatmens-consument daardoor is misleid op de door KPN gestelde wijze. De in het petitum onder I. gevorderde verklaring voor recht wordt daarom afgewezen, evenals het onder III. gevorderde verbod.

Gelet op het voorgaande is ook niet komen vast te staan dat er sprake is van oneerlijke handelspraktijken. De onder II. gevorderde verklaring voor recht wordt daarom afgewezen, evenals het onder IV. gevorderde verbod. Daarnaast zullen ook de subsidiaire vorderingen V. en VI. worden afgewezen. Ook de onder VIII. gevorderde verklaring voor recht, de onder IX. gevorderde dwangsom en het onder X. gevorderde gebod om een rectificatie te plaatsen zullen worden afgewezen.

Nu naar het oordeel van de rechtbank geen sprake is van oneerlijke handelspraktijken, wordt niet toegekomen aan de beoordeling of sprake is van beïnvloeding van de gemiddelde consument door oneerlijke handelspraktijken. Ook de (uitkomsten van de) marktonderzoeken die KPN heeft laten uitvoeren, behoeven naar het oordeel van de rechtbank daarom geen bespreking.

Uitlatingen van verkopers en marketeers van Ziggo

KPN heeft gesteld dat verkopers en marketeers van Ziggo via telefonische marketing en deur-aan-deurverkopen stelselmatig misleidende en onjuiste mededelingen doen. De rechtbank begrijpt dat deze vermeende onrechtmatige uitlatingen vallen onder vordering VII. KPN heeft een aantal producties in het geding gebracht met meldingen van klanten van KPN die benaderd zijn door (telefonische) verkopers van Ziggo. Het gaat om tien soortgelijke meldingen uit 2023 en 2024 (waarbij de rechtbank opmerkt dat de meldingen van 3 januari 2023, 18 oktober 2023 en 17 mei 2024 dubbel zijn overgelegd), die naar de kern inhouden dat de verkopers hebben medegedeeld dat KPN binnenkort zou stoppen op de locatie bij de klanten en dat het netwerk van Ziggo sneller is omdat de klanten van KPN de verbinding moeten delen met anderen.

Ziggo heeft niet weersproken dat er in het verleden incidenten zijn geweest met externe verkopers die hun boekje te buiten zijn gegaan. Volgens haar is het voor een groot telecombedrijf zoals Ziggo niet mogelijk om te garanderen dat dergelijke incidenten niet plaatsvinden, maar doet zij er alles aan om dat te voorkomen. Ook treedt Ziggo op tegen dergelijke externe verkopers. Ziggo stelt dat het gaat om handelingen van derde partijen en dat zij daarom niet aansprakelijk is voor enig onrechtmatig handelen. Ook heeft Ziggo weersproken dat KPN belang heeft bij haar vordering, nu slechts sprake is van incidenten.

De rechtbank overweegt als volgt met betrekking tot deze uitlatingen van verkopers en marketeers van Ziggo. KPN wordt niet gevolgd in haar stelling dat wat betreft de uitlatingen sprake is van een patroon en dat er stelselmatig misleidende of onjuiste mededelingen worden gedaan. Deze conclusie kan niet worden gedragen door de tien voorbeelden in de periode van ongeveer twee jaar. De rechtbank gaat er vanuit dat sprake is van incidenten, zoals Ziggo stelt. Hoewel dergelijke incidenten onrechtmatig kunnen zijn, volgt uit de vordering van KPN en hetgeen ze daaraan ten grondslag heeft gelegd, niet dat de gevorderde verklaring voor recht betrekking heeft op incidenten. KPN heeft de incidenten immers in de sleutel gezet dat sprake is van een breder patroon van stelselmatige misleiding. De rechtbank begrijpt de vordering onder VII. dan ook aldus dat daaraan dit gestelde (bredere) patroon ten grondslag is gelegd. Dit vindt ook steun in de omstandigheid dat KPN niet heeft gesteld dat zij schade heeft geleden door deze incidenten. KPN heeft geen voorbeelden aangedragen van klanten die daadwerkelijk zijn overgestapt van KPN naar Ziggo (of een andere provider) of van klanten die een overstap naar KPN niet hebben gemaakt vanwege de vermeend onjuiste informatie die marketeers van Ziggo hebben verspreid. KPN heeft ook niet gesteld dat deze klanten hun abonnement bij KPN hebben opgezegd en dat zij daarom omzet is misgelopen. Aan de gevorderde verklaring voor recht onder VII. is ook geen schadevergoeding gekoppeld.

Zoals hiervoor is overwogen, is dit patroon en de gestelde stelselmatigheid naar het oordeel van de rechtbank niet gebleken, zodat de gevorderde verklaring voor recht onder VII. wordt afgewezen.

Conclusie: alle vorderingen van KPN worden afgewezen

De conclusie van al het voorgaande is dat de vorderingen van KPN worden afgewezen.

De proceskosten

KPN is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Ziggo worden begroot op:

- griffierecht

714,00

- salaris advocaat

1.306,00

(2,0 punten × € 653,00)

- nakosten

189,00

(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

2.209,00

De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

6. De beslissing

De rechtbank

wijst de vorderingen van KPN af,

veroordeelt KPN in de proceskosten van € 2.209,00, te betalen aan Ziggo binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als KPN niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet KPN € 98,00 extra betalen, plus de kosten van betekening, te vermeerderen met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf veertien dagen na betekening van dit vonnis tot aan de dag van algehele voldoening van de proceskosten,

verklaart de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. D.E. Alink en in het openbaar uitgesproken op 15 april 2026.

3516

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?