ECLI:NL:RBDHA:2026:9726

ECLI:NL:RBDHA:2026:9726

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 17-04-2026
Datum publicatie 23-04-2026
Zaaknummer NL25.37218
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Voorlopige voorziening
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Vovo: connexe vovo hangende beroep afgewezen

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker

de minister van Asiel en Migratie,

Samenvatting

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.37218

(gemachtigde: mr. C.T.W. van Dijk),

en

(gemachtigde: mr. N.E. Joseph).

1. Deze uitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening gaat over de afwijzing van de asielaanvraag van verzoeker. Verzoeker is het hier niet mee eens. Hij verzoekt daarom om een voorlopige voorziening en voert daartoe een aantal gronden aan. Hij heeft daartegen ook beroep ingesteld.

2. De voorzieningenrechter wijst in deze uitspraak het verzoek af. Hierna legt de voorzieningenrechter uit hoe hij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

3. Verzoeker heeft op 1 oktober 2024 een opvolgende aanvraag ingediend tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister heeft met het bestreden besluit van 5 augustus 2025 deze aanvraag in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.

De minister heeft op het verzoek gereageerd met een verweerschrift.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de behandeling van de beroepszaak met zaaknummer NL25.37217, op 4 februari 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker, mr. M.E. Buijsse als waarnemer van de gemachtigde van verzoeker, de gemachtigde van de minister en P. Orougaye als tolk.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

4. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.37217, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. P. Lenstra, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.M. van Luijk - Salomons, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op 17 april 2026.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. M.M. van Luijk - Salomons

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?